. . .


‘Waar heb je het over man?’ vroeg Clay, duidelijk geïrriteerd. ‘Heb je een steen tegen je kop gehad?’ Fronsend liet hij zijn blik over Juice’ gezicht dwalen. Juice probeerde zijn tranen weg te vegen, maar er kwamen er steeds meer.
      Ze was dood.
      Ze was verdomme dood.
      Hij had haar moeten tegenhouden, hij had zijn verantwoordelijkheid moeten nemen, zijn broeders moeten vertellen dat ze een vrouw was. Ja, dan was ze witheet van woede geworden, dan had ze hem uitgescholden en geslagen en had ze hem waarschijnlijk nooit meer willen zien, maar dan had ze nu nog geleefd.
      En nu…
      Nu was er niet eens een lichaam om te begraven. Misschien dat er ergens nog wat resten lagen, een arm of een been, maar hij wist nu al dat geen van zijn broeders zou toestaan dat hij een mijnenveld af zou struinen om die te vinden.
      ‘Juice!’ Clay greep zijn bovenarm vast en kneep er hard in. ‘Wat is er aan de hand man? Heb je een of andere paniekaanval? Een oud trauma? Wie de hel is Alex?’
      ‘Shane,’ fluisterde hij. ‘Alex is… Alex was Shane. Hij was een meisje.’
      Verdwaasd staarde Clay hem aan. ‘Wát?!’
      Juice’ schouders zakten naar beneden. Dat was ook meteen zijn eigen oordeel. Hij had het kunnen verzwijgen, ze had haar geheim mee in het graf kunnen nemen. Maar ze moest geen anoniem graf krijgen zoals Miles. Ze verdiende een gedenksteen, een graf – zelfs als die leeg was. En daar hoorde beide namen op. Alex Epps en Shane Brewster.
      Clay slaakte een diepe zucht en kneep in zijn schouder. ‘Het spijt me voor je.’ Zijn blik kruiste even die van Juice en hij gaf een begripvol knikje. Voorlopig zou het tussen hen blijven.
      Juice moest bekennen dat het hem niet veel kon schelen. Ze was misschien slechts heel even deel van SAMCRO geweest, maar ze had voor hem alles veranderd. Nieuwe tranen gleden langs zijn wangen en hij haalde sniffend adem.
      Clay trok hem in een stevige omhelzing. ‘We zullen haar een eervol afscheid geven,’ beloofde hij. Hij liet hem weer los en knikte naar achteren. ‘Verman je nu. Het kartel is niet zo dol op tranen.’
      Juice haalde diep adem en knikte. Hij veegde zijn wangen droog, al wist hij niet hoe hij de controle over zijn traanbuizen moest krijgen. Verdwaasd stapte hij van de rots af en liep naar de anderen toe. Hij hoorde Chibs waarschuwend roepen dat hij rustiger aan moest doen, maar het was alsof zijn benen vanzelf liepen en de wereld om hem heen vervaagde. Het kon hem niet schelen of hij ook op een mijn stapte of niet.
      Had ze gemerkt dat ze erop ging staan? Wat was de laatste gedachte die door haar hoofd was geschoten? Dat ze weer met haar broertje en ouders herenigd zou worden? Dat haar missie gefaald had?
      Als verdoofd ging hij bij de anderen staan.
      ‘Hé, wat is er met je aan de hand man?’ Chibs keek hem verhit aan.
      Juice keek op, Alex’ naam brandde op zijn lippen maar hij was bang dat hij zou breken als hij die nogmaals uitsprak.
      ‘Oh…’ De blik in Chibs’ ogen verzachtte en hij trok hem zuchtend in zijn armen. ‘Sorry jongen. Het was een goeie knul.’
      Juice’ keel voelde zo dik dat hij amper kon ademhalen, laat staan iets uitbrengen. Hij staarde naar de grond, zijn lijf woog plotseling zo zwaar dat hij ineen wilde zakken.
      ‘Waar heb jij uitgehangen?’ klonk opeens Clays ruwe stem.
      Met een ruk draaide Juice zijn hoofd opzij, met heel zijn hart hopend dat Alex toch nog was komen opdagen. Al zijn ingewanden leken zich om te draaien toen hij Jax zag. Zijn gezicht was strak, hij was duidelijk kwaad.
      ‘We hebben een probleem,’ zei hij op indringende toon, van Clay naar Chibs kijkend. ‘De prospect heeft het busje met de wapens gekaapt.’
      ‘W-wat?’ vroeg Juice kleintjes. Hoorde hij dat goed? Of – of ging het over een van de andere prospects?
      Jax had zijn kiezen op elkaar geklemd en keek hem met zo’n vlammende blik aan dat hij slikte. Hij werd nog nerveuzer toen Clay hem vragend aankeek. Het was echter te veel om te bevatten – een moment geleden dacht hij nog dat Alex dood was… en nu had ze de wapens gestolen? Waarom zou ze dat doen?
      ‘Hoe heb je dat kunnen laten gebeuren?’ gromde Clay. ‘Het is een fucking prospect!’
      ‘Koziks been was opgeblazen, hij wilde ‘m naar het ziekenhuis brengen en hij… hield me onder schot toen ik hem probeerde tegen te houden.’
      Juice staarde hem stompzinnig aan. Ze leefde nog… ze leefde écht nog…
      Met een zucht keken de mannen elkaar aan. Juice had het gevoel dat niemand Alex echt kwalijk kon nemen dat ze Kozik naar het ziekenhuis had gebracht als zijn been er echt af was, maar dat ze de VP onder schot had gehouden… Nou, dat kreeg nog wel een staartje.
      Al zag het ernaar uit dat dat haar SAMCRO-avontuur toch wel voorbij was, bedacht hij toen hij Clays blik op zich voelde rusten. Juice had haar verraden. Hij was er vrij zeker van dat ze in staat was hem te vermoorden als ze erachter kwam.
      ‘Jullie doen net alsof hij de wapens gestolen heeft,’ bromde hij. Er zat nog steeds een krop in zijn keel. ‘We rijden gewoon naar het ziekenhuis en halen die wagen weer op.’
      Jax haalde snuivend adem. ‘Dat doet er niet toe. Dat jong kan geen orders opvolgen. Hij ligt eruit.’
      ‘Jackie…’ protesteerde Chibs, een waarschuwende ondertoon. ‘We zijn nu allemaal een beetje… opgefokt. Laten we Romeo gewoon uitleggen wat er aan de hand is, Shane vragen of de wapens in orde zijn en of Kozik het gered heeft en dan het spul ophalen.’
      Juice staarde voor zich uit. Hij wist op het moment niet meer wat hij moest voelen. Alex leefde nog, ze had het goed verknald bij Jax, Kozik was stervende, Clay wist wie Shane was – en tot zijn verbijstering zei hij niets tegen de anderen.
      Een steen daalde af in zijn maag. Hij twijfelde er niet aan dat hij Alex rechtstreeks en in het bijzijn van iedereen met de waarheid wilde confronteren…

. . .


Alex zag er niet erg naar uit om de telefoon op te nemen, maar ze wist dat haar nog veel grotere problemen stonden te wachten als ze níét opnam. Tot haar opluchting zag ze dat het in elk geval niet Jax was, maar Chibs.
      ‘Hé,’ zei ze. Met een grom verzat ze zich op het kuipstoeltje in de wachtkamer. Haar wond was gereinigd en gehecht op de Eerste Hulp, daarna had ze erop gestaan hier te wachten.
      ‘Hé knul. Hoe eh – hoe is Kozik? Gaat hij het redden?’
      ‘Weenie. Ik heb gedaan wat ik kon maar…’ Ze slikte toen de tranen in haar ogen sprongen en ze haalde een paar keer diep adem om zichzelf te herpakken. ‘Het is afwachten. Ze doen hun best.’
      ‘Aye, tuurlijk doen ze dat.’
      Er viel even een ongemakkelijke stilte. Alex voelde aan welk onderwerp hij wilde aansnijden en zei: ‘Ik ben niet verongelukt ofzo. Jullie kunnen… de auto gewoon ophalen.’ Haar ogen schoten even de wachtkamer rond. Hoewel niemand aandacht aan haar leek te besteden, was ze toch op haar hoede.
      ‘Goed zo. Het was… een risico dat je nam, knul. Je had in je paniek wel –’
      ‘Ik was niet in paniek.’ Alex leunde naar achteren in haar stoel. ‘Ik wist wat ik deed, welk risico ik liep. Maar er was geen tijd om te discussiëren en Jax twijfelde te lang.’ Er trok een spiertje in haar kaak. ‘Ik zou nooit iemand van jullie aan zijn lot overlaten. Als een kartel me om die reden wil lynchen, dan gaan ze hun gang maar.’
      ‘Als iemand dat busje doorzoekt en de wapens vindt, lynchen ze niet alleen jou, Shane.’
      Ze snoof. ‘Dat hadden jullie maar moeten bedenken voordat jullie met zulke lui in zee gingen.’
      ‘Shane…’ Chibs’ stem klonk vervaarlijk laag. ‘Je passeert nu echt de uiterste grens. Je bent slechts een prospect, we hebben jouw mening niet nodig.’
      Ze rolde met haar ogen, blij dat hij dat niet kon zien.
      ‘Ga naar dat busje en hou iedereen daar weg totdat we er zijn.’
      Met een zucht verbrak ze de verbinding. Ze pakte de krukken die ze had gekregen en krukte naar buiten toe, waar ze leunend tegen de auto een sigaret opstak. De kans was wel heel klein dat de politie uitgerekend nú dit nummerbord zou natrekken – maar je zou het maar raden. Het was het risico niet waard.

Alex liet het stompje van haar derde sigaret vallen en zette haar laars erop toen er een aantal motors op de parkeerplaats van het ziekenhuis verschenen. De meeste mannen gingen meteen naar binnen toe om geen aandacht te trekken, alleen Chibs kwam op haar af, vergezeld door een van Galindo’s mannen die uit een zwarte auto was gestapt.
      ‘Loop het maar na, de achterklep is niet open geweest.’ Alex duwde de autosleutel in Chibs’ hand.
      De Schot keek haar even kort aan, daarna knikte hij naar het ziekenhuis. ‘Ga naar binnen.’
      Alex krukte weer terug naar het gebouw en ging de draaideur door, onwennig met de krukken. Volgens de arts had ze haar been echter al genoeg belast. Ze was net op haar weg naar de afdeling traumachirurgie toen iemand haar pols vastgreep en haar opzij trok, naar een nauwe doorgang richting de liften. Ze struikelde, maar werd door twee armen opgevangen die haar tegen de muur drukten. Met grote, verschrikte ogen keek Juice haar aan – alsof hij niet helemaal kon bevatten dat ze hier was.
      Ze wilde een protest mompelen, maar nog voor er een lettergreep over haar lippen kon komen bevond zijn mond zich op de hare en greep hij krampachtig haar kaak vast.
      ‘O god, ik dacht dat je dood was,’ mompelde hij na de kus, waarna hij haar stevig in zijn armen trok en zijn gezicht tegen haar hals drukte. ‘Ik dacht dat ik je nooit meer zou zien, nooit meer zou vasthouden…’ Ze hoorde zijn ademhaling haperen. Hoewel ze het maar niets vond dat hij haar bijna besprong midden in een ziekenhuis, verzachtte haar hart iets toen ze zich realiseerde hoe verloren hij zich moest hebben gevoeld.
      ‘Ik ben er nog, oké?’ Ze legde een hand tegen zijn wang en keek hem aan. Zijn ogen waren troebel, schichtig, verward. ‘Ik ben er nog. Ik ga nergens naartoe.’
      Zijn hand gleed onder haar cut, bleef op haar onderrug liggen en trok haar nog dichter naar zich toe. Zijn ogen hielden haar blik vast. ‘Ik hou van je, Alex.’
      Een beetje ongemakkelijk keek Alex van hem weg. Die bekentenis zat er al een tijdje aan te komen en ze wist niet zo goed waarom ze daar zo’n bedrukt gevoel in haar buik van kreeg.
      Toen ze niets zei, sloeg hij zijn ogen neer en slaakte een diepe zucht. ‘Ik wil dat je dat weet. Want ik – want ik weet dat je me straks niet meer om je heen kan verdragen.’
      Alex fronste haar wenkbrauwen. ‘Waar heb jij het nou weer over?’
      Juice deed een stapje terug en pakte haar hand. Hij keek haar niet aan en mompelde: ‘Clay weet het. Dat je een vrouw bent.’
      ‘W-wat? Hoe…’ Ze rukte haar hand los en greep zijn kin beet, zodat ze hem kon dwingen haar aan te kijken. ‘Heb je het hem verteld?’
      ‘Ik dacht dat je dood was!’
      Woede verzamelde zich in haar borst. Zwaar ademde ze in en uit, haar handen balden zich tot vuisten. ‘Ik wist dat ik het je nooit had moeten vertellen,’ gromde ze. ‘Ik wíst dat ik je niet kon vertrouwen.’

Reacties (4)

  • NicoleStyles

    Ja ai.. dat wordt nog wat.
    En jaa die bom van Alex komt in het volgende hoofdstuk nog wel tot uitbarsting haha

    1 jaar geleden
  • LarryNiam

    Holy dip shit...
    Snel verder<3

    1 jaar geleden
  • AmeranthaGaia

    ‘Shane,’ fluisterde hij. ‘Alex is… Alex was Shane. Hij was een meisje.’

    Dammit, Juice. You had one job. Óne job!

    1 jaar geleden
  • VampireMouse

    Woow fuck......

    1 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen