Foto bij H24: Qiuri ondervragen ~ David

Met stevige passen liep ik via een slingerend pad de berg op. Het was vrij mistig, maar dat hield mij niet tegen. De raad had mij opgedragen om Qiuri te ondervragen, dus ik was naar hem op weg. Een windvlaag liet me opkijken, maar ik zag niets of niemand. Weer stapte ik verder en na een tijdje zag ik in de verte een gebouw opdoemen: het Kusushi-heiligdom. Het was vroeg in de ochtend, dus er was nog niemand. Ik versnelde mijn looppas en niet veel later was ik in het heiligdom. Ik liep naar het luik achter het altaar en trok deze open. De gang onder het luik was donker, waardoor ik vermoedde dat Qiuri zelf niet in de buurt was. Ik dook het gat in en sloot het luik boven mijn hoofd, waarna ik begon te wandelen.

Na wat zoeken vond ik Qiuri in zijn slaapkamer liggen met gesloten ogen. Zijn ademhaling ging langzaam en hij leek diep te slapen. Ik hurkte naast hem neer en schudde aan zijn schouder. “Qiuri?” vroeg ik voorzichtig en hij mompelde wat. Bezorgd fronste ik en schudde hem nogmaals. Normaal sliep hij niet, dus wat was er gebeurd? “Qiuri? David hier”, zei ik toen weer en met wat moeite opende Qiuri zijn ogen. Toen hij mij zag, slaakte hij echter een hoge gil en vloog een meter achteruit. “David gast, wat is jouw probleem! Dat was kei eng!” riep hij boos en ik fronste verontwaardigd. Ik, eng? Wel bedankt… “Qiuri, de raad heeft…”, begon ik, maar hij stak zijn hand op. “Begin maar opnieuw, maar dan zonder die naam”, zei hij mopperend en ik zuchtte. “Ik wil je enkele vragen stellen”, zei ik toen maar en Qiuri slaakte een dramatische zucht, maar stond toen maar op. “Ga maar in de woonkamer zitten, ik kom eraan”, zei hij en ik knikte, waarna ik naar de woonkamer ging.

“Vertel”, zei Qiuri terwijl hij me een warme kop thee aangaf. Dankbaar nam ik hem aan en nam voorzichtig een slok, waarna ik begon te vertellen: “De ra… ik bedoel, bepaalde personen willen weten wat je in Khana’s herinneringen hebt gezien. Ze zit nu in categorie ‘O’ en waarschijnlijk gaat ze nog naar ‘U’ geplaatst worden. Die personen wachten nog steeds op Khana’s dossier uit Amerika en ondertussen onderzoeken ze ook de zaak met de aspidochelone. Dus Qiuri, zeg alsjeblieft iets over wat je in Khana’s hoofd hebt gezien…” Hij wreef vermoeid in zijn ogen en vroeg toen: “Leg nog eens uit hoe dat met die categorieën zit?” “A betekend ‘zeer betrouwbaar’, E is ‘betrouwbaar’, I is ‘gewoon of neutraal’, O is ‘verdacht’, U is ‘niet te vertrouwen’ en Y is ‘zeer onbetrouwbaar’. Vanaf ‘O’ vragen die personen om het wezen in die categorie extra in het oog te houden”, vertelde ik geduldig en hij knikte. Het was vrij lang stil, waarna Qiuri grimaste en zijn hoofd schudde. “Sorry David, maar ik kan dat echt niet vertellen. Ze vormt geen gevaar voor ons, dat kan ik wel zeggen, maar het echte gevaar kent haar wel…”, zei Qiuri toen en ik keek hem verward aan.

“Hoe bedoel je?” vroeg ik en zijn ogen werden een tint donkerder. “Ik bedoel dat jullie de verkeerde persoon als vijand zien, jullie stomkoppen! De echte vijand loopt daar ergens buiten rond, maar jullie kijken niet verder dan jullie neus lang is!” schreeuwde hij boos en ik veranderde naar mijn halve kitsunegedaante. Ik ging op mijn hurken zitten en mijn oren stonden alert omhoog. Qiuri’s karakter was zo onberekenbaar dat ik niet wist of er een gevecht ging komen of dat dit tijdelijk was. Ondertussen tierde Qiuri verder: “Hij maakt plannen en smeed duistere verbonden met verschillende wezens, maar nee hoor! Jullie moeten persé Khana hebben, echt typisch iets voor jullie! Jullie jagen de verkeerde na! Jullie denken dat jullie slim zijn, maar jullie zijn nog dommer dan mijn grote teen!” Opeens sprong hij op en trok zijn katana. “Uit mijn huis! Ga weg!” schreeuwde hij nu en ik stond op. “Qiuri, wordt rustig, we hebben die informatie…”, probeerde ik nog, maar hij zwaaide met zijn katana en ik wist die maar net te ontwijken. Snel liep ik naar de berguitgang en net toen ik de deur naar buiten opende, voelde ik een scherpe pijn door mijn rug gaan.

Ik struikelde naar buiten en rolde wat verder, waarna ik hijgend bleef stilliggen. Qiuri bleef maar tieren en hij zwaaide met zijn katana, waar wat bloed aan hing. Hij werd steeds agressiever als het over de raad ging en nu leek hij het helemaal niet meer te willen onderdrukken. Weer zwaaide hij met zijn katana naar mij, maar ik wist enkele planten om zijn handen te laten wikkelen. Ik kon geen aarde, wind of vuur beheersen en de mist begon te verdwijnen. Met wat moeite wist ik de resterende mistflarden om Qiuri heen te verzamelen zodat hij geen oriëntatie meer had en ik strompelde zo snel mogelijk weg. Ik veranderde naar mijn volledige vosvorm en kreunde pijnlijk. Ik kon Qiuri niet pijn doen en in een gevecht zou ik meteen verliezen, dus bleef enkel de optie weglopen over. De snee over mijn rug brandde en met enkele sprongen wist ik verder de berg af te rennen, terwijl het geroep van Qiuri vervaagde tot vage echo’s. De raad ging hier niet blij mee zijn…

Reacties (1)


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen