Foto bij 173 - Emmeline

Na die woorden slaat de sfeer in het gezelschap om. Ik vervloek mezelf dat ik ze uitgesproken heb, meteen zodra het mijn lippen verlaat.
Lucien doet zijn best om niet te reageren, maar ik ken elk kleine trekje op zijn gelaat en ik merk dat hij overspoeld wordt door gevoelens, velen daarvan niet positief.
Pascalle lijkt het echter niet op te merken en kijkt me even vragend aan, een twinkeling in haar ogen. "Is het dan toch?" Ik zie haar naar mijn buik kijken, verwachtende dat ze daar haar antwoord zal vinden, en dan weer naar mij. "Ik vermoedde iets, maar wilde het niet vragen.."
Ik knik en pak, om het moeilijke onderwerp hopelijk te verlichten, Lucien's hand. Zijn aanraking voelt moeizaam, alsof al zijn spieren aangespannen zijn door die simpele opmerking.
"Wat een geweldig nieuws!" Haar stem slaat bijna over en even lijkt het alsof ze aanstalten maakt om me te omhelzen, maar ze lijkt zich te bedenken. "Gefeliciteerd! Jullie zijn vast ongelooflijk blij."
Ze kijkt naar Lucien, naar mij, dan weer naar Lucien, die er met een glimlach "Dolgelukkig," uit weet te krijgen.


Nadat het vuur gedoofd is, de zon onder is gegaan en de twee jongeren in ons gezelschap bijna in slaap vallen, lopen we terug.
"Het spijt me," vertel ik Lucien zachtjes. Ik weet hoe angstig hij is, en weet ook dat ik hem niet kan dwingen om zich daar snel overheen te zetten. Des te meer ik hem ga duwen, des te meer hij zich terugtrekt. Natuurlijk is dat moeilijk, maar wil hem niet kwijt. Wil zijn liefde niet kwijt.
"Hhhmm?" Zijn kostuum ruikt naar rook van het kampvuur en er zit een kleine vlek chocolade op de kraag van zijn blouse.
"De opmerking die ik maakte. Ik weet hoe..." Hij wuift het weg voordat ik mijn zin ook maar af heb kunnen maken.
"Laten we het er niet meer over hebben vandaag, Emma."
"Maar.. ik wil dat je weet dat ik je begrijp. Dat ik niets wil forceren."
Hij zucht, zachtjes maar hoorbaar. "Dat weet ik. Zullen we er over ophouden?"
"Lucien, ik snap.."
"Fin de conversation. Prêt." Zodra hij Frans praat weet ik dat hij het meent, en dus houd ik wijselijk mijn mond.
Mijn hoofd draait ondertussen overuren. Morgen is het vonnis, dat zal een deel van de reden zijn dat hij zo... emotioneel is.

Hij laat zich baden om de geur van rook van zijn lijf te krijgen. Morgen is een belangrijke dag, en we moeten zo presentabel mogelijk zijn. De jurk die voor me gemaakt is hangt al klaar in de kamer. Hij loopt extreem wijd uit vanuit onder de boezem, alles om te verbloemen dat ik in verwachting ben.
Het nieuws moet eerst in Frankrijk gedeeld worden, en het zal mijn ouders ter gehoren moeten komen voordat het zich door heel Europa verspreidt.
Daarnaast moet alle aandacht gevestigd zijn op de koningin, die haar lot te horen zal krijgen, en het sterke en veerkrachtige Frankrijk, met haar toekomstige koning.
Eschieve is gespannen, ik merk het aan haar als ik haar bezoek terwijl Lucien gewassen wordt.
Ze doet alsof er niets aan de hand is, maar ik merk het aan alles.
"Eschieve," ik leg mijn hand op haar arm als ze me voor de zoveelste keer in het gesprek een koekje aanbiedt. "Rustig aan. Praat met me over je zenuwen."
Ze schudt haar hoofd. Het wegwuiven lijkt in de familie te zitten, ze is er net zo goed in als haar broer. "Het is niets."
"Je kunt het me vertellen, Eschieve. Er is niets om je voor te schamen, zenuwen zijn normaal vlak voor een vonnis als dit.."
Ze kijkt me even glimlachend, bijna opgelucht, aan en schudt dan haar hoofd. "Dat is niet waar mijn zenuwen vandaan komen. Ik ben niet bang voor het vonnis..."
Ze schenkt me een glas wijn in. "Waar ben je dan bang voor?" vraag ik haar, terwijl ik het glas van haar aanneem.
"Ik ben bang voor...," ze zucht. "Ik ben bang dat Lucien geen tijd meer voor me zal hebben, als... als de baby er is. En als hij koning is. Aleran was nooit een goede, grote broer, maar Lucien wel. Hij luistert altijd naar me, en ik kan altijd bij hem terecht. Maar als hij Frankrijk moet leiden en een kind heeft zal hij misschien veel te druk zijn voor zijn kleine zusje." Ze slaat haar ogen kort neer en kijkt me dan aan. Ik zou het bijna beschaamd noemen, zoals haar gezicht staat. "En ik weet dat dat egoïstisch is, en ik weet ook dat ik me geen zorgen zou moeten maken. De baby wordt dan misschien wel het belangrijkste kind in zijn leven, en Frankrijk zijn verantwoordelijkheid, maar hij blijft mijn grote broer... Maar toch ben ik bang dat hij me vergeet."
"Oh, bibiche.." Ik gebaar haar op mijn schoot te komen zitten, en ondanks dat ze ondertussen bijna een volwassen vrouw is doet ze het. Ze legt haar hoofd tegen mijn schouder en laat het toe dat ik met haar haren speel zoals mijn moeder dat bij mij deed. "Natuurlijk zullen zijn taken veranderen, maar je blijft zijn zusje. Lucien houdt zielsveel van je, en ik ook.. Hij zal altijd tijd voor je maken."

Ik blijf bij haar tot ze slaapt, lees haar zelfs een Frans verhaal voor. Ze corrigeert me een aantal keer op mijn uitspraak, giechelt als ik de mist in ga en valt daarna als een roos in slaap.
In onze vertrekken brandt nog licht. Lucien ligt in bed, een boek in zijn handen en zijn natte haren druppend op het kussen. Zijn bovenlijf is ontbloot, verlicht door de olielamp op het nachtkastje.
Hij kijkt op als ik binnenkom. "Waar was je?" Hij klinkt eerder nieuwsgierig dan wantrouwend, en ik gebaar naar links.
"Bij Eschieve. Ik merkte dat ze.. gespannen was, dus we hebben een goed gesprek gehad."
Hij knikt, klapt zijn boek dicht en legt het ding naast zich neer, waarna hij op de lege plek in het bed klopt.
Ik ontdoe het rijgwerk van mijn jurk en trek na wat geploeter mijn nachtjapon aan, waarna ik naast hem ga liggen.
"We zijn allemaal gespannen.. Het is een rare tijd, en het is al helemaal vreemd om hier in Portugal te zijn met alles dat er gebeurd is. Maar het is goed dat we elkaar hebben..."
Ik leg mijn hoofd op zijn borstkas, en voel de waterdruppels mijn jurk natmaken.
"Ja.. we hebben elkaar."

Er zijn nog geen reacties.


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen