Half slaperig slenter ik naar de deur en ik houd mijn voet erachter, aangezien het nog niet eens acht uur is.
‘Lieverd.’ Collin kijkt me aan met een blik die ik alleen als schuldbewust kan omschrijven.
‘Wat doe je hier zo vroeg?’
‘Ik moet nog werken, maar ik wilde jou van tevoren spreken.’ Hij zucht diep. ‘Kunnen we praten?’
Ik haal mijn schouders op. ‘Ja.’ Ik doe de deur verder open en laat Collin binnen. ‘Zachtjes alsjeblieft, Nicolette ligt nog te slapen.’ Ik ga op mijn bed zitten.
Collin gaat naast me zitten, iets op afstand van me en draait zich naar me toe. ‘Hoe is het met je?’
‘Rot.’ Ik klem mijn kiezen op elkaar en staar recht voor me uit. Het voelt kwetsbaar om slechts in een short en een oud T-shirt naast Collin te zitten. ‘Met jou?’
‘Behoorlijk gefrustreerd.’
‘O.’ Ik sta op en pak een trui van mijn bureau. Die trek ik aan, waarna ik weer naast Collin ga zitten.
‘Anouk. Ik had je niet willen kwetsen.’
Ik haal mijn schouders op.
‘Doe niet alsof het je niet interesseert! Dan was je gisteren niet kwaad weggelopen.’
‘Zachtjes, Nicolette slaapt.’ Nog steeds kijk ik hem niet aan.
‘Waar is je gevoel, Nouk?’ Collin legt zijn hand op mijn been en ik verafschuw het dat er een tinteling door mijn been gaat.
‘Veilig achter slot en grendel zodat er niemand mijn hart in stukken kan trappen,’ zeg ik toonloos.
Hij slaat zijn arm om me heen, die ik wegduw. ‘Wat wil je van me horen?’
Nu kijk ik hem wel aan. ‘Ik wil niet dat je woorden kiest die ik wil horen, ik wil weten hoe jij denkt. Als jij het prima vindt om te vertellen aan je vrienden hoe je eindelijk seks met me hebt gehad, dan moet je dat lekker doen. En als je denkt dat het oké is om vervolgens niet voor je vriendin op te komen bij die losers, helemaal goed. En als je haar dan ook nog weg laat lopen, dan ben je echt een held.’ Ik begin opnieuw te trillen van frustratie.
Collin schudt zijn hoofd. ‘Zo zit het niet.’
‘Prima.’ Ik kijk hem strak aan. ‘Dat is anders wel hoe het voor mij was, als je dat ook maar iets interesseert.’
‘Als het me niets zou interesseren, zat ik hier nu niet.’ Collin slaat zijn arm om me heen, deze keer steviger, waardoor ik niet eens de moeite neem om hem weg te duwen. ‘Ik snapte je niet, Anouk. Het was precies wat Tijmen zei. Ik was blij, daarom deelde ik het. Niet om over je op te scheppen. Ik zou nooit zo respectloos over je praten. Mijn vrienden zijn soms bot en ongevoelig. Daar kunnen of willen ze weinig aan doen, dat is niet mijn probleem.’
‘Daar ging ik het niet om, snap dat dan! Jíj liet me weglopen Collin. Gezichtsverlies lijden bij je eigen vrienden was erger dan je vriendin overstuur laten gaan. Je liet me keihard vallen.’ Nu duw ik zijn arm wel weg.
Collin zucht diep. ‘Sorry.’ Hij laat zijn duim langs mijn kaak glijden. ‘Je hebt gelijk, ik had je niet mogen laten gaan. We hadden gisteravond moeten praten.’
‘Dat wilde ik ook. Ik haat het om te doen alsof er niets aan de hand is. Ook om ruzie te maken in het bijzijn van anderen trouwens of eigenlijk überhaupt om ruzie te maken. Dat kan ik helemaal niet.’
Collin probeert een glimlach te onderdrukken, maar dat is tevergeefs. ‘Ik moet niet lachen, maar jij en geen ruzie kunnen maken? Er is niemand die tegen me ingaat, Anouk. Jij bent de enige die het lef daarvoor heeft. Ik kan ook geen ruzie maken, simpelweg omdat niemand dat ooit met me doet.’
‘Dat is onzin.’
‘Wat kan ik doen om het goed te maken?’ Hij buigt naar me toe om me te kussen, maar ik duw hem hard weg.
‘Me een paar dagen met rust laten. In ieder geval dit weekend.’
‘Loop niet voor me weg, Anouk.’ Collin tast naar mijn hand, die ik weg trek.
‘Dan had je mij niet moeten laten gaan gisteren. Ik wil je tot en met maandag niet meer spreken.’ Ik slik moeizaam. ‘Je moet werken.’
‘Dat is niet hoe ik het wil, Nouk.’ Hij legt zijn hand op mijn been.
‘Blijf van me af!’ Ik kijk hem kwaad aan. ‘Wel hoe ik het wil en daar heb je het voor nu maar even mee te doen. En nu wil ik dat je weg gaat.’
Collin staat op. ‘Weet je het zeker?’ Hij knijpt zijn ogen iets samen, alsof hij me een kans geeft mijn antwoord aan te passen.
Wat als ik hem hierdoor kwijt raak? Dit meningsverschil was vast niet meer dan normaal in een relatie. Misschien heb ik ook wel te overtrokken gereageerd. Ik knik langzaam. ‘Zondagavond.’ Ik sla mijn ogen neer.
‘Oké.’ Hij schraapt zijn keel. ‘Ik zal je missen.’
‘Doei Collin.’ Ik ga onder mijn dekbed liggen en draai me met mijn rug naar hem toe. Mijn ogen knijp ik stevig dicht.

De hele zondag dwing ik de klok met mijn ogen vooruit, omdat ik me zo leeg en alleen voel zonder Collin. Ik wil samen met hem veel te lang in bed liggen, dicht tegen hem aan, zodat ik me veilig voel. Het voelt onwennig om niet met hem te appen en het helpt ook niet mee dat Nicolette niet thuis is. Ik besluit dat ik mijn tijd het best nuttig kan besteden in plaats van met staren naar de klok en ik start mijn laptop op om voor mijn studie aan de slag te gaan. Het kost me moeite om me te concentreren op de teksten en opdrachten en ik probeer het betweterige stemmetje in mijn hoofd te negeren. Dat terwijl ik weet dat het meer dan waar is dat ik meer tijd aan mijn studie moet besteden en minder tijd met Collin moet doorbrengen. Sinds ik hem ken, zijn mijn prioriteiten verschoven en ondanks dat het fantastisch voelt, ben ik bang dat mijn studieresultaten eronder zullen lijden.
Pas als mijn telefoon overgaat, merk ik dat ik verrassend geconcentreerd aan het werk ben geweest. Zonder te kijken, neem ik op.
‘Is het al zondagavond?’ klinkt er.
Bij het horen van zijn stem begin ik automatisch te glimlachen en ik kijk op de klok. ‘Nog vijf minuten, als je vindt dat de avond om zes uur begint.’
‘Deze twee dagen duurden zo lang, Anouk. Mag ik bij je langs komen?’
Ik zucht diep en kijk naar de knipperende cursor op het beeldscherm. ‘Ik ben nog bezig voor mijn studie. Over anderhalf uur heb ik het vast af.’ Ik voel dat ik onzeker met mijn mondhoek trek. ‘Maar ik wil graag dat je langskomt daarna.’
‘Tot straks dan.’
‘Tot straks.’ Ik verbreek de verbinding en weiger het telefoongesprek te analyseren. Onmiddellijk focus ik me weer op mijn beeldscherm en ik typ onophoudelijk door totdat de deurbel gaat. Ik sla het verslag op en loop naar de voordeur, die ik open doe.
‘Hey.’ Collin drukt een kus op mijn voorhoofd. ‘Goed je weer te zien. Hoe is het?’ Hij doet zijn jack uit.
Ik bijt op de binnenkant van mijn lip. ‘Goed. Druk. Maar ik ben wel weer rustig. Hoe is het met jou?’ Ik kijk naar hem op. Hij is onweerstaanbaar.
‘Volgens mij heb ik niet eerder zoveel gezopen en geblowd in een weekend als nu.’ Collin hangt zijn jas op en draait zich weer naar me om. ‘Heb je al gegeten?’
Het is geen positief teken dat ik daar zolang over na moet denken en het antwoord blijkt ook nee te zijn.
‘Ik ook niet.’
‘Ik kan tosti’s…’ Ik stop met praten, stap naar Collin toe en sla mijn armen om hem heen. ‘Ik wil nooit meer ruzie met je.’ Mijn stem klinkt zwak door de opkomende tranen, die ik moeizaam weg slik.
Hij omhelst me stevig en laat zijn kin op mijn haar rusten. ‘Ik ook niet met jou. Je maakte me gek, Nouk.’ Hij zucht diep.
‘Het heeft wel voor rust in mijn hoofd gezorgd.’ Ik klem me dichter tegen hem aan. ‘Vreemd genoeg, want mijn dagen duurden zo lang.’
Collin beweegt iets achteruit, waarna hij zijn lippen kort op de mijne drukt. ‘Ik laat je nooit meer weglopen lieverd.’ Hij laat me los. ‘En om over te schakelen naar het praktische: ik heb wel zin in een tosti.’
Ik glimlach. ‘Dan ga ik die voor je maken.’
‘Met een vleugje liefde?’ Hij knipoogt naar me.
‘Het kan zijn dat ik uitschiet,’ mompel ik, wat me een kalme glimlach van Collin oplevert. Het is mijn favoriete uitdrukking van hem, die er standaard voor zorgt dat ik zelf ook glimlach.
Gefocust maken we zwijgend de tosti’s klaar en het doet me goed dat het een fijne stilte is. We gaan op de bank zitten in de woonkamer, waar ik tegen hem aan ga zitten en mijn hoofd tegen zijn schouder leg.
‘Ik ben wel veel productiever als ik niet met jou ben,’ laat ik me ontvallen.
Collin schiet in de lach. ‘Dat is hopelijk geen excuus om minder tijd met me te willen doorbrengen, toch?’
‘Misschien moet ik dan ’s middags eens iets meer voor mijn studie gaan doen,’ denk ik hardop.
‘Dat lijkt me een goed idee. En dan ben je ’s avonds bij mij.’ Collin slaat zijn arm om me heen.
‘Niet elke avond. Het geeft me niet genoeg ruimte in mijn hoofd als ik altijd bij jou ben. Voordat ik jou kende, was ik minimaal drie avonden per week alleen. Dat heb ik nodig. Dat merk ik nu.’
‘Maar je voelt je toch goed bij me?’
‘Ja, zo bedoel ik het ook niet!’ Ik schiet overeind en houd met moeite mijn tosti op het bord. ‘Het is alleen dat ik niet altijd met mensen moet zijn, hoe leuk ik ze ook vind. Dat heeft niets met jou te maken, maar alles met mij.’ Afwachtend kijk ik hem aan.
Collin knikt langzaam. ‘Dat snap ik. Ik haat het alleen als ik je moet missen. Het liefst heb ik je de hele dag bij me.’
Ik glimlach verlegen en voel me gevleid. Hij is zo lief. ‘Sorry dat ik zo boos op je was.’
‘Dat was meer dan terecht, Anouk. Ik vond het alleen niet leuk.’ Collin schudt me zachtjes aan mijn schouder door elkaar.
‘Ik ook niet.’ Ik leg mijn hoofd weer tegen zijn schouder en sluit mijn ogen. Perfect.

Reacties (3)

  • Long

    Jaaa goed bezig Anouk! Ik vind ze zo leuk samen yesss.(blush)

    1 jaar geleden
    • xTrueStoryx

      Die smileyyyy *hartjesogen*

      1 jaar geleden
  • NicoleStyles

    Go Anouk wees maar boos op die eikel(puh)

    1 jaar geleden
    • xTrueStoryx

      Hahaha love it hoe je van "oh Collin is perfect" naar "wat een eikel" bent gegaan ^^

      1 jaar geleden
    • NicoleStyles

      Haha jaa lekker onvoorspelbaar echt een vrouw hèxD

      1 jaar geleden
  • Sunnyrainbow

    Yes Anouk! Super!

    1 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen