Foto bij H55

Volgend hoofdstuk komt de Q&A!
Stuur jullie vragen maar in een privé bericht. Kaffaljidhmah
(H)
(Ps: als je de personen bent vergeten aan wie je een vraag kan stellen, lijst ik ze hier nog eens even op; Alaïs, Edward, Carlisle, Henry, Jacob, Geest/alias witte gedaante en Ines)

‘Nee’, zegt hij en ik slaag mijn hoofd naar achteren. ‘Als ik jou was zou ik beginnen te rijden, anders mis je school nog.’, zegt hij en daar ben ik het wel mee eens, voor één keer dan toch. Ik rijd dan de weg op.

Edward Cullen pov.

Ik zit ongeduldig op mijn stoel in de cafetaria van de school, samen met mijn broers en zussen. Alaïs was er nog steeds niet en ik begon me ongerust te maken. Henry zit met zijn vrienden rond een tafel tegen een raam, ongeveer vier tafels van mij verwijderd, luidruchtig te lachen over een grap die zijn vriend had gemaakt. “Zeg, Edward. Waarom wordt je geen vrienden met die Henry?”, vraagt Rose en ik lach. ‘Vrienden?! Wij. Laat me niet lachen, waarom zou ik in hemelsnaam vrienden met die gozer worden?’, zeg ik en drink van mijn thermosfles, gevuld met dierenbloed. “Het kan nog van pas komen”, zegt Alice en ik leun achterover met een meen-je-dit-nu blik. ‘Hij, nuttig? Ga ik hem vermoorden dan’, vraag ik overenthousiast, maar ik krijg meteen de boze blikken van iedereen op mij. ‘Grapje’, voeg ik er maar aan toe en ga weer recht zitten. “Word vrienden met Henry, Edward. Je zult wel zien dat het van pas gaat komen”, zegt Jasper om Alice bij te staven. Ik slaag mijn hoofd achterover en laat een overdreven zucht over mijn lippen rollen. “Edward”, zegt Alice op bevelende toon en ik kijk haar aan. “Dit kan je toch niet menen, het is net alsof jullie water en vuur samen willen brengen” ‘Ga nu, klein etterbakje’, zegt Emmet en geeft me een stamp onder te tafel. ‘Au’ Ik kijk naar Henry, die nog altijd zit te lachen. Waaraan heb ik dit verdient… En wat ziet Alaïs nu in hem.

‘Fijn’, zucht ik en sta op, waardoor de stoel een piepend geluid maakt. Ik werp een boze blik op de stoel. Ik stap dan schoorvoetend naar Henry’s tafel en als ik voor hem sta, stopt hij abrupt met praten. ‘Kan ik je even apart spreken?’, vraag ik en hij kijkt zijn vrienden één voor één aan en excuseert zich dan. Hij staat op en wenkt me dan om met hem mee te komen. Ik volg hem en we gaan naar de toiletten. Hij doet de deur achter zich toe en kijkt me dan van top tot teen aan. ‘Wil je vrienden met me worden?’, val ik met de deur in huis. Hij begint te gniffelen en barst daarna in lachen uit. Ik kijk om me heen en zie hoe de deur wordt opengedaan. Zijn vrienden komen erin en gaan verdedigend achter Henry staan. Mag ik mij geïntimideerd voelen? Plots wordt Henry serieus en pakt me bij mijn kraag vast en duwt me tegen de muur. “Wil je soms mijn Alaïs afpakken, hé?! Is dat het?!” ‘Euhm… nee’, zeg ik en ik zie hoe zijn vrienden dichter komen. “Zal wel, ik geloof er geen bal van! Altijd met je ogen achter haar aan. Altijd in de buurt van haar als ik er niet bij ben. Geef het toe, Edward Cullen”, spuugt hij mijn naam uit en ik kijk hem raar aan. ‘Nee, ik meen het. Ik geef niets om haar’, leg ik hem uit, niet goed wetend of het is om hem te overtuigen of om mijzelf ervan te overtuigen. Hij negeert mij en duwt me harder tegen de muur aan. “Kijk. Alaïs’ moeder heeft me gevraagd om haar te helpen met school”, zeg ik hem en hij lijkt nog steeds niet overtuigd. “En waarom jou dan hé, je bent een kleine niksnut”, werpt hij me toe en ik verzin dan maar snel iets: ‘Omdat ik haar… neefje ben’ Zijn blik verzacht en hij laat me meteen los. Kort kijkt hij zijn vrienden aan, steekt zijn hand naar me uit en ik neem hem met grote verbazing aan. “Welkom mijn vriend”, zegt hij en trekt me dan naar zich toe, zodat hij in mijn oor fluistert: “Zeg niets hiervan tegen Alaïs” Hij laat dan mijn hand los en draait zich samen met zijn vrienden om en verlaat dan de toiletten. Ik blijf nog licht geschokt tegen de muur staan. Is het mij zojuist gelukt? Ik ga de toiletten uit en stap richting de cafetaria. Ik ga op de stoel zitten bij mijn familie en ze kijken op. ‘Het is zo te zien gelukt?’, besluit Rose en ik zeg verbaast: “Ja, eigenlijk wel”

School is gedaan en alle leerlingen stormen naar buiten, inclusief ik. Ik stap naar mijn auto en wring me tussen de mensenmassa heen. Net wanneer ik het portier wil opendoen van de auto, wordt mijn blik door iets anders getrokken. De auto van Alaïs komt de parking opgereden en met scheurende banden komt die tot stilstand. Enkel was de auto een beetje… misvormd. Henry’s blik kruist met die van mij en we gaan dan beiden bezorgd naar de auto van Alaïs.

Reacties (3)

  • VampireMichelle

    Ik heb 't gevoel dat jij en de beste schrijver ooit bent en dat ik dit stuk veel te laat lees voor mijn doen

    1 jaar geleden
    • Kaffaljidhmah

      Dankjewel voor het complimentje! Het doet voor mij ook plezier dat je van die leuke reacties post, dat maakt mijn dag helemaal goed(H)

      1 jaar geleden
  • ellenlemon

    Omg!!!! Snel verder!!!!!

    1 jaar geleden
  • Allmilla

    "En waarom jou dan hé, je bent een kleine niksnut”, werpt hij me toe en ik verzin dan maar snel iets: ‘Omdat ik haar… neefje ben’

    :|... ik heb het gevoel dat Edward hiermee in de problemen ga komen...:S

    1 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen