Foto bij Hoofdstuk 105

Ik kijk de jongen aan en glimlach zwak naar hem.
‘Je hebt nu alle geluk van de wereld nodig.’ Zeg ik zachtjes waarop hij me verbaast aankijkt. Ik haal de ampul uit mijn zak en laat hem aan Draco zien. ‘Ik wil dat jij het hebt.’ Zeg ik waarop de jongen zijn hoofd schut.
‘Jij hebt het nodig. Jou mag niks over komen!’ zegt hij waarop ik glimlach en knik.
‘Jij bent vanavond bij Dooddoeners. Ik ben bij Loena en Ginny.’ Weer ik hem tegen waarop hij dan zuchtend knikt. Ik moet wel liegen anders kan ik hem nooit helpen. Ik draai het flesje open en kijk naar de jongen. ‘Open je mond.’ beveel ik hem en gehoorzamend doet hij wat ik zeg. Ik giet het drankje in zijn mond en glimlach dan tevreden. Nu weet ik zeker dat hij veilig zal zijn. Ik stop het flesje terug in mijn zak en glimlach naar de jongen. De jongen trekt me in een omhelzing en voorzichtig leg ik mijn wang tegen zijn borst en luister naar zijn hartslag. Zolang ik die hoor heb ik niks anders nodig.
‘Het word tijd dat je gaat.’ hoor ik de jongen zachtjes mompelen. Ik knik zwak en laat hem langzaam los. ‘Beloof me dat je rechtstreeks naar je kamer gaat en niks doms doet?’ vraagt hij me waarop ik zwak knik. De jongen glimlacht zwak en drukt voor heel even zijn lippen op de mijne. ‘Ik zie je na de oorlog.’ Zegt de jongen waarop ik zwak knik. ‘Zodra dit alles voorbij is kunnen wij weer samen zijn.’ Zegt hij waarop ik knik en snel mijn lippen weer op de zijne druk. Hij glimlacht en knikt naar me. Ik knik terug en loop vlug de kamer uit. Zodra ik buiten de kamer sta ren ik vlug naar het einde van de gang en blijf daar om het hoekje staan wachten. Ik hoor hoe de deuren worden geopend en voorzichtig kijk ik om het hoekje heen. ik zie hoe er een groepje Dooddoeners met Draco mee naar buiten komen. Zo voorzichtig en stil mogelijk als ik kan volg ik ze. Ze gaan de astronomie toren in. Onder aan de trap blijf ik stil staan als er een hand op mijn schouder word neergelegd. Geschrokken draai ik me om en legt Severus zijn vinger op zijn lippen ten teken dat ik stil moet zijn. Ik knik en glimlach zwak naar de man.
‘Blijf on opgemerkt.’ Sist hij. ik schut mijn hoofd en zet mijn eerste voet op de tree.
‘Jij mag niemand vermoorden Rox.’ Zegt de man als hij me van de trap af haalt en zelf naar boven rent. Ik moest het doen! Ik haal heel diep adem en ga zelfverzekerd de trap op. zodra ik in de toren sta worden er verbaasde blikken op me gericht.
‘Hallo Roxy.’ Begroet Albus me liefelijk. Ik plak een glimlach op mijn gezicht en grijp naar mijn stok. Ik steek hem naar de man uit. ‘Dus je weet het zeker?’ vraagt de man me waarop ik mijn schouders optil. Ik heb nu geen andere keus meer.
‘Weet je wat het is?’ vraag ik de man waarop hij zijn hoofd langzaam is. ‘Ik ben niet goed. Ik heb een te grote haat in me zitten om me goed te voelen.’ Sis ik naar de man. ‘U trok altijd Harry Potter voor je eigen kleindochter! Weet je hoe eenzaam ik me heb gevoeld? Ik voelde me waardeloos, ongewenst. Nu ik weet dat Marten mijn vader is weet ik wat mijn taak is.’
‘En dat is om hem te vernietigen.’ Zegt Ice die bij mij op mijn schouders is komen zitten. Perkamentus knikt naar mij. Ik weet dat hij weet wat Ice heeft gezegd.
‘Dan kan ik me eindelijk bijzonder voelen. Eindelijk beter voelen dan Harry Potter!’ sis ik.
‘Ik hou van je meisje.’ zegt Perkamentus rustig waarop ik knikt en het zelfde naar hem terug lip.
‘Ik moet hem vermoorden! Het is mijn taak om het doen!’ schreeuwt Draco naar me. ik kijk de jongen aan en zie de angst in zijn ogen.
‘Maar ik wil het ook echt.’ Zeg ik met een klein glimlachje.
‘Draco, hier komen! Laat Roxanne zich zelf bewijzen. Laat het duister haar tegemoet komen.’ Sist Bellatrix naar de jongen. Ik draai met terug naar Perkamentus en glimlach.
‘Avada Kedrava.’ Word er door Severus geroepen. Ik zie hoe Severus zijn spreuk Perkamentus raakt. De man staart doods voor zich uit en valt dan achterover van de toren af. Ik hou met moeite mijn tranen in en draai me om.
‘Ik moest het doen!’ sis ik naar de man. ‘Ga nu voor ze jullie ontdekken.’ Sis ik naar heel de groep. De groep Dooddoeners knik en gaat vlug de trap af naar beneden. Heel even zie ik Draco triest naar me kijken en dan loop hij weg. Ik volg ze een stukje maar ga dan naar Harry toe.
‘Het was opgezet plan.’ Fluister ik naar de jongen. Hij schrikt op en kijkt mij aan. ik zet mijn stok op mijn slaap en haal de herinneringen er uit die hij moet zien. Ik stop ze in de ampul van het vloeibaar geluk en geef hem dan aan Harry. ‘Bekijk ze voor je over me gaat oordelen.’ Zeg ik hem en ren dan de astronomietoren uit. ik ren zo snel als ik kan naar buiten en als ik er ben staar ik naar het hoopje wat onder aan de toren ligt. Zo snel als ik kan ren ik er op af en laat mezelf bij het lichaam op de grond vallen. Ik laat mijn tranen los en meteen stromen ze over mijn wangen. Dit was het dan. De oorlog is begonnen en ik heb geen familie meer om te kunnen verliezen, Maar volgens mij doen vrienden even veel pijn.

Er zijn nog geen reacties.


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen