Foto bij 5

Trevor
Terwijl Sari me zo gedetailleerd mogelijk beschrijft wat er tijdens het gevecht is gebeurd, kijk ik naar haar ogen en zie ik dat ze niet helemaal scherp kijkt. Ik besluit haar er later maar naar te vragen.
Net als ze klaar is met haar verhaal komen we aan bij het ziekenhuis waar Sari en een aantal dokters en chirurgen in de operatiekamer verdwijnen. Ik weet dat dit even kan duren en installeer me in de wachtkamer.
Tijdens het wachten maak ik aantekeningen van Sari’s verhaal en bel ik naar het telefoonnummer dat ze me gegeven heeft. Ene Veronique neemt op en als ik haar vertel wat er is gebeurd is het eerst even stil, voordat ze met redelijk vaste stem antwoord dat ze er binnen vijf minuten zal zijn. Eerst vraag ik me af hoe ze al zo snel hier kan komen, maar dan zie ik een vrouw met lange, blonde haren om de hoek komen en ze stelt zich voor als Veronique. Ik wil eigenlijk vragen wat haar hier brengt maar besef me net op tijd dat ze waarschijnlijk geen behoefte heeft om dat aan een wildvreemde te vertellen, dus stel ik voor koffie voor ons te halen en daarna zitten we zwijgend in de wachtkamer, wachtend tot de deur opent, wat niet lang duurt.
Een halfuur nadat ze er binnen zijn gestapt lopen alle dokters en chirurgen weer naar buiten en Sari loopt achter ze aan. De voorste dokter komt naar ons toe en zegt: ‘De wond is niet diep dus we hoefden hem alleen maar te hechten, maar,’ hij richt zich tot Veronique, ‘ze heeft wel bloed verloren en zal zich dus wat duizelig voelen.’ We knikken en ik bedank de dokter. Dan komt Sari op ons afgelopen en ze knikt naar mij voor ze Veronique een stevige knuffel geeft. ‘Kom Vero, laten we gaan.’ Veronique knikt en draait zich al om, maar Sari kijkt me nog even aan en vraagt dan: ‘Of wilde u nog iets weten, meneer?’ Ik schudt van nee en zeg: ‘Nee, u mag nu gaan. Wees wel voorzichtig met de wond.’ Ze knikt weer om te laten zien dat ze het begrijpt en loopt dan weg. Ik zucht en draai me om, klaar om een paar klootzakken te gaan verhoren.

Sari

Als we naar mijn appartement lopen verontschuldigt Veronique zich keer op keer, terwijl ze echt helemaal niets aan de situatie had kunnen doen en dat vertel ik haar dan ook, maar Veronique vindt altijd dat alles aan haar ligt. Toen ik zwanger werd van Tess waren we al vrienden en ze had zich keer op keer verontschuldigd en had gezegd dat ze erbij had moeten zijn, dat het haar schuld was dat ik was verkracht omdat ze me niet had kunnen helpen. We wisten allebei wel dat daar niets van klopte, maar mijn al gedeukte zelfvertrouwen had na dat incident een enorme klap gekregen en ik heb haar nooit verteld dat het niet haar schuld was.
Als we onder een lantaarnpaal doorlopen kijk ik haar aan en zie ik traansporen over haar wangen lopen, dus ik stop met lopen en pak haar handen vast.
‘Veronique, wat is er gebeurd?’ Ik zie dat ze tegen haar tranen vecht en dat ze verliest. Ze begint te huilen en ik besluit dat de reden kan wachten tot we thuis zijn. Ik sla mijn linkerarm om haar lichaam heen en omdat ik door mijn wond niet hetzelfde kan doen met mijn andere arm, houd ik met mijn rechterhand haar hand vast.
Ze haalt ongelijk adem en ik voel haar trillen. Ik houd haar stevig vast, tot ze langzaam kalmeert. Ik maak me van haar los en kijk haar aan. ‘Kom,’ zeg ik, ‘we lopen eerst naar mijn appartement.’
Een kwartier later zitten we met op de bank, met thee die ik ergens in een la heb gevonden en waarvan ik niet wist dat ik hem nog had.
‘Oké, tijd om me te vertellen wat er is gebeurd.’ Veronique zet haar thee neer en haalt trillerig adem terwijl ik haar troostend aan probeer te kijken. ‘Mijn vader begon te hoesten,’ zegt ze terwijl ze bijna schuldbewust naar me kijkt en een beklemmende angst neemt me in zijn greep terwijl ik stilletjes smeek dat ze dit niet gaat zeggen, maar ik weet dat het zo is. Ze gaat verder met praten. ‘Hij begon bloed te hoesten en ik.. herkende de symptomen, dus heb ik hem meteen naar het ziekenhuis gebracht waar ze blijkbaar tientallen gevallen met dezelfde problemen hadden.’
Ik voel mijn tranen opwellen en zie dat hetzelfde gebeurd met Veronique. Heel zachtjes fluistert ze dan met een onvaste stem: ‘Ik wil niet dat hij doodgaat, Sari. Ik kan hem niet verliezen.. ik.. hij.. hij is er altijd voor me geweest en…’
Ze begint weer te huilen en ik aai wat onbeholpen over haar rug. Ik ben hier nooit echt goed in geweest, maar ik moet Veronique helpen, er voor haar zijn zoals zij er altijd voor mij was. Met die gedachte in mijn hoofd verdring ik de tranen en sla ik mijn armen om haar heen, de pijn negerend.
Ik sluit mijn ogen en denk aan haar vader en aan onze herinneringen. Ik herinner me de stomste dingen; ik herinner me hoe hij een tekening voor me had gemaakt op mijn verjaardag en ik herinner me de avonden dat Veronique met haar ouders bij ons thuis kwam eten. Terwijl de volwassenen praatten speelden wij altijd spelletjes met haar vader erbij. Ik weet nog dat we verstoppertje speelden en dat wij niet doorhadden dat hij ons liet winnen en hem vrolijk keer op keer betrapten als hij weer achter de kast zat.
Ik zucht bedroefd. Bastiaan was, nee, is, een geweldige vader en ik weet dat hij alles betekent voor Veronique, en wat belangrijk is voor haar, is belangrijk voor mij.

Reacties (1)


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen