Foto bij Balsemia ~ Deel II.I

"Topfit.", glimlachte Geneviève naar de student van Ravenklauw die op de rand van het ziekenhuis bed zat en hoopvol naar had had opgekeken toen ze de stethoscoop weer om haar hals hing.
Ze had de studenten die een ongeautoriseerde excursie naar het Verboden Bos hadden georganiseerd stuk voor stuk onderzocht, om er zeker van te zijn dat ze niet onbewust toch iets hadden opgelopen in het Verboden Bos. Met alle schepsels die er woonden en hun avontuur met de Noendoe had Geneviève besloten dat ze beter het zekere voor het onzekere had kunnen nemen.
Professor Anderling had de studenten ondervraagd, terwijl ze hier in de ziekenzaal hadden zitten wachten tot ze werden opgeroepen voor de onderzoeken. Geneviève had de verhalen die door het groepje vrienden werd verteld maar deels gehoord. Van wat ze had gehoord begreep ze dat het een uit de hand gelopen weddenschap was. Het Verboden Bos had nu eenmaal dat soort aantrekkingskracht op studenten met kattenkwaad in de zin.
"Ga maar snel terug naar de leerlingenkamer.", zei Geneviève tegen de student van Ravenklauw. "Morgen is het weer vroeg dag."
De jongen liet zich van het bed glijden en knikte beduusd. Hij leek nog steeds onder de indruk van het avontuur eerder deze avond. Geneviève begreep het wel. Het was ook niet niks. Wat als een weddenschap was begonnen had ineens lijken te veranderen in een grote dreiging. Ze waren hier allemaal best van geschrokken, zeker na de reprimande van professor Anderling. Zij had hen best duidelijk laten weten dat dit soort kattenkwaad niet werd getolereerd. Een bezoek aan het Verboden Bos was levensgevaarlijk en dit bezoek had wel eens heel anders af kunnen lopen. Geneviève huiverde. Ze wilde er niet aan denken wat er had kunnen gebeuren als de Noendoe genoeg had van de spelletjes dat het aan het spelen was.
"Dank je wel, madame Paisley.", de student draaide zich op zijn hakken om en snelde de ziekenzaal uit. Geneviève kon het hem niet kwalijk nemen. De ziekenzaal was nu eenmaal niet een plaats waar een student van Zweinstein graag verbleef. Het kasteel had veel meer te bieden.
Geneviève streek de lakens van het ziekenhuisbed glad en wierp een blik op de klok die boven haar kantoordeur aan de muur hing. Het was net na middernacht. Geeuwend wierp ze haar stethoscoop in het donkerbruin leren koffertje dat open op haar bureau lag. Ze verliet haar kantoortje, trok de deur achter zich dicht en draaide het op slot.
"Geneviève.", klonk een donkere, zware stem achter haar. Geschrokken draaide Geneviève zich om. In de deuropening van de ziekenzaal stond een brede man, in de schaduwen van de donkere gang achter hem verscholen. Hij hield een lantaarn omhoog. Het licht van de kaast verlichtte zijn gezicht. Geneviève herkende zijn zwarte ogen, zijn haakneus. Het halflange zwarte haar omlijste zijn gezicht. Het was haar minst favoriete collega.
"Minerva heeft -"
Hij stopte met praten toen Geneviève vermoeid haar hand in de lucht had geheven en hem met dat gebaar tot stilte had gemaand. Ze schudde haar hoofd, haar grove krullen dansten om haar gezicht. Nu ze klaar was met haar werk, had ze de ingewikkelde vlecht losgemaakt en hingen haar lokken tot over haar schouders.
"Minerva is morgenochtend de eerste.", zuchtte Geneviève. Ze passeerde hem door de deuren van de ziekenzaal en wilde zo snel mogelijk naar haar vertrekken. Ze had zich verheugd op een warm bad met een goed glas Elfenwijn, om daarna voor het knapperende haardvuur in haar woonkamer met een goed boek in haar camel kleurige fauteuil weg te zakken en te lezen net zo lang tot ze in slaap zou vallen. Geneviève had het gevoel dat het niet lang zou duren tot de slaap vat op haar zou krijgen. Ze was ontzettend moe. Het was een lange, innoverende dag gebleken.
"- me gevraagd om jou te vragen om een check-up." Hij had zijn lange, sterke vingers rond haar pols gesloten toen ze hem passeerde en hield haar tegen. Geneviève stond naast hem, bijna schouder en schouder en sloot haar ogen. Een diepe zucht rolde over haar lippen. Dit schoolhoofd had al net zo weinig gevoel voor timing als het vorige. Geneviève vervloekte haar diep van binnen. Ongetwijfeld had Minerva er dezelfde, vage gewoonten op nagehouden als Albus Perkamentus. Die man was op zichzelf, hield heel veel dingen voor zichzelf. Hij wist alles, maar deelde niets. Als pionnen zette hij de mensen in zijn nabije omgeving in, zodat die mensen zelf tot een ontdekking of conclusie zouden komen. Professor Minerva Anderling had ongetwijfeld ook wat van deze trucs opgepikt.
"Natuurlijk.", zuchtte Geneviève. Ze hield haar hoofd iets schuin, gluurde vanonder haar wimpers naar het gezicht van de man naast haar. Die kille, afstandelijke blik leek weer even uit zijn ogen verdwenen. Heel even maar, want zodra hij merkte dat ze naar hem keek werd dat onzichtbare masker weer opgezet. Het verwarde Geneviève te zien dat deze man wel degelijk wist hoe emoties te tonen. Maar ook nu was het van zo'n korte duur dat ze de emotie die ze in zijn ogen had gezien geen naam had kunnen geven.
Geneviève draaide zich om, voelde dat Sneep haar pols los liet. Zijn hand viel slap naast zijn lichaam terwijl hij wachtte tot Geneviève hem voor zou gaan. Ze wees naar het bed vlak bij haar kantoortje. Ze had op dat bed ook haar studenten laten plaatsnemen voor de onderzoeken.
"Neem plaats. Ik pak even mijn spullen.", Geneviève ging haar kantoortje weer binnen om haar donkerbruine, leren koffertje te pakken en nam het met zich mee. Ze legde het naast Sneep op het ziekenhuisbed en nam de stethoscoop uit het koffertje. Geneviève hield het ding in de lucht en gebaarde naar haar borst. Daarmee gebaarde ze dat hij de knopen van zijn gewaad los moest knopen, zodat ze zijn longen kon beluisteren.
Hij bracht zijn hand naar de bovenste knopen, weifelde even. Het was maar heel even. Geneviève zag het toen zijn hand een paar luttele seconden in de lucht bleef hangen, voordat de vingers de knopen los maakten.

Er zijn nog geen reacties.


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen