Foto bij Hoofdstuk 1


Hij was echt véél te laat. Veel te fucking laat.

De laatste trein zou om 3 over 1 vertrekken. En die had hij gemist - want de barman had net te leuk gelachen en toen hij vroeg of Louis nog een biertje wilde, kon hij niks anders dan ja zeggen.

En daar zat hij dan. Naar een leeg spoor te staren. De trein was een dikke 20 minuten geleden al vertrokken en de volgende kwam pas over 5 uur. Fucking dienstregeling. Alsof mensen ‘s nachts geen recht hadden op de trein.

Daarbij was hij ook véél te aangeschoten voor een doordeweekse woensdag. Het was gewoon - zodra Zayn het vertelde, zodra hij die woorden uitsprak, was het klaar. Louis dronk net zo snel als een student die gratis rondjes ontvangt. Puur en alleen om alle woorden langs zich heen te laten gaan.

Hij stak nog een peuk op. Niet roken op het station, my ass, dacht hij. Alsof er ook nog maar iemand was om hem te controleren op dit tijdstip.

Maar fuck - het was eind januari. Het was koud. Hij kon niet 5 uur lang zijn ellende zitten wegpaffen op een verlaten station, om vervolgens half dood en bezopen in de trein te stappen.

Hij besloot op zoek te gaan naar een café, dönerzaak of coffeeshop. Iets waar het in ieder geval warmer zou zijn. Als zijn telefoon nog zou werken, zou hij Zayn kunnen bellen. Zayn, die lekker warm in zijn auto zat op weg naar zijn verloofde. Bloedhond. Beste vriend, maar bloedhond.

Boos. Dat was hij. Maar ook opgelucht, toen hij zag dat er in een tentje op de hoek nog licht brandde.

“Nog open?” vroeg hij, toen hij naar binnen stapte. Aan de bar zag hij nog 3 mensen zitten. Alle tafeltjes waren al leeg - het jonge meisje achter de bar leek zich stierlijk te vervelen.

“Ik mag pas om 3 uur dicht,” zuchtte ze. “Wat wil je? En sluit de deur achter je, wil je. Die dronken zielen hier maken het al koud zat.”

Louis gaapte haar aan en verbaasde zich over het feit dat de dronken zielen aan de bar niet boos werden door haar opmerking. “Doe maar een biertje,”

“Nou, niet te spannend,” zei ze toen ze het drankje neerzette.

Louis staarde naar zijn drankje en dacht aan Zayn. ‘Bloedvergetenteringhond,’ mompelde hij. Hij speelde wat met de viltjes op de bar, klootte met zijn aansteker en besefte zich opeens dat hij hier maar tot 3 uur kon blijven. Dan moest hij nóg 2 uur wachten op die godsvergeten klotetrein. En eigenlijk was het ook kut om hier 3 uur niks te zitten doen. Misschien moest hij wat aansluiting proberen te vinden bij de andere stakkers aan de bar.

Niet dat dat veel soeps was. Één zat naar de barvrouw te kijken alsof hij haar wou opeten, en daar kon Louis niet zo heel veel mee. Het vrouwelijk schoon deed hem niet bijster veel. De ander zat tegen zichzelf te praten en de laatste - een meisje - keek op haar mobiel. Louis besloot bij de laatste te gaan zitten.

“Hey,” zei hij simpel.

“Ik ben hier al met iemand,” zei ze kortaf. “Maar het gaat godse kut en ik denk eigenlijk niet dat hij mij ook ziet zitten,” ze nam een flinke slok van haar wijn en zette het glas net iets te hard neer. “Jullie mannen zijn ook allemaal hetzelfde!”

Voor de tweede keer op een avond gaapte Louis een vrouw aan. “Rustig maar. Ik - ik val ook niet echt op je!” stotterde hij.

“Klootzakken! Allemaal,” het meisje stond op. “Ik ga een peuk roken. Als die eikel terugkomt - zeg dan maar dat ik weg ben, en dat hij de rekening moet betalen.”

De deur vloog open en Louis voelde een koude, snijdende wind naar binnen komen. Misschien was het ook wel beter als Louis niet meer met mensen zou praten. Zo’n sociaal dier was hij nou ook weer niet. “Roken?” Vroeg hij aan de barvrouw.

“Ik rook niet,” zei ze nijdig. “Maar je ken naar buiten lopen.”

Misschien was het nationale doe-chagrijnig-tegen-Louis-dag. Of maak-Louis-dag-kapot-dag, zoals Zayn had gedaan. Louis stond op en liep naar buiten. De wind die hij eerder had gevoeld was niks in vergelijking met de kou die hij nu in zijn botten voelde dringen.

“Godsamme, wat een kou,” zei de man die net nog naar de barvrouw zat te loeren. “En van Jasmine moet je je niks aantrekken. Ze is nogal uitgesproken,” hij lachte om niks specifieks. Louis had geen idee wie van de 2 dames Jasmine was, maar het deed er ook niet echt toe.

“Haar date - ik weet niet of het een date was, die jongen is sowieso homo, maar -,” de man nam een hijs van zijn sigaret en staarde in het niets. Keek naar het station wat nog steeds uitgestorven was.

Louis nam een laatste hijsje en gooide zijn peuk weg, draaide zich om en liep naar binnen. De warmte die hem tegemoet kwam voelde goed op zijn ijskoude huid.

“Doe er nog maar één,” zei hij, voordat hij het resterende laagje bier in één keer naar binnen goot.

“Op welke naam mag ik het eigenlijk zetten?” vroeg de barvrouw. “Dat was ik net vergeten te vragen.”

Net op dat moment kwam er iemand van de wc’s. En nog voor Louis antwoord kon geven, zei degene van het toilet: “Zet maar op Harry,”

Reacties (1)


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen