a/n: De titel slaat op een liedje- check youtube/spotify! Caldedonia is de oude naam voor Schotland.

September was morgen al. Dus tijd om onze spullen te pakken, Lee en Neville waren de dag na het Go-Kart incident terug gegaan naar huis, maar Norren was gebleven. Mama vreemd genoeg ook, ik probeerde nog steeds haar en Sirius te negeren of wraakacties te nemen. Zoals de kinderachtige acties van suiker ruilen voor zout en emmers met kleverige substantie boven de slaapkamerdeur die over het hoofd viel van degene die de deur opende. Vreemd genoeg was Sirius niet boos geworden, probeerde hij me niet uit te leggen wat er speelde of zelfs me over te halen dat het wel oké was. De eerste twee nachten dat mama bleef was ze dronken, maar daarna zag ik dat niet meer terug. Het was na een week ongeveer dat ze zich definitief aansloot bij de Order, ik zag een vrouw opbloeien die ik nog niet kende. De bitterheid werd milder, haar harde bruine ogen flonkerden, ze lachte een klaterlach, en haar kritiek werd minder en minder. Waarom had ik moeite met de relatie tussen haar en Sirius wist ik zelf niet zo goed.
De laatste dag van augustus bracht uiteindelijk ook de brieven van school, en werden Ron en Hermione aangewezen als Prefects van Gryffindor.

Ik werd wakker van mijn wekker, wat niet vaak gebeurde. Ik rekte me nog eens goed uit en ging toen overeind zitten met een dikke gaap. Even dacht ik na waarom het nog zo vroeg was, maar toen besefte ik welke dag het was en was ik uit bed, huppelde naar de badkamer, bond mijn haren in een staart, waste me, en huppelde terug naar mijn eigen kamer. Schoot in een versleten spijkerbroek, een hemd - ditmaal met een Tweety voorop- trok mijn sokken aan- een rode en een zwart-geel gestreepte- schoot in mijn zware laarzen. Ik schoof een zware riem in de lussen van de broek, stopte een zilveren oorringetje in mijn rechteroor, schoof twee ringen aan mijn vingers, propte mijn pyjama en toiletartikelen in mijn koffer, gevolgd door het dagboek van Sirius dat ik gisteravond nog had liggen lezen. Ik was nu bijna klaar met jaar twee. sloeg de klep van de hutkoffer dicht, schoof de nieuwe- rode- gordijnen open en verliet toen mijn kamer. Ik had zelf een bordje voor aan de deur geschilderd met de sierlijke letters; Nayla’s kamer. Ik was vandaag heel blij met de magische trap en mompelde ‘terram’ en plaatste mijn koffer, als eerste, aan de zijkant van de trap en begaf me naar de keuken voor een ontbijt. Molly was al in de weer met eieren, bacon, pap, toast en andere ingrediënten.
“Morgen,” groette ik haar vrolijk en schonk een glas pompoensap in.
“Hetzelfde,” ze kwam tegenover me zitten, een blik in haar ogen maakte dat ik vermoedde dat er haar iets dwars zat.
“Is er iets?” Ik pakte toast met marmelade en wachtte af.
“Die kart dingen… dat kwam niet van Sirius he?” Ik lachte.
“Molly, nee, die kwam niet van Sirius, ik betwijfel of Sirius er überhaupt vanaf wist dat ze bestonden.”
“Van jou?”
“Mede, ja.”
“Maar-”
‘Molly, luister, hoe meer je me verteld wat ik niet mag doen, hoe meer ik de neiging heb het juist te doen. Hoe meer je me probeert tegen te houden, des te meer heb je een regelbreker aan je broek. Ik heb, zoals Snape zo mooi zegt, de schurft aan regels. En ja, sommige regels zijn prima, zoals aan de juiste kant van de weg rijden, maar regels zoals een bedtijd benauwen me. Daarbij… ik heb die risico’s nodig.”
“Nodig?”
“Ja, ik wil niet in de rij lopen met de rest van de wereld, niet constant moeten nadenken of het raar is of niet, karts zijn in mijn ogen briljant dus om Harry op te vrolijken deden we dit. En betreft de oorlog… de risico’s geven de meeste informatie en de meeste kans op succes.” Ron en Harry kwamen binnen, lachend om iets en glimlachte naar de moeder.
“Maar geen zorgen, ik weet de grens.”
“Grens van wat?” Sirius kwam binnen, gevolgd door Ginny, Rebella en Hermione.
“Thee?” Molly leidde ze af door een ontbijt te geven, waar ik haar dankbaar voor was. Sinds we Harry hadden opgehaald en ik duidelijk had gemaakt dat ik een gevecht niet uit de weg ging en zij haar support had gegeven leek het wel alsof we vrienden waren geworden. Iets waar ik veel meer behoefte aan had dan een moeder.

Het uur voor vertrek was heerlijk chaotisch, Molly liep de trap op en af, Latijnse nummers mompelend, Ginny verloor bijna haar evenwicht toen Fred en George het een goed idee achtte hun koffers van de trap te laten zweven en haar bijna vijf verdiepingen naar beneden liet vallen. Molly gaf ze de wind van voren, totdat Ron en Norren het leuk vonden een trap in een glijbaan te veranderen- ze hadden op een of andere manier Bill’s staf te pakken gekregen- en lieten zichzelf met de koffers naar beneden roetsjen, maar omdat de trappen met elkaar verbonden waren, gleed iedereen naar beneden en verstoorden we Remus zijn ‘rustige’ ontbijt door in een grote hoop lichaamsdelen in de keuken te belanden.
“Mijn arm!”
“Die zit in mijn neus!”
“Wiens voets probeert mijn maaginhoud te verplaatsen?”
“Mijn oog!”
“Heeft er iemand mijn bril gezien?”
“Sokken zijn smerig.”
“Hermione, je haar zit in mijn mond.” Na veel geworstel, gevloek en blauwe plekken als toetjes wisten we uiteindelijk weer op eigen benen te staan. Rebella repareerde Harry’s bril en ik vond mijn ring terug onder de tafel.
“Norren! Ronald! Doe dat niet weer!” Kreunde Molly zwakjes, de twee waren net zo verfromfraaid als de rest en gaven Bill zijn staf terug. Als je dacht dat de boel daarna rustiger zou worden, had je het mis. Ginny zoefde, voor de derde keer, van een trapleuning af en nam Harry mee in de rit doordat haar voet tussen zijn benen kwam te zitten. En ik donderde van de trap toen Crookshanks uit Hermione’s kattenmandje ontsnapte en het ons een kwartier kost hem er weer in terug te krijgen. Het bracht de herinnering van mijn eigen kat, Wibble terug, maar in de zomer dat ik met Sirius naar Rusland reisde was het onder een auto gekomen. Ik had geen nieuw huisdier aangeschaft. Ik bedoel, ik was er zelf eentje.

Uiteindelijk stonden er dan toch echt drie uilenkooien met uil, een kattenmand en acht hutkoffers bij de deur en was het enkel nog wachten op de beveiliging.
De rit naar het station verliep soepel maar ongemakkelijk. Sirius was als Snuffles meegekomen Iets wat voor mij niet had gehoeven. Bij het dranghek tussen perron negen en tien verdwenen we per tweetal naar het magische perron.
Ik omhelsde Neville als eerste, werd vervolgens door de tweeling achterna gezeten, gewoon omdat het kon.
“Luna! Help!” Ik lachte en verborg me achter de meest serene persoon die ik kende. Ze lachte, omhelsde de tweeling en mij en stapte opzij. Mooi niet dat ze ging helpen. Wel merkte ze de anderen op en huppelde naar hen toe. Haar vader was al vertrokken. Het was tegen kwart voor elf toen ik Lee omhelsde en kletsend over het komende schooljaar kregen we de elf hutkoffers in de trein, Lee, Fred en George namen elders plaats. We sprongen terug op het perron om gedag te zeggen.

[Marlene POV]
Marlene baande zich een weg door de drukte op King’s Cross. Met haar zware hutkoffer maakte mensen net iets sneller opzij te gaan. Elke keer dankte ze hen. De metro was de grootste truc geweest. Nu begaf ze zich in rust naar haar perron negen en tien. Ze had enige tijd geleden, wel te verstaan vier jaar, niet durven dromen om nu naar school te kunnen. Het dranghek tussen de twee perrons was onopvallend, als Marlene niet was verteld hoe en wat, was ze nu radeloos geweest. Ze deed alsof ze op het tijdschema van de muggles keek. En deed vervolgens alsof haar trein er nog niet was, leunde ze verveeld tegen het hek en belandde op haar eerste bestemming; platform 9 ¾.
Pardoes botste tegen een jongen op toen ze langs een grote groep jongeren wilde lopen en hij ineens uitweek.
“Sorry!” Dat ze Nayla aan iemand deed denken kwam niet bij haar op, alleen wist die nog niet aan wie. Harry hielp haar opstaan en toen Marlene zich omdraaide kwam het Nayla te binnen.
"Lily?" Harry draaide zich snel om naar Nayla, waar had die het over? je zag het in zijn ogen. Marlene draaide zich om.
"Dat is mijn moeder ja."
"Wat?"
"Hoe?"
“De heck?”
“Nayla, wat?”
"Stil, iedereen!" Iedereen draaide zich naar het meisje met de half-lange warrige zwarte haren en grijze ogen om, behalve Harry, die was nog steeds naar het meisje aan het staren.
"Zou jij met ons willen reizen? Je komt me bekend voor en iemand die ik ken heeft ook een moeder genaamd Lily." Nayla keek haar vriendelijk aan. Marlene aarzelde even maar knikte toen en liep met hen mee.

[Nayla POV]
Al snel hadden we onze coupe gevonden en waren we met zijn allen gaan zitten. Harry, Ginny, Norren, Ron, en Neville zaten aan een kant en Hermione, Luna, Marlene en ik zaten aan de andere kant.
“Dus, eh wat is je naam eigenlijk?” Vroeg ik terwijl ik mijn jas uittrok.
“Marlene, Marlene Evans.”
“Evans? Niet… Potter?”
“Wat? Nee.”
“Oh… maar ik denk van wel.” Marlene keek me verward aan, bijna beledigd zelfs.
“Wie zijn jullie?!” Beval ze ons te beantwoorden. Ik lachte.
“Oh, sorry, dit is Luna Lovegood,” Luna zwaaide vrolijk, “Neville Longbottom-”
“Jou ken ik!”
“Ja, St. Mungo’s.” Lichte Neville vriendelijk toe.
“Ja…”
“Ginny Weasley, haar broer Ron.” Beiden zwaaiden.
“Hermione Granger.” Hermione schudde haar de hand.
“Norren Potter, mijn broer, ik ben Nayla Black- lang verhaal. En dat is Harry Potter.”
“Als in-”
“De jongen die bleef leven?” Vroegen we in koor.
“Nee, de zoon van James en Lily Potter?” Ik mocht haar nu al.
“Ja.”
“Oh.” Ik grinnikte.
“Marlene, de meisjesnaam van Harry’s moeder is- eh was- Evans.” Ik zweeg en keek hoe ze de puzzelstukjes in elkaar legde en toen als een vis op het droge naar lucht hapte.
“Maar-... wat…”
“Waarom je je moeders meisjesnaam draagt weet ik niet, maar ik weet wel dat je extreem veel op d’r lijkt dus het lijkt me sterk dat je van geboorte uit niet een Potter bent.”
“Ik snap het niet…” Ze klonk beduusd. Neville knikte.
“Begrijpelijk. Het is simpel eigenlijk. Nayla en Norren hebben dezelfde moeder, andere vader, Nayla’s pa is een Black, Norren heeft ervoor gekozen zijn moeders naam te behouden, Potter- zij was de tweelingzus van je vader, James Potter, wie getrouwd was met Lily Evans, jouw moeder. En Harry is een jaar ouder dan jij en je broer.”
“Precies. Goed gezegd Nev.”
“Dankje.”
“Maar… waarom Evans?”
“Dat weten we niet, dat iets om te onderzoeken… Wanneer ben je geboren?”
“Eenendertig oktober negentien eenentachtig, hoezo?”
“Oh shit… Ik weet misschien iemand die ons meer informatie kan geven… Hagrid…”
“Wie?”
“Hagrid, docent op Hogwarts, en een goede vriend van ons…” Lichte Hermione toe, de hele tijd had ze als een gek zitten grijnzen, maar nu stond ze op.
“Ron, we moeten gaan…”
“Huh waarom?” Ginny keek verbaasd.
“Omdat er een prefect bijeenkomst is voor de nieuwkomers,” legde Norren uit, “die had ik vorig jaar ook. Succes.” Ron en Hermione vertrokken.
“Grappig, de coupe’s worden kleiner” Marlene keek op met een rare blik in haar ogen, alsof ze het voor het eerst zag, wat waarschijnlijk ook zo was.
“Ja, da’s magie.” Merkte Harry droogjes op. Het was het eerste wat hij zei sinds de trein was gaan rijden.
“Coooool, doet hij dat altijd?” Ik moest goed kijken en wilde bijna sarcastisch zijn maar ze meende het volgens mij serieus!?
“Eh…” Norren leek niet helemaal zeker van de situatie. Gelukkig hielp Ginny ons uit de brand.
“Dus, Marlene, hoe kan het dat we je nog niet eerder op Hogwarts hebben gezien?”
“Omdat ik voorheen ‘thuiseducatie’ had.”
“Maar… onze ouders, god dat is raar om te zeggen, zijn dood?”
“Ja, weet ik.” Ze haalde een schouder op.
“Maar dat wil niet zeggen dat andere plekken een thuissituatie kunnen zijn…”
“Goed punt,” ik knikte, “Hogwarts is veel meer mijn thuis dan welke plek ik tot nu toe geweest ben.”
“Hoe is het daar?” Even was het stil, ik keek naar buiten.
“Het is thuis.” Vond Luna, “het biedt vriendschap, warmte, uitdaging in één. Je leert er veel, het is er nooit saai. Over het algemeen wordt je gewoon geaccepteerd hoe je bent, wie je bent en wat je bent. Hogwarts bruist van de magie, van lang vervlogen tijden, ik denk niet dat er iemand is op Hogwarts die het kasteel door en door kent. Elke hoek kan op dinsdag een andere wereld laten zien dan op donderdag. Hogwarts is alsof je een sprookje beland waar je je eigen verhaal schrijft. Het kasteel is een plek waar je eindeloos kan dwalen en dan nog niet klaar zijn. Het leeft. Letterlijk. Dus ja, het is thuis.” Ik omhelsde Luna.
“Dat was prachtig.” Marlene knikte instemmend.
“Ik verheug me erop om daar te mogen leven.”
“Welke afdeling hoop je terecht te komen?”
“Afdeling? Het is toch geen ziekenhuis?”
“Nee, maar de leerlingen worden onderverdeeld in vier verschillende huizen, Hufflepuff, Ravenclaw, Gryffindor en Slytherin,” Norren lichte haar in over de vier huizen, hun geschiedenis, waar ze voor stonden en in welke wij zaten.
“Wat was je vraag ook alweer?”
“Welke afdeling je denkt te komen?”
“Van wat ik hoor, Hufflepuff of Gryffindor.” Ik grijnsde.
“Hoop de laatste, daar zit ik ook.” Ze lachte.
“Welk jaar kom je trouwens?” Harry keek zijn mogelijke zusje vragend aan, “je derde toch?”
“Nee, vier.”
“Huh? Hoezo?”
“Ik heb in mijn ‘thuiseducatie’ meer leerstof geleerd dan gemiddeld en zit al op jaar vier niveau en op sommige vlakken zelfs daarboven.”
“Wat voor opvoeding had je dan?” Norren die naast haar zat, draaide zich een kwartslag op de bank, trok een been op en legde zijn kin erop.
“Eerst gewoon, ik groeide op in een weeshuis, en daarna in St. Mungo’s. Tot afgelopen kerst was de mogelijkheid om naar Hogwarts te gaan nihil.”
“Waarom St. Mungo’s?”
“Ik ben… ja ben, nog steeds, eh ik ben ziek.”
“Ziek, ben je een weerwolf?”
“Nee. Niet op die manier… ik kan het niet uitleggen, er is geen naam voor, de Healers weten het ook niet…”
“Vreemd…”
“Welkom in mijn leven, waar normaal niet in het woordenboek staat.”
“Ik mag je nu al,” ik grinnikte.
“We vragen Hagrid of hij het weet en anders zoeken we iemand anders wie het weet.” Kondigde Ginny aan. Marlene knikte dankbaar.
“Maar waarom ging je dan niet met mij naar de Dursleys?” Harry had een frons die me niet aanstond in zijn voorhoofd gegroefd.
“Wie?”
“De Dursleys, das hun achternaam. Ze zijn met drie, Vernon en Petunia- Petunia is je moeders zus- en hun zoon Dudley.” Hermione sprak vanuit de deuropening. Ron kwam achter haar aan de coupé in.
“Maar?”
“Ze zijn… net een kudde koeien die een wolf als huisdier hebben. Ze laten hem toe, maar houden niet van ‘m, en straffen hem als hun wereldje geschonden wordt.” Marlene leek geschokt door die opmerking en keek bezorgd naar haar mogelijk broer.
“Dat was jij?” Harry knikte.
“Maar Harry stelde een terechte vraag, waarom hij wel en jij niet?”
“Ik weet het niet… eerlijk, ik ben verbaasd dat ik mij deze vragen niet eerder heb bedacht, maar ik denk niet dat de mensen met wie ik ben opgegroeid het hadden geweten.”
“Dat is jammer, maar ja, mysteries zijn nooit snel opgelost.”

Na een aangename treinreis waar iedereen lekker ontspannen was, oke ik stond erop tikkertje te doen met Fred en George, waar Marlene aan mee deed, maar verder was het ontspannen, kwamen we aan bij het treinstation van Hogsmeade. Tot mijn grote verbazing hoorde ik niet de vertrouwde stem van Hagrid over iedereen uit bulderen maar een hoge vrouwenstem.
“Hey jongens, waar is Hagrid? Ik hoor en zie hem niet.” Iedereen leek net zo verward en bezorgd over hem als ik dat was.
“Misschien is hij er vandoor gegaan met madam Maxim?” Grapte Ron. Niemand kon het waarderen. Ginny gaf hem een stomp. We legde Marlene het systeem uit dat de eerstejaars per boot gingen heen, de zevendejaars zouden aan het eind met diezelfde bootjes weer terugvaren. Maar dat de rest per koets ging, paardloos. Dacht ik. Luna liep even naar de voorkant van de koetsen en aaide de lucht.
“Eh, Luna? Wat doe je?”
“Ze aait de… paarden?”
“Welke paarden, Harry, er is niks daar…”
“Het zijn thestrals.” Luna kwam weer bij ons staan en we klommen in de koets.
“Wat zijn thestrals?” Ik keek op, Hermione die iets niet wist?
“Magische paarden, die men alleen kan zien als zij de dood hebben gezien.” Lichtte ik toe, “als het goed is krijgen we ze dit jaar…” Hermione rilde.
“De dood?”
“Ja, als in iemand zien overlijden…” Even was het stil en Hermione keek even behoedzaam naar Luna en Harry maar mijn blik bleef hangen op Neville.
“Nev? Wie was het bij jou?”
“Mijn opa…” Ik knikte, hem kennende wou hij er niet over praten dus liet ik hem met rust.
“En jij Luna?”
“Mijn moeder… ze was een erg getalenteerde heks, maar ze experimenteerde graag. Op een dag ging een spreuk helemaal verkeerd, ik was negen.”
“Jeetje, Luna…”
“Het is oke, ik heb papa nog.” Ze glimlachte, “en jullie.”
We arriveerden in rust.

Ik groette Peeves met een mestbom en nam tussen Neville en Fred in plaats, iets verderop zag ik Ben naar me kijken en ik fluisterde in Fred’s oor.
“Ik heb je hulp nodig, Ben wil me nog steeds…”
“Ik ben dit jaar je vriendje,” Fred grijnsde en sloeg een arm om me heen. Even voelde het vreemd, maar liet het toe. Ik bekeek de leraren, allemaal hetzelfde op twee na.
“Wie zijn dat?” Vroeg ik in het algemeen.
“Geen idee,” George die tegenover me zat trok een vies gezicht, “maar ze is wel erg roze.” Ik lachte.
De sorteringsceremonie werd voorspelbaar en ik bekeek de mensenmassa, zwaaide even naar Dean en Seamus, Seamus zwaaide niet terug, maar keek wantrouwend. Marlene kwam bij ons zitten, een trotse Gryffindor toegevoegd.
Uiteindelijk stond Dumbledore op en spreidde zijn armen.
“Welkom! Welkom op Hogwarts!” Ik zuchtte tevreden, ik had hem nog lang niet vergeven, maar het was goed voor nu.
“Er is een tijd voor toespraken en uitleg maar dat is niet nu, eet smakelijk.” Hij ging zitten en schalen, karaffen, bakken en borden werden gevuld met eten en drinken. Fred liet me los om te kunnen eten en kletsend zette we onze tanden in gebraden kip, zalige salades, heerlijke ovenschotels en uiteindelijk ook een overvloed aan mogelijke desserts. Toen de meesten uitgegeten waren stond Dumbledore opnieuw op.
“Voordat we lekker onder veren kruipen zijn er een aantal meldingen die gemaakt moeten worden, helaas helaas, het hoort erbij,” hij glimlachte tegenover een selectieve groep kreunen.
“Als eerste moeten de eerstejaars weten dat het donkere bos op het terrein verboden toegang is, iets wat de ouderejaars ook nog eens ter harte zouden moeten nemen.” Gelach.
“Als tweede, mocht je je willen aanmelden voor je Quidditch team van je afdeling wend je dan gelieve aan bij het hoofd van je afdeling. Dan, heb ik niet één, maar drie docenten te verwelkomen.” Mensen mompelde onderling en Dumbledore hief zijn handen.
“Als eerste wil ik professor Grubbly-Plank terug verwelkomen als docente Care of Magical Creatures.” Hij lichtte niet toe, onder het beleefde applaus, waar Hagrid was. Bezorgd keken we elkaar aan, waar was Hagrid?
“Als tweede wil ik jullie graag voorstellen aan jullie nieuwe docente duelleren. Dit vak is bestemd voor vierdejaars en hoger. Lizzie Lupin, welkom!” Een enthousiaster applaus klonk door de zaal. Ik vermoedde deels door de term ‘duelleren’ en deels door de naam ‘Lupin.’ Het applaus stierf weg.
“Die roze vrouw,” mompelde Harry opeens, “die was op mijn hoorzitting…” Ik slikte, geweldig een ministerie lievelingetje…
“En als laatste, de nieuwe docente Defence Against the Dark Arts, Dolores Umbridge.” Er waren misschien vijftig mensen die enthousiast klapten, maar de rest klapte of beleefd, of niet. Ik keek naar de enthousiaste klappers en dacht maar één ding; waarschijnlijk geloofde zij de met pap ingelepelde leugens van die bolhoed met luier.
“Wees alsjeblieft op tijd morgen voor je eerste lessen, vraag-”
Hem hem,” Even was er verwarring, waar kwam dat geluid vandaan? Maar een tweede hem hem identificeerde Umbridge die opgestaan was, niet dat het verschil maakte, en nu om de oppertafel heen liep.
“Dank u voor uw hartelijke welkom professor Dumbledore.” Dumbledore begreep dat ze iets te zeggen had en stapte opzij.
“Het is prachtig om hier weer terug te zijn en al die gelukkige kindergezichtjes te zien.” De wat nou? Ik keek om me heen, geen één gezicht leek bijzonder gelukkig, een flink aantal leken niet echt blij te zijn met het feit dat we als driejarige werden aangesproken, mijzelf incluis.
“Ik ben er zeker van dat we de beste vrienden zullen worden.” Niet met mij, dat stond al vast.
“Omdat jullie schoolhoofd zelf geen docent kon vinden heeft de minister van Toverkunst mij aangewezen als geschikte kandidaat.” Dat bevestigde alleen maar dat ze Fudge zijn schoothondje was.
“Echter, het ministerie stuitte op een aantal problemen betreft jullie prachtige en traditiegetrouwe school…” Oh-uh.
Hem hem, iedereen die belast was met de leiding over onze historische school heeft iets nieuws toegevoegd aan deze gewichtige taak en zo hoort het ook, want zonder vooruitgang volgt stilstand en verval. Aan de andere kant is vooruitgang omwille van de vooruitgang zelf onwenselijk. Want aan beproefde en aloude tradities hoeft vaak niet gesleuteld te worden. Dat houdt in dat we een balans moeten vinden tussen oud en nieuw, tussen behoud en verandering, tussen traditie en vernieuwing…” Ze had nu een veel zakelijkere toon aangenomen dan haar meisjesstem van zojuist.
“Omdat bepaalde veranderingen een verbetering zullen zijn, terwijl men van andere na verloop van tijd zal inzien dat ze op beoordelingsfouten berusten. Ondertussen zullen sommige tradities gehandhaafd worden, en terecht, terwijl andere, die overleefd en uit de tijd zijn, worden afgestoten. Laten we daarom een nieuw tijdperk betreden, waarin openheid, effectiviteit en verantwoordelijkheid de boventoon voeren, waarin we behouden wat het behouden waard is, vervolmaken wat vervolmaakt moet worden en snoeien als we praktijken stuitten die verboden zouden moeten worden. Er waait een nieuwe wind waarin we oud en nieuw opnieuw bekijken en wellicht terugkeren naar de essentie van de toverwereld. Daarom-” Ik was het zat. Ik stond op pakte een Frizzing Freesbee, smeet het ding naar Umbridge en plaatste een Silencio op haar.
“Sorry, ik verveelde me, zeg professor Dumbledore, kunnen we dit weekend een feest houden voor enkel studenten om het begin van het jaar te vieren?” Ik wist bijna zeker dat Dumbledore de neiging had om in lachen uit te barsten maar zijn gezicht in plooi wist te houden, vooral omdat Umbridge zich omdraaide met een woeste blik. McGonagall grinnikte, Sprout wierp een geluidloze lach naar het plafond, Flitwick deed alsof hij zich verslikte in zijn drinken en zelfs Snape moest doen alsof hij gaapte.
“Ik sta erop, juffrouw Black, het is urgent dat we elke student welkom en veilig doen laten voelen in deze donkere en moeilijke tijden, vindt u niet?”
“Inderdaad professor.” Op dat moment wist Umbridge de Silencio op te heffen.
“Hoe… Hoe durft u?! U laat deze student over u heen lopen en accepteert dat?! Dit is een serieuze situatie-”
“Nee, da’s mijn vader, maar ik begrijp uw verwarring!” Ik grijnsde toen ik een applaus kreeg.
“En om uw vraag te beantwoorden, professor Umbridge, nee, ik laat niet over mij heen lopen, ik ben het simpelweg eens met juffrouw Black. Dat het leven gevierd moet worden, op vele manieren. Juffrouw Black, ik suggereer dat u de voorbereidingen bespreekt met de prefects, juffrouw Granger en meneer Weasley, en professor McGonagall.”
“Dat zal ik doen, professor, bedankt!” Ik wou weer gaan zitten maar Umbridge sprak weer.
“Cornelius zal dit te weten komen!” Ik grijnsde.
“Ahhhwwww! Jullie zijn al op voornamenlevel! Voor hoe lang al?” Ik vertoonde kinderlijke nieuwsgierigheid, die niet echt was. George floot luid, mensen lachte en Norren sprong op de tafel van Ravenclaw.
“DAMES EN HEREN! DEZE LERAAR GEEFT TOESTEMMING VOOR INTERACTIE TUSSEN ONS EN DE SCHONE DAMES! DUS KUS, VRIJ, EN GENIET!”
“Bij voorkeur met de eerste namen!” Riep Fred naast me vrolijk. De zaal barstte uit in waarderende kreten. Mensen stonden op en verlieten de zaal.
“He Fred?”
“Ja, Nayla?”
“Wij zijn al op voornamenlevel he?”
“Jazeker, laten we gaan.” Ik volgde Fred en voelde me thuis, zoals altijd, in dit geweldige kasteel, waar ik mijzelf kon zijn. Schijt aan de consequenties.

Er zijn nog geen reacties.


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen