Foto bij H22: Dondervogel ~ Khana

“Gelieve uw gordels vast te maken. Het is verboden om…”, zei de stem van de stewardess, maar ik kon me er niet goed op focussen. Ik was me er zelfs amper van bewust dat ik in het vliegtuig zat. Ondanks Nicks protesten dat ik nog niet in orde was, had ik toch volgehouden dat we vandaag konden vertrekken. Nick had zich erbij neergelegd en Emma en Noah hadden er niet veel over gezegd. Ik voelde weer een serieuze spanning tussen Nick en zijn broer en zus, maar ik wist niet goed waarom dat opeens weer zo was. Het enige wat ik me herinnerde, was dat ik na dat rare gevoel in het niets leek te zweven en dat ik opeens op een wit strand stond, waar Qiuri dan met gekruiste benen naar de zee gericht zat. “Amai, dat was me nogal wat”, zei hij toen hij zich naar mij omdraaide en grijnsde. Zijn ogen straalden een zekere vermoeidheid uit, maar hij leek tevreden. “Het is misschien handig dat je wakker wordt, Nick maakt zich zorgen om je. Het was fijn om je nog eens gezien te hebben”, zei hij toen opeens en hij zwaaide kort, waarna het weer even zwart werd. Daarna herinnerde ik me vaag dat Nick me naar mijn kamer bracht en dat ik in slaap was gevallen. Oh, en veel hoofdpijn.

“Gaat het?” vroeg Nick en ik opende met moeite mijn ogen. Ik was bijna in slaap gevallen en ik zuchtte even. “Ja hoor, het gaat wel”, zei ik suf en wreef even in mijn ogen. Ik had echt het gevoel dat de realiteit niet echt was… “Hoever zijn we?” vroeg ik toen en ging wat rechter zitten. “Halverwege, dus je kunt nog wat rusten”, zei hij en ik knikte. “Wat is er eigenlijk met Emma en Noah gebeurd? Ik denk niet dat ze in jouw huis mogen blijven…”, vroeg ik toen voorzichtig en Nick humde. “Ze zijn ook verder gegaan, ze zijn iets voor ons vertrokken. Mijn kat heb ik bij de buurvrouw achtergelaten”, vertelde hij en ik glimlachte even. “Oké”, mompelde ik en sloot mijn ogen, waarna ik wel in slaap viel.

Ik werd wakker doordat het vliegtuig maar bleef schudden. Mijn maag vond dit absoluut niet leuk en ik moest nog net niet overgeven. “Wat is er aan de hand?” vroeg ik gespannen aan Nick en hij keek op van het boek dat hij rustig aan het lezen was. “Onweersbuitje, we zijn er zo meteen wel doorheen”, antwoordde hij, alsof het niets was. Ik besloot hem maar op zijn woord te geloven en deed het raampje voorzichtig open om eens te kijken. De regendruppels gleden van links naar rechts en ik zag af en toe een flits. Opeens zag ik een figuur in een flits en ik knipperde even met mijn ogen. Toen er weer een flits was, trok ik grote ogen en stootte Nick nogal redelijk hard aan. “Auw, wat…”, begon hij verontwaardigd, maar ik zei toen: “Zeg alsjeblieft dat ik geen waanbeelden zie nu…” Hij fronste verward en ik ging wat opzij, zodat hij ook door het raam kon kijken. “Wat moet ik zien?” vroeg hij en ik probeerde te wijzen naar de juiste plek. “Is dat geen…”, begon ik, maar zag dat het weg was. Verbaasd en ook wel bezorgd probeerde ik hem te zoeken, maar ik zag hem niet meer. Begon ik echt waanbeelden te zien?

“Khana? Zeker dat het ga…”, begon Nick toen, maar hij viel stil en leek meteen alert te worden. Hij ging half over mij hangen en keek nu ingespannen naar buiten. “Wel heb je ooit…”, zei hij plots en er verscheen een grijns op zijn gezicht. Ik duwde hem wat opzij zodat ik ook kon kijken en ik trok grote ogen. “Zie je ook die dondervogel?” vroeg ik toen wat onzeker en hij grijnsde nog meer. “Zeker, en zie hoe dicht hij vliegt! Prachtig!” zei hij opgewonden en ik keek ook naar buiten. Een eind van het vliegtuig vandaan verscheen af en toe het silhouet van de dondervogel die in en uit de wolken dook. Opeens leek hij recht op het vliegtuig af te vliegen en ik voelde mijn hartslag stijgen. Waarom kwam hij op ons af? Nicks grijns verdween en er verscheen een bezorgde uitdrukking op zijn gezicht. “Wat gaat hij doen?” vroeg ik verward en Nick leek het ook niet te snappen.

Toen hij nog geen kilometer van ons verwijderd was, opende hij zijn bek en tot mijn ontzetting werd hij geraakt door een bliksemschicht. Het vliegtuig schudde heftig door elkaar waardoor Nick half omver viel en mij bijna plette. Toen we uit de knoop waren en terug uit het raampje keken, zagen we niets anders dan de donkere onweerswolken. Die werden snel lichter en voor we het wisten, waren we eruit. Ontzet zakte ik terug in mijn zetel en keek voor me uit. Wat was er net gebeurd?

Reacties (1)

  • Kaffaljidhmah

    De dondervogel heeft zichzelf neergebliksemtxD

    1 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen