Foto bij Hoofdstuk 10  ||2004||

Vrolijk pasen allemaal!🐰
Hebben jullie misschien reacties voor mij?


2004
Cara Victoria Lagos Cullen

Een boos gevoel komt er in me op, maar het is niet alleen woede het is ook angst. Ik ben bang om te luisteren naar wat de jongen voor me te zeggen heeft. Ik kijk in de rustige goudkleurige ogen van de jongen en een warm gevoel verspreid zich door mijn lichaam heen. Ik hou van deze jongen en gister zij hij nog de zelfde woorden tegen mij, maar vandaag bleef hij stil. Vandaag zei hij niks en keek zwijgend naar buiten. Ik nam zijn gave over en keek in zijn gedachten over maar ik kon niks horen. Hij noemde verschillende namen in zijn gedachtes op. De namen van alle mensen die hij heeft vermoord. Toen ik Jasper zijn gave over nam voelde ik angst en verdriet. Het ergst was nog dat ik geen liefde voelde!
‘Edward, praat met me!’ Schreeuw ik na een lange stilte woedend naar de jongen. De jongen begon zich afgelopen week wel wat afstandelijker te gedragen, maar waarom? Na een half jaar hier in huis gewoond te hebben zeiden we beidde dat we elkaar leuk vonden en langzaam begint het te voelen alsof hij helemaal niks voelt.
‘Cara, lief, luister naar me. Ik hou van je met heel mijn hart, maar er zit een gat in en jij kan dat niet vullen. Ik zou willen dat je dat kon maar dat kan niet.’ Zegt de jongen waarop ik mijn oude dode hart langzaam voel scheuren. Ik voel hoe een rustgevend gevoel mijn lichaam wil overnemen maar ik duw Jasper zijn gave met veel kracht weg. ‘Ik hou van je en ik dacht dat dit ging werken, maar wij horen niet bij elkaar.’ Zegt de jongen zachtjes. Ik zet een stap naar achteren en voel een snik uit mijn mond ontsnappen. Menselijke tranen voel ik over mijn wangen glijden en gekwetst kijk ik de jongen aan. De bekende en vertrouwde hand van Carlisle voel ik op mijn schouder en voorzichtig schut ik hem er van af. Ik kijk naar Edward en zie zijn gekwetste blik. Zijn ogen staan triest en medelevend.
‘Ik hou van je.’ fluister ik met gebroken stem. De jongen zet een stap in mijn richting en knikt zwakjes met zijn hoofd.
‘Ik weet het en het spijt me. Het is over Cara.’ Zegt de jongen. Op het zelfde moment dat die worden zijn lippen verlaten voel ik mijn hart in verschillende kleine stukje breken. Het voelt of mijn borstkast word opengerukt en er met een hamer op mijn hart word geramd. Hij heeft me bedrogen! Hij heeft me voorgelogen! Ik haat hem! Ik zie hoed jongen zijn gezicht vertrekt en weet meteen dat hij mijn gedachtes goed in de gaten houd. Het is tijd! Mijn leven heeft geen nut meer, ik zal nooit vinden wat ik op deze aarde moest vinden. Ik ben onbewust gecreëerd. Ik had dood moeten zijn maar was te sterk. Niet houd van me, niemand wilde me. Ik moet vernietigd worden. De Volturi zal dat vast graag voor me willen doen! De jongen zijn gezicht lijkt nog bleker te worden dan het al is. Hij schiet naar me toe en pakt mijn bovenarmen stevig vast.
‘Nee, Cara! Dat ga je niet doen! Hoor je me?’ Schreeuwt de jongen met een gebroken stem. Ik ruk me los uit zijn armen en zet een stap achteruit.
‘Ik ben oud en wijs genoeg om mijn eigen besluiten te nemen en ik zeg je dat ik er klaar mee ben.’ Zeg ik waarop de jongen zijn hoofd schut.
‘De Volturi zal je niet vermoorden. Je bent te machtig. Je hebt een te machtige gave. Het zo zonde zijn om je te vernietigen.’ Zegt hij waarop ik mijn schouders ophaal.
‘Misschien ben ik juist te machtig en vorm ik een gevaar. Als ze dat niet willen doen zijn er vast nog wel honderden anderen die dat wel willen doen.’ Zeg ik waarop de jongen zijn hoofdschut. Carlisle pakt me vast en draait me om.
‘Cara, doe het niet. Denk aan de mensen die wel om je geven.’ Zegt de man rustig. Zijn houding ziet er gebroken uit. het lijkt of hij elk moment in huilen uit kan barsten maar door zijn vampier gedaante kan hij dat niet.
‘Cara, denk aan je familie. Denk aan hoe erg je mij ermee zal kwetsen. Ik zal me schuldig voelen voor het leven.’ Hoor ik Edward van achter me zeggen.
‘Jij hebt mij ook gekwetst.’ Zeg ik tegen de jongen terwijl ik Carlisle diep in de ogen kijk.
‘Het is nooit mijn bedoeling geweest om dat te doen.’ Zegt de jongen zachtjes waarop ik mijn handen tot vuisten bal. Maar je deed het wel! Ik trek Carlisle in een knuffel en druk een kus op zijn wang. Ik draai me terug naar Edward toe en kijk de jongen aan.
‘Weet je Edward. Ik haat je! Ik haat je met heel mijn hart! Ik wil je nooit meer zien!’ Schreeuw ik naar de jongen toe en ren dan zo snel als ik kan hem voorbij. Ik beuk hem omver en schiet het huisje uit. Ik ben niet zo sterk en snel als de rest door mijn andere loevenstijl maar ik moet ze voor zien te blijven. Ik hoor dat de hele familie me op de hielen zit en met al mijn kracht zet ik er nog een tandje bij. Ik moet sneller zijn dan hun, veel sneller. Uit het niets hoor ik ze allemaal naar me roepen maar ik negeer het en spring over de rivier heen. Ik hoor geen voetstappen meer ten teken dat ze gestopt zijn met rennen en lichtelijk verbaast draai ik me naar ze toe. Ik zie ze in de verte angstig naar me staan kijken. Een geluid van achter me doet me omdraaien en verbaast kijk ik naar de grote zwarte wolf die op me af komt rennen. Verstijfd blijf ik het grote beest aan kijken. Vlug sluit ik mezelf en de wolf af van alle gaven. Terwijl ik een stap naar achteren zet kruip ik in het hoofd van de wolf. Vermoord me alsjeblieft niet! Smeek ik de wolf in zijn gedachtes. Breng me naar het water en ik zal nooit meer terugkeren naar hier. Smeek ik veder. Verbaast knikt het beest en rent op me af. Geschrokken zet ik nog wat stappen naar achteren en voel dan zijn vlijmscherpe tanden in mijn stenen schouder. Ik schreeuw het uit van de pijn die door mijn lichaam schiet en ik voel dan hoe het beest me met hem meesleurt. Hij knikte maar meende hij het ook wel? Ik sluit kreunend van de pijn mijn ogen en wacht. Ik wacht op het einde van mijn leven en het einde van dit alles. Ik wacht op de rust en de vrijheid.

Er zijn nog geen reacties.


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen