HET HEDEN


Met een zucht kwam Emilio overeind. ‘Je doet paranoïde man,’ riep hij de man na. ‘Denk je nou echt dat June me ooit nog aankijkt als ik je aan je club ga uitleveren?’
      Het stak dat Juan zo over hem dacht, zelfs al begreep hij dat iedereen die hij de afgelopen jaren vertrouwd had hem de rug had toegekeerd.
      ‘Ik probeer je te helpen man. Denk je dat je het op deze manier lang gaat volhouden? Door constant over je schouder te kijken en steeds maar weer weg te rennen wanneer je het te benauwd krijgt?’ Hij liep naar Juan toe. Hij zat op zijn motor, maar hij had hem nog niet aangeslagen en tuurde naar het stuur. De spieren in zijn armen waren gespannen en Emilio’s blik rustte even op de Reaper.
      ‘We moeten je tattoo zwart maken.’
      ‘We moeten helemaal niets,’ gromde Juan. Hij keek op, haat brandde in zijn ogen. ‘Er is geen we meer en dat zal er ooit nooit meer komen.’
      Hij rolde met zijn ogen. ‘Je hebt me niet voor niets gebeld, Juan. Wat is het nut van hulp vragen als je die hulp vervolgens toch afwijst?’
      ‘Ik wilde gewoon een joint.’
      ‘Bullshit. Je wilde advies over June en Rafi.’ Zijn handen gleden in zijn zakken en hij ging naast Juan staan. Om de een of andere reden had hij een wee gevoel in zijn maag – een nervositeit zoals hij die lang niet gevoeld had en die zijn ademhaling sneller liet worden.
      Juan slaakte een zucht, keek hem even kort aan en gleed toen van zijn motor af. Zijn handen tastten zijn broekzakken af. Emilio voelde aan dat hij op zoek was naar een sigaret en bood hem zijn eigen pakje aan.
      Zwijgend stak hij een peuk op en stopte het pakje in zijn zak.
      Emilio zag in dat een gesprek van zijn kant moest komen en zei: ‘Luister, we hoeven heus niet direct die ID te regelen. Zolang je geen baan probeert te vinden en niet in het ziekenhuis belandt of met justitie in aanraking komt, zit het vast goed. Waarom blijf je niet gewoon een paar dagen bij ons. Leer je zoon een beetje kennen, breng wat tijd met ons door… Weet ik veel, wen aan het idee dat er mensen zijn die om je geven. Als je er klaar voor ben kun je Rafi vertellen dat je zijn vader bent en als je toch tot de conclusie komt dat het beter is dat je weggaat dan heb je het in elk geval geprobeerd. Dan leg je ook niet zo’n druk op jezelf.’
      Juan trok minachtend zijn wenkbrauwen op. ‘Je wilt echt dat ik onder één dak met jou ga slapen?’
      Emilio haalde zijn schouders op. ‘Van mij part kom je bij ons in bed liggen.’ Hij grijnsde. ‘Mij maak je niet wijs dat je nog nooit een trio hebt gedaan in dat clubhuis van je.’
      ‘Niet met een man erbij,’ mompelde hij.
      Voor een kort moment keken ze elkaar aan en heel even leek Juan zijn mondhoek op te trekken. Daarna werd zijn blik weer donker, alsof hij voor een ogenblik vergeten was wie hij voor zich had – wat hij eens gedaan had.
      ‘Hou je überhaupt van haar? Ik vind de gedachte dat ze het met iemand anders doet niets dan pijnlijk, maar jij lijkt het eerder… grappig te vinden.’
      Emilio haalde zijn schouders op. ‘Een ander zou ik op zijn bek slaan als hij June zou aanraken, maar jou niet. Vanaf de dag dat June en ik voor het eerst zoenden wist ik dat ze ook nog gevoelens voor jou had. Me voorstellen hoe jullie seks hebben… dat voelt gewoon als iets natuurlijks.’ Hij grijnsde. ‘Een goeie porno zoals die er vandaag de dag niet meer zijn.’
      Zelfs nu ze zulke serieuze gesprekken voerde, voelde hij dat de gedachte aan een trio – of alleen naar Juan en June kijken – hem opgewonden maakte.
      ‘Dus ja, ik hou van haar,’ antwoordde hij, vooral om zijn gedachten van zijn strak voelende broek af te leiden. ‘Genoeg om haar aan je af te staan als ze dat zou willen. Als je besluit bij haar te blijven.’ Hij hield zijn blik even vast. ‘Maar als je weer haar hart breekt dan doe ik je wat.’
      Juan sloeg zijn blik neer. ‘Dan doe ik mezelf waarschijnlijk ook wat aan.’ Hij slaakte een diepe zucht. ‘Denk je dat het jullie gezin niet ontwricht als ik een tijdje daar woon?’
      ‘Je bent Rafi’s vader. Je hoort bij dat gezin.’
      Juan keek weer op. Emilio zag een kwetsbaarheid in zijn ogen die maakte dat hij de jongen in een omhelzing wilde trekken. Zijn eigen gezin was ontwricht geweest, hij had altijd gezocht naar een familie, en hij zag ook nu de hoop in zijn ogen gloren.
      Hij sloeg een arm om Juans schouder en keek hem aan. ‘Ik weet dat je me nog steeds niet kan uitstaan. Maar voor mij blijf je mijn broer. Mijn huis is de jouwe, mijn kinderen zijn de jouwe en ja, zelfs mijn meisje is de jouwe.’ Hij grijnsde. ‘Ik ben best genereus, al zeg ik het zelf.’
      Toen Emilio zijn blik opving, trok zijn buik op een aangename manier samen. Misschien was Juan er nog niet aan toe om het aan zichzelf toe te geven – en al helemaal niet aan hem – maar hij las in zijn ogen dat hij ook hunkerde naar hun vroegere vrienschap.
      Dat alles weer werd als vroeger.
      ‘Zullen we eens horen wat June ervan vindt?’ stelde hij voor.
      Juan slaakte een zucht. ‘Oké dan. Ik weet ook niet wat ik anders moet doen. Ik kan niet in andermans schuur blijven slapen.’

. . .


Vanaf het moment dat Juan om Emilio’s nummer had gevraagd was June bloednerveus. Natuurlijk hoopte ze dat de twee hun geschillen konden bijleggen, maar tegelijkertijd was ze vooral heel erg bang dat het misliep en ze straks een belletje van het ziekenhuis kreeg.
      Toen ze een motor hoorde hield ze haar adem in. Ze liep naar het raam en zag dat het voertuig voor haar deur stilhield. Haar hart sputterde in haar borstkas toen Juan afstapte en zijn helm afdeed. Hij keek even over zijn schouder naar de auto die ietsje verderop geparkeerd werd, daarna zag hij haar achter het raam staan.
      Ze voelde haar wangen gloeien toen hij haar aankeek, en onmiddellijk voelden haar benen zo week dat ze er ieder moment doorheen kon zakken.
      Hoe verrot hij zich ook voelde, hoe vermoeid hij er ook uitzag – nog steeds schoten de vlinders door haar heen bij één blik van hem en terwijl ze naar de voordeur liep, kon ze maar aan één ding denken en dat was hem in haar armen houden.
      Zodra ze de deur had geopend en hij naar binnenstapte, deed ze dat ook. Ze hield hem zo stevig vast dat ze hem naar adem hoorde happen. Tranen brandden in haar ogen. Ze was zo bang geweest dat ze hem nooit meer zou terugzien, dat alles maar een droom was geweest.
      ‘Sorry,’ fluisterde hij. Ze voelde zijn lippen door haar haren heen. ‘Ik had je gisteren niet in zoveel onzekerheid moeten laten.’
      ‘Het geeft niet,’ zei zacht. Met gesloten ogen leunde ze in zijn omhelzing. Ze wilde dichter bij hem komen, wilde net als vroeger zijn warme huid tegen haar aan voelen.
      Toen ze haar ogen weer opendeed keek ze recht in Emilio’s gezicht. Vroeger was er op zulke momenten altijd een spottende grijns geweest, nu was er alleen een trieste glimlach. Hij wreef even over haar rug en gaf haar een kus op haar wang toen hij langs hen liep.
      Ze slikte moeizaam en voelde een steek in haar hart. De vleugels van de vlinders in haar buik versteenden en stortten neer, en ze liet Juan los en keek een beetje beschaamd naar de grond.
      Ze was nog steeds met Emilio. Ze mocht niet zo naar haar ex verlangen. Hij deed wel alsof hij het niet erg vond, maar ze zag in zijn ogen dat het toneelspel was en dat het hem wel degelijk pijn deed om hen zo samen te zien.
      Een beetje opgelaten liepen Juan en June de huiskamer in. Emilio stond bij de keukentafel en drukte net een kus tegen Glenns hoofd, die aan het kleuren was en zijn smalle armen om Emilio heen sloeg toen hij zijn vader opmerkte.
      Ze keek even opzij. Juans ogen waren op de man gefixeerd, en ze twijfelde er niet aan dat hij aan zijn eigen zoon dacht en aan alle jaren die hij gemist had.
      ‘Hoe gaat het?’ vroeg ze zachtjes aan Juan toen ze besefte dat ze nog nauwelijks iets gezegd had.
      Hij wreef over zijn hoofd. ‘Nog steeds een chaos hierbinnen.’ Schichtig blikte hij op Emilio. ‘Ik eh – ik moest even met een man praten. Ik wil je niet met al mijn shit opzadelen en nou ja – hij heeft toch nog een hoop goed te maken.’
      ‘Ik ben blij dat jullie zonder blauwe ogen zijn aangekomen,’ zei ze. ‘Daar had ik niet eens op durven hopen.’
      Zijn bruine ogen rustten even in die van haar. Ze zag dat hij zijn hand optilde, maar toen die halverwege naar haar gezicht was liet hij hem weer zakken. Zijn schouders zakten naar beneden.
      Hoewel het tegenstrijdig voelde, was June daar blij mee. Het was beter als ze geen tedere gebaren lieten zien waar haar kinderen bij waren.
      Emilio kwam weer naar hen toe en ze gingen op de bank zitten. Juan zat op de bank die haaks op degene stond waar Emilio en zij op zaten. Een beetje afwachtend keek ze tussen de twee mannen heen en weer, en het was Emilio die uiteindelijk het woord nam.
      ‘Ik heb voorgesteld dat hij een tijdje hier kan wonen. Als jij dat ook goed vindt, natuurlijk.’
      Junes ogen sperden zich open. Verontwaardiging borrelde op omdat hij haar die keuze zo voorschotelde, waar Juan bij was. Maar het was typisch Emilio – eerst een voorstel doen en pas een week later over de consequenties nadenken.
      ‘Dat kan niet,’ zei ze zacht. ‘Hij kan bij Jordy terecht.’
      ‘Hij heeft het recht om zijn kind te leren kennen, June.’
      Ze sloeg haar ogen neer. Dat wist ze heus wel. ‘Betekent dat dat je blijft?’ vroeg ze met een blik op Juan. ‘Natuurlijk wil ik dat Rafi zijn vader leert kennen, maar niet als je weer van de ene op de andere dag verdwijnt. Zodra hij weet dat je zijn vader bent, moet je ook een vader voor hem zíjn.’
      ‘Ik kan daar nog geen beslissing over nemen,’ mompelde Juan. ‘Maar ik wil hem leren kennen. Hij – hij hoeft niet te weten dat ik zijn vader ben. Introduceer me gewoon als een vriend.’
      ‘Dat gaat niet,’ zuchtte ze.
      ‘Hoezo niet?’
      June wrong haar handen in elkaar. ‘Omdat er een foto op zijn nachtkastje staat waar jij erg op lijkt.’
      ‘Waar ik op líjk?’ antwoordde hij met opgetrokken wenkbrauwen.
      ‘O ja, shit,’ zuchtte Emilio. ‘Daar had ik niet aan gedacht.’
      June had sterk het idee dat hij aan veel meer dingen niet had gedacht. Zoals het verhaal dat ze aan haar zoon had opgehangen. Ze vond het moeilijk inschatten hoe Juan daarop zou reageren, maar ze kon er niet echt omheen.
      ‘Ik heb Rafi verteld dat zijn vader is gestorven. Als een held.’ Ze hield even zijn blik vast, zijn wangen kleurden bleek. ‘En ik heb gezegd dat hij Mateo heet. Zodra hij je ziet, zal hij weten dat je zijn oom bent.’
      ‘Nou ja, beter dan zijn vader toch?’ opperde Emilio nuchter. ‘Hij weet in elk geval dat zijn oom Juan bestaat.’
      June masseerde haar slapen. Als Juan nog even als oom wilde doorgaan om te ontdekken wat hij wilde met de relatie met zijn zoon dan moest ze dat accepteren, het was niet anders. Ze kon hem nergens toe dwingen en diep vanbinnen wilde ze niets liever dan dat de twee een goede relatie met elkaar zouden krijgen.
      ‘Rafi zal weten dat we laatst tegen hem gelogen hebben. Toen we zeiden dat Juan mijn ex en Juan zijn oom verschillende mensen waren.’
      Emilio haalde zijn schouders op. ‘Zeg gewoon dat je je schaamde omdat je het met beide broers hebt gedaan.’
      Ze klemde haar kiezen op elkaar. Dat was nou niet echt iets waar ze met haar zoon over wilde praten, zelfs niet als het niet waar was. Eigenlijk wilde ze helemaal niet nog meer leugens tegen haar zoon vertellen – hij zou woest worden als hij erachter kwam dat zijn vader al die tijd in leven was geweest en als Juan zich nu ook nog als zijn oom ging voordoen dan werd het alleen maar erger. Maar wat moest ze anders? Wat als dit de enige manier was waarop Juan kon wennen aan het feit dat hij een vijftienjarige zoon had?
      Met een zucht richtte ze haar blik op Juan. ‘Is dit wat je wilt?’
      Aan zijn ogen zag ze dat hij haar nauwelijks hoorde; hij was waarschijnlijk nog aan het verwerken dat zijn zoon dacht dat hij dood was en dat June zijn broers identiteit had gebruikt om haar web van leugens te spannen.
      ‘Ik weet het niet,’ mompelde hij.
      ‘Nou het is heel simpel,’ vond Emilio. ‘Als oom Juan kun je altijd gewoon weggaan als je het niet trekt. Een kort familiebezoekje kan best. Als papa Juan kun je niet meer weggaan. En kom op June, Rafi is een slimme knul. Hij begrijpt heus wel waarom je hem niet de waarheid hebt verteld.’
      Ja, hij zou het begrijpen. Daar twijfelde ze niet aan. Maar dat wilde niet zeggen dat het hem geen pijn deed en dat het de relatie tussen hen misschien wel voorgoed zou veranderen omdat hij zijn leven lang belogen was.
      Ze had altijd geweten dat haar leugens eens zouden uitkomen, maar ze was er op dit moment nog helemaal niet klaar voor.
      ‘Ik weet het niet,’ zuchtte ze en ze haalde een hand door haar haren. ‘Ik weet niet wat het beste voor hem is.’
      Emilio’s hand gleed in de hare en hij gaf een gerustellend kneepje. ‘Er zijn geen gemakkelijke oplossingen voor deze ingewikkelde situatie. Dit geeft ons in elk geval allemaal de tijd om aan elkaar te wennen en te besluiten wat we willen. De leugen is er toch al. We houden hem alleen wat langer in stand.’
      June sloeg haar ogen even. Ze deed ze pas weer open toen ze Juans stem hoorde. Hij klonk onzeker, fragiel.
      ‘Maar wil jij wel dat ik hier blijf, June? Ik snap het – ik snap het als je liever wilt dat ik ergens anders onderdak zoek. Misschien kan ik nog een paar nachten bij Jordy blijven…’
      ‘Dan leer je je zoon niet kennen,’ mompelde ze. Met een zucht wreef ze over haar gezicht. Ze voelde zich zo verscheurd. Aan de ene kant wilde ze niets liever dan hem dicht bij zich hebben, vooral omdat ze zich anders alleen maar zorgen zou maken. Aan de andere kant vond ze het moeilijk om bij Emilio én Juan in de buurt te zijn en hoewel de twee de strijdbijl voor even begraven leken te hebben, wist ze zeker dat het nog wel tot een paar uitbarstingen zou leiden als ze gedwongen waren om met elkaar om te gaan.
      ‘Wat een bende is dit,’ mompelde ze. ‘Nou goed dan. Stel je maar voor als zijn oom.’
      Na die woorden stond ze op en ging naar boven toe, waar ze zich terugtrok in haar slaapkamer en de dekens stevig om zich heen trok. Zachtjes begon ze te huilen – ze wist niet hoe ze dit allemaal moest aanpakken.
      Ze verlangde naar troostende armen om haar heen, maar de gedachte dat ze niet eens wist naar wiens armen ze verlangde maakte het allemaal nog veel erger.
      Ze voelde zich ontheemd, losgerukt van wat haar leven was geweest en hoewel ze naar alle restanten greep wist ze niet meer hoe ze ze bij elkaar moest brengen.

Reacties (2)

  • NicoleStyles

    hahaha jaa idd wat een bend leugens jaxD
    Emilio is wel meer man geworden in het heden

    1 jaar geleden
  • AmeranthaGaia

    Ik mag deze hedendaagse Emilio wel. Meer dan die uit het verleden. Wat een zak was dat.

    Ik heb wel echt medelijden met June.

    1 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen