Foto bij Scar 66

Het laatste stuk van het vorige hoofdstuk:

Er gaan weken voorbij. En de weken worden maanden. Paige helpt me minder te drinken en ik probeer haar wanhopig te helpen met haar problemen, maar heel veel meer dan haar vasthouden na een nachtmerrie kan ik niet.
Ze ontmoet Benjamin de dag na het alcohol-incident om zijn gewassen kleren terug te geven en sindsdien ontfermen we ons een beetje over hem. We gaan op dates, naar musea, de bioscoop, restaurants. We zijn regelmatig intiem, maar gaan nog steeds niet verder dan zoenen. Ik vind het niet erg om haar de tijd te geven die ze overduidelijk nodig heeft. Drie maanden later zijn we nog steeds samen. En, het klinkt bijna te raar om überhaupt te denken, we zijn gelukkig. Zoiets had ik niet eens voor mogelijk dúrven houden.
‘Nate? Wakker worden,’ haalt Paiges stem me op een zaterdagmorgen uit mijn slaap. Ik maak een ontevreden geluidje en bedek mijn gezicht met mijn onderarm. Ze trekt de gordijnen opzij en ik trek de dekens over mijn hoofd.
‘Nee,’ kreun ik opstandig. ‘Het is zaterdag.’
Ze laat zich bovenop me vallen en alle lucht wordt uit mijn longen geperst. Ze trekt de dekens weg en begraaft haar gezicht in mijn hals. Haar haar komt in mijn gezicht terecht. Een beetje onbeholpen probeer ik het weg te vegen.
‘Zaterdag,’ smeek ik haar.
‘Maar ik ben een zielig boek aan het lezen en ik heb een knuffel nodig.’
Ik sla nog altijd slaapdronken mijn armen om haar heen en ze nestelt zich tegen me aan.
'Beter?'
Ze maakt een instemmend geluid.
'Mag ik nu weer slapen?' vraag ik.
'Ja, tuurlijk. Als je me maar niet loslaat,' zegt ze zachtjes lachend.
'Ik zou niet durven,' zeg ik, maar wanneer het me na een paar minuten duidelijk wordt dat ik toch niet meer ga kunnen slapen, vraag ik: 'Gaat het? Welk boek ben je aan het lezen?'
'Sterrennacht.'
'Van Jack Lockley?' vraag ik en ik voel haar knikken. 'Ja, die is inderdaad erg zielig.'
Opeens hoor ik haar zacht sniffen en ik draai mijn hoofd om haar aan te kunnen kijken. Ik zie dat ze de tranen in haar ogen weg probeert te knipperen. Ik kom een stukje overeind, steunend op mijn elleboog.
'Hé, gaat het? Oh, Paige, kom hier,' zeg ik en ik trek haar weer dicht tegen me aan. Ik kom erachter dat het mogelijk is om ingetogen te lachen en medelijden te hebben tegelijkertijd.
'Het is gewoon echt heel zielig,' mompelt ze verdedigend in mijn shirt. Ze huilt niet echt, maar moet duidelijk even slikken.
'Ik weet het,' sus ik en ik houd haar dichter tegen me aan. Ik probeer vooral te doen alsof ik zelf niet heel erg veel harder gehuild heb om dat boek.

Ongeveer om tien uur, wanneer Paige zich nog aan het aankleden is, gaat opeens de deurbel. Ik doe de deur open en even ben ik volledig van mijn à propos gebracht. We staren elkaar aan en even denk ik dat ik droom.
‘Mam?’ stamel ik wanneer ik geconcludeerd heb dat het inderdaad geen droom is - helaas.
‘Wie is dát?’ stoot ze uit - en dat is het eerste wat ze in jaren tegen me gezegd heeft.
Ik volg haar blik en draai me om. Paige komt net de slaapkamer uitlopen. Ze draagt een zwarte legging en witte sokken. Ze heeft een marineblauwe hoodie van mij aangetrokken, de mouwen zo lang dat ze ze tot haar ellebogen op heeft gestroopt zodat ze niet over haar handen zakken. Een beetje nerveus strijkt ze een lok haar achter haar oor. Net wanneer ze haar mond opent om iets te zeggen, begint mijn moeder te schelden.
‘Verdomme, Nathan! En?! De hoeveelste betekenisloze slet is dit?!’ Roept ze en ik hoor Paige achter me naar adem happen. Net wanneer ik haar tegen wil spreken, gaat ze verder. ‘Wedden dat je haar naam niet eens weet?! Je hebt een reputatie, Nathan. Denk je dat ik daar niet van wist?! Ik dacht dat je misschien veranderd was, maar hier sta je dan, met de zoveelste goedkope hoer-‘
‘Mam!’ sis ik. ‘Dit is Paige, mijn vriendin.’
Stilte, een paar seconden maar. Dan volgt het besef.
Mijn moeder slaat met groot opgezette ogen haar handen voor haar mond en even denk ik dat ze geschrokken is van haar eigen uitval, maar dan slaakt ze een verrukt kreetje en loopt langs me heen naar Paige toe. Ze biedt niet eens haar excuses aan.
Ze jubelt wat dingen die ik niet kan verstaan terwijl ze aan Paiges haren plukt en haar van top tot teen bestudeert. Ik kan zien hoe het gestaar haar ongemakkelijk maakt, maar ze zegt er niets van.
‘Nathan! Ik ben zo blij voor je! En wat is ze mooi!’ zegt mijn moeder, alsof Paige er niet bij staat. Ze kijkt me goedkeurend aan. ‘Hoe heet ze ook alweer?’
‘Paige,’ antwoordt ze namens mij. Ze glimlacht, maar ik zie aan haar blik dat ze mijn moeder even grondig in zich opneemt als andersom. ‘Ik heet Paige Bourgeoiselle.’
‘Is dat Frans?’ Ze wacht niet eens op een antwoordt en klapt verblijd in haar handen. ‘Ik wil alles weten. Kom anders een keer eten. Wat dachten jullie van…morgenavond?’
Ze kijkt vragend naar mij en ik schud mijn hoofd. ‘Mam, alsjeblieft. Dat is niet nodig.’
Ze maakt een wegwerpend gebaar met haar hand en zegt resoluut: ‘Natuurlijk wel. Ik sta erop.’
Zuchtend kijk ik naar Paige, die zachtjes knikt ten teken dat ze het niet erg vindt. Verslagen zeg ik: ‘Prima.’
‘Geweldig. Om zeven uur?’ Voordat ik daarmee in kan stemmen, draait ze zich om naar Paige. ‘Lust jij vis?’
Ze knikt een beetje overdonderd.
'Oh, dit gaat geweldig worden!' roept ze uit. 'Weet je, ik ben blij dat je er bent, Paige. Om eerlijk te zijn was ik echt bang dat hij voor de rest van zijn leven single zou blijven.'
Paige glimlacht kil en zegt: 'Dan is het maar goed dat zijn waarde niet bepaald wordt door zijn relatiestatus, of wel?'
Ik zie een giftige blik in mijn moeders ogen die Paige beantwoordt. Sinds ik haar verteld heb dat mijn ouders mij ook de schuld geven van Blueberry's dood, heeft ze al besloten hen niet te mogen. Als mijn moeder en ik nog van elkaar hielden, was ik tussenbeide te komen.
'Ik zou maar niet zo bijdehand doen, meisje. Geliefden komen en gaan, maar ik ben voor altijd zijn moeder,' zegt ze zacht. Waarschijnlijk was het niet de bedoeling dat ik het zou horen, maar ik hoor het wel en mijn gezicht betrekt. Ja, ze is mijn moeder. En wat voor een.
Ze trekt haar gezicht in de plooi en wendt zich tot mij: 'Nou, dan ga ik maar weer. Tot morgenavond. Zes uur, oké?'
Ze is al weg voordat ik het heb kunnen bevestigen. Ik gooi de deur nog net niet achter haar dicht. Trut. Ik loop naar Paige toe en kijk haar verontschuldigend aan.
'Het spijt me,' zeg ik.
Ze overbrugt die laatste kleine afstand tussen ons in en legt haar handen in mijn nek.
'Hey, het is jouw schuld niet.' Ze gaat op haar tenen staan en geeft me een zachte kus. 'Het is jouw schuld niet, oké? En ik heb het er waarschijnlijk niet bepaald makkelijker op gemaakt, maar... maar ik zie gewoon dat... ik kan er niet tegen dat haar mening over jou afhangt van alle mogelijke factoren, behalve wie je echt bent.'
Niet wetende wat ik daar in godsnaam op moet antwoorden, trek ik haar maar gewoon dankbaar tegen me aan en houd ik haar in mijn armen.
'Het... Het is zo frustrerend. Ik zie gewoon dat... Ze kijkt wel naar je, maar ze ziet je niet. Ze wil je niet zien. En volgens mij wil ze het helemaal niet goed met je maken. Ze... Ze wil gewoon nog meer drama starten en dan de slachtofferrol spelen. Ik-Ik zou gewoon willen dat je een betere moeder had.'
Ik verstevig mijn grip een beetje. Ze lijkt er echt mee te zitten, zelfs nog meer dan ik.
'Ik verdien het wel een beetje, hoe ze tegen me doet,' zeg ik zachtjes.
Ze maakt zich van me los en kijkt me met glinsterende ogen aan, mijn gezicht in haar handen.
'Zeg dat niet.' Ik kan de brok in haar keel horen en ze slikt. 'Het breekt mijn hart wanneer je dat zegt.'
Ik omhels haar maar gewoon weer en ze kondigt aan dat ze wat ontbijt voor ons klaar gaat maken. Ik bied aan haar te helpen, maar ze zegt dat ik maar gewoon wat moet ontspannen en omdat ze het echt goed bedoelt, doe ik wat ze zegt.
Ik eindig bij het raam, met mijn handen op de vensterbank geleund en mijn hoofd gebogen.
Ik wil mijn ouders niet onder ogen komen. Het was allemaal zoveel makkelijker toen ze mijn bestaan nog volledig negeerden. Wat als ze over Blueberry beginnen? Wat als ze allemaal verhalen zullen bedenken om mij zwart te maken tegenover Paige? Wat als ze dat zullen doen en Paige het nog echt zal geloven ook? Ik weet niet of ik dit kan. Ik weet niet of ik terugkan naar dat huis vol herinneringen en-
‘Je bent van slag,’ haalt Paiges stem me uit mijn overpeinzingen. Ze komt achter me staan en laat haar armen om mijn middel glijden. Haar wang legt ze tegen mijn schouder en ik ga rechtop staan.
Ik zucht. ‘Ik sta gewoon niet heel erg te trappelen om mijn ouders weer te zien.’
‘Ik bob wel,’ zegt ze en haar stem klinkt geruststellend, maar ik heb geen idee wat ze bedoelt.
‘Wat?’
‘Oh. Oh, sorry. Dat is iets Europees. Ik drink morgenavond geen alcohol, dan kan ik autorijden en kan jij gewoon drinken.’
Ik grinnik en draai me om in haar omarming. ‘Hoeft niet. Ik ben inmiddels wel gewend aan mijn ouders onzin. Je bent de dapperste persoon die ik ken, maar ik denk dat je wel wat hulp kan gebruiken.’
Ze schudt lachend haar hoofd. ‘Ik zal me heus wel gedragen. Echt, ik hou het wel bij water. Maar drink gewoon niet teveel, oké? Gewoon net genoeg om te kunnen ontspannen.’
‘Natuurlijk. Dank je,’ geef ik eraan toe, omdat het inderdaad wel een beetje de scherpe randjes van mijn zenuwen zal halen als ik een glas wijn erbij kan drinken.
‘We redden ons wel,’ zegt ze. ‘Jij, ik en een fles witte wijn. Komt wel goed.’
‘Heel motiverend, maar ik ben bang dat ik je moet verbeteren, want mijn ouders drinken alleen rood.’
Haar wenkbrauwen schieten omhoog. ‘Rode wijn bij vis? Ik ben blij dat ik een excuus heb om het af te slaan.’
‘Gesproken als een ware Française.’
Ze glimlacht even en kijkt me dan weer serieus aan, haar grijze ogen indringend en bijna smekend.
'We komen er wel uit. Samen. Jij en ik,' belooft ze me.
Ik slik. 'Jij en ik.'
Ze knikt en geeft me een zachte kus. Ze trekt een klein stukje zich terug en we kijken elkaar een paar seconden aan. Dan kussen we elkaar weer, een stuk minder zacht dan eerst. Ik draai onze posities om, waardoor zij tegen de vensterbank aan staat. Ik til haar erop en ze slaat haar benen om me heen om me dicht bij zich te houden. Haar handen pakken mijn schouders steviger vast en ze kantelt haar hoofd een beetje om me dieper te kunnen kussen.
Ze wil begrijpelijk nog geen seks hebben, maar om eerlijk te zijn beginnen we met de dag steeds meer op pubers te lijken tijdens het zoenen. Waarschijnlijk omdat zij dat deel van de puberteit volledig heeft overgeslagen. Ze heeft wat in te halen, wat ik helemaal niet erg vindt. Het is geen straf om samen met haar die voor haar onbekende wereld te ontdekken.
Ik trek haar met mijn armen om middel geslagen dichter tegen me aan en ze mompelt mijn naam tegen mijn lippen. Ik verlies mezelf in haar en bijna vergeet ik het allemaal - mijn ouders, Blueberry’s dood, al mijn zorgen. Er is alleen nog maar Paige en mijn lippen op de hare, mijn armen om haar middel en haar benen om me heen.
En dan haalt de broodrooster ons uit het moment. Even blijven we zo met onze voorhoofden tegen elkaar aan zitten in een poging weer op adem te komen.
'Ontbijt?' vraagt ze dan en ik knik.
Ik help haar van de vensterbank af en ze haalt de toast uit het broodrooster. We gaan aan tafel zitten en ik zeg: 'Misschien wordt het nu dan eindelijk tijd om jou een PB&J sandwich te laten proeven.'
Een paar dagen geleden heeft ze gezegd dat ze dat nog nooit op had en het haar echt verschrikkelijk leek en ik zei dat als ze echt in Amerika wilde blijven wonen, ze het eigenlijk minstens één keer moest proberen. Ze maakt een klaaglijk geluidje, maar protesteert verder niet, dus ik pak een mes, wat brood, pindakaas en jam en begin te smeren.
Wanneer ik klaar ben, buig ik me over de tafel en houd ik het bij haar mond. Met tegenzin neemt ze een iets te klein hapje en ze kauwt er langzaam op, een bedenkelijke uitdrukking op haar gezicht. Ze slikt en wacht even tot ze iets zegt, alsof ze naar de juiste woorden zoekt.
'Ik... Ik begrijp waarom er mensen zijn die het niet totaal verachten,' zegt ze dan. 'En aangezien ik weet hoe graag jij het eet, bied ik je bij deze de rest van de sandwich aan. Met liefde.'
Ik rol met mijn ogen en neem een hap. Met mijn mond vol zeg ik: 'Alleen omdat het met liefde is, hoor.'
Ze pakt een stuk toast en doet er geitenkaas en honing op.
'Kijk. Dát stuk ongedierte daar is dus wat ík totaal veracht,' zeg ik.
'Het is Frans,' zegt ze, alsof dat het rechtvaardigt.
'Ja, foie gras ook en dat is letterlijk gemaakt van ziekgemaakte gans.'
Ze rolt met haar ogen en komt overeind. Nu buigt zij zich over de tafel om het de toast bij mijn mond te houden en ik schud met angstige ogen mijn hoofd.
'Stel je niet zo aan. Je hebt ouders die rode wijn bij vis eten. Dit overleef je ook wel.'
Ik kijk haar smekend aan, maar ze haalt alleen maar met een brutale blik haar wenkbrauw op en ik neem met tegenzin een hapje.
Fuck. Het is nog lekker ook.
Ik kreun verslagen en geef toe: 'Oké, dat is eigenlijk best wel totaal niet echt verschrikkelijk.'
Ze glimlacht en legt de rest van de toast ook op mijn bord.
'Met liefde,' zegt ze met een knipoog, waarna ze een tweede toastje pakt om weer hetzelfde voor zichzelf te maken.
'Morgen zal ik french toast voor je maken,' belooft ze me.
'En ik zal een keer pannenkoeken voor je bakken.'
Mensen zeggen altijd dat het wel goed komt. "Het komt allemaal wel goed." Het is een leugen, want niet alles kan goed komen, maar omdat het niet opzettelijk is en het zo vastgeroest in in de vocabulaire, leidt het in de meeste gevallen niet tot een litteken, wat alleen ontstaat als er bewust sprake is van een leugen. Ik geloof het nooit wanneer iemand het zegt, maar als ik Paiges eeuwig serieuze blik zie verzachten en ik zie hoe ze glimlacht om mijn woorden, voelt het toch alsof het wel goedkomt. Ik weet niet wat precies, maar íéts. Om de een of andere debiele reden geloof ik het echt. Het komt wel goed met ons.

Reacties (1)

  • BethGoes

    Het komt zeker goed!

    1 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen