Foto bij H68

“Vergeet voor dat kampvuur geen griezelig of waargebeurd verhaal van jezelf mee te brengen!”, roep ik nog en ik zie haar lippen een grijns vormen: “Maak je geen zorgen, ik heb er genoeg”

Alaïs Spiorad pov.

De motor van Jacob rijdt weg en ik draai me om, om terug richting mijn huis te stappen. Voor ik ook nog maar voet kan zetten op de welkomstmat voor de deur, hoor ik banden over de gevallen bladeren rijden. Ik draai me om en zie de zwarte auto van Edward mijn oprit oprijden, om vervolgens niet al te ver van mij te stoppen. Ik schud glimlachend mijn hoofd. Typisch Edward. Ik stap rond de motorkap heen en de deur wordt langs de binnenkant opengedaan. ‘Goede morgen, mijn prinsesje’, zegt hij en ik open de deur wat verder zodat ik erin kan stappen. “Goede morgen, Edward”, begin ik en zet me neer, “Ben je het gebruik van goede morgen nog niet beu na al die jaren die je hebt geleefd?” Hij haalt glimlachend zijn schouders op en ik sluit de deur. ‘Het is al een gewoonte geworden’, zegt hij en ik doe mijn riem aan. Ik kijk voor me uit en zie tot mijn grote ongenoegen hoe de witte gedaante over de oprit komt gestapt. Recht op mij af. Hij kan me misschien wel gered hebben, maar dat wil niet zeggen dat we gelijk staan. “We kunnen gaan”, zeg ik zonder mijn blik van de gedaante af te werpen. ‘Oké, dan gaan we maar zeker’, zegt Edward en rijdt achteruit, om vervolgens naar de hoofdweg te rijden.

We rijden een rustige straat in en slaan dan links af. Edward parkeert voor de garage van een kleine villa. “Wonen jullie hier allemaal samen?”, vraag ik terwijl ik naar het gezellige huis kijk. ‘Jep, allemaal’, verzucht hij en stapt uit. Ik volg hem en sluit de deur van de auto toe. “Dat is toch gezellig, zo dicht bij elkaar”, mompel ik tegen mezelf en Edward doet de voordeur open. ‘Mm-mm, soms een beetje druk’, fluistert hij bijna onverstaanbaar. We gaan naar binnen en ik neem de sfeer in me op. Een rustige sfeer die verwelkomend is. “Doe je jas en schoenen maar uit en leg ze maar bij de rest”, zegt hij en ik doe wat er van me gevraagd word. Ik zet mijn schoenen tussen de hoop van andere schoenen. Ik glimlach. Wat een bende. Ook hang ik mijn jas tussen de hoop die aan de kapstokken hangt. ‘Kom. Terwijl ik mijn vader ga halen, kan je even hier in de keuken blijven wachten’, zegt hij en leidt mij naar een gezellige keuken die nog niet zoveel is gebruikt. Alles lijkt onaangetast. “Dit is echt een leuk huis, Edward. Zo dicht bij je familie wonen is toch gewoon op en top”, zeg ik en kijk verder rond. ‘Pff, je spreekt alsof je geen normaal leven hebt. Dit is wat iedereen elke dag beleeft’, grapt hij en de beker die ik in mijn handen heb, valt bijna uit mijn handen. Ik kijk voor me uit. “Normaal leven…”, mompel ik tegen mezelf en de woorden voelen als iets ongewoons aan. ‘Ik ga mijn vader halen, ik ben zo terug’, zegt Edward en gaat weg. Ik kijk naar de beker die ik nog steeds in mijn hand had. ‘Voor de liefste papa’, staat erop en ik forceer een glimlach. Ik zet de beker neer en draai me om en neem de omgeving nog eens in me op. Normaal… God, wat zou ik dat leven zo graag terug willen. Uitgaan met vrienden, gezellig met je hele familie in een knus huisje. Een rustig en normaal leven. Ik zucht en kijk naar mijn voeten. Het waren misschien de meest eenvoudige dingen in het leven, maar ik had ze niet. En ik zal ze ook nooit meer terugkrijgen.

Edward komt de keuken weer binnen met zijn vader aan zijn zijde. “Hallo, Alaïs, doe alsof je thuis bent. Heb je zin om ’s middags hier te blijven eten?”, begroet zijn vader me en ik bedenk dan dat dat nog niet eens zo’n slecht idee was. “Natuurlijk wil ik dat, ik heb eigenlijk geen idee hoe lang ik hier moet blijven voor die trailer”, zeg ik met een glimlach en mijn hart slaat sneller als zijn blauwe, glinsterende ogen me diep aankijken. “Ik hoop dat dat niet voor al te veel overlast zorgt”, zeg ik en hij lacht: “Natuurlijk niet Alaïs, je bent hier altijd welkom” “Dankuwel, meneer Cullen”, zeg ik beleeft, mijn hart proberend onder controle te houden. “Alsjeblieft, noem me Carlisle, we zijn één grote familie” Ik grinnik. Groot. “Ik zie ook dat je schouder al heel wat beter is, zou ik even mogen kijken?” Voor ik toestemming kan geven, komt Edward ertussen: ‘Pa, Alaïs en ik moeten nu beginnen aan de trailer’ “Edward, het is oké. Desnoods werken we tot laat in de avond”, sta ik aan de kant van Carlisle. Edward gooit zijn armen in de lucht en Carlisle glimlacht. Hij stapt naar me toe en doet de steun voor mijn schouder eraf. “Je schouder… Hij is helemaal genezen”, zegt Carlisle verbaast en Edward kijkt me nu ook sceptisch aan. Carlisle mompelt dan zijn eigen gedachten hardop: “Ik vraag me echt af wat je bent…”

Reacties (2)

  • VampireMichelle

    Het is misschien weird maar bij mij genezen sommige dingen ook gewoon echt abnormaal snel

    11 maanden geleden
  • Allmilla

    Hèhèhè, fijn om de weten dat wanorde zelfs bij de vampieren normaal is...xD

    11 maanden geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen

Add Your Banner Here