Met haar vingers over mijn borstkas realiseer ik me weer hoe zeer ik haar aanraking heb gemist. Het ontvlamt iets in me, en ik begraaf mijn gezicht in de holte tussen haar nek en schouders om haar geur in te ademen. "Ik heb jou ook genoeg te vertellen... maar dat kan wel wachten, toch?"
"Nee, nee, Lucien." lacht ze zachtjes, terwijl ze me van zich af probeert te duwen. "Dit kan niet even wachten. Ik moet je dit echt nu vertellen."
Ik trek me genoeg terug zodat ik haar met een pruillip aan kan kijken. "Ik heb je bijna twee maanden niet gezien, Em, ik heb constant over je gedroomd..."
Ze heeft het lef me een kus te geven en dan iets bij me vandaan te schuiven. Haar gezicht staat nu meer serieus dan speels. "Als ik je dit niet nu vertel, weet ik niet wanneer ik het weer durf, en dat is een probleem."
Met een frons ga ik overeind zitten, mijn benen onder me gekruisd. Emma kijkt me niet meer aan. "Oké, duidelijk. Vertel, wat is er aan de hand?"
Ze haalt een keer diep adem. En dan nog eens. Haar vingers spelen met de deken, plukken aan losse draadjes en ze kauwt op haar onderlip. "Ik... Ik ben..." Ze sluit haar ogen, en ik heb geen idee wat ik moet denken van de situatie. Is ze ziek? Is ze stervende? Is ze niet langer verliefd op me? "Ik ben in... ik ben in verwachting."
Het duurt even voordat ik me de betekenis van die woorden realiseer. Vervolgens schieten mijn ogen naar haar buik, maar ik durf niet te zeggen dat ik daar al verandering zie. Verder weet ik eigenlijk maar weinig van zwangerschappen. Mijn hart racet in mijn keel met duizenden gedachten en emoties die door mijn hoofd tuimelen, en ik word pas wakkergeschud als Emma haar vingertoppen op mijn hand legt. "Wil je alsjeblieft iets zeggen?" vraagt ze zachtjes.
"Ik..." Ik staar haar aan. Ik had verwacht niks anders dan doodsangst te voelen bij het horen van deze boodschap, maar dat is niet waar. Die emotie is er ongetwijfeld, maar er is zo veel meer... "Ik weet niet wat." geef ik uiteindelijk toe.
"Ben je niet blij?" De blijdschap die onze hereniging heeft meegebracht, is verdwenen. Ze weet hoe ik over deze hele situatie denk, wat mijn gevoel zegt bij simpelweg de gedachte aan kinderen. En nu... nu komt er een kind.
"Weet ik niet. Ik bedoel. Ja, tuurlijk." Ik schud mijn hoofd. "Natuurlijk ben ik blij. Maar... ook een heleboel andere dingen."
Ze knikt stilletjes. Dit is niet de reactie die ze wilde, zoveel is duidelijk. Ik slik de negatieve emoties zo goed als ik kan weg, en pak haar handen in de mijne.
"Ben jij gezond?" vraag ik haar. Ze knikt.
"Ik voel me goed. Misselijk, maar dat hoort er bij. De.. de arts zegt dat alles tot nu toe goed gaat."
"Dat is het enige wat telt." Met mijn duim draai ik rondjes over de rug van haar hand. "We weten allebei dat als ik een keuze gehad, dat die... anders zou zijn. Maar ik zal er aan moeten wennen, en ik ga daar ontzettend mijn best voor doen. Alles wat ik van je vraag, is dat je me daar de ruimte voor geeft. Ook als het me soms even niet zo goed lukt om er aan te wennen. Maar voor nu is het enige dat voor mij telt dat jij gezond bent, dat je hier bent en dat jij gelukkig bent." Ik kus haar voorhoofd en trek haar dan in mijn armen. Voor het eerst in maanden nestelt ze zich tegen me aan, en het voelt alsof ik in de hemel ben beland. Ik wil niet nadenken over wat komen gaat. Nu nog even niet. Nu de rest van de familie hier is, zal het vonnis over acht dagen voltrokken worden. Twee dagen voor midwinter, waarop er groot feest wordt gevierd in Portugal. Hoewel het geen kerstviering is zoals we in Frankrijk kennen, doet het er aan de verhalen te horen niet aan af. Als het weer het toelaat, zullen we de eerste dag van het nieuwe jaar terug naar Frankrijk vertrekken.
"Het spijt me dat ik niet kan reageren zoals je wilde." zeg ik na een paar minuten stilte. Ze schudt haar hoofd; haar natte haren strijken over mijn borstkas.
"Ik vergeef je. We gaan dit samen doen, oké? Je staat er niet alleen voor." Ze kust het kuiltje onderaan mijn keel. "Zolang ik er ook niet alleen voor sta."
"Ik zou niet durven."

Uiteindelijk is het tijd om ons naar de eetzaal te begeven. Ik had verwacht dat Emma's nieuws me zwaarder op het hart zou liggen, maar het valt mee. Ik ben vooral ontzettend gelukkig dat zij, Eschieve en Pascalle hier zijn. Mensen die ik ken en mensen die mij kennen. Mensen bij wie ik niet hoef te doen alsof.
Bij binnenkomst geeft Eschieve me een alwetende blik. Wanneer ik verhaal haal bij Emma, kan die een lach niet onderdrukken. "Ik heb een maand met haar in een koets gezeten. Het zou een wonder zijn als ze het niet had geraden."
"En verder?"
"De koningin en de arts. Misschien Pascalle, maar ik denk het niet. Ze zat in een andere koets. Verder niemand. Ik..." Ze kijkt me aan. "Ik wilde niet dat je het per ongeluk van iemand anders zou horen."
Ik wil haar voorhoofd kussen, bedenk me dan dat we in het openbaar zijn, bedenk me dan nóg eens want we zijn nu voor het publiek getrouwd en kus haar dan ook zachtjes op de lippen. Naar de hel met etiquetten. Ik heb mijn vrouw gemist. "We gaan dit samen doen." druk ik haar op het hart. "Net zoals we alle andere gekkigheden van de afgelopen jaren samen hebben gedaan."

Er zijn nog geen reacties.


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen