Sorry dat ik zo sloom ben, ik denk dat ik onbewust gewoon wachtte tot Camp NaNoWriMo voor ik verder kon gaan met mijn verhaal. :')

Ik keek omhoog starend naar de lucht, eenmaal in de lucht verscheen er flitsen van beelden dat telkens bij mij opkwamen, in eerste instantie begreep ik er niets van, en dit was niet de eerste keer.
Meestal wist ik niet waar het om ging, waren het beelden die ik nog nooit eerder had meegemaakt. Misschien waren dat gebeurtenissen die ergens anders waren gebeurd.
Deze keer was het toch anders.
Deze keer hield het niet op, de flitsende beelden bleven maar komen, alsof ik geforceerd was ernaar te staren. Wat betekende dat zelfs?
De beelden hadden telkens te maken met de vriend die ik hier had gemaakt, Sorax.
De flitsen van beelden lieten mij zien dat er iets mis met hem was, en daarom moest ik zo snel mogelijk opstaan om naar hem toe te gaan.
Het gevoel en beelden dat hij telkens in gevaar was kon ik niet van mij afschudden en ondertussen wist ik nog steeds niet wat ze betekenden.
Ik zweefde zo snel als ik kon naar zijn verblijfplaats toe en ondanks alles er zo vredig en stil uit zag was ik nog steeds… bang?
Ik kon mij nog wel de lessen herinneren die ik had gehad van Sorax, hij vertelde mij over emoties, en ondanks ik waarschijnlijk niet hetzelfde kon voelen kon ik ze wel op dezelfde manier plaatsen als ieder ander wezen.
Ik was bang dat ik Sorax ging verliezen zeker als ik niets zou doen
Ik opende de doorgang naar zijn ruimte, en gelukkig. Hij lag daar nog te slapen.
Door de geruststelling zuchtte ik diep uit en begon op zijn buik te liggen het maakte mij gelukkig zover ik dat kon voelen, maar die flitsen van beelden waren nog steeds niet gestopt. Ze sprongen minder vaak over tot nieuwe beelden tot uiteindelijk er maar een overbleef, waarbij hij in zijn slaap niet meer kon bewegen, niet meer kon ademen.
Door de schrik ervan sprong ik opnieuw op en keek of ik zijn ademhaling kon voelen, maar er hij had helemaal geen ademhaling.
Zijn hartslag leek ook verdwenen te zijn, het gevoel dat ik nu kreeg… Het was teveel.
Ik voelde zoveel dat ik niet kon beschrijven wat het was, wat was dit gevoel... Deze emotie.
Het gevoel dwong mij naar buiten te gaan, en te zoeken naar iemand die hem mogelijk kon helpen, ik riep in de rondte, maar wanneer ze kwamen, het enige wat ze deden was Sorax naar buiten brengen.
“Wat zijn jullie aan het doen, moeten we hem niet helpen?” vroeg ik aan een paar buurtbewoners, maar ze spraken nergens over, ze waren stil alsof ik compleet niet bestond en ik besloot niets meer te zeggen.
Ze brachten Sorax naar een plateau en legde hem daar neer, ze brachten wat eten naar zijn plek en liepen weer terug naar beneden, iedereen kon hem bekijken vanaf de grond.
Sorax had mij eens verteld over hoe de rouwproces hier werkte. Zeker als het iemand was die belangrijk was voor het dorp. Als diegene dan stierf zou diegene gedragen worden naar het plateau, wordt er eten om hen heen gelegd en kan ieder diegene eren voor wat ze bereikt hadden in hun leven.
Toen ik er eenmaal over dacht, begreep ik wat er aan de hand was, maar ik kon niet begrijpen waarom het gebeurde. De dag ervoor zag hij er zo vrolijk uit, zo levend… Waarom heeft hij mij zomaar verlaten zonder wat te zeggen? Ik wist dat wezens stierven als ze een gevecht zou verliezen, maar wat voor gevecht had Sorax verloren? Hij zat niet onder het bloed, hij leek gezond zover ik dat kon zien en toe werd gelaten… Waarom verliet hij mij dan?
Al snel werd er een nieuwe leider aangewezen, iemand die altijd al dichtbij Sorax had gestaan, maar ik had met dat wezen nooit gesproken.
De naam van Sorax’ opvolger was Jay’la… Een vrouwelijke leider, ze werd gezien als een vrouw vol met wijsheid, en ze maakte altijd al de jachtplannen zodat we genoeg maar niet teveel voedsel vingen.
Het duurde niet heel lang voordat ik dichtbij Jay’la begon te staan, we begonnen gewoon te praten over Sorax en de rest ging vanzelf.
“Ik kan nog steeds niet begrijpen dat Sorax ons zomaar verlaten heeft… Hij was niet eens in een gevecht… Hij was er gewoon niet meer.” Ik zat naast Jay’la in de verblijfplaats waar Sorax normaal gesproken altijd sliep, waarschijnlijk is dat gewoon de plek waar een leider zich moest verblijven.
“Sorax heeft ons niet zomaar verlaten, hij heeft veel voor ons gedaan, hij behoort tot een van de oprichters, ofwel anders gezegd, de eerste generatie van deze plek. Hij was misschien nog erg jong toen deze plek begon te ontstaan, maar hij behoort wel tot de eerste groep, vanaf vandaag is het onze taak om zijn ideologie door te geven aan de rest van de groep, en zo zal het de volgende generaties ook gaan.” Jay’la leek verdrietig erover, maar ze vertelde het op een hele wijze en rustige toon.
“Ik ben nog niet zeker of ik het wel snap…” Ik keek haar aan, en ondanks ik haar emoties begreep, het verwarde mij.
“Hij was al best redelijk op leeftijd, Bijter. Op gegeven moment gaan wij allemaal.” Ik kon juist dat niet begrijpen, ik heb al zoveel wezens zien doodgaan dat het mij verbaast dat ik er nog ben. Ik leef ook op deze wereld, en toch heb ik mij nooit ziek gevoeld, of dood.
“En ik dan? Ik heb mij nooit ziek of dood gevoeld… Ik heb dat alleen maar gezien.” Ondertussen keek ik naar beneden, mogelijk wel vanwege mijn eigen verdriet.
“We weten niet precies wat jij bent, en dat maakt jou juist speciaal, je bent ook een heel aardig grappig ventje, en dat maakt het heel vermakelijk je bij ons te hebben.” Ze keek mij vrolijk aan toen ik weer terug naar haar keek, en ondanks het gemis van Sorax, had ik toch het gevoel dat ik door moest gaan, samen met Jay’la. Aangezien ik wist dat zij met dezelfde pijn moest leven.

Er zijn nog geen reacties.


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen