Terwijl ik langzaam de seinen die Shawn me gestuurd heeft probeer te verwerken, loop ik naar Axel toe, die met Tidy, Julia, Rachel en Austin en zijn moeder in gesprek is. Dat Shawn me iets duidelijk wilde maken begrijp ik wel. Dat het iets met Cassi te maken heeft, en met zware wedstrijden en blessures en vertrouwen, dat weet ik ook. Het lijkt te wijzen op de eerste wedstrijd tussen Genesis en Raimon, het gevecht waarbij Shawn een blessure opliep door Cassi's schot. Alsof hij meer weet, alsof er iets is dat hij me niet kan vertellen. Alsof hij me aanspoort om zelf op onderzoek uit te gaan. Dit gaat zeker nog een staartje krijgen. Het wordt tijd dat alles wat er op Alius gebeurd is een plekje krijgt - in ons verleden en geheugen, waar het hoort.
Ik kijk pas weer op als de moeder van Austin, die tot nu toe bezig was haar zoon instructies te geven over hoe hij een tijdje zonder haar moet overleven, maar nu legt ze haar handen op zijn schouders en richt ze zich tot Axel. "Ik reken op je, Axel. Beloof je me dat je goed op Austin zal passen?" vraagt ze. Austin is vast nog nooit eerder ver weggegaan, en zeker niet zó ver weg en voor iets dat zó belangrijk is. Geen wonder dat ze het allebei spannend vinden.
Axel knikt naar haar. “Ja, beloofd,” antwoordt hij beleefd.
"En ik beloof je dat ik je moeder goed zal helpen in het restaurant?” vult Rachel heb enthousiast aan, met haar blik op Austin. “Dus maak je je daar vooral niet druk om en speel op je best."
Austin knikt meteen. "Doe ik!"
"Heel veel succes, Axel," zegt een hoog stemmetje naast me. Als ik omlaag kijkt, zie ik dat het Julia is, die haar armen om de middel van haar broer geslagen heeft. “En jij ook, Fay. Jullie moeten winnen.”
Axel knielt bij haar neer en legt zijn handen op haar schouders. “Bedankt, Julia. Luister goed naar wat Tidy je zegt en zorg goed voor jezelf, oké?"
Julia lacht blij naar ons allebei. “Okido!"
“Als jij ons aanmoedigt, weet ik zeker dat dit ons moet lukken,” zeg ik met een brede glimlach. “Wacht maar af, de volgende keer dat je ons ziet, zijn we wereldkampioenen.”
“Ben je er helemaal klaar voor?” vraagt Axel mij. “Klaar voor de wereld?”
“Ik wel,” antwoord ik. “En jij?”
Hij knikt en glimlacht. “Natuurlijk. Ik kan niets mooiers bedenken dan samen met het team en met jou te strijden om de wereldtitel.”
“Ik ook niet. Ik ben blij dat je meegaat, Axel. En ik ben blij dat je weer jezelf bent. Ik heb je gemist,” zucht ik.
“Dat weet ik.” Hij zucht ook. “En dat spijt me. Ik had beter naar je moeten luisteren. Sorry, Fay.”
“Het is al goed. Het enige dat nu telt is dat je er bent. Daar gaat het om. We gaan dit WK allemaal samen winnen, oké?” Ik pak zijn hand vast en knijp er zachtjes in.
Zachtjes knijpt hij terug. “Oké dan.”
“Ik ben blij dat alles goed is tussen jullie,” hoor ik Cassi achter me zeggen. “Maar laat zoiets niet nog eens gebeuren, oké?”
“Natuurlijk,” antwoordt Axel. “Ik wil Fay echt niet kwijt.” Hij glimlacht naar me en ik glimlach terug. Ik wil hem ook niet kwijt.
Dan richt Cassi zich tot de moeder van Austin, die druk in gesprek is met Rachel en haar zoon. “Maakt u zich maar geen zorgen, mevrouw Hobbes. Met Austin komt het helemaal goed en het WK gaan we winnen, daar zorgen we wel voor. Als we terug zijn, komen we graag nog een keer helpen in het restaurant, toch Fay?”
“Natuurlijk!” antwoord ik. “Graag zelfs.”
“Dat is lief van jullie,” zegt mevrouw Hobbes lachend. “Heel veel succes op het WK.”
“Dankuwel,” zeggen Cassi en ik in koor. Iedere keer dat iemand ons succes wenst, lijkt het WK meer en meer werkelijkheid te worden, alsof ik me langzaam begin te realiseren dat het geen droom is. We gaan echt naar het WK.
“Zou Paolo er al zijn?” vraag ik aan Cassi.
“Geen idee, zou kunnen,” antwoordt ze met een blik op de klok. “Voor ons is het bijna tijd om te boarden. Over een uurtje zitten we in de lucht en over een paar uur zijn we op Liocott. Dat is helemaal geen slecht vooruitzicht.”
Ik knik instemmend en kijk even om me heen,naar de andere teamleden, die druk met elkaar in gesprek zijn of afscheid aan het nemen zijn van vrienden op familie. In een hoekje van de ruimte staat Archer met zijn vrienden te praten en een stukje verderop is Jude met Celia in gesprek. Willy is enthousiast en tegen niemand in het bijzonder aan het ratelen over de regels van het toernooi en de faciliteiten van het eiland en Kevin schreeuwt boven iedereen uit dat ze moeten winnen en dat later bij het team zal komen om ons te komen helpen. De enige die geen enkele interesse in sociale interactie vertoont, is Caleb, die languit op de bank ligt en zich duidelijk stoort aan alles en iedereen. Het is niets nieuws, dat is gewoon wie hij is. Irritant is het zeker, maar we kunnen er niet heel erg veel aan veranderen. Het is al heel wat dat we tegenwoordig enigszins samen kunnen werken, mocht de situatie daarom vragen, maar dat is ook genoeg. Meer contact is er niet nodig.
Dan trekt coach Travis de aandacht, door naar voren te stappen en het woord te nemen. "Ik zie dat iedereen aanwezig is,” zegt hij terwijl hij ons één voor één aankijkt. “Goed, dan kan de reis beginnen."
Coach Hillman, die naast hem gaat, lacht vriendelijk. Ik ben blij dat hij ook mee gaat, zodat we niet alleen zitten met coach Travis.
"Oké, jongens, we hebben het gehaald! We gaan strijden om de wereldtitel!" roept Mark. Hij pakt zijn koffers en rent voor iedereen uit naar de gate.
Ik kijk Cassi aan terwijl ook ik mijn koffers pak en achter hem aan loop. “En nu,” zeg ik met een brede grijns op mijn gezicht, “nu begint het pas écht.”

Er zijn nog geen reacties.


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen