De zaal was betoverend. De hoge witte marmeren muren waren beschilderd met schitterende gouden pioenrozen, gladiolen en dahlia’s. Gouden druiventakken met kleine vogeltjes die verstopt zaten tussen de trossen, waren als een boog gedrapeerd boven de tientallen spiegels aan de rechterzijde van de zaal. Witte en champagne gouden linten hingen sierlijk aan de zijkanten van de spiegels; het getal achtendertig erin gegraveerd met gouddraad. Vanaf de spiegels en de hoge brede ramen aan de andere kant van de zaal gingen er witte marmeren bogen naar het midden van het plafond. Het plafond was beschilderd met heldhaftige veldslagen. Ruiters op hoge witte paarden, gesneuvelde soldaten bedekt in modder en bloed en soldaten die met zwaarden, bijlen en andere wapens op elkaar inhakte waren gedetailleerd afgebeeld. In het midden van de veldslag was een grote cirkel geschilderd waarin de hemel met zeven serene jonge engelen waren afgebeeld. De gevleugelde kinderen keken vanaf de weelderige wolken naar de dansende en lachende mensen beneden hun. Een aantal hadden muziekinstrumenten vast zoals een harp of een fluit. De drie engelen aan de linkerzijde hadden bruin haar, de drie aan de rechterkant blond haar en de middelste engel had haar van goud. Deze engel was het grootst afgebeeld en zat het dichtst bij wat waarschijnlijk de poorten van de hemel moesten voorstellen. Het contrast tussen de bloederige veldslagen en harmonieuze engelen was zo groot dat de kunstenaar ongetwijfeld een boodschap hiermee wilde overbrengen. Wat die boodschap was wist ze niet.
Sofie was nooit goed geweest in geschiedenis of kunst. Ze had die vakken dan ook zeker niet gekozen toen ze op de middelbare school een vakkenpakket moest samenstellen. Haar ogen gleden langzaam naar de hoge ramen aan de linkerkant van de zaal. Deze waren aan de bovenkant gevormd als een boog en het bovenste kwart was van prachtig glas-in-lood. Het raamwerk was van goud en beschilderd met bloemen waaronder lavendel, vergeet-me-nietjes en sneeuwklokjes. Het oog voor detail alleen al was adembenemend. Ze stond dicht genoeg bij de ramen om te zien hoe elk individueel blaadje tot in detail geschilderd was. Geen enkel blaadje was hetzelfde; in elk geval niet dat ze kon zien. De zeven ramen zorgden ervoor dat zodra de zon ook maar even doorbrak door de wolken, de hele ruimte gevuld zou worden met goud, rood en oranje licht. De kleuren combinatie paste goed bij de veldslag op het plafond, maar zorgde ook gelijk voor een veilige en vriendelijke sfeer. Het kon dan ook niet anders dat de architect van deze zaal bewust de kleuren rood, oranje en wit had gekozen voor in het glas-in-lood. Misschien hoopte hij zo de mensen een beetje tot rust te brengen als er vroeger dingen uit de hand liepen. Het zou waarschijnlijk vaak genoeg zijn voorgekomen dat tijdens een bal met dronken gasten de spanningen hoog opliepen.
Het middelste raam bestond eigenlijk uit twee glazen openslaande deuren die toegang gaven tot het enorme balkon. Vanaf het balkon was er een prachtig uitzicht over de tuin met zijn enorme fonteinen, meren en wandelpaden. Er lag een prachtig deken van sneeuw over de tuin heen gedrapeerd en alleen waar dieren gelopen hadden werd dit deken verstoord. Sofie kon niet zien wat voor dieren er hadden gelopen, maar het zou haar niet verbazen als er meer rondliep dan alleen maar wilde herten. Ze trok haar ogen los van de tuin en liet ze nog een keer door de ruimte gaan. De muren waar de deuren in zaten waren bijna kaal in vergelijking met de rest van de ruimte. Simpel wit marmer met hier en daar gouden takken met bladeren die gedrapeerd over de muur vormgegeven waren. Simpel, maar elegant. Het zorgde voor een mooi balans in de zaal.

Sofie was zo in gedachte verzonken dat ze niet merkte dat iemand een hand op haar schouder had gelegd. Met een ruk werd ze weer naar het hier en nu gebracht. Het gezoem van mensen die gesprekken aan het voeren waren werd overstemd door prachtige klassieke muziek die door de zaal galmde. Een oudere vrouw glimlachte vriendelijk naar haar, maar in haar ogen was een spoor van irritatie te bekennen.
“Sofie, heb je ook maar iets gehoord van wat ik tegen je heb gezegd?” Sofie rechtte haar rug en keek haar moeder verontschuldigend aan.
“Nee excuses. Ik was met mijn gedachte ergens anders, maar wat wilde u mij vertellen?” De irritatie in haar moeders ogen maakte al snel plaats voor pure trots. Even schoten ze naar de andere kant van de zaal en waarna ze zei: “Je broer kan elk moment een speech gaan geven en wij als familie moeten natuurlijk wel vooraan staan.” Ze pakte Sofie's onderarm stevig vast en begon naar de andere kant van de zaal te lopen. Toen Sofie haar eerste stap zette schoot er een brandende pijn door haar rechter hiel heen. Een blaar. Ze had altijd al een hekel gehad aan het dragen van hakken. Een van de redenen daarvoor was, dat ze ontzettend snel blaren kreeg. Verder waren hakken gewoon onmogelijke dingen om in te lopen. Sofie had zich altijd al afgevraagd of het een vrouw of een man was geweest die ooit had besloten dat vrouwen bij formele gelegenheden hakken moesten dragen. Als het een vrouw was geweest dan liep ze waarschijnlijk niet vaak en zat ze ongetwijfeld alleen maar tijdens feesten en andere sociale gelegenheden op een stoel. Als het een man was geweest dan was de rede ongetwijfeld dat het vrouwelijke figuur beter tot haar recht kwam in hakken. Het gaf de heren waarschijnlijk nog een extra excuus om ongegeneerd naar vrouwen te staren. Sofie klemde haar kaken op elkaar, toverde een geforceerde glimlach op haar gezicht en liep achter haar moeder aan naar de plek waar haar broer stond. Zodra hij zag dat zijn moeder en zus vooraan stonden gebaarde hij naar de artiesten die bij de ramen gestationeerd waren dat ze op moesten houden met spelen en vroeg hij iedereen om aandacht.
“Zoals jullie allemaal weten vieren wij vandaag mijn verjaardag. Dat ik weer een jaar ouder ben geworden is voor mij niet echt iets om te vieren, maar om met jullie een nieuw leven te vieren vind ik wel heel bijzonder.” Henk pauzeerde even een keek de zaal rond. Mensen keken elkaar niet begrijpend aan en hier en daar waren mensen zachtjes met elkaar aan het praten. “Als mijn vrouw even naar voren zou willen komen.” Eva liep stralend naar hem toe en ging trots naast haar man staan. “Met nieuw leven bedoel ik niet ons nieuwe bedrijf in Italië dat deze maand officieel geopend gaat worden,”, een aantal mensen lachte zachtjes, “maar het feit dat mijn prachtige vrouw zwanger is van ons vierde kind. We zijn al vier maanden in verwachting en willen jullie ook graag gelijk vertellen dat over vijf maanden wij onze tweede dochter Anne kunnen verwelkomen in familie de Zwart.” Mensen klapten en hier en daar weergalmde kreetjes van blijdschap. Zowel Henk als Eva straalde van geluk. Hij gaf haar een kus op haar voorhoofd, terwijl Eva lieflijk over haar buik streelde. Een vierde kind… arme, arme Eva. Zelf moest Sofie er niet aan denken om vier keer te bevallen. Ze wilde best kinderen, maar twee was meer dan genoeg. Ze had vaak genoeg op tv gezien hoe een bevalling eraan toe ging. Ook de verhalen van haar vriendinnen zorgden ervoor dat ze er alles aan zou doen om een keizersnee te krijgen als ze eenmaal op dat punt beland was.
Op de een of andere manier kende Sofie helemaal niemand in de zaal. Ze zag nergens kennissen of de kinderen van Henk en Eva. Ze zag behalve haar moeder en zichzelf niet één familielid. Niet dat Sofie dat heel erg vond, het enige gespreksonderwerp wat ze met haar familie zou hebben was hoe succesvol het leven van haar broer was en hoe erg haar eigen leven faalde. Ze pakte nog een glas champagne van een van de bladen waarmee de obers rondliepen en stapte het balkon op. Tot haar verbazing was het aangenaam warm buiten. Ondanks de laag sneeuw voelde het niet veel kouder dan zestien graden. Misschien was het de champagne die naar haar hoofd steeg. Niet dat ze veel ophad; twee glazen maar.
Langzaam begon de zon onder te gaan en verscheen de maan aan de hemel. De witte deken weerkaatste het witte koude licht en zorgde ervoor dat het leek alsof haar eigen jurk straalde. De zilveren jurk bestond uit een strak, mouwloos bovenlichaam en liep wat wijder uit bij de heupen. Het patroon wat op de jurk was geborduurd leek het bos aan de beide kanten van de enorme tuin. Het was een prachtige jurk. Sofie kon zich niet herinneren wanneer ze de jurk had gekocht. De deken van sneeuw dempte het geluid van de zaal, zoals het geluid wordt gedempt wanneer je onderwater zwemt. Stemmen klonken zwaarder en verder weg. Voor heel even leek het alsof zij de enige was in het gebouw. Toen de klok eindelijk aangaf dat het negen uur was, besloot Sofie dat het tijd was om naar huis te gaan. Vier uur hier rondlopen was lang genoeg en ze was toe aan haar bed. Langzaam en de pijn negerend liep de vrouw in de zilveren jurk terug naar binnen en begon ze te zoeken naar haar moeder. Zij stond te praten met mensen die Sofie nog nooit eerder had gezien en met een ongemakkelijk gevoel ging ze naast haar moeder staan. Soof onderbrak het gesprek terwijl ze haar excuses aanbood voor de onderbreking en nam haar moeder even apart.
“Ik ga naar huis mam. Ik heb genoten van alle gezelligheid.” Sofie wilde haar moeder een afscheidskus geven, maar de verbaasde blik in haar moeders ogen weerhield haar daarvan.
“Je gaat naar huis? Maar je hebt nauwelijks met iemand een woord gewisseld hier”, zei haar moeder verontwaardigd. Mirjam keek om haar heen en gebaarde naar de andere gasten.
“Weet ik, maar ik moet morgen weer vroeg op. Heb je Henk en Eva gezien?” Sofie keek gehaast de zaal rond en zag tot haar grote opluchting dat haar broer met zijn echtgenote dertig meter verderop met mensen stonden te praten. Ze deed weer een poging om haar moeder een kus geven als teken van afscheid, maar dit keer er stond een kille blik in Mirjams ogen. Op een zakelijke toon zei ze: “Je hebt nog geen man gevonden Soof. Je gaat pas weg op het moment dat je een respectabele jonge man hebt gevonden.” Sofie verstijfde. Haar bloed veranderde in ijswater en er liep een koude rilling langs haar rug. Het verdoofde gevoel van buiten verdween als sneeuw voor de zon en maakte plaats voor nervositeit en stress.
“Mam, nu ben je onredelijk bezig,” zei Sofie met een onzekere stem.
“Is dat zo? Je bent verdorie al zesendertig en je hebt geen man. Weet je hoe erg je de familie vernederd?” Sofie bewoon onrustig heen en weer en elke keer als haar gewicht op haar echter voet kwam te liggen, schoot er een pijnlijke steek door haar hiel.
“Mam alstublieft. Dit is niet het moment om het over mijn liefdesleven te hebben.” Soof draaide zich om en weer schoot er een steek door haar hiel. God wat haatte ze hakken. Nog voordat ze richting haar broer kon lopen werd haar onderarm vastgepakt en werd Sofie met een ruk teruggetrokken. Er kwam een oudere man van een jaar of zestig aangelopen die haar nog geen blik waardig gunde en zich rechtstreeks tot haar moeder richtte.
“Mirjam, je dochter is al een schande voor de familie, laten we nou niet nog meer aandacht op haar vestigen”, zei hij met een monotone stem en stoïcijns gezicht.
“Mam, laat me los.” Mirjam knikte en liet haar dochters arm met tegenzin los om vervolgens twee keer in haar handen te klappen. De muziek stopte en iedereen verstijfde. “Het wordt tijd dat jij eens ophoudt met zo egoïstisch te zijn en een keer aan je familie gaat denken. Vanavond vind je een geschikte partner en morgen dien je je ontslag in.”
Alle mannen draaiden zich naar de vrouw in de zilveren jurk om. Een voor een veranderde de oude gezichten in die van knappe jonge mannen van in de dertig. Allemaal glimlachte ze heel vriendelijk naar haar. De manier waarop de heren langzaam naar Sofie toeliepen deed haar denken aan een roofdier die zich klaarmaakt voor de aanval. Sofie raakte in paniek en wilde hier zo snel mogelijk weg, maar nergens kon ze de uitgang vinden. Haar moeder liep naar een knappe man met blonde haren, groene ogen en een rond gezicht toe. Hij bood Mirjam zijn arm aan en samen liepen ze naar Sofie.
“Wat vind je van deze knappe man?” Sofie begon het nu benauwd te krijgen en begon nog fanatieker te zoeken naar een uitgang. “Nee?”, vroeg haar moeder met een stem die zowel onschuldig als dodelijk klonk. “Wat vind je dan van deze?” Ze pakte een andere man vast en duwde die in de richting van haar dochter.
“Ik weet dat ik een schande ben voor de familie, maar alstublieft, laat me met rust.” De jonge man pakte haar vast en de muzikanten begonnen weer met spelen. Toen hij haar begon te leiden door de dans keek Sofie hem woedend aan. Zijn grijsblauwe ogen stonden liefdevol en zijn glimlach was zo vriendelijk en warm dat Sofie even met stomheid geslagen was. Toen hij voorover boog om haar een kus te geven trapte ze op zijn voet en rende naar de plek waar de deur hoorde te zitten. Radeloos bonkte Soof op de muur, maar er gebeurde helemaal niks. De mooie schilderingen van de druivenranken kwamen op haar af en wikkelde zich om haar armen, benen en middel, waardoor ze geen kant meer op kon. Met een ruk werd ze omgedraaid. Haar jurk was net een zilveren rivier bij die beweging. Een zilveren rivier gevangen in een hal van goud vuur. De mannen kwamen met roofdierachtige gratie, alsof ze hun prooi was, op haar af gelopen. Sommige hadden bloemen in hun hand en andere hielden schitterende sieraden vast. Sofie kreeg het gevoel dat ze geen adem meer kon halen en begon zich hevig te verzetten. Op het moment dat een van de heren haar linkerhand vast pakte en een trouwring om haar vinger schoof werd alles zwart.

Ze werd schreeuwend wakker en schoot overeind. Voor een paar seconde was ze gedesoriënteerd, maar toen Sofie haar eigen foto’s zag staan op het nachtkastje ging er een golf van opluchting door haar heen. Een droom. Het was maar een droom. Ze ademde een paar keer diep in en uit en ging toen langzaam weer liggen.
“Oh godverdomme.” Haar pyjama was doordrenkt van het zweet en haar lakens waren koud en nat. Sofie zuchtte en kwam toen weer langzaam kreunend overeind. De klok gaf aan dat het pas half vijf was. Langzaam deed ze het licht aan en schikte ze de kussens zodat ze comfortabel rechtop kon gaan zitten. Langzaam keek Sofie door haar kamer alsof ze bevestiging zocht dat alles klopte en ze daadwerkelijk alleen maar had gedroomd. Gelukkig kreeg ze die bevestiging gelijk bij het zien van de stoel die bedolven was onder kleding. De 'ik-wil-niet-twee-keer-achter-elkaar-hetzelfde-dragen-stoel' had Soof gezegd tegen haar laatste vriend. Die had het belachelijk gevonden dat Sofie na één dag al haar kleding op die stoel gooide en de volgende ochtend iets anders uit de kast had gepakt.
“Je kan die kleding toch prima nog een keer dragen”, had hij gezegd toen ze voor de zoveelste keer weer nieuwe kleren uit haar kast pakte.
“Daan je moet je er niet zo door over op laten winden. Ik wil gewoon niet twee dagen achter elkaar hetzelfde dragen, dat kan toch?”
“Ja, maar jij laat het meestal gewoon liggen en dan gaat het uiteindelijk de was in terwijl je het maar één keer gedragen hebt”, had hij geïrriteerd geantwoord.
“Joh wie doet hier nu de was, hè? Dat ben ik, niet jij.”
“Het is niet goed voor het milieu als je zo vaak wast.”
“Ik was één keer in de week, ja, en ik heb net zoveel was als ieder ander, oké.” Ze had zich omgedraaid en hem plagerig aangekeken. “Als het je niet bevalt dan moet jij maar voortaan de was doen en mijn kleding klaar leggen.” Daan had gezucht, met z’n ogen gerold en haar vervolgens weer het bed ingetrokken.
Soof schudde de gedachte van haar ex uit haar hoofd en stond op. Die stomme stoel was een van de vele dingen waarop die relatie stuk was gelopen. Langzaam deed ze de lampen in haar kamer aan en begon een andere pyjama aan te trekken. Ze concentreerde zich daarbij op het uit- en aantrekken van de kleding en deed vervolgens alles met volle aandacht om te voorkomen dat ze aan die droom of aan haar ex dacht. Sofie liep naar de woonkamer, ging op de bank liggen en trok het legergroene dekentje wat op de bank lag over haar heen. Het lampje wat op het bijzettafeltje stond aan de zijkant van de bank deed ze aan en vervolgens pakte Sofie haar telefoon. Kwart voor vijf. Nog twee uur en een kwartier voordat de wekker ging. Soof opende Facebook en begon langzaam naar beneden te scrollen. Meestal kon ze als ze eenmaal wakker was niet meer in slaap vallen, dus werd het maar twee uur en een kwartier op Facebook doelloos scrollen. Na een half uur werd door Facebook scrollen echter zo saai dat Sofie besloot toch haar ogen dicht te doen en te luisteren naar de geluiden van de stad. Dat had ze altijd al zo fijn gevonden van Amsterdam. Het maakt niet uit hoe laat het is, er is altijd rumoer in de straten. Ze had mazzel gehad met dit appartement. Toen Sofie vier jaar geleden terug was gekomen uit Barcelona wilde haar broer het verkopen. Sofie was opslag verliefd geworden op het zeventig vierkante meter appartement en had het tegen een goede prijs van hem kunnen kopen. Het had haar nog steeds een rib uit d’r lijf gekost, maar ze zat op tien minuten met de metro van het centrum vandaan. Soof luisterde terwijl er auto’s langs reden en mensen dronken over straat liepen. Alleen in Amsterdam lopen er mensen op maandagochtend bezopen over straat. Er verscheen een glimlach op haar gezicht.

Ze moest in slaap zijn gevallen want toen de wekker ging lag haar telefoon op het witte vloerkleed met het deken ernaast. Veel te vroeg. Het was veel te vroeg. Langzaam kwam Sofie overeind en begon ze aan haar ochtendroutine: douchen, aankleden, ontbijten en… ze keek naar het bed en besloot het gewoon zo te laten. Het had geen zin om een vies bed op te maken en het bed verschonen deed ze wel als ze terugkwam van werk. Langzaam liep Soof richting haar kleine, maar knusse badkamer. Snel deed Soof haar make-up op en haar haar in een staart, om vervolgens op de fiets te stappen en richting ‘Cucina di Mario’ te gaan. Fietsen in Amsterdam bleef levensgevaarlijk. Ze had het dan ook echt weer moeten leren toen ze hier net was komen wonen. Studenten die met hun oortjes in en half oplettend midden op straat fietsen, moeders met bakfietsen die denken dat ze overal voorrang op hebben, taxi’s die overal schijt aan hebben en iedereen - inclusief de bakfietsmoeders - gewoon half aanrijden. Dan had je nog de tram die gewoon doorrijdt met zo’n bel en het allergevaarlijkste van heel Amsterdam… de vervloekte tramrails.
Als Sofie ergens een hekel aan had dan was het op de fiets zitten en over de tramrails heen moeten. Het was haar in de afgelopen vier jaar meerdere malen overkomen dat ze met haar voorwiel in zo’n gleuf bleef hangen om vervolgens van haar eigen fiets te vallen en stilletjes uitgelachen te worden door iedereen, inclusief die stomme toeristen. Het was zelfs een keer zo dat er net een tram aankwam waardoor ze bijna werd aangereden. Dus terwijl Sofie langzaam begon te fietsen probeerde ze niet aangereden te worden door incapabele verkeersdeelnemers of in een van de tramrails te blijven hangen.
Na twintig minuten op de fiets te hebben gezeten kwam ze om negen uur bij het restaurant aan, precies op tijd. Snel zette Sofie haar fiets vast aan een boom en deed ze de deur open waar het bordje ‘Sorry we’re closed’ hing. Ze liep snel naar achteren waar iedereen al klaar stond voor de ochtend preek van Suzanne. Soof ging achteraan staan en luisterde terwijl Suzanne haar ochtend preek gaf over dat iedereen goed zijn werk deed, dat er geen lege glazen op de tafels mochten staan tenzij de klanten aangeven niks meer te hoeven drinken, dat we iets minder gulzig met het brood moesten zijn en zo ging ze maar door. Vervolgens wendde Suzanne haar aandacht op het keukenpersoneel en na tien minuten gaf ze aan dat iedereen aan het werk kon, want de deuren gingen om tien uur open. Iedereen ging snel aan de slag en tegen de tijd dat de eerste klanten binnen liepen stond alles keurig klaar.

Het was een drukke maandag en ondanks dat ze haar best deed om al haar aandacht op het werk te richten dwaalde haar gedachten steeds af naar de droom van vannacht. Sofie was erachter gekomen dat de zaal waarin het zich allemaal had afgespeeld een versie was van de spiegelzaal in Versailles. Daar was ze afgelopen winter geweest met Daan. Het had er prachtig uit gezien, maar als Sofie nu aan Versailles dacht verscheen gelijk het beeld van al die mannen die haar omsingelde voor haar ogen.
“Jezus kijk toch eens uit Soof. Straks laat je die borden nog vallen!”
“Huh?” Ze was bijna met volle borden gazpacho tegen Suzanne aangelopen. Sofie voelde dat ze rood aanliep dus bood snel haar excuses aan en liep naar de tafel waar de klanten zaten te wachten. Met een geforceerde glimlach zette ze de borden op tafel en na een snelle “alstublieft” en “eet smakelijk”, liep de serveerster gehaast weer terug naar de keuken. De klok gaf aan dat het over minder dan een half uur een uur was. Nog even en dan zat het er voor vandaag weer op.
Sofie wierp een blik het gezellige restaurant in. De houten tafeltjes en stoelen stonden er weer gezellig bij, maar de geel rode muur gaf haar voor het eerst een ongemakkelijk gevoel. Door die stomme droom had ze nóg meer tegen de verjaardag van haar broer opgekeken. Haar broer… achtendertig, grote zakenman, getrouwd met vier kinderen, het oogappeltje van haar moeder en het pronkstuk van de familie. Alles wat hij was, was Sofie in de ogen van haar familie niet. Daar kon ze prima mee leven, waar het niet dat ze bij elke familiegelegenheid eraan werd herinnerd door iedereen en dan voornamelijk door haar eigen moeder.
Toen Sofie haar shift erop zat fietste ze terug naar het appartement. Om half drie moest ze in de trein stappen dus dat werd haasten. Ze zette de stijltang aan en terwijl die warm werd verschoonde Soof snel en behendig het bed. Ze stijlde haar haar en stak het half op. Ze deed nog wat extra make-up op, trok een mooi donkergroen strak jurkje aan met bijpassende hakken, gooide de nodige spullen in een klein tasje en haastte zich vervolgens de deur uit.
Ze haalde de trein nog maar net, en met een uur stond ze voor de deur van haar moeder in Leiden. Sofie haalde diep adem en stak nog snel een blonde pluk die was losgekomen terug op zijn plek voordat ze aanbelde. Haar moeder had Sofie misschien al aan zien komen, want vrij snel werd de deur voor haar opengedaan.
“Goedemiddag mam. Hoe gaat het?” Soof glimlachte terwijl ze haar moeder drie kussen op de wang gaf. De ogen van haar moeder gaven aan dat ze in een goede bui was en er glipte een kleine geluidloze zucht van opluchting uit haar mond. Haar moeder raakte even snel Sofie’s wang aan en trok vervolgens de deur achter zich dicht.
“Het gaat goed met me. Je broer heeft een prachtige dag uitgekozen om zijn verjaardag te vieren. Ik kan niet wachten tot hij ziet wat voor mooi cadeau zijn collega’s en vrienden hem en zijn vrouw hebben gegeven.” Haar moeder stapte in de auto in aan de bijrijderskant terwijl haar dochter de deur voor haar openhield. Met gespeelde interesse vroeg haar dochter: “Oh wat hebben zijn collega’s voor hem gekocht?” Pas nadat Sofie de auto had gestart en was weggereden kreeg ze een antwoord.
“Ze hebben een prachtige twee week durende safari in Afrika geboekt voor ze. Alle kosten worden voor ze betaald”, zei haar moeder met een zelfvoldane blik alsof zij zelf het cadeau zou gaan geven. Het had niet veel gescheeld of Soof had vol op de rem getrapt. Een safari. Zijn vrienden gaven hem als cadeau een safari… voor zijn hele gezin? Natuurlijk! Waarom ook niet? Ze had altijd wel geweten dat zijn collega’s goede vrienden van Henk waren en dat ze allemaal iets te veel geld verdiende, maar dit was een absurd cadeau. “Vind je het niks?” Haar moeder keek haar met grote onschuldige ogen vragend aan. Toen ze de ongeloof op Sofie’s gezicht zag ging ze met een onschuldige stem verder, “Weet je, Tom is weer vrijgezel. Je kent Tom toch nog wel?” Ze wierp een snelle blik op Sofie. Zonder te wachten op een antwoord ging haar moeder verder.
“Hij is zes maanden geleden gescheiden van zijn vrouw. Heel treurig als je het mij vraagt. Ze was zo’n lieve welgemanierde dame. Ik vind hem wel wat voor jou, wist je dat?” Haar moeder wierp een verwachtingsvolle blik op Sofie, maar die keek strak voor zich uit. “Hij is jouw leeftijd en Henk zegt dat hij binnenkort promotie gaat maken. Tom is een erg aardige kerel en jullie zullen ongetwijfeld heel goed klikken.” Sofie moest de neiging onderdrukken om rechtsomkeert te maken en haar moeder weer thuis af te zetten.
Het feest was vanaf vier uur en zou beginnen met een borrel in een nieuwe geopende strandtent genaamd ‘de zeeschelp’, in Noordwijk, waarna ze met z’n allen, een stuk of dertig man, daar zouden gaan dineren. Haar moeder zou er ongetwijfeld voor zorgen dat ze naast deze 'Tom' zou komen te zitten. Sofie was nooit echt geïnteresseerd geweest in de collega’s van haar broer dus ze zouden in elk geval genoeg hebben om over te praten. Als ze hem maar aan de praat kon houden zou het allemaal wel goed komen.
“Zou heel goed kunnen mam. Ik heb nog nooit echt met hem gesproken, maar hij ziet eruit als een hele aardige man.” Sofie zette de radio zachtjes aan en luisterde naar haar moeders verhalen over van alles en nog wat terwijl ze een avond vol met veroordelingen tegemoet reed.

Sofie parkeerde de auto op het parkeerterrein van het restaurant en hielp haar moeder de trap af. Na het overlijden van haar vader was haar moeder lichamelijk erg achteruit gegaan. Haar moeder was gelukkig niet zo slecht ter been dat ze een wandelstok nodig had of iets in die richting, maar traplopen was nu wel een hele opgave. Het was bijna een jaar geleden en Sofie had sindsdien het gevoel gehad dat het lieve en warme hart van de familie was verdwenen. Haar vader was de enige die altijd volledig achter haar had gestaan en haar had aangemoedigd om zelf iets op te bouwen in de plaats van een rijke man te vinden en huisvrouw te worden. Het had hem niets uitgemaakt dat zij in een klein appartementje in Amsterdam woonde. Zijn dochter was onafhankelijk en had alles wat ze had aan zichzelf te danken, wat natuurlijk niet helemaal waar was aangezien het appartement van haar broer was geweest, maar Sofie had geweigerd om minder dan de marktwaarde te betalen. Ze had het ook niet over haar hart kunnen verkrijgen om van de erfenis gebruik te maken om een grote woning te kopen in Amsterdam. Als Sofie zoiets belangrijks als een huis zou kopen zou ze het helemaal zelf betalen.
Eenmaal binnen zag Sofie het verjaardag gezelschap al rechts bij de brandende openhaard zitten.
“Here we go”, mompelde ze bijna geluidloos. Met een glimlach nam ze de jas van haar moeder aan en gaf ze de jassen aan een vriendelijke mevrouw die geduldig stond te wachten. De vrouw gaf Sofie twee kaartjes met de nummers van de jassen erop en liep vervolgens weg om ze op te hangen. Het restaurant was ontzettend leuk ingedeeld. De vloer was van licht eikenhout met een grijze was er overheen. Rechts van haar stonden allemaal witte tafels met bijpassende comfortabele witte stoelen. Halverwege de ruimte rechts was een open haard met zithoek en daarachter stonden weer eettafels. Aan de linkerkant was er een open keuken en liep het personeel af en aan om de bestellingen op te halen en naar de juiste tafels te brengen. De zandkleurige werkkleding paste goed bij het strandhuis sfeertje en heel even had Sofie het gevoel dat ze op vakantie was. De ramen aan de rechterkant zorgde ervoor dat de gasten bijna een panorama uitzicht hadden over het strand. De waaiers aan het plafond draaide zachtjes rond, wat voor een aangenaam briesje zorgde. Toen ze halverwege richting het gezelschap waren zag Eva dat ze waren gearriveerd en liep ze stralend naar ze toe.
“Mirjam, wat ontzettend fijn om je weer te zien. Wat zie je er prachtig uit vanavond.” Ze gaf haar schoonmoeder drie kussen op de wang en liet haar blik over Mirjam heen glijden om vervolgens goedkeurend te knikkend. Haar moeder zag er inderdaad goed uit in de witte jurk met bijpassende handtas.
“Jij ziet er ook goed uit vanavond Eva. Is dat Dior wat je draagt? Echt prachtig.” Eva knikte glimlachend en wendde toen haar blik op Sofie.
“Wat fijn dat je er bent Soof. Nu iedereen er is kunnen we eindelijk beginnen met de cadeaus. Ik hoorde van Tom dat de jongens iets geweldigs hebben gekocht voor Henk.” Eva gaf snel drie kussen op Sofie's wang en begeleidde toen Mirjam naar de rest van het gezelschap. Sofie liep er met opgeheven hoofd en een bijna gemeende glimlach langzaam achteraan.
Nog voordat ze bij het gezelschap was aangekomen kwam er een serveerster naar haar toe met een dienblad waar glazen met witte en rode wijn op stonden.
“Kan ik u een glas wijn aanbieden?” Net iets te snel pakte Sofie een glas witte wijn van het dienblad. Verontschuldigend zei ze: “Dankjewel. Ik kan dit heel goed gebruiken.” De serveerster knikte begrijpend. Sofie’s familie was ongetwijfeld niet de eerste waarbij de verhoudingen niet zo goed waren. Sofie wist uit eigen ervaring als serveerster dat alcohol een heel goed middel was om iedereen rustig te houden zolang de mensen er niet te veel van ophadden.
Sofie nam een grote slok en liep toen naar haar broer toe om hem te feliciteren. “Je lijkt geen dag ouder dan achtendertig.” Henk draaide zich om en omhelsde zijn zusje met een grote glimlach. Voor het eerst die dag verscheen er een oprechte glimlach op Sofie haar gezicht.
“Zou je inderdaad niet zeggen hè?” Sofie zette haar glas neer en pakte uit haar tasje een klein cadeautje.
“Hier. Ik hoop dat je het leuk vindt. Het is maar een kleinigheidje.” Henk keek nieuwsgierig naar het kleine pakketje wat in haar hand lag en pakte het voorzichtig aan. Langzaam maakte hij het open en bij het zien van het cadeau begonnen zijn ogen te stralen.
“Dat had je nou echt niet hoeven doen. Wat ontzettend lief van je.” Hij hield de flessenkurk met het zilveren hert erop in de lucht en bekeek het aandachtig. Een paar weken terug was ze langs een winkel gelopen in Amsterdam waar ze zilverwerk verkochten en dit hert had in de etalage gelegen. Toen Sofie hem had zien liggen wist ze dat ze het cadeau voor haar broer had gevonden. Dat was gelijk een hele opluchting geweest want een cadeau vinden voor die man was haast onmogelijk. Hij had alles wat zijn hart begeerde en als hij iets zag wat ie wilde hebben duurde het niet lang voordat hij het gekocht had. Dus dit mooie, kleine en praktische cadeau was een geschenk wat uit de lucht was komen vallen. Henk gaf haar nog een dikke knuffel om vervolgens het cadeau in de tas van Eva te stoppen die haar ogen een paar seconde liet rusten op het cadeau en vervolgens Sofie een goedkeurende glimlach schonk.

Iemand kuchte en gaf aan dat hij de aandacht wilde hebben. Een kleine man met donkerrood haar stapte naar voren en gebaarde dat iedereen om hem heen moest komen staan.
“Wij zijn hier vandaag om de verjaardag van deze geweldige zakenman en vriend te vieren.” De man maakte een handgebaar naar Henk. “Henk. Ik ken je nu al tien jaar en in die tijd ben je een van mijn dierbaarste vrienden geworden. Ik denk dat ik voor iedereen spreek als ik zeg dat jij een bijzondere man bent. Niet alleen ben je een geweldige zakenman die deals voor elkaar krijgt die niemand kan geloven, ook ben je een ontzettend gul, lief, zorgzaam en grappig mens. Niemand kan zulke goede verhalen vertellen als jij, zeker niet na een paar glazen Whiskey,” de man knipoogde naar zijn vriend die zijn best deed om z’n lach in te houden, “en er zijn maar weinig mensen die altijd voor iemand klaar staan zoals jij.” Hier en daar klonk zacht instemmend geroezemoes. “Iedereen die hier vandaag is begrijpt ongetwijfeld wat ik bedoel. Je hebt op de een of andere manier het ook voor elkaar gekregen om een geweldige levenspartner uit te kiezen en samen vier kinderen op te voeden.” De man zetten het glas champagne neer en pakte een envelop aan die Joost, ook een goede vriend van haar broer, hem aanreikte.
“In deze envelop zit dan ook iets wat wij jullie als gezin heel graag willen geven. In deze envelop zit een reis voor je hele gezin naar Zuid-Afrika, waar jullie voor twee weken op Safari gaan. Het is all inclusive en alles is al geregeld en betaalt. Het enig wat jullie hoeven te doen is je koffer pakken en naar Schiphol gaan. Je kalender is vrijgemaakt en dat geldt ook voor die van jou, Eva.” De man keek naar de vrouw die vol ongeloof naast Henk stond. Zelfs de kinderen waren muisstil van ongeloof en konden alleen maar met open mond naar de envelop staren. Alsof ze bang waren dat, wanneer ze het uit hun oog verloren, het zou verdwijnen. Sofie merkte dat ook zij vol ongeloof naar de envelop stond te staren ondanks dat ze dit al had aan zien komen.
De man liep nu zo trots als een pauw naar zijn vriend en overhandigde hem de envelop. Hij mompelde iets in het oor van haar broer waardoor Henk kort en hard moest lachen en begon toen al zijn vrienden de hand te schudden en luidruchtig te bedanken. Sofie bedacht zich dat het maar goed was dat zij als eerste haar cadeau had gegeven, want na dit was haar hert helemaal verbleekt. Nu hadden ze haar cadeau tenminste nog gewaardeerd. Soof pakte haar wijnglas weer van de statafel en nam nog een grote slok. Ze was blij dat haar moeder vannacht in het hotel bleef slapen en het restaurant een shuttle service had. Dit gaf Soof een goede reden om lekker aan de wijn te gaan en door een taxi naar het station gereden te worden.
Na ongeveer twee uur van praten met ooms, tantes en andere familieleden over hun en haar leven – waarbij ze zoveel mogelijk probeerde te voorkomen dat het over haar werk en liefdesleven ging – gaf een ober aan dat het gezelschap aan tafel kon gaan zitten. Iedereen liep naar de grote tafel rechts van de open haard waar naambordjes op de borden gezet waren. Sofie zag die van haar al best snel en ging zitten. Snel keek ze wie er naast haar ingedeeld waren en tot haar opluchting zaten Sarah en Joost naast haar. Ze had het altijd goed met Sarah kunnen vinden dus dat zou haar gesprekspartner voor de rest van de avond zijn en zolang die ene Tom niet aan de andere kant van haar zat, vond ze het allemaal prima. Joost was misschien niet de meest interessante man, maar alles beter dan te moeten praten met een man waaraan je moeder je probeert te koppelen. De tafel was versierd met prachtige bosjes witte rozen in kleine vaasjes. Over de hele lengte van de tafel stonden kaarsen en kleine rieten bakjes die samen met de bloemen voor een gezellige sfeer zorgde.
Sarah ging naast haar zitten en gaf Soof drie zoenen gevolgd door de vragen: Hoe gaat het met je? Wat doe je nou in het dagelijks leven? Waar heb je die jurk vandaan? Sofie zag dat Sarah haar haar donkerblond had geverfd. Dat was zeker een verbetering vergeleken met de laatste keer dat ze haar haar had geverfd. Het zwarte haar had ervoor gezorgd dat het gezicht van Sarah heel hard was geworden. Dit donkerblonde haar met lichte highlights zorgde ervoor dat de vriendelijkheid van haar gezicht weer was teruggekeerd. De kobalt blauwe jurk die ze had aangetrokken stond ook prachtig bij haar nieuwe haar en haar grijsblauwe ogen. Terwijl ze samen op de menukaart keken en zagen dat er een viergangenmenu geserveerd zou worden bestaande uit vis of vlees, beantwoordde Sofie haar eerste vraag.
De ober kwam langs om hun keuze op te schrijven en binnen tien minuten stond de amuse van carpaccio met een overheerlijke saus waarvan ze de naam alweer was vergeten voor haar neus. Het gesprek viel even stil toen ze allebei begonnen te eten. Het eten was heerlijk en Sofie was blij dat ze even een goed excuus had om niet continu te praten. Ondanks dat ze het goed kon vinden met Sarah, wilde ze niet dat ze te snel door alle luchtige gespreksonderwerpen heen zouden gaan.
Nadat ze allebei klaar waren met de amuse stelde Sofie dezelfde vragen aan haar en luisterde aandachtig terwijl ze vertelde over hoe haar man promotie had gekregen op het werk en dat de kinderen zulke engeltjes waren dat de au pair genoeg tijd had om ook wat huishoudelijke klussen te doen. Toen het voorgerecht werd geserveerd, een heerlijke eendenborst met rode wijnsaus, stond Henk op en vielen alle gesprekken stil.
“Als eerste wil ik jullie allemaal bedanken voor jullie komst. Ik zal het kort houden want we willen natuurlijk niet dat ons eten koud wordt.” Henk schraapte even z’n keel en ging vervolgens verder. “Ouder worden is vanaf je eenentwintigste niet leuk meer. Je bent dan namelijk al volwassen en elk jaar erbij geeft alleen maar aan dat je ouder wordt en binnenkort echt rimpels en grijze haren gaat krijgen.” Hij ging snel met zijn handen door z’n haar en gaf zijn vrouw een knipoog. “Maar dankzij jullie zie ik er nog zo geweldig goed uit. Door mijn vrienden die ook mijn geweldige zakenpartners zijn heb ik elke dag weer plezier in mijn werk en doe ik buiten mijn dagelijkse baan ook nog veel leuke dingen. Als het even zwaar is op kantoor beuren jullie mij weer op en ik wil dat jullie weten dat jullie mij heel dierbaar zijn. Mijn vrouw heeft wat dat betreft een veel zwaardere baan dan jullie. Die ziet mij veel buiten de kantooruren om en die moet telkens maar luisteren naar mijn gezeik.” Er werd zachtjes gelachen en Eva schonk hem een knipoog met een luchtkus.
“Lieve schat, ik weet oprecht niet hoe je het al zeventien jaar met me volhoudt, maar ik ben je dankbaar voor elke dag. Jij bent mijn inspiratiebron en mijn steun en toeverlaat. Voor mijn kinderen geldt hetzelfde. Jullie herinneren mij elke dag weer waarom ik ’s ochtends uit bed kom en naar mijn werk ga.” Hij nam een slok rode wijn en wendde toen zijn blik op Sofie en hun moeder.
“Als laatste moet ik natuurlijk ook mijn prachtige zus en moeder bedanken voor alles wat ze ooit voor me gedaan hebben. Vooral het afgelopen jaar was niet makkelijk voor ons. Het overlijden van pa heeft ons allen geraakt en dankzij jullie steun en luisterend oor zijn we er samen goed uitgekomen. Ik hou van jullie.” Hij hief zijn glas, nam nog een slok en ging vervolgens weer zitten. Iedereen klapte en schonk hem een glimlach voordat ze begonnen met eten.

Tegen de tijd dat het hoofdgerecht was weggehaald had Sofie al aardig wat glazen rode wijn op en ondanks dat haar alcoholtolerantie goed was voelde ze hem wel zitten. Ze had de hele tijd zitten praten met Sarah en had dan ook niet door dat er iemand anders op de plek van Joost was gaan zitten totdat ze een hand op haar schouder voelde. Langzaam draaide Sofie zich om en zag een vriendelijke jongeman naast haar zitten. Hij schonk haar een verontschuldigende glimlach en draaide zich naar haar toe. Hij stak zijn hand uit en stelde zich voor terwijl zij hem de hand schudde.
“Ik ben Tom. Wij hebben elkaar nooit formeel ontmoet, maar ik heb je al een paar keer gezien op de feestjes van je broer.” Oh shit. Sofie wierp snel een blik in de richting van haar moeder. Mirjam zat schuin tegenover haar en knikte dat ze met Tom moest gaan praten. Kan je je niet voor één keer met je eigen zaken bemoeien? Haar moeder leek haar gedachte te kunnen lezen want ze keek Sofie beledigd aan voordat ze zich weer naar Joost toe keerde en het gesprek hervatte.
Sofie wendde zich af naar Tom, die zat te wachten totdat ze iets terug zou zeggen. “Wat leuk om je nou eens te ontmoeten Tom. Vertel eens, hoe heb je Henk leren kennen?” Het was altijd goed om mannen over zichzelf te laten praten. Dat vonden ze namelijk heerlijk. Mannen beschuldigde vrouwen er altijd van dat ze uren over zichzelf konden praten, maar door de jaren heen had Sofie geleerd dat mannen het net zo fijn vonden. Het had haar door heel wat slechte dates geholpen. Ook dit keer werkte het, want Tom begon gelijk vol enthousiasme te praten.
De twee mannen hadden elkaar in een kroeg ontmoet toen Henk per ongeluk wat bier over Tom heen had gegooid. Henk had hem een biertje aangeboden en toen waren ze aan de praat geraakt om er vervolgens achter te komen dat ze allebei in het financiële banken wereldje zaten. Soof had het voor elkaar gekregen om hem te laten praten tot het toetje werd geserveerd en de ober de drankjes had opgenomen. Voor haar stond nu een heerlijk groot stuk chocoladecake met van binnen gesmolten chocolade. De cake was besprenkeld met poedersuiker en er lagen drie frambozen op. Langs de cake had de kok een saus van bosbessen en frambozen geschonken. Soof begon gelijk te watertanden en ondanks dat ze al genoeg had gegeten nam ze snel een hap.
“Dus, vertel eens wat over jou? We hebben het nu al de hele tijd over mij.” Soof keek hem bestuderend aan. Hij zag er goed uit voor vierendertig. Hij had amper rimpels, zijn bruine ogen stonden nog jong en ondeugend zoals die van een student en tussen zijn donkerblonde haren was nog geen greintje grijs te bekennen. Zijn scherpe vierkante kaaklijn was niet vervelend om naar te kijken en ook echt saai was hij niet. Buiten zijn werk om deed hij aan hardlopen en hij vond het leuk om te lezen en af en toe een kroegje te pakken. Ze liet snel haar blik over zijn bovenlichaam glijden en zo te zien had hij geen bierbuikje. Misschien had haar moeder voor het eerst in Sofie haar leven wel gelijk gehad over een man. Ze besloot dan ook dat het de moeite waard was om uitgebreid over zichzelf te vertellen en deze man een kans te geven.

Er zijn nog geen reacties.


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen