'Je bent dus alleen?' Ze keek op van haar voeten en leek me even in haar ogen vast te houden.
'Zo is het vaak, en eigenlijk heb ik het ook liever zo. De meeste mensen maken zoveel geluid, zijn zo druk.' Ik vroeg me af waarom ik haar dit vertelde, wat het haar uit zou moeten maken.
Ze glimlachte kort naar me. 'En toch jaag je me nog niet weg, hoe komt dat?'
Ik probeerde de juiste woorden te vinden, ik kon toch niet zeggen dat ik hier vaker zat, en het zo fijn vond om haar te zien? Dat het mooi was om te zien hoe ze haar notities schreef onder een boom net een stuk verderop. 'Je bent kalm, je maakt mij kalm.' Verkeerde verwoording.
Ze keek opnieuw op, dit keer hielden haar ogen net wat meer kleur. 'Stop maar met nerveus zijn, weet je wat?' Ze pauzeerde en keek rond. 'Nee, dit is niet de juiste plek, kom.' Ze stond op en stak haar hand naar me uit.
Ik ontmoette haar ogen voor een moment, een zachte bruine kleur. Ze leek zo verwelkomend. Ik knikte en nam haar hand aan.
'Het is trouwens ook goed weer voor een wandeling.' Lachte ze terwijl ze een knikje naar de lucht maakte. Ze leek te ontspannen nu ze verder van de drukte kwam. 'Hierheen.' Ze wees een pad aan wat leidde naar een meer bosachtig gebied. 'Ik heb je vaker zien zitten, veel vaker.'
Ik keek nerveus om me heen. 'Sorry.' Dat was het enige woord wat er uit mijn keel kwam.
'Oh, het is niet slecht. Iedereen mag zitten waar hij of zij wil, ik ben gewoon blij dat jij het bent, en niet iemand die eng is.'
'Eng?' Mijn ogen volgden de wind die zachtjes met haar haren speelde, alsof onzichtbare vingers zicht door de plukken lieten glijden. 'Als je een groot gedeelte van de mensen van onze school bedoeld dan kan ik het met je eens zijn.'
Ze knikte en maakte een gebaar dat we nog ergens in gingen slaan, de grond onder mijn voeten veranderde in aarde. Ze leidde me tussen de bomen door alsof ze wist waar ze heenging.
'Zo.' Zei ze uiteindelijk toen ze stil stond naast een boom midden in een kleine opening.
'Je lijkt hier vaker te komen?' Vroeg ik haar terwijl ik tegen de boom aan ging zitten.
Ze liet zich naast me op de grond zakken. 'Veel vaker. Buitenom de vogels en de wind is het stil en dat helpt. Ik bedacht me een paar dagen geleden dat die stilte misschien wel de reden is waarom je zo graag alleen bent.'
Ik knikte, er was iets aan haar wat op een diepere manier aan me trok, ik kon het niet plaatsen. 'Dus er zijn mensen die het begrijpen.'
Ze liet haar blik over het bladerdak glijden en glimlachte. 'Meer dan je denkt. Er is iets wat ik je wil laten zien. Mag dat?'
Ik lachte zacht. 'Waarom vraag je toestemming, ga je gang.' Vreemd antwoord, normaal ben ik niet zo los naar mensen.
Ze rommelde in haar tas en haalde een klein, rood boekje tevoorschijn. Ik herkende het als het boekje waar ze altijd in schreef. Ze opende een pagina met een klein vouwtje.
Mijn adem stokte. 'Is dat..? Mij?'
Ze sloot haar ogen. 'Ik kon mezelf niet stoppen, toen ik begon te merken dat je daar ging zitten leek het vanzelf te gaan. Het is hoe je kijkt, alsof je verloren bent in een totaal andere wereld. Alsof je ineens het antwoord weet op alles.
Ik legde zacht mijn hand op die van haar. 'Rustig maar, het is goed, ik vind het niet erg, het is een hele eer.'
Ze keek op. 'Het is meer dan dat!' Haar stem sloeg over, de kleuren in haar ogen werden feller.
Ik voelde iets in de lucht, het drukte op me, spanning, afwachting.
'Zeg me niet dat jij dit niet voelt?' Vroeg ze zachtjes terwijl ze het boek weer terug in haar tas stopte.
Ik strekte mijn arm uit zodat ik mijn hand op haar wang kon leggen. Een onwennig maar plezierig gevoel, haar zachte huid onder mijn vingertoppen. Nu wist ik waar ze was. 'Ik voel het.' Fluisterde ik terwijl ik een van mijn vingers over haar wang liet glijden. 'Ik wist eerst niet wat het was, maar ik weet het nu, en ik voel het.' Ik stond op het punt om mijn hand terug te trekken voordat ze hem vastpakte.
'Ik weet haast niks over je, meer dan je denkt dat ik zou weten, maar het is haast niks, en toch, ik hou van je.'Die laatste vier woorden ontsnapten uit haar keel als niets meer dan een zucht. Wind, de bries die met haar haren speelde, de haren waar ik kort mijn vingers doorheen haalde.
Ik sloot mijn ogen. 'Ik ook van jou, en ik zal er alles aan doen om dit te laten werken.'

Reacties (1)

  • Cayline

    *cocks head* hmmm...

    1 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen