Foto bij 019 Harry

De schemering maakte zijn intrede. De laatste zonnestralen maakte het nog aangenaam, zij verwarmde de kamer, niet alleen op het qua temperatuur maar ook op kleur. Zowel de boekenkast als de bank die beide dichtbij het raam stonden hadden nu een amberkleurige tint gekregen.
Vanuit de slaapkamer loop ik naar beneden via een zwartgeverfde houten trap. Bij zowel de eerste als de laatste trede kraken deze. Iets waar ik nu kan van genieten, maar ook kan haten. Zoals die ene keer dat ik met de jongens echt veel te laat thuis was gekomen. Het was een van de eerste nachten dat we écht legaal uit konden gaan. We hadden met z’n vijven een taxi gesplit om naar Londen te komen. Londen was voor ons wat voor de rest van de wereld Las Vegas was, het paradijs. Tientallen verlichte voorgevels en honderden mensen op straat en in de clubs. In Worcestershire was na achten al niemand meer op straat, winkels dicht en mensen binnen voor de buis of samen een potje kaarten. Echt typisch iets voor de kleine dorpjes hier in de buurt. Worcestershire was dan nog een uitzondering aangezien hier de winkels tot acht uur ‘s avonds open waren, in plaats van de klokslag zes uur ‘s avonds. Met z’n vijven hadden we onze ogen uitgekeken de eerste keer, het was Londen bij nacht. Een tafereel zoals je het nog nooit gezien had. Ten eerste had je mensen die hier de nacht van hun leven hadden, dit volgde zich tot de grootste groep mensen die hier al vaker was geweest. Het verschil tussen die twee groepen was duidelijk zichtbaar. In de ogen van de mensen van de eerste groep – waar wij toen ook toe behoorde- zag je een enkele twinkeling of zelfs een adrenaline kick. Deze mensen konden dan ook niet gewoon wachten in een rij om de club binnen te mogen, nee. Zij stonden niet stil, zij hipte van het ene been op het andere, keken vaker dan gemiddeld om hun uurwerk om te weten hoelang ze hier al stonden en zuchtte van ongeduld. Maar wat het meeste voorkwam is dat ieder van hen het hoofd net buiten de rij hielden om te kijken hoeveel mensen nog voor hen en hopend om een glim te vangen van de binnenzijde van de club. Zo ook wij.
Het had dan wel net langer dan een uur geduurd maar eindelijk stonden we dan vooraan in de rij. De beats van de muziek waren hier te horen, het gelach van de mensen en de rook zocht zijn weg naar buiten wanneer er iemand de moed had om naar buiten te gaan. Louis keek op zijn horloge. “Guys in three hours we already need to go home.” “We know Louis, we aren’t stupid.” Reageerde Liam geïrriteerd. “How many?” Vroeg de uitsmijter nors uit het niks. “Five.” Antwoordde Louis snel. De uitsmijter had op die twee worden nog geen zin gesproken in de tijd dat we hier stonden te wachten. Zijn garderobe bestond uit een net iet te strak zwart T-shirt, waar zijn spieren extra goed uitkwamen, een zwarte broek met daar onder een paar zwarte kistjes. Zijn haar was gemillimeterd en in zijn oor hing een doorzichtig gekleurd oortje, als communicatiemiddel gokte ik zo. Hij was groot, breed en de standaard uitsmijter.
Op het moment dat ik na bijna anderhalf uur mijn geduld begon te verliezen kwam er een grote groep jongeren naar buiten. Een stuk of tien van hen greep direct naar het pakje sigaretten die ze ergens in hadden verstopt. En staken de sigaret voor mijn neus aan, niet dat ik nog nooit had gerookt of dat ik preuts was, maar ik had een hekel aan die geur, niet alleen stonk het maar ook ging de peuken geur niet meer uit je kleren na een avondje stappen. “You five, go.” De uitsmijter wees naar ons en toen naar de deur. Het avontuur kon nu echt beginnen.
Bij de eerste stap die ik zette kwamen de luide beats je al tegemoet samen met een combinatie geuren van drank en mensen. De club was mooi verlicht en overal waar je keek stonden mensen op een of andere manier te dansen. Samen met Liam zochten we onze weg naar de bar, op zoek naar wat sterke drank. Op die leeftijd had ik vooral bier gehad en één enkele slok whisky van pap.
De barvrouw was moeilijk te verstaan, maar begreep wat we wilden. Met een blad vol met shotjes en mixdrankjes vervolgden Liam en ik onze weg teug naar de rest. “Cheers, mates!” Riep Zayn. Waarna de rest in koor hetzelfde terug antwoorden. Mijn mondhoeken vormen een kleine glimlach, ik zou echt niet meer weten hoe de rest van de avond verlopen was. Het enige wat ik weet is dat we op magische wijze weer terug in Worcestershire zijn gekomen. Daarbij hebben we geprobeerd om zachtjes de trap op te lopen en in bed te vallen. Bij iedere kraak van de trede moesten we lachen, waarna iemand van ons weer het bekende ‘ssstt’ geluid maakte om niemand wakker te maken. In werkelijkheid waren we een bonk met herrie, ladderzat gezang in de keuken, smijten met de kastdeuren op zoek naar eten en wankelend naar boven komen. Mijn familie had het niet zo op ons om half vier in de ochtend. Maar dat hebben ze ons vergeven toen we de volgende dag met z’n alle een hel van een kater hadden en ons konden uitlachen.
Ondertussen was in naar de stereo-installatie die in de woonkamer gelopen. De platen collectie die ik thuis na jaren van verzameling op zolder had gezet- omdat, jawel platen waren niet cool- stond hier prachtig. Mijn muzieksmaak was en is nog steeds breed. Van Eminem tot enkele platen van Beethoven en Vivaldi. Mijn oog viel op een plaat die ik al eeuwen niet meer geluisterd had. Een artiest die de meeste mensen kennen als acteur, waarvan de meeste mensen niet eens weten dat hij zingt. Robert Downey Jr. Zijn eerste en laatste album kwam uit in 2004, maar werd commercieel niks. Toch had ik deze weten te bemachtigen en wanneer ik rust zucht zette ik deze op. Ik haalde de plaat voorzichtig uit het omhulsel waar een jonge Robert Downey JR op de voorkant stond. Ik deed de naald van de platenspeler omhoog en legde voorzichtig de plaat neer. Waarna ik de naald weer op de juiste plek terugzette. Een luttele seconde klonk er geruis waarna de stem van een jongere Robert Downey JR de kamer vulde.
Na twee nummers hoorde ik de deurbel gaan. Voor de deur stond Brandon met z’n beste spul klaar. “Harry, long time no seen boy.” Hij wachtte op een antwoord. “fancy new place you got right here, must be good to be in a boyband right?” Hij lachte flauw. “You have some birds there right?” Een knipoog. “No, not yet.” Antwoordde ik met een monotoon stemgeluid. “So you will get them here right? For you only the best, So what can I get you today?” Vroeg hij enthousiast. “Just some of your best coke. I can pay for it now.” Grapte ik toch maar. Brandon graaide wat uit de koffer wat hij mee had genomen en gaf mee een klein zakje met een wit poeder. “This is the best, that’s what my clients say.” Brandon was een van de weinige die alleen dealde en niks gebruikte. Zo bleef hij de beste en kon hij altijd aan het beste spul komen. Ik overhandigde hem honderd pond en gebaarde dat hij de rest als fooi kreeg. “You’re the best mate.” Riep hij voordat hij weer in zijn zwarte BMW verdween.
Ik sloot de deur achter me dicht. Liep naar de keuken en schok mezelf een bodem van een bourbon glas in, met iets wat op bourbon leek of een vloeistof wat er iets van weg had. In mijn ene hand had hield ik het glas en in mijn andere hand had ik het zakje coke en een oud pasje. Het glas zette ik op de glazen salontafel, waarna ik de coke daar ook op snoof. Een euforisch en doof gevoel trof door mijn lichaam. Samen met de klanken van Robert Downey Jr, zorgde dit voor een heerlijke rush. Iets wat ik nodig had na alle shit, en iets wat ik nog veel vaker zou gaan doen.

Er zijn nog geen reacties.


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen