Misschien een rare naam, maar het gaat niet om de titel maar om de inhoud. Dus lees het zeker!

POV Rojvan:

Ik ontwaak in een grote ruimte in een bed. Ik heb een infuus in mijn arm en draag andere kleding. Naast mijn bed zitten mijn ouders en een man in een lange, witte jas.
'Rojvan!' roept mijn moeder. 'Gelukkig ben je oké!'
Ze staat op en geeft me een knuffel.
'Ik heb goed en slecht nieuws,' zegt de man in de jas die hoogstwaarschijnlijk een dokter is. 'Het goede nieuws is dat je vandaag weer naar huis kan, het slechte nieuws is dat we al je klasgenoten hebben gevonden, maar dat zij niet meer te redden waren.'
Teleurstelling en verdriet welt in me op.
'Zijn ze...' wil ik vragen, maar ik weet het antwoord al. Ze hebben alles niet overleefd.
'Maar, Rojvan.' zegt mijn vader. 'Wat is er gebeurd?'
'Het wat hem,' hijg ik plotseling krijg ik een paniekaanval. 'Brandon Payfers, hij had mij bijna ook te pakken. Hij heeft iedereen vermoord, hallucinaties gegeven, ervoor gezorgd dat ze zelfmoord pleegde en tegen elkaar opgezet.'
'Brandon Payfers?' vraagt de dokter verbaasd. 'Ik dacht dat hij zo'n zeven jaar geleden zelfmoord pleegde.'
'Ja, ja, maar hij is herrezen!' gilde ik. 'U moet me geloven! Hij wil wraak en blijft in dat bos ronddwalen! Hij is er nog steeds! Het is daar niet langer meer veilig!'
'Maar normaal gebeurt daar niks,' bedenkt een stem die de kamer binnen komt lopen. Hij draagt kleding voor een politieagent en heeft een paar bruine plukken haren die onder zijn pet uitsteken. Zijn ogen zijn groen en hij kijkt nadenkend. 'Alleen tijdens schoolkampen en toen Will en John daar gingen zoeken naar de vermiste Charlie.'
'Charlie lag dood op de WC van het hutje!' schreeuw ik. 'Isabel vond haar toen ze moest plassen!'
De agent bevriest.
'Echt waar?' vraagt hij angstig en gespannen. Hij schudt even zijn hoofd om het te vergeten en zucht.
'We hebben je meester ook gevonden.' verklaart hij. 'Hij is waarschijnlijk gestorven toen hij een zware tak op zijn hoofd kreeg. Daardoor kreeg hij een hersenschudding, viel hij in slaap en werd hij niet meer wakker. Toen is hij overleden.'
'En de stagiaire?' vraag ik nieuwsgierig.
'Stagiaire?' vraagt mijn vader verbaasd. 'Ik wist niet dat jullie een stagiaire hadden.'
'Beschrijf hem eens,' stelt de agent voor.
'Nou, hij heeft zwart, warrig haar en een witte huid. Zijn ogen kan ik meestal niet zien omdat hij zowel bijna altijd een zonnebril op heeft en we noemen hem altijd meneer Brand.'
Iedereen bevriest. Heb ik iets verkeerds gezegd? Dan herhaal ik mijn woorden in mijn hoofd. Brand, Brandon. Oh nee, dit kan niet waar zijn.

Er zijn nog geen reacties.


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen