"Above all, love each other deeply, because love covers over a multitude of sins."
- 1 Peter 4:8

Jude's pov
Noah's pov
Both

Breakingpoint. Ken je dat? Dat punt waarop alles je even te veel wordt? Dat moment waarop de emmer over lijkt te lopen en de gebeurtenissen van de afgelopen tijd; dagen, weken misschien zelfs jaren er in één klap uit komen en je niet meer lijkt te kunnen functioneren?
Dat punt had ik zojuist bereikt. En goed ook. Ik was in één beweging opgestaan uit mijn stoel en baande me in één rechte lijn een weg naar buiten, dwars door iedereen heen. Het scheelde me niets wie ik ondersteboven zou lopen onderweg. Ik moest wég hier. Er was maar zoveel dat een mens kon hebben en naar mijn idee had mijn uithoudingsvermogen al aardig zijn best gedaan. Genoeg is genoeg.
Het punt was, ik wist dat ze gelijk hadden. Ik verdiende dit en ik was fout. Ik zat hier immers niet zonder reden. Maar ik kon er niet meer tegen. Ik wist dat ik zondigde, dat ik niet was zoals God dat in gedachten had. Maar ik hoefde niet iedere dag met mijn neus op de feiten gedrukt te worden. Ik wilde alleen maar dat deze nachtmerrie voorbij was. Ik wilde dat het ophield, dat ik weer gewoon terug kon naar hoe het hiervoor was. Dat ik weer terug was bij mij ouders, veilig tussen hen in op de bank zat, kijkend naar ons favoriete TV programma. Ik wilde zelfs terug naar die afgrijselijke school, alles leek beter dan hier.
Ik wilde niemand pijn doen, verdriet doen, teleurstellen. Ik wilde het niet verkeerd doen maar waarom was het verlangen dan zo groot? Iedere vezel in mijn lichaam leek naar hem te verlangen. Wat ik er niet voor zou geven om me nog één keer in zijn armen te begeven...


De houding die ik bij aankomst had aangenomen leek nu eindelijk zijn barsten en scheuren te vertonen. Mijn keiharde buitenkant leek te zijn gaan breken en ik moest maken dat ik weg kwam. Het zweet brak me uit en ik scande de zaal opzoek naar de meest vlotte uitweg mogelijk. Alle ogen die op mij gericht waren maakte me misselijk en ik wist niet hoe snel ik weg moest komen. Mijn verstand stond op nul en alles wat ik kon doen was rennen richting de deur. Ik moest weg hier. Ik had frisse lucht nodig, ruimte nodig om te kunnen ademen.
Het had even geduurd maar ze hadden me eindelijk weten te breken.
Er was een reden voor die houding. Had ik hem niet opgezet bij binnenkomst was ik er nu al aan geweest en hadden ze me af kunnen voeren. Ik wist héél goed wie ik was en wie ik wilde zijn. En daar wilde ik absoluut niets aan veranderen. Ik val op jongens, so what. In tegen stelling tot de meeste hier wist ik tenminste wie ik was, waarom moest ik dat dan veranderen om een ander blij te maken? Dat deden ze voor mij toch ook niet?


Abrupt werd ik uit mijn gedachten getrokken bij het horen van mijn naam.


"Jude!" mijn zicht leek weer terug te komen en in plaats van me op het veld voor me te focussen werd ik afgeleid door een gestalte die mijn richting op leek te komen.


"Noah!" ik zette nog wat extra tempo in. Ze konden me niet nú al dwingen terug te gaan naar die hel. Ik probeerde me te focussen op het enigszins dorre grasveld voor me toen mijn ik afgeleid werd door iemand die in vrij hoog tempo op me af kwam.


Onze blikken kruisten elkaar en het leek of ik plotseling getroffen was door de bliksem.

Reacties (1)


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen