Foto bij H66

Zwarte vlekken beginnen zich voor mijn ogen te vormen en ik zie nog net in de spiegel hoe een zwarte gedaante vanachter me verschijnt, maar ik verlies al het bewustzijn en val met een klap op de grond.

Alaïs Spiorad pov.

Ik open langzaam mijn ogen en ik voel dat ik op iets zachts lig. Ik kom langzaam overeind en schud mijn hoofd. “Dat was een zware klap die je kreeg”, zegt een stem en ik kijk opzij. De witte gedaante zit op een zetel met gekruiste benen. Ik ga recht zitten en merk dat ik op de sofa lig van mijn huis. “W… wat is er gebeurd?”, vraag ik verward en hij slaakt een diepe zucht. “Altijd hetzelfde met die primaten: wat is er gebeurd?”, imiteert hij mijn stem en ik kijk hem dodelijk aan. Hij haalt de sigaret uit zij mond en blaast een hele wolk. “Het pentagram om je nek was behekst, daarom dat het zo brandde. Je lichaam heeft zijn eigen methode van afweer en dat is de verschroeide plek die voorkwam dat je bezeten ging worden”, zegt hij nonchalant en gooit het pentagram naar mij en ik vang hem op. “Ik heb hem steriel gemaakt, hij is niet meer behekst dus kun je hem weer gewoon dragen”, zegt hij en ik doe hem om mijn nek. “Behekst?”, zeg ik verward. Heeft Henry het pentagram behekst? “Dat betwijfel ik. De spreuk die je daarvoor nodig hebt is zeer moeilijk, de kans is groter dat die gozer hem in de verkeerde winkel heeft gekocht”, zegt hij en ik kijk hem neutraal aan. “Blijf uit mijn hoofd”, zeg ik en hij steekt de sigaret weer in zijn mond. Ik wrijf over mijn hoofd en ga met mijn vingers over de verschroeide plek. “Zal het lang duren voor het helemaal genezen is?”, vraag ik en doe mijn trui hoger. “Het zal wel een paar dagen pijn doen, maar je lichaam zal zichzelf wel herstellen”, zegt de geest en blaast weer uit. Ik zucht. Wat moet ik tegen Henry zeggen? Moet ik hem überhaupt iets over die beheksing zeggen? “Liever niet, het zal hem alleen maar meer onzeker laten voelen. Dit gebeuren blijft tussen ons”, zegt hij en ik gooi een kussen naar hem. Het kussen valt op de grond, door de geest en hij kijkt me geschokt aan. “Dat… heb je… zojuist… niet… gedaan”, zegt hij en staat op. “Toch wel”, zeg ik en hij kijkt me boos aan. “Ik wacht mijn tijd af, jij monster en mijn wraak zal zo zoet zijn dat je hier zo een spijt van krijgt”, sist hij en stopt zijn sigaret weer in zijn mond. “Hoe dan ook,” begint hij en kijkt me intrigerend aan, “je moet vertrekken naar school” Ik slaak een diepe zucht. “Opschieten primaat, je moet die grijze massa van je eens aan het werk zetten”, zegt hij nog voor hij verdwijnt.

De bel gaat en Henry en ik stappen hand in hand naar de laatste les. ‘Ik ben echt blij dat je die ketting nog altijd draagt, het betekent echt veel voor me, Alaïs’, zegt Henry en ik glimlach. Ik had de woorden van de geest opgevolgd en gezwegen over de beheksing. “Ik ben blij dat ik hem niet afgewezen heb, hoe langer ik er naar kijk, hoe mooier hij lijkt te worden”, lieg ik en hij trekt me tegen zich aan. “Alaïs! Alaïs!”, hoor ik iemand plots roepen en ik draai me om en zoek naar de persoon die mijn naam roept. Ik zie een hand naar boven steken door de menigte en ik glimlach. Het is Edward. “Hey, Alaïs. Gewoon even over die trailer die we moeten maken “, begint Edward als hij bij ons is en ik knik. “Is het goed dat ik je morgen kom ophalen bij je thuis?” “Oké, hier is het adres”, zeg ik en geef hem een kaartje met mijn adres erop. Hij pakt hem met een glimlach aan: “Dankjewel, ik zie je morgen dan wel weer” Ik draai me om en stap met Henry verder door de gangen, de afspraak met Jacob volledig vergetend.

Ik open de voordeur van mijn huis en ga naar binnen. Ik zie mijn moeder in de zetel zitten en ik slik. Moet ik haar iets zeggen na het voorval van vanochtend? “Dag Alaïs, hoe was school?”, vraagt ze plots en ik blijf stilstaan. “Euhm, goed eigenlijk”, zeg ik en kom naar haar toe. “Sorry dat ik zo deed, ik weet niet wat me overkwam. De laatste tijd gaat alles slecht”, zegt ze en ik frons. “Hoezo?” “Mijn toverdranken verkopen slecht, een vriendin van me ligt in het ziekenhuis en de huur wordt opgetrokken”, zegt ze en ik knik. “Oké, excuses aanvaard, maar we hebben toch genoeg geld?”, vraag ik en ga zitten in de zetel tegenover haar. “Niet genoeg”, zegt ze en ik knik verward. Er blijft dan een korte stilte hangen. Hoezo we hebben te weinig geld? We kwamen altijd ruimschots toe! Investeert ze het geld in iets waar ik geen weet van heb? “Over enkele dagen begin ik weer met mijn werk, dus zullen er weer inkomsten zijn. Tegen dan moet je spaarzamer omgaan met geld”, zeg ik en ze knikt. “Dankjewel Alaïs”, zegt ze en ik glimlach. Vergeven en vergeten.

Reacties (2)

  • VampireMichelle

    Weer een mooi hoofdstuk

    1 jaar geleden
  • Allmilla

    Hmm, theoretisch gezien is die geest ook een primaat... of ja, was ;)

    1 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen