VERLEDEN


Norah klopte tegen de deur en deed hem toen open. De lerares, een vrouw met een wilde bos rode krullen, keek haar een beetje verstoord aan. Niet boos – eerder alsof ze even de kluts kwijt was nu haar routine onderbroken was.
      Norah schraapte haar keel. ‘Hoi. Sorry dat ik te laat ben, ik kon de school niet vinden.’
      ‘Ah, dan moet jij Norah zijn.’ De vrouw toonde haar een begripvolle glimlach.
      Ze ontspande haar schouders en knikte. ‘Dat klopt.’
      ‘Zoek maar een plekje.’
      Norah keek de klas rond en zag drie lege tafeltjes. Vluchtig beoordeelde ze de drie mensen naast wie nog een stoel vrij was. Eén was een hele dikke jongen met duidelijke zweetplekken op zijn shirt, de ander een meisje dat hardnekkig naar het tafelblad staarde en de indruk wekte dat ze vooral geen gezelschap wilde krijgen, en tot slot een donkere jongen die er niet onaardig uitzag.
      Ze liep naar hem toe en zette haar tas op de grond.
      ‘Tenzij je het pispaaltje van de school wilt worden, kun je beter niet naast mij gaan zitten,’ zei hij zacht.
      Norah fronste, om zowel zijn directheid als zijn boodschap. Hij zag er sportief en vriendelijk uit, ze kon zich niet voorstellen dat hij gepest werd.
      ‘Ik red me wel,’ antwoordde ze en ze ging naast hem zitten. ‘Hoe heet je?’ vroeg ze nadat ze haar spullen uit haar tas had gehaald.
      ‘Darius. En jij? Ik neem aan dat mevrouw je net heeft voorgesteld, maar ik zat niet echt op te letten.’ Hij toonde een halve grijns.
      ‘Norah.’ Ze wierp even een blik op zijn strak ingevlochten haren. Ook daar was niets mis mee. ‘Dus… waarom ga ik nu een pispaaltje worden?’ fluisterde ze. Onderwijl wierp ze een blik op zijn tekstboek om te kijken bij welke bladzijde ze waren en bladerde daar naartoe.
      ‘Omdat ik de paria van de school ben.’
      Hij zei het rustig, alsof het hem niet veel kon schelen. ‘Maar waarom? Ik heb hier vreemdere figuren gezien.’ Ze dacht aan Alvarez.
      Hij haalde zijn schouders op. ‘Lang verhaal. Verkeerde mensen vertrouwd, zullen we maar zeggen.’
      Norah keek hem even peinzend aan, maar begreep ook dat hij haar niet na een paar tellen zijn levensverhaal ging ophangen. Bovendien was het niet verkeerd om ook nog wat van de les mee te krijgen, aangezien ze de helft van het uur al gemist had.

De tweede les bracht ze ook naast Darius door. Ze mocht hem eigenlijk wel. Toen de bel de eerste pauze aanbrak, besloot ze haar kans te wagen.
      ‘Heb je nog vrienden aan wie je me kan voorstellen?’ vroeg ze terwijl ze naast hem ging lopen zodra ze het lokaal hadden verlaten. ‘Anders zit ik ook maar in m’n eentje.’
      Met een zucht bleef hij stilstaan en keek haar aan. ‘Je bent een lieve meid, Norah. Voor je eigen bestwil is het beter als je bij me vandaan blijft buiten de lesuren. Ik meen het. Er lopen hier een paar zieke klootzakken rond.’
      Norah rechtte haar schouders. ‘Ik ben niet het type dat haar hoofd de andere kant op draait als er iemand getreiterd wordt. Als het er hier echt zo ruig aan toe gaat, dan gaan ze me dat toch niet in dank afnemen.’
      Hij snoof. ‘Wat denk jij te kunnen doen? Je hebt niet echt de kwaliteiten van de Hulk. Ze leren je hier snel genoeg om de andere kant op te kijken.’ Hij keek haar even aan. ‘Je bent een knap meisje, Norah. Misschien laten ze je met rust. Zoek het niet op. Alsjeblieft.’
      Hij liep weg.
      Met een zucht ging Norah op zoek naar haar kluisje. Lekker dan. Waar was ze in hemelsnaam beland als ze hier zo met elkaar omgingen? Nadat ze haar boeken voor die van de komende lessen had verwisseld, volgde ze de meute naar de aula. Haar ogen schoten door de zaal, al wist ze niet waar ze naar zocht – naar Darius of Alvarez.
      Het was de eerste die ze als eerste zag. Hij was gelukkig niet alleen, hij zat bij een groepje anderen in een hoekje. Sommigen lachten, de meesten keken schichtig om zich heen. Norah trok haar rugzak wat hoger op haar schouder en liep ernaartoe. Ze vond een stoel vlak naast die van Darius.
      De anderen keken haar met grote ogen aan. Het was een bonte mix van mensen en er hing een beetje een vreemde sfeer, een angstige, alsof ze hier alleen bij elkaar zaten omdat ze niet alleen wilden zitten.
      Darius slaakte een zucht toen hij haar zag. ‘Dit is Norah. Ze wil graag Moeder Theresa uithangen.’
      ‘Hoi Norah. Ik ben Ola,’ zei een meisje met een zwaar Russisch accent. Haar huid was even wit als haar spierwitte haar. Ze schrok een beetje toen ze de rode irissen van het meisje zag.
      ‘Wauw, ik wist niet dat albino’s echt rode ogen hadden.’ Rode vlekken kropen naar haar nek toen ze die worden eruit geflapt had. ‘Shit, sorry,’ zei ze vlug. ‘Dat was nogal grof.’
      Ola toonde haar een vriendelijke glimlach. ‘Maak je niet druk, ik ben het gewend. Ik ben er niet mee geboren, maar…’ Haar stem stierf weg, daarna haalde ze haar schouders op. ‘Maakt ook niet uit, dat is geen onderwerp voor een eerste gesprek! Je bent hier zeker nieuw?’
      ‘Ja.’
      ‘En ik heb haar al gezegd dat ze beter aan de andere kant van de aula kan gaan zitten, maar ze heeft stront in haar oren,’ bromde Darius.
      Ola grinnikte zacht. ‘Ze is een rebel. Ik zie het in haar ogen.’
      ‘Zo, freaks,’ klonk opeens een zware stem. ‘Wie haalt vandaag ons voedsel?’
      Het werd stil. Bijna iedereen staarde naar het tafelblad, al lieten Ola en Darius hun hoofden niet zakken. Norah keek opzij. Een grote, breedgebouwde donkere jongen zette zijn handen op de schouders van een iel mannetje met grote uilenglazen terwijl hij rondkeek.
      ‘Hé, we hebben een nieuwe freak.’
      Opeens voelde Norah ook handen op haar schouders, die dwingend knepen. Ze schudde zich los en keek boos om, recht in het grijnzende gezicht van een jongen die de kriebels over haar rug joeg. Creep.
      ‘Norah is een beetje verdwaald,’ klonk opeens een bekende rem. Ruw werd degene achter haar opzij geduwd. Ditmaal waren het vingertoppen die langs haar hals omhoog gleden, heel lichtjes. ‘Deze is van mij.’
      ‘Pardon?’ viel Norah uit en ze keek Alvarez verhit aan. Een zelfingenomen grijns speelde om zijn lippen. Hij boog zich naar haar toe en fluisterde: ‘Als je het hier een beetje naar je zin wil krijgen, kom je met mij mee.’ Ze huiverde toen zijn hete adem tegen haar oorschelp stootte.
      ‘Ik ga helemaal nergens naartoe met jou,’ snauwde ze. ‘Ga je eigen eten kopen, stelletje sloebers.’
      Er viel een doodse stilte.
      Er klonken voetstappen. Mensen gingen opzij en lieten er een magere jongeman door. Zijn gezicht was ingevallen, stoppels bedekten zijn kin. Hij oogde ouder dan hij zijn kon.
      ‘Sta op.’
      De stem was slechts een fluistering, maar het was alsof de hele school het kon horen. Iedereen was gestopt met praten.
      Haar stoel werd naar achteren gerukt. De jongen die als eerste zijn handen op haar schouders had gelegd, rukte haar overeind.
      ‘Blijf van me af,’ gromde Norah en ze trok zichzelf uit zijn greep vandaan.
      De magere jongen bleef tegenover haar staan. De duistere blik in zijn ogen liet een rilling langs haar rug glijden. Langzaam verplaatste zijn blik zich over haar lijf. Hij pakte haar blouse bij de zoom, wreef de stof tussen zijn vingers en snoof diep, alsof hij haar parfum beoordeelde.
      ‘Jij bent niet bepaald een arme sloeber, hmm? Voel je je beter dan ons?’
      Norah weigerde weg te kijken van zijn broeierige blik. ‘Ik voel me beter dan mensen die anderen afpersen. Ongeacht het aantal cijfers op hun bankrekening.’
      ‘We hebben niet allemaal een rijke pappie die ons volstopt met lekkers. Heb je nooit geleerd te delen?’
      ‘Ik wil morgen best een broodje pindakaas voor je meenemen als je het lief vraagt.’
      Ze had gehoopt dat iemand erom zou grinniken, dat de bedrukte sfeer iets lichter zou worden. De huidige atmosfeer was verstikkend.
      Hij stak zijn hand uit en streek zijn vingers door haar haren. Toen hij een stapje dichterbij zette, omringde een kruidige geur haar. Blijkbaar had hij zo zijn eigen manieren om aan dure parfum te komen.
      ‘Is het waar? Ben je van Hernan?’
      Haar ogen schoten opzij, naar Alvarez. Zijn voornaam was blijkbaar Hernan. Hij keek haar indringend aan, wilde haar duidelijk aanmoedigen om ja te zeggen.
      ‘Nee.’
      Ze hoorde hem zuchten.
      ‘Heb je een vriendje?’
      Ze richtte haar blik weer tot de creep voor haar. ‘Ja.’
      Hij trok een mondhoek op, alsof hij dondersgoed wist dat ze loog. ‘Maak het uit. Ik laat je vanavond ophalen. Kleed je maar mooi aan.’
      Hij draaide zich om en liep weg, zijn onderdaantjes holden bijna achter hem aan.
      Hernan bleef echter staan en keek haar kort aan. Ze trok haar wenkbrauwen op.
      ‘Je hebt geen idee in welk rattenhol je net je hand hebt gestoken,’ zei hij zacht. ‘Geloof me, met mij was je beter af geweest.’
      Voor een moment hield hij haar blik vast, daarna schudde hij zijn hoofd en keerde zich van haar af.
      Norah liet zich een beetje overdonderd op haar stoel zakken. Iedereen ontweek haar blik, zelfs Darius en Ola.
      ‘Wie de hel was dat?’
      Niemand antwoordde.

Er zijn nog geen reacties.


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen