Een begraafplaats, iets wat ik niet verwacht had maar ik kom er graag. De eerste keer was samen met mijn ouders en mijn broer. Met zijn krukken, mij groot houdend, want het ging niet om mij. Het ging om mijn broer, de bevestiging dat hij daar lag. Het was een graf wat er net lag, dus vooral zand, maar al vol met plantjes en bloemen.

Hij was geliefd, heel erg geliefd. In de auto op de terug weg ben ik stil en thuis ga ik gelijk naar mijn kamer, in mijn kamer barst ik en mijn moeder heeft het door. Ik huil tot ik niet meer huilen kan. De tranen rollen tot ze op zijn. Ik voel mij kapot, gebroken van binnen en ik wenste dat ik daar lag. Dan had ik deze pijn niet, dan hadden zoveel mensen deze pijn niet gehad.

Het kaartje met de foto van hem die we kregen op de begrafenis heeft inmiddels al een prachtig zilver lijstje gekregen. Naast mijn opa staat hij op een plankje in mijn kamer. Omringd door een beeldje van mijn opa en een beschermengeltje.

Wat ik nu nog niet weet is dat de begraafplaats mij rust gaat brengen, rust en acceptatie.

Na een paar weken ga ik nog een keer alleen. Ik heb inmiddels mijn rijbewijs en ga graag naar het graf om daar even te zijn. Echter is dit keer het graf veranderd. Er ligt een soort steen, hij lijk op een vervormde boomstam maar het is steen Het begint steeds meer te lijken op het graf hoe ik hem nu ken. Er worden foto's weggelegd en elke keer als ik er kom liggen er wel verse bloemen of plantjes. Dit is een fijne gedachten. Echter voel ik mijzelf verplicht om zelf ook elke keer wat mee te nemen en waarom weet ik niet zo goed.

Daarnaast krijg ik last van spijt. Spijt dat ik wel bij hem ben, maar nooit bij het plekje van mijn opa. Daar ben ik immers op mijn 6e denk ik ooit geweest en daarna nooit meer. Dit omdat ik het niet aan mijn moeder durfde te vragen uit angst haar pijn te doen.

Er zijn nog geen reacties.


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen