a/n: Het is een beetje langer geworden dan gepland...

Vandaag had ik voor het eerst zin om naar de les te gaan, vandaag was de eerste les van roze paddenstoel en ik had er zin in. Ik had een weddenschap met Fred en George, wie het eerst de pad overstuur kon krijgen. Vol goede moed stapte ik het lokaal in en al snel had ik in de gaten dat dit geen makkie ging worden. Uitdaging, ik hield er wel van.
“Goedemorgen jongens en meisjes.” Ik werd spontaan misselijk.
“En wat van de mensen die zich beiden niet zo voelen?”
“Pardon!? Juffrouw?”
“Black is de naam, je weet wel, de dochter van die enorm knappe massamoordenaar. Maar ik bedoel, wat van de mensen die zich geen jongen maar zich ook geen meisje voelen. Gaat u die niet aanspreken? Is een beetje racistisch vind u niet?”
“Pardon!?”
“Dat zei u net ook al, maar ik blijf bij mijn standpunt, ik vind dat u uw excuses moet aanbieden aan die mensen. U vind het toch ook vervelend als ik u niet wil aanspreken met mevrouw omdat ik dat ras niet herken?”
“Juffrouw Black! Dit gedrag wordt niet langer getolereerd, Cornelius was zeer teleurgesteld met uw gedrag.”
“Oh, zeg maar ‘je’, anders voel ik me zo oud.” Ik knipoogde naar Umbridge. Getrokken oogspier, ik was in de buurt, nog een paar opmerkinkjes.
“Nablijven juffrouw Black, dit gedrag is absoluut afschuwelijk!”
“Zo, dus nu gaat u gedrag ook al in hokjes stoppen? U bent wel lekker op dreef vandaag.” Ik ook, ik was nog lang niet klaar.
“EEN WEEK NABLIJVEN!”
“Even voor de zekerheid, vindt u een week van maandag tot vrijdag of van maandag tot zondag, want technisch gezien hebben wij een contract van maandag tot vrijdag. Waarschijnlijk heeft u mijn nieuwste naslagwerk al gezien genaamd ‘de uitbuiting van kinderlevens, led er niemand op onze samenleving?’. Het is best een bestseller.”
“STILTE!” Het was stil, doodstil.
“Nou, u heeft uw stilte gehad, nu ben ik weer, waar was ik ook al weer?” Ik haalde een paar kaartjes uit mijn zak. “Uitbuiting? Check.” ik gooide dat briefje weg.
“Racisme? Aangepakt!” ook dat briefje weg.
“Bestseller? Oh zeker weten” Het werd al een mooie stapel.
“Ohja, deze nog. Het welzijn.” ik stond op, liep naar voorin van het klaslokaal en ging voorin de klas staan.
“Laatst heeft het studentenoverlegorgaan besloten dat de leefomstandigheden in de klassen niet meer toelaatbaar zijn, wij eisen betere stoelen en tafels aanpasbaar op hoogte, als jullie het daar mee eens zijn zou het fijn zijn als jullie even hier te willen tekenen.” Ik haalde een vel perkament uit mijn zak en begon het rond te delen, Umbridge griste het uit mijn hand waardoor ik een perkament snee kreeg. Precies zoals ik had gehoopt en ik ging los.
“AAAAAAH, KINDERMISHANDELING, KIJK DAN, BLOED! BLOED OVERAL!” Lang leve bloedzakjes. Alles liep volgens plan en de gehele klas deed hun best om lach in te houden. Umbridge stond met de mond open.
“PROFESSOR, DIT KAN ECHT NIET, WIJ GAAN NU NAAR HET SCHOOLHOOFD! IK WIL EEN KLACHT INDIENEN!”
“Juffrouw Black, ga zitten.” Ik staarde haar aan in gespeelde horror.
“Zitten? Ik ga nu naar de ziekenboeg en dan naar professor Dumbledore!”
“Dat gaat u helemaal niet, u gaat NU zitten.”
“Wow wow wow, ik ben uw hond niet, ik volg geen bevelen en ik heb geen alsjeblieft gehoord. Hebben uw ouders u niet geleerd dat u alstublieft moet zeggen?” De mijne niet, maar dat terzijde. Umbridge werd rood in haar gezicht, ze leek nu net een giftige pad.
“Weet u, rood staat u beter dan roze.” Ik nam een bedachtzame blik aan terwijl ik intern gierde van het lachen.
“Twintig punten van Gryffindor, en als u nu niet gaat zitten worden het er honderd!”
“Oh-oh! Oh!!! Horen jullie dat jongens? Ze gebruikt blackmail!”
“Juffrouw Black! Nu is het genoeg, ERUIT!”
“Mijn beste, nee wacht, dat zeg ik verkeerd, is het dan, beste idioot? Nee, te direct, Oeh, ik weet het, beste roze IMBECIEL! LUISTERT U OOIT? Beste mensen, voor mensen die het volgen, ik zei u maar dat is nu niet belangrijk. dit is meer belangrijk. IK ZEI NET, IK GA NAAR DE ZIEKENBOEG EN DAARNA HET SCHOOLHOOFD!? moet ik dat SPELLEN? We hebben een S” Ik maakte een S beweging in de lucht. “We hebben een C,” beweging van C. Tot en met de D. Tot het woord schoolhoofd er stond. En een plezier dat ik had. Ik was er bijna, de paniek was er bijna…
“Tussen haakjes, is er nog iemand die een aanvulling heeft?” Niemand stond op behalve Hermione met een timide blik.
“Eh Nayla? Weet je zeker dat je hiermee verder wilt?”
“Ja, hoezo?”
“Omdat ze toch niet gaat inzien dat ze aan het eind van het jaar weg is?”
“Goed punt…” Ik fronste even, “hoeveel procent acht je dat ze Harry aan het einde van het jaar aanvalt?”
Ron stak een wijsvinger op "Quirrell probeerde hem te doden" een tweede vinger "Lockhart probeerde ons geheugen te wissen" een derde vinger "Lupin, ook meende hij het niet, probeerde ons aan te vallen" een vierde vinger, "en Moody- de zogenaamde dan, probeerde hem ook te doden..."
“Dus,” Harry grijnsde, “honderd procent kans dat er iets gebeurd, vijftig procent kans dat u probeert me te vermoorden, vijftig procent kans dat lichamelijke aanval- op welke manier dan ook. Hersenen of ledematen. Dus ja, ik schat de kans tachtig procent dat het door u doelbewust wordt gedaan, twintig omdat u niet anders kon. Klopt dat Mione?”
“Denk het wel, ja.”
“Maar goed, Harry, heb jij nog iets toe te voegen?”
“Honderd procent kans dat er iets met Voldemort komt.” Hij snapte mijn hint en de klas hapte geschokt naar adem.
“"MISTER POTTER, JUFFROUW BLACK, ER UIT!" Huh geeneens een waarschuwing dat de neusloze eikel niet terug was?
"Jemig, u bent wel een vrouw van herhalingen, dat heeft u al eerder gezegd." Ik was op mijn tafel gaan zitten en pulkte aan een nagelriem.
“Juffrouw Black! WAT Heeft dit te betekenen, ik kon geschreeuw vanaf de gang horen!” Oh wat leuk, Minnie is gearriveerd voor het feestje.
“Wat leuk dat u langskomt, professor McGonagall, wilt u ook tekenen voor onze petitie?”
“Wat? En wat is er met uw handen gebeurd!?” De professor had en gezicht van horror op haar gezicht, ik weet alleen niet van wat, van het bloed of de gezichtsuitdrukking van Umbridge. Ieuw, ik wist niet dat je dat met je gezicht kon doen, ik zette snel een stap naar links.
“Nou ziet u professor, dat is de reden van het geschreeuw, deze imbeciel.” Ik negeerde de ‘Juffrouw Black!’
“Die viel mij aan, en doen ik zei dat ik naar het schoolhoofd wilde gaan liet ze mij niet gaan.” Technisch gezien allemaal waar, ik hield zo van half leugens. McGonnagall haar gezicht sprak boekdelen van horror. Ze wendde zich tot Umbridge.
"Wanneer een student bloed," brieste ze, "dan laat u ze gaan. Op deze school doen we niet aan manipuleren of aan fysieke schade aanbrengen jegens de student!" McGonagal keek naar de rest van de klas, en ze zag dat niemand gewond was.
“Juffrouw Black, ga alstublieft naar de ziekenboeg en kom daarna naar mijn kantoor, daar praten we verder.”
“Ziet u professor, zo kan het ook, met een normale alsjeblieft.”
“UIT! UIT!, ALLEMAAL UIT! GA!” Grijnzend verliet ik het lokaal met de rest, Fred en George waren me meerdere Galleons schuldig.
Harry liep met me richting de ziekenboeg. In een wc maakte ik mijn handen schoon de snee was al gestopt met bloeden. Ik fronste, McGonnagall zou uiteraard mijn verhaal checken bij Pomfrey.
"Harry, ken jij een spreuk die snij wonden achterlaat?"
“Nee, maar je hebt wel diffindo, misschien dat dat genoeg is?”

Rustig klopt ik op de deur van het kantoor van Minnie. Ik hoorde een muffe ‘kom binnen’ dus ik deed de deur open en liep het kantoor binnen. De blik zei al genoeg, ik had een heleboel uit te leggen.
“Dus?”
“Dus wat?”
“Was het nodig?”
“Ja”
“Heb je enig idee wat je hebt gedaan?”
“Een weddenschap gewonnen.”
Zucht.
Stilte.
“Umbridge is naar professor Dumbledore gegaan en heeft een klacht ingediend, normaal zou het schoolhoofd erop reageren en daarmee klaar. Maar ze heeft ook de minister geïnformeerd en terwijl wij nu aan het spreken zijn, is de minister in professor Dumbledore zijn kantoor. Je kan vast wel bedenken hoe dat gesprek gaat…”
“Oh ik hoef niet te denken, ik weet hoe het gaat, Fred en George zijn momenteel bezig zodat ik het straks kan horen.” Er kwam een grote grijns op mijn gezicht, tuurlijk ging ik haar niet vertellen hoe.
Zucht.
Nog meer stilte
“Juffrouw Black, neem een koekje.” Dat was nooit goed. McGonagall keek me aan over haar vierkante bril.
"Juffrouw Black, ik denk niet dat u de ernst van de situatie helemaal inziet. Het ministerie van toverkunst heeft de macht op dit moment in handen, om ten eerste u en uw vrienden van school te halen. Ten tweede waar nu de docent in overleg met professor Dumbledore zelf besluit wat de inhoud is zal dat dan veranderen. heeft het ministerie nu bijna de macht om de educatie inhoud van deze school aan te passen naar hun gelang. Ten derde, hebben zij Dumbledore afgelopen juli uit de Wizengamot gehaald, hetgeen betekent dat professor Dumbledore zo goed als geen politieke macht meer heeft. Ze hebben daarbij nu ook de macht om professor Dumbledore te ontslaan als schoolhoofd van Hogwarts. Momenteel is de wind aan het veranderen, als wij niet heel erg oppassen doen ze dat ook. Ongeacht de enorme loyaliteit Dumbledore momenteel bezit. Ongeacht wat dan ook. Ze zijn hem zat ze willen macht niet meer niet minder. Uiteraard is het ministerie van toverkunst ook geïnfiltreerd met Death Eaters, die dat enkel bevorderen. Hetgeen betekent, dat we op dit moment in de politiek aan het verliezen zijn. Juffrouw Black ik vraag u, alstublieft tijdens haar lessen een beetje in te houden, laat haar duidelijk blijken dat ze ongewenst is, graag zelfs, maar hou het zo dat ze niet de neiging heeft om naar het schoolhoofd te stappen. Umbridge is hier voor meer dan propaganda voor het ministerie en lesgeven, probeer alstublieft het leven een beetje aangenaam te houden. Al is het enkel voor anderen." Ik dacht even na en knikte toen.
“Ze willen totale controle, zoals de communisten he?” McGonagall knikte.
“Heb ik hierbij dan uw toestemming om chaos te creëren tijdens haar lessen, op de gang en dergelijke?”
“Dat heeft u, zolang-”
“Het anderen geen pijn doet.” Ik knikte, dat sprak voor zich. Ik kreeg een glimlach. “Ik wist dat ik u mocht om een reden.”
“Desalniettemin moet ik voor vrijdag straf geven,” ze zuchtte, wetend dat het een verloren zaak was.
“Ik geef u groot gelijk, professor, u ziet trouwens goed uit vandaag,” ik knipoogde.
“En nu uit mijn kantoortje, Black.”
“Als u erop staat, professor.” Ik grijnsde toen ze een herinnering kreeg van een andere Black die deze actie eveneens had uitgehaald. Ik verliet het kantoortje. Ik begaf mij bijna huppelend naar de commonroom en toen ik binnenkwam zag Fred en George zitten. Ik grijnsde, zwaaide en maakte beweging van ‘kom maar op met je centen.’
“Eerst bewijs…”
“Dan munten.”
“Vannacht twee uur.”
“Wij zullen er zijn.” Ik plofte naast Ginny op de bank en rekte me lui uit.
“Wel, hoe was jullie eerste dag?” Neville snoof, Ginny lachte en Ron gooide me een prop perkament toe, ik ving het met een hand.
“Aha, dat verklaart.”
“Zeg me alsjeblieft niet dat je nu al straf hebt…” mompelde Ginny vermoeid.
“He, ik moet een record van honderd nablijfkaartjes in één week overschrijden!”
“Nogmaals, zij deden het in een groep, Nayla, dat gaat je nooit lukken in je eentje,” voegde Neville eraan toe.
“Help me dan mee?”
“Nee!”
“Ah… kom op?”
“Ik help wel, alles om het ministerie te irriteren, ik bedoel, hebben jullie het nieuwste artikel al gelezen?”
“Nee ik was druk bezig de zielepoot uit te hangen.”
“Dat is Harry zijn taak.” We lachten om dat commentaar, en Harry sloeg een kussen naar Ginny.
“Mag ik bij jullie komen zitten?” We keken op en zagen Marlene staan met een onzekere blik in haar ogen.
“Maar natuurlijk!” Ik porde Ginny om een beetje op te schuiven zodat ze tussen mij en Neville kon zitten, de enige plek op de twee banken en twee stoelen die vrij was. Ginny had een makkelijkere oplossing en nam met een knipoog naar mij plaats op Harry’s schoot, Marlene nam haar plaats in.
“Ginny?”
“Ja Hermione?”
“Wat doe je?”
“Zitten”
“Op Harry’s schoot?”
“Er waren geen stoelen meer dus ik zocht een oplossing, dat vind je toch niet erg Harry?”
“N-Nee hoor,” zijn stem was zeker een paar octaven hoger.
“Mooi, want ik zit best lekker.” Ginny leunde wat naar achter tegen Harry aan en deed haar ogen dicht. Niet bij elkaar? Pfft, ik was benieuwd hoe lang ze nog om elkaar heen gingen draaien, maar als het nog lang duurde dan duwde ik ze gewoon in een bezemkast.

Twee uur ‘s nachts, een van de beste tijden vond ik. lekker stil, docenten net naar bed en ruim baan voor Fred, George, Lee en mij. Onderweg naar onze bestemming plaatste we nog een paar muggle grapjes bij Umbridge haar deur, die konden in ieder geval niet gelinkt worden aan ons, maar waren nog steeds even gaaf en effectief. We dansten intussen nog even de tango met Peeves en verstopte ons voor Mrs. Norris tot we waren aangekomen bij Dumbledore’s kantoor. We keken snel op de Marauders Map maar Dumbledore was nog steeds weg, waarschijnlijk nog steeds bij die conventie. We renden snel naar boven, nadat we het juiste wachtwoord hadden geraden (boterbabbelaars), pakte Dumbledore’s hersenpan, lieten ‘netjes’ een briefje achter met “Jo, we brengen hem morgen weer terug, beloofd, we hebben ‘m effe nodig.” En renden naar beneden naar een leeg klaslokaal. Na een effectieve Silencio en een variant op Colloportus te hebben geplaatst, doken we in de herinnering. De herinnering was nog leuker dan het zelf beleven. Al kon dat ook komen door het commentaar van de tweeling en Lee.
“Oh dat spellen…”
“Wat als je een spelfout had gemaakt?” De tweeling en Lee schaterde het uit van het lachen.
"Oh dat moet zeer doen!" Grapte Fred toen McGonagall de nieuwe lerares op haar plek zette.
“Vooral beschamend, denk ik,” ik grijnsde opgetogen. We doken uit de herinnering nadat ‘Minnie’ me de heerlijke toestemming had gegeven. Ik herhaalde mijn ‘geef de galjoenen maar’ beweging. Ditmaal werd het zakje naar me toe gegooid en ik ving het, drukte er een kus op en stopte het in mijn zak.
Toen we zachtjes de leerlingenkamer binnenkwamen werd mijn weg naar de slaapzaal geblokkeerd door de grootste eikel in mijn bestaan; Ben.
“Waar ben je geweest!?”
“Op Jupiter,” ik wilde hem opzij duwen maar hij liet me er niet door.
“Lieverd, waarom lieg je tegen mij, we hadden toch afgesproken ‘geen leugens’?” Ik knipperde verbaasd met mijn ogen. Gelukkig kwam Fred me te hulp.
Lieverd? Ze is mijn vriendin, idioot, niet de jouwe!” Ik liet mijn hand in die van Fred glijden.
“WAT!”
“Zoals hij zei, zijn vriendin, niet de jouwe.” George deed ook zijn duit in het zakje.
“Nayla, heb jij mijn brief ontvangen van de zomer?”
“ja, helaas, het was gelukkig een koelere dag dus het was niet te heet om ‘m te verbranden…”
“Was mijn brief zo heet?” Ben grijnsde met een misselijkmakende blik. Ik maakte een kotsgeluid als reactie.
“Hij had een aantrekkelijke reactie op mijn maaginhoud.”
“Kreeg je vlinders in je buik?”
“Is maagkrampen hetzelfde?”
“Nee,” antwoordde mijn drie vrienden. Ik draaide me terug naar Ben.
“Dan nee.”
“Maar, liefje, ik dacht dat je van me hield?”
“Van jou?! Laat me niet lachen!” Ben leek bijna teleurgesteld.
“Maar-”
“Ten eerste Devereaux, ik ben nooit je ‘vriendinnetje’ geweest, ten tweede is de wijze waarop je me behandeld hebt, buitengewoon onwenselijk en ten derde, ik hou van iemand anders.” Natuurlijk hield ik van deze persoon, maar niet zoals we Ben nu lieten geloven.
“Wie dan?” Fred lachte.
“Van mij, idioot!”
“Bewijs het!” Even keken we Ben schattend aan, toen keek naar Fred, ik merkte op hoe bruin zijn ogen waren. Hij pakte mijn gezicht voorzichtig vast en drukte toen een kus op mijn mond, hij duurde langer dan met een familielid, maar korter dan gemiddeld stel zou doen. Ben stormde weg.
“Opgeruimd staat netjes,” lachte Lee. We wensten elkaar goedenacht en ik vertrok naar boven. Beduusd van de kus.

“Ik vraag me af waar Hagrid is, en of er iets gebeurd is met hem…”
“Misschien is hij... Je weet wel, nog op zijn missie,” ik boog me naar de anderen toe, “Zijn trip naar de reuzen, weet je nog?” Harry leek het meest overtuigd van deze verklaring.
“Maar we kunnen hem nu niet vragen hoe het zit met Marlene,” merkte Hermione op. Even was het stil. Totdat Norren plots opkeek met een licht zijn ogen, hij had een oplossing.
“Spiegels!”
“Krijg jij nou hetzelfde ego als Padfoot? Dat je elk moment dat je kan in de spiegel wil kijken.” Harry keek hem plagend aan.
“Nee, maar grappig dat je over Padfoot begint…” Norren grijnsde. We zaten aan het Grote Meer en de tweede lesdag was net voorbij.
“Norren? Waar doel je op?” vroeg Luna. Maar ik snapte het ineens.
“De tweewegspiegels!” ik pakte mijn staf en sommeerde de spiegels.
“Sirius Black.”
“Hallo kids, hoe is het?”
“Wow jij nam snel op, was je jezelf weer aan het bewonderen in de spiegel?” Ik grijnsde.
“Altijd mini me, altijd.” Ik lachte.
“Sirius we willen je graag even voorstellen aan iemand,” Norren wiebelde zijn wenkbrauwen.
“Sorry, momenteel bezet, je moeder zou mijn huid hebben als ik nu wat met iemand begin, auw, ja mens, ik zei het toch goed, auw, ja oke, niemand is zo knap als jij, nu blij. AUW! Wacht even, ben zo terug.” Sirius verbrak de connectie. Ik staarde naar een steen ter grootte van mijn voet, pakte ‘m op, smeet het ding met een grote boog het water in en liet een boze kreet eruit.
“Alles goed?” Hermione keek mij bezorgd aan.
“Lijkt het erop dat alles goed gaat?” Ik wist dat het niet terecht was om naar haar te snauwen maar op dit moment maakte mij dat niks uit.
“Nay!” Norren keek me geschrokken aan, ik was nog nooit uitgevallen tegen mijn vrienden. Maar ik had geen kracht om me verontschuldigen.
“Ik ben het zat!” Brieste ik, “om constant te worden teleurgesteld door die maledictus adultorum!” Het gebeurde zelden dat ik in andere talen dan de mijne vloekte, maar deze Latijnse verwoording paste wel.
“Wat heeft je.. vader? gedaan?” Vroeg Marlene voorzichtig.
“Hij loopt te bonken met mijn o-zo lieve moeder.”
“Dat is toch normaal voor je ouders of niet?”
“Niet als hij eerst de beste vrinden met je wil wezen en dan er vandoor gaat met een van de weinige mensen die je absoluut haat.”
“Oh, uh, ja, uh. Heel vervelend ja.” Marlene leek niet overtuigd.
“Ik leg het later wel aan je uit.” Verzekerde Norren haar, ze knikte dankbaar.
Op dat moment trilde mijn spiegel.
“Zooo, dat is opgelost, het probleem is momenteel vastgebonden.” Op de achtergrond hoorde je een lachend; “Schiet wel op ja.”
“DAT, hoefde ik niet te weten, kunnen we nu even opschieten!?” Beet ik hem toe.
“Jeez, iemand heeft een rotdag. Dus wat was je vraag?”
“Nog geen vraag, we wilden je aan iemand voorstellen,” kwam Hermione vlug tussenbeide.
“Mijn zusje,” brak Harry de spanning.
“Oh? OH!”
“Ja, oh!”
“Dus leg uit.”
“Kan ik haar zien?”
“Nee, niet voordat je het uitlegt.” De anderen leken het met me eens. Dit was de enige manier om een antwoord te krijgen.
“Het was de nacht dat James en lily werden vermoord. Ik had beloofd die avond te kijken bij Peter pettigrew, en ik ging kijken bij hem maar hij was er niet en vanaf dat moment wist ik dat er iets fout was.”

[31 Oktober 1981.]
Het was zonnige dag geweest voor oktober, wel koud, bladeren en rood en geel dansten om zijn hoofd terwijl hij langzaam en voorzichtig richting het appartement liep van zijn vriend.
Hij belde aan, één van de fantastische uitvindingen van de muggles. Maar er werd niet opengedaan. Hij pakte zijn staf uit zijn zak en opende de deur geruisloos. Hij betrad de kleine hal, de jas van Peter hing er niet, hij liep door naar de woonkamer. Er lag geen stof dus het was recentelijk dat Peter weg was gegaan, maar waar dat was wist hij ook niet, ook niet nadat hij de keuken en de slaapkamer en de badkamer had gecheckt. Een koud gevoel betrad zijn lichaam. Wat was er gaande? Waar was hij? Hij trok de voordeur achter zich dicht en dacht even na, wat te doen? Plots viel zijn oog op een foto, die hij zag op de tafel door het raam van de woonkamer, en hij wist waar hij heen moest. Hij verliest het appartementencomplex en verdwijnselde. In Godric's Hollow kwam hij weer tevoorschijn. Zijn hart sloeg een slag over, de lucht was zwart met groen, de sterren waren uit.. Zijn ogen zochten de lucht af. Daar hing het, meters hoog in de lucht, gifgroen, een schedel duisterder dan welke schedel dan ook, omcirkeld een reusachtige gasachtige slang. Er was een dode. Roekeloos rende hij, rende hij op de plek af waar de schedel hing. De straat waar het bekender en bekender werd, daar was het huis van Bathilda Bagshot. Daar was het plek waar Harry zijn eerste stapjes had gezet. Daar was het dat James had verteld dat hij en Lily gingen trouwen.En daar was het huis... En daar was ook de schedel. Kou betrok zijn lichaam.Hij stormde het huis in. Niet nadenkend of er nog gevaar zouden kunnen zijn. Hij hoorde gehuil, en van een kind en een van een man. De man vond hij als eerste, in de woonkamer, dikke tranen rolden over zijn behaarde gezicht. Rubeus Hagrid huilde zoals hij nog nooit had huilde. Hij trilde en knielde neer naast zijn beste vriend, zijn broer, zijn beste maat, hij lag dood op de grond.
Hij wist niet hoe lang hij daar gezeten had, maar toen uiteindelijk opstond merkte hij dat hij Lily miste. Hij keek om zich heen, een kast was omgevallen. Hij ging naar boven omdat daar waar het gehuil vandaan kwam. In de eerste kamer was niemand. In de tweede kamer evenmin. Uiteindelijk vond hij de kleine Harry in de babykamer. Het kind huilde, dikke tranen rolde over zijn wangen. Zijn eerste reactie was om naar Harry te rennen, hem op te pakken en het huis van zijn grootste horrors te verlaten. Maar zijn oog viel op een lichaam, een lichaam dat daar niet hoorde te liggen. Een lichaam dat voor het kind behoorde te zorgen, dat moeder hoorde te zijn, zijn vriendin, zijn zus. Zijn gedachten gingen alle kanten op. Herinneringen, hun eerste ontmoeting, hun laatste, gevoelens, van warmte, van licht, en nu was het weg.
Hagrid kwam binnen, hij wankelde en knielde naast de moeder neer. Hij pakte kleine harry in zijn armen en wiegde hem voorzichtig heen en weer tot hij stil was, hij viel opnieuw in slaap. Gerustgesteld door de aanwezigheid van zijn godfather. Gerustgesteld dat er altijd iemand voor hem zou zijn.
De tijd maakte niks meer uit. De wereld deed er niet meer toe. Het was voorbij, voorgoed. Hij was alles kwijt. Zijn familie, totdat hij in zijn armen keek en besefte waarom hij nog steeds leefde. Besefte wat hij hier kwam doen.
Hij klopte Hagrid op zijn schouder, gaf hem Harry en vroeg voor een minuutje om vaarwel te zeggen aan Lily, aan zijn zus. Gelukkig begreep Hagrid dat, hij vertrok naar buiten met Harry en hij knielde neer bij Lily’s lichaam. Hij bood haar vaarwel en drukte een broederlijke kus op haar voorhoofd. En na gekeken te hebben of Hagrid echt weg was pakte hij zijn staf en maakte een diepe snee in Lily’s buik, die al aardig rond was.
Net als met Harry, was ze nooit een vrouw geweest van een grote buik. Hij bad voor vergiffenis en bad voor de overleving, voor leven, voor een kind en hij haalde voorzichtig een kind uit de opening van de dode vrouw, hij bad dat het zou huilen. Hij hield het in zijn armen, een meisje, zo teder, zo klein. Een maand te vroeg, ze zou bijna een kerstkind kunnen zijn. Ze had haar oogjes nog dicht maar net op het moment dat hij wou opgeven begon ze te huilen, helder en klaar, vol emotie. Ze was nieuw in deze wereld, nieuw in dit bestaan. Hij hield haar in zijn armen, totdat ze tevreden was en zich over gaf aan deze tijd van bestaan
Ze opende haar kleine ogen, helder, groot, en bruin. Haar vaders ogen, hij sommeerde een dekentje en kleren voor de kleine en goddank dat hij had kunnen oefenen op kleine Harry, dat hij nu wist hoe een baby aan te kleden. de kleren waren iets te groot, want ze was een maand te vroeg immers.
Nadat hij haar had aangekleed nam hij haar mee naar beneden, naar buiten. In de verte zag hij de blauwe en rode sirenes van de politie al aankomen. Voordat Hagrid zich tot hem kon wenden transformeerde hij de kleine baby in een appel. Achteraf vroeg hij zich vaak af, waarom een appel? Misschien omdat ze een oogappeltje was? Misschien omdat het James zijn favoriete fruit was? Hij wist het niet.
Wat hij wel wist dat hij een kleine meid daar weg moest zien te krijgen zonder dat iemand er ook maar van wist, zelfs Dumbledore mocht er niet van weten. Hij wist zeker dat hij voor de kleine meid zou zorgen maar hij was ook Harry’s godfather dus wendde hij zich tot de grote man.
“Geef Harry aan mij Hagrid, ik ben zijn godfather, ik zal voor hem zorgen.” Maar Hagrid schudde zijn hoofd.
“Nee sorry, da ken ‘k niet doen, Sirius. Dumbledore z’n bevel, Harry zal naar z’n oom en tante gaan.” Even keek de godfather in horror naar de half-reus.
“Dat meen je niet!” Riep hij uit, “de zus van Lily?” vroeg hij. Hagrid knikte triest.
“Ja de enige.”
“Nee, Hagrid, ze-”
“‘K weet t, Sirius, ze heb ‘t mijn vertelt…”
“Verdomme, Dumbledore!” Sirius trapte tegen het wiel van zijn motor dat hij hier had laten staan nadat hij bijna eraf werd vervloekt door Death Eaters vorige week.
“Hagrid, hoe ga je daar naartoe?"
"Vliegen." Sirius zuchtte, hij wist dat het onbegonnen werk was om tegen de mystieke acties van het schoolhoofd in te gaan. Hij pakte Harry aan van Hagrid en maakte hem wakker.
“Hey Prongslet, Hagrid gaat je meenemen voor een reisje, oke? En dan ga je logeren bij Skitch haar zus, en dan komt uncle Moony of ik je weer ophalen, oke?”
“adfoo’ ‘eg?” Sirius slikte tranen weg.
"Ja Harry, naar niet voor lang, dat beloof ik je." Hij gaf zijn peetzoon een dikke knuffel en begroef even zijn gezicht in de schouder van de kleine anderhalf jarige. Harry sloeg zijn kleine armpjes om zijn nek. Het duurde even voordat ze beiden de moed hadden om de ander te laten gaan. De kleine Harry was bijzonder pienter voor iemand van zijn leeftijd en begreep waarschijnlijk de helft van wat er gaande was. Zodoende dat hij begreep dat hij Sirius niet zou zien, dat hij zijn ouders nooit meer zou zien wist hij niet. Sirius gaf Harry terug aan Hagrid. Even aarzelde hij, er was iets dat hij nu eerst moest doen…
“Gebruik mijn motor, Hagrid, ik heb ‘m toch niet meer nodig,” hij viste de sleutels uit zijn zak en gooide ze naar de man.
“Weeje dat zeker?” Hagrid keek hem verbaasd aan.
“Ja, gebruik hem, zorg dat Harry veilig over komt, dat stelt me meer gerust dan wat dan ook.” Hij keek hem niet in de ogen aan, wetend dat het maar half waar was. “Veel geluk Hagrid.” Hij draaide zich om en liep naar het einde van de straat. Oke wat nu? Eerst het meisje, wat ging hij er mee doen?
Plots hoorde hij een POP en hij draaide zich snel om met een staf omhoog gericht naar de indringer, appel in de zak stoppend met een plak spreuk zodat hij haar niet kon verliezen.
“Zo zo zo, dus de kleine Black is iedereen kwijt, arme arme Sirius, had je toch een keer moeten luisteren en de juiste kant moeten kiezen. Ik heb je nog zooo vaak gezegd, niks zal onze Dark Lord tegen houden.” Sirius keek in de ogen van niemand minder dan Bellatrix Lestrange. Zijn ‘lieve nicht’.
“Ik hoor een parasiet praten, ik zie d’r alleen niet, tis net alsof, alsof, ohja, het een leeg lichaam is met de stem van je lieve Lord. Heb je nog überhaupt hersens voor jezelf?”
“Zo praat je niet over hem! Je hebt het recht niet!” Bella brieste, ogen vuurspuwend, “en alsnog, het maakt nu niet meer uit, jij hebt verloren, wij winnen!”
“Oh ja? Waarom is Harry dan niet dood? Is het hem oprecht niet gelukt om een baby te doden. Misschien is hij toch niet zo geweldig.” Vlak nadat hij dat had gezegd moest hij aan de kant duiken, het onvermijdelijke gevecht was begonnen.
“Heeft je vriendje je gestuurd?” Sarde hij haar.
Crucio!” Sirius dook net optijd opzij voordat de onvergeefelijke vloek hem kon raken.
“Mis!” Hij schoot drie spreuken direct na elkaar op haar af, alleen haar Protego voorkwam dat hun duel alweer voorbij was.
“Daar zul je voor boeten!” Bellatrix Lestrange was altijd al een beetje ‘gek’ geweest, maar nu hij haar weer zag besefte hij dat het enkel erger was geworden.
“Beloften, beloften. Gaan ze ook nog een keer uitkomen?”
Avada kedavra.”
“Psh, niet eens in de buurt.”
Crucio!
“Je valt in herhaling lieverd.”
“Ik” Vloek. “ben” Vloek. Schild. Duik. “NIET” Spat. Vloek. “je lieverd.”
“Gelukkig maar, je bent ook niet mijn type.” Hij rilde van het idee.
Plots vloog er een mes over, vlak langs zijn oor, hij dook op de grond om hem te ontwijken en daarna nog een keer toen het mes terug kwam.
“Genoeg! Laten we dit voor eens en altijd oplossen.”
Diffindo.”
Carpe in praeteritis.”
Overal op het lichaam van Bellatrix kwamen grote sneën, bloed uitlopend. Ze keek hatelijk op. “Hoe heb je het ontweken? Je deed geen schild?”
“Dat is voor mij een weet en voor jou een vraag.” Hij was bang, hij had een vermoeden maar hij hoopte het niet. “Maar dit is wel het einde voor jou!”
Hij hijste zijn staf omhoog voor de laatste vloek die haar helemaal aan gort zou blazen toen zij opeens aan haar nek greep en weg was.
“Damn, portkey’s”
Hij greep snel de appel uit zijn zak, hij leek hetzelfde… Had hij het dan toch mis en was hij toch niet geraakt? Snel stopte hij de appel in zijn zak en liep weg, hoe eerder hier weg hoe beter.
Hij moest achter Peter aan, hetgeen lastig werd als hij voor een kind moest zorgen… De uiteindelijke beslissing was pijnlijk maar nodig en met een POP stond hij voor het weeshuis. Hij zou haar daar plaatsen, op zoek gaan naar Wormtail, hem compleet kaal plukken en in Azkaban gooien en dan Harry en haar ophalen en ze opvoeden zoals Prongs en Skitch hadden gewild. En alles ging volgens plan…. behalve dan één klein dingetje….


[HEDEN]
“Jullie verloren die avond jullie ouders, maar ik verloor alles, mijn familie, mijn vrienden, mijn vrijheid, alles.”
“Je wilde haar ophalen… maar je werd gevangengenomen?”
“Ja.”
“Bleef ze een appel?”
“Nee, toen ik bij het weeshuis was veranderde ik haar terug in haar oude zelf, plaatste een briefje erbij dat ze Marlene Evans heette…”
“Waarom Evans?”
“Niemand wist dat Lily zwanger was behalve Remus, James, Lily, Lizzie, Alice, Frank en ik…”
“Mijn ouders?”
“Lizzie?”
“Waarom mama niet?”
“Ja jouw ouders, Neville, waren goede vrienden van ons. En Lizzie Lupin, de nicht van Remus.”
“Die is nu onze lerares duelleren.”
“Ja weet ik, is ze goed?”
“Nee,” Norren zuchtte, “ze is net zo saai als Binns en gelooft niet dat Bleekscheet terug is.”
“Oh uh…”
“Ja, maar goed, waarom mama niet?”
“Omdat die net nadat we van school waren verdween…”
“Oh ja…”
“Maar waarom Marlene?”
“Omdat Lily en ik dat besloten hadden, ter nagedachtenis aan een goede vriendin van ons, Marlene McKinnon.”
“Ze is-”
“Dood…”
“Verdomme...”
“Taalgebruik Nayla!”
“Ron!” We trokken een quasi onschuldig gezicht naar Hermione en Norren.
“Mag ik haar nu zien?” Even keken we elkaar aan, maar Marlene draaide de spiegel in Norren zijn hand al naar haar toe.
“Dus jij bent Sirius…” Ze grijnsde.
“Lily...” Zuchtte hij uit.
“Eh, nope, Marlene is de naam.”
“Wow, je lijkt echt heel erg op je moeder, behalve-”
“- je ogen, je hebt je vaders ogen.” Marlene rolde met haar ogen. Oud nieuws
“Hehe, eindelijk is het een keer andersom.” Harry grijnsde.
“Dat moet ik nog meemaken…” De bel schalde over het terrein om aan te duiden dat het avondeten begon.
“He Sirius?” Harry boog zich naar de spiegel, “we moeten gaan…”
“Aww, niet eens spijbelen voor je arme godfather?”
“Psh, alsof jij nu niet iets beters te doen hebt huh?”
“Goed punt. Sirius uit!” En weg was Sirius
“Is hij altijd zo?” Vroeg Marlene.
“Helaas wel ja.”

We stonden op, Marlene gooide de spiegel naar me toe en ik ving het, stopte het in mijn tas en we begaven ons terug naar het kasteel. Mijn woede jegens mijn vader zakte langzaam weg.
“He Norren, is Lizzie echt zo erg?”
“Ja, geloof me, ze de ergste.”
“Dan heb je Umbridge nog niet gehad…” mompelde Hermione, Ron, Harry, Neville en ik tegelijk.
“Ze kan bijna niet erger zijn…”
“Oh geloof me, bij het avondeten zal je die zin terugnemen!”
“Hoe dan?”
“Ik moet even wat regelen, ik zie jullie dadelijk.” Snel rende ik naar het lege lokaal waar we de pensive hadden gelaten. Fred en George stonden al te wachten.
“Sorry jongens, conversatie met Sirius duurde langer dan gepland.”
“Zijn wij eindelijk op tijd….”
“Ben jij te laat!”
“Dat ben ik wel vaker, zeurkousen, kunnen we nu ons plan uitvoeren?”
“Staat al klaar!”
“Laat de pret beginnen” Drie identieke grijnzen op onze gezichten betekende nooit iets goeds, alleen veel pret.

Iedereen zat me aan te kijken, ik had het wel in de gaten maar ik negeerde het gewoon. Ik ging niks weggeven, het wachten was alleen op het ongelukkige waar het allemaal mee ging beginnen.
“Waar zijn Fred en George?” Hermione keek mij aan met een ‘ik weet dat jij het was’ blik. Ik haalde mijn schouders op.
“Hoe moet ik dat nou weten?”
En op dat moment kwam professor Flitwick binnen, perfecte timing. Hij had nog geen vijf stappen gezet toen opeens het intro van een muggle serie ‘De Smurfen’ (Zelfs bekend in de magische wereld, door de luisterprogramma’s op de radio) begon te blèren.

Hé kom naar Smurfenland
Welkom allemaal
Ja kom naar Smurfenland
Een land van pracht en praal

Hé kom naar Smurfenland
Het is hier heel speciaal
Ja kom naar Smurfenland
Smurf mee met dit verhaal


Iedereen die het programma kende was op dat moment aan het lachen, maar de pret was nog niet eens begonnen, nu kwam het meest geniale. Alleen hopen dat de tweeling de huis-elfen zo ver hadden gekregen.

Met de grote smurf, de brilsmurf en de lolsmurf
De muzieksmurf en de smulsmurf en de vrolijke smurfin
Met je mopper, natuur en de uit je bol smurf
en ja Gargamel je kent hem wel
Die gaat er tegenin!


En daar kwamen ze hoor, precies op de maat van de muziek, de huis-elfen verkleed als:
Dumbledore, Madame Pince, Fred en George.
Vervolgens gevolgd door:
Flitwick, Ron en Madam Rosmerta.
Daarna kwamen toch wel de meest geniale huis-elven langs:
Filch, Sprout en Fudge die uit zijn eigen bolhoed springt.
Met als slotstuk:
Severus Snape.

Op dat moment had niemand het meer droog. Perfect moment om de pensive te plaatsen aan de muur en wachten tot iedereen weer onder de tafels vandaan was.
“Ik moet toegeven, die was leuk Nayla.” Hermione die een prank leuk vond, waar gaat de wereld heen!?
“Wacht even, dan pas ego strelen graag, dan voelt het nog beter.” Ik grijnsde veelbetekenend.
“Oh nee, nog meer!?”
“Tuurlijk, dacht je echt dat ik nu al stop?”
“Waarom vroeg ik het ook…”
“Sssh, het gaat zo beginnen.”
De Great Hall werd opeens pikke donker, meerdere studenten gilden van schrik, en aan de octaven te horen ook een paar jongens. Op een van de muren ging het licht aan, iedereen zag één groot vierkant waar een boodschap op stond:

Beste Hogwarts en niet gewenste indringers.
Jullie favoriete Jokers eisen dit keer eens de eer op voor een GEWELDIGE grap.
Geniet van de show en vergeet niet in te zetten!
Ps. Sorry Dumbles, we brengen hem straks weer terug.


“In te zetten? Nayla, waar gaat dit over?” Hermione keek me aan met een vragende blik.
“Later, niet nu!” Ik maande haar tot stilte en de show begon. Toch jammer dat iedereen aan zijn stoel was vastgeplakt zodat niemand deze show kon stoppen.
De Studenten schaterde het uit van het lachen bij het spellen en in schok toen Umbridge mij ‘aanviel’ en aan het einde van de show was er een groot applaus. Tot de eindcredits kwamen.
“Hi, jullie kennen ons toch al dus voorstellen hoeft niet. Voor jullie het vragen, nu we beroemd zijn geven we nog steeds geen handtekeningen.” Fred knipoogde en de zaal lachte.
“Dus, ik heb begrepen van onze anonieme bron dat er bij een film eindcredits komen dus hier komen ze. Scenario: Nayla Black.” Ik maakte een diepe buiging. “Het filmen zelf: Nayla Black. De acteurs, als Nayla Black: George Weasley.” Overal door de zaal hoorde je verbazende geluiden. “OI! Idioot, je houd hem op zijn kop!” George gaf Fred een klap op zijn hoofd terwijl ik een boa en een zonnebril pakte.
“Wat doe jij dan Nayla?”
“De roem is naar mijn hoofd gestegen!” Iedereen schaterde het uit van het lachen. “In ieder geval mensen, omdat dat plakspreuk nog een tijdje duurde hadden we een spelletje bedacht”
“Hebben wij dat?”
“Ja dat hebben wij!” Opnieuw gelach. “Wij doen mensen na en jullie roepen wie het is, word vast leuk!” De achtergrond veranderde en er was een lege kamer. Opeens trapte Fred de deur in kwam binnenlopen.
“KENNIE WAAR ZIJN HE, KENNIE WAAR ZIJN, WAAR IS TOCH MIJN PINT GEBLEVEN!?” Iedereen in de zaal schaterde het uit en iedereen riep; “HAGRID!” “Aangezien dit een herinnering is hebben we geen idee of jullie het goed hebben dus we gaan maar uit van wel, goed gedaan!” De scène veranderde opnieuw. Dit keer hoefde er geen beeld, één woord was genoeg: “POTTER!”
En zo ging het nog even door, professor Dumbledore (George rende rond zingend; ‘twinkle twinkle little star met een baard waar je u tegen zegt) en McGonagall (A babbling, bumbling band of baboons!) kwamen langs, net als Harry (slangen en draken kan ik makkelijk verslaan, nu nog alleen die neusloze varaan) en Malfoy (Mijn vader zal hierover horen!) maar het slotstuk was toch echt Voldemort, Fred kwam oplopen, stem hoog van de helium en begon ‘the boys are back in town’ te zingen terwijl Nayla en George op de achtergrond in zwarte gewaden mee danste. Negentig procent van de studenten snapte het niet, maar om Harry in de slappe lach te zien was het waard!
"Geweldig Nayla" De glinstering in zijn ogen was niet te missen. Intussen was Umbridge een enorme woede uitbarsting eruit aan het gooien.
"EN ZE MOETEN VAN SCHOOL AF, HET RESPECT IS TEGENWOORDIG NERGENS MEER TE VINDEN!"
"Hoe kom je op zoiets?" Ginny keek haar aan met (mischievous eyes) "En kan ik de volgende keer meedoen?" Ik haalde mijn schouders op.
"We kwamen er gewoon op. We bedachten allemaal een persoon en gingen dat uitbeelden, we kwamen alledrie met een Dumbledore idee. Uiteindelijk is het een combinatie geworden." Iedereen schaterde het uit van lachen en na ontlast te worden van de plakspreuk gaf Harry een knuffel aan mij.
"Dankje, dat had ik even nodig." Fluisterde hij in mijn oor.
"The Jokers zijn er om je vrolijk te krijgen, hierbij graag gedaan." antwoordde ik.

De twee dagen erna werden Fred, George en ik (Lee had voor de schermspreuk en geluid gezorgd) regelmatig met luid applaus onthaald, kregen schouderklopjes en vroegen mensen om herhalingen.
Het was donderdag tijdens de introductie van onze lerares van een nieuw vak, waar ik al heel snel spijt van had dat ik het gekozen had toen het vrij kwam.
“Ik ben Lizzie Lupin, ik begrijp dat mijn neef hier ook les heeft gegeven, maar probeer eraan te wennen dat wij beiden dezelfde achternaam dragen.” De klas deed zijn best (tijdelijk).
“Nu, wie kan mij bij voorhand vertellen wat er onder de definitie van een magisch duel valt?” Hermione en een aantal anderen staken hun hand op. De eerste kreeg de beurt.
“Met een magisch duel bedoelt men dat er door middel van magie, meestal per staf, een gevecht wordt gehouden tussen twee antagonisten.” Ze kreeg er vijf punten voor.
“Welnu, omdat jullie nog minderjarig zijn zullen jullie dit jaar en volgend schooljaar enkel theorie krijgen en-”
“Professor? Wanneer gaan we dan leren om de spreuken uit het boek te gebruiken?” Onderbrak Draco Malfoy haar met een sneer.
“Dat zullen we niet. In ieder geval niet dit jaar.”
“Wat?!” Pansy Parkinson keek Lizzie Lupin in afschuw aan.
“Heeft u daar problemen mee?” Ik besloot in te grijpen.
“Wel... niet echt, Ik vraag me alleen af, Hoe we in hemelsnaam we kunnen slagen voor onze examens…” Sarcasme werkte altijd, dacht ik.
“Wel, Ik denk dat als je de theorie goed genoeg leest, dat je dan weet hoe je de spreuk succesvol moet uitvoeren.” Ze leek stellig overtuigd.
“Maar... dat is nog nooit iemand gelukt!” Bracht Harry ertegenin.
“Juffrouw Granger wel.” Er klonk gelach.
“Ik ben één student!” Verdedigde Hermione haarzelf.
“Ze is extreem slim. De rest van de studenten heeft oefening nodig... Zelfs Professor McGonagall en Professor Flitwick raden ons dat aan.” Malfoy keek Lupin fronsend aan.
“Zij zijn mij niet.” Ze leek stelliger en stelliger te worden met elk commentaar.
“Dat begrijp ik, professor. Maar, om eerlijk te zijn. Defence Against the Dark Arts en Duelleren zijn een van de meest complexe en urgente vakken van deze school. Het meeste van de les behoort praktisch te zijn…”
“Het is tijd dat jullie allemaal leren bij directe actie, niet door oefening.” Ik moest Remus te pakken zien te krijgen en hem vragen of dit… monster daadwerkelijk zijn nichtje was over wie mijn ouders zo lovend schreven in hun dagboeken.
“Oh... dus... gewoon om het duidelijk te krijgen.” Begon Harry, “stel je voor- Ik zeg niet dat het zo is - dat er een Death Eater naar mijn huis komt en hij is van plan me te martelen. Dan moet ik mezelf kunnen beschermen, nietwaar? Dus... als we professor Moody vorig jaar niet hadden gehad, dan zou ik machteloos zijn geweest, volgens uw theorie, professor.”
“Zou je dat echt zijn?” Ze bekeek hem met vernauwde ogen, als ze James of Lily ooit had gemogen was daar niks meer van te zien.
“Ja. Omdat het alle studenten een maand of meer koste om zich geheel te kunnen verzetten tegen een spreuk als Imperio. En eveneens om een fatsoenlijke schildspreuk uit te voeren, zoals Protego.” Kaatste Malfoy terug, hij leek stellig in het feit dat hij practicum lessen wou, een kant die ik nog niet van hem kende.
“Is dat zo?” Ze leek het nauwelijk te geloven.
“Ja.” Nog nooit eerder had ik vier afdelingen van deze school zo eensgezind gezien.
“En jullie verwachten van mij dat ik jullie dit geef?” De klas knikte en ik stond op.
“Professor, als ik even mag?” Ik wachtte niet op toestemming maar raasde door.
“Duelleren was jaren terug al een vak hier, leraren kwamen en gingen, vooral omdat sommigen de oorlog niet overleefden, en anderen besloten te gaan vechten in plaats van lesgeven… Maar in al die jaren- dan heb ik het over 1974 tot 1977- is er niet één leraar geweest die het enkel theoretisch benaderde. De studenten kregen wel huiswerk op, maar verder… nee. Geen theorie. Toen Voldemort in 1981 verdween, niemand weet wat er precies gebeurde, is het vak in verval geraakt. En uiteindelijk werd het niet eens meer aangeboden. Maar door de wederopstanding van Voldemort hebben mensen er weer behoefte aan. Behoefte om hun vrienden, familie, dierbaren veilig te houden tegen een gewisse dood. Als Cassius Warrington had geweten hoe te duelleren had hij misschien de wederopstanding kunnen voorkomen.”
“U gelooft dat hij terug is, juffrouw Black?” Ik vroeg niet hoe ze mijn naam wist, het was duidelijk zichtbaar.
“Ik wéét dat hij terug is…”
“En hoe?”
“Omdat Harry hem heeft zien herrijzen…”
“En u gelooft hem eerder dan het ministerie van Toverkunst?”
“Je maakt een grapje zeker? Hij is Harry fucking Potter, hoe kan men hem niet geloven?”
“Het ministerie-”
“Wil macht, rust, vrede en welvaart, hen maakt het geen zier uit wie er aan de touwtjes trekt, daarentegen kan men er automatisch vanuit gaan dat Harry a, geen aandacht wil, b, dat als hij zegt dat Bleekscheet terug is, is hij terug. En c, bekijk de linker voorarm van een willekeurige Death Eater en tada, het is geen litteken meer maar inktzwart!”
“En hoe weet u dat?”
“Omdat Harry het gezien heeft.”
“U neemt zijn woord wel erg hoog.”
“Tja, familie.”
“U gelooft dat Youknowwho terug is?”
“Ik ben niet gek, tuurlijk geloof ik dat.”
“Wel juffrouw Black, dan beveel ik je nu mijn klas te verlaten.” Ik keek even naar de lerares duelleren.
“Weet je, professor, ik zal blij zijn daaraan te voldoen.”- Ik stond op- Ron, je mag mijn boek verkopen als je wilt, en behoud het geld - Ik keek weer naar Lizzie - “Ik heb het boek gelezen, alles ervan. En… wel… ik heb betere gelezen. Dus hierbij zeg ik beleefd gedag tot uw klas, professor. Ik zal niet terugkomen en mijn tijd nuttig besteden. Vaders advies.”
Ik hoorde nog een “Wa-” voor ik de deur achter me dicht sloeg.

Er zijn nog geen reacties.


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen