De weken daarna probeerde ik uit te zoeken hoe ik die flitsen kon oproepen, en eerlijk gezegd kwam er niets naar boven, ik had geen enkele flits meer gehad, en ik had er ook geen problemen mee, juist omdat het mij angstig maakte leek het mij beter het niet mee te maken, Jay’la probeerde wel goed voor mij te zorgen ondertussen, ze bracht mij af een toe wat eten, en we gingen nog meer met elkaar praten dat wat we al deden en werden daardoor hele goeie vrienden, zulke goeie vrienden zelfs dat ik elke nacht bij Jay’la begon te slapen.
Stiekem dacht ik dat het kwam omdat ze wat veiligheid zocht bij iemand die ze kon vertrouwen, aangezien ze nog niet over Ytra was gekomen, iemand die je zo goed dacht te kunnen vertrouwen die dan bijna dwars door je hart zou schieten.
Paar dagen later kreeg ik opnieuw een flits van beelden binnen, maar dit keer had het niets te maken met Jay’la, het werden er steeds meer, en dat juist op het moment dat ik mij rustig begon te voelen.
De beelden gingen over een wezen met vleugels, een wezen dat leek op mij, maar ook weer niet. Het was een groot zwarte gevleugeld wezen ieder geval die binnenkort op de berg zou bevestigen, het wezen zelf had geen benaming nog, en niemand had mij verteld wat leek op die beschrijving.
Ik probeerde Jay’la wakker te maken omdat het mij nog steeds bang maakte, want het wezen was groot en het leek mij dodelijk.
“Jay’la, wordt wakker, alsjeblieft…” Het duurde even voordat ze wat kreuntjes liet horen wat betekende dat ze wakker werd, maar nog steeds bleef ze diep slapen.
Uiteindelijk probeerde ik haar wakker te maken op mijn eigen manier, en dat was bijten.
Ik beet in Jay’la’s zij waarbij zij echt wel wakker werd, en ze keek chagrijnig mij aan.
“Ik lag eindelijk heerlijk te slapen, waarom beet je mij?” Ik grinnikte ervan, het vrolijkte mij op hoe ze erop reageerde.
“Ik had opnieuw een flits aan beelden… Dit keer ging het over een zwart gevleugeld wezen boven op de berg… De berg waar de ceremonie plateau is… Daarna was het weer weg, ik weet niet wat het precies betekend, jij wel?” Ze schudde haar kop en begon rustig op te staan.
“Laten we dan maar kijken, niet waar?” We wandelde samen naar buiten, en dat plateau was al snel inzicht aangezien dat erg dichtbij de leiders verblijfplaats was.
Eenmaal ervoor te staan was er niets anders aan die plek, er lagen nog wat etensresten mogelijk ter nagedachte aan Sorax, maar voor de rest niets.
“Misschien had ik het toch fout,” zei ik vrij beteuterd.
“Als jouw beelden van de toekomst af moet komen, misschien is dit van een verdere toekomst, en niet alleen van dat moment, wie weet, misschien gebeurt het wel over een dag, of over een jaar.” Lang hoefden we niet te wachten want toen ik eenmaal in de lucht begon te staren zag ik een zwart stipje heel snel groter worden.
“Wat is dat…?” vroeg ik snel, waarbij Jay’la ook naar boven begon te staren, ze zei niets tot het wezen daadwerkelijk zich op het plateau vestigde, eerst was het wezen stil, maar zijn dominante houding had toch wel wat onheilspellends.
“Waarom staat u op onze heilige grond, ik eis een verklaring!” Ik was verbaast over de felheid Jay’la’s woorden waren, ze klonken veeleisend, maar ze waren wel erg duidelijk.
“Houdt toch je kop dinosaurus, ik ben gekomen voor de draak, ik heb veel over je gehoord, draak Bijter.” Ik knipperde even met mijn ogen, ‘draak Bijter’? Hoorde ik dat nou goed, zover had ik alleen maar mijn eigen naam gehoord.
“Draak Bijter? Wat heeft u over mij gehoord?” De draak begon te grijnzen en keek mij daarna diep in mijn ogen aan.
“Over hoe speciaal jij bent, denk je echt dat je bij deze soort behoort? Je hebt vleugels, en kan veel andere speciale dingen dan deze waardeloze dino’s.” De draak praatte over Jay’la alsof ze minderwaardig was, en ik snapte maar niet waarom.
“Dus ik ben een draak?” Ik draaide mijn kop vragend scheef en de draak keek mij vervreemd aan dit keer.
“Je weet echt niet dat je een draak bent? Denk erover, ik kom later nog wel eens terug, we wachten wel tot je zeker bent over je leven, wij zijn hele geduldige wezens.” De draak begon weer te grijnzen en vloog weg, terwijl die grijns nog steeds in mijn geheugen was gegrift.
“Draken? Ik heb nooit over zulke wezens gehoord…” Ik keek Jay’la aan die nog steeds naar het wegvliegende wezen aan het staren was.
“Ik heb Sorax wel eens horen praten erover, maar hij heeft nooit een beschrijving gegeven, maar het zijn geen aardige wezens, Bijter. Ga niet met ze mee, je verdient veel beter dan dat, als je dat maar weet. Zover ik weet hebben draken meerdere stammen vermoord, misschien juist omdat jij hier bent zal het ons beschermen.” Ik knikte en begreep al snel goed wat ze ermee bedoelde, wat ze ermee bedoelde is dat ze mij liever daar had, zodat de draken de stam niet ging uitroeien, en dat was eigenlijke en wijs besluit.
Vele wezens hadden de draak gezien, maar we hadden beide nooit verteld over wat voor wezen het was.
Elke keer als we erover gingen praten zeiden we dat het een reiziger was die informatie over de omgeving aan het zoeken was.

Reacties (1)

  • NicoleStyles

    O maay Goodd een draak!
    Oke dit had ik dus echt nooit verwacht haha

    4 maanden geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen