De hele weg terug van het kamp moest ik mijn vader’s preek aanhoren omdat ik gevochten had. Ik kon natuurlijk niet uitleggen dat het was geweest om Olivier te beschermen, en dat Mert me ook al en standje had gegeven. Ik had hem alleen verteld dat het ging om een klasgenoot van mijn vriend die gepest werd. Mijn broertjes waren te druk met Pokémons vangen op hun DS op de achterbank, dat ze niet veel van het gesprek mee kregen.
‘Hoe gaat het met Robin? Die komt morgen toch terug?’ vroeg ik om het gesprek een positievere richting in te duwen. Ik zag er naar uit om mijn zus weer te zien.
‘Goed,’ zei pa, maar zijn gezicht stond een beetje stijfjes, alsof hij ergens afkeuring voor voelde.
‘Wat?’ vroeg ik met een grijns.
‘Ik hoop gewoon dat zij en Trevor het niet... um... té gezellig hebben gehad.’
‘Pa!’ lachte ik, en ik gaf hem een stomp tegen zijn schouder.
‘Robin en Trevor zijn twintig, laat ze lekker.’
‘Heb jij nog leuke meisjes op het kamp ontmoet?’
Ik zuchtte. ‘Nee, helaas niet.’ Ik moest eerlijk toegeven dat ik best behoefte had aan een relatie, en dat ik toch stiekem had gehoopt dat zo’n verandering in omgeving wat nieuwe liefde zou kunnen opwekken.
‘Alle meisjes waren vijftien of jonger,’ mokte ik.

Al vond ik het echt jammer dat het kamp over was, was ik ook blij om mijn vrienden weer te zien. Ik vertelde ze dat ik vrienden had gemaakt met Keyon, maar natuurlijk niet over Mert, Eva, Lola, Olivier, Bex of Billy.
En ik moest toegeven dat toen school weer begon, ik ze toch behoorlijk begon te missen. Vooral Keyon, wie de hele vakantie lang naar al mijn verhalen, geklaag en gelach had geluisterd, miste ik het gezelschap van. We stuurden elkaar regelmatig berichten over het Internet, maar aangezien we beiden in ons examenjaar zaten, hadden we het allebei te druk voor gesprekken die dieper gingen dan vertellen hoe onze dag was geweest. Vervolgens had Keyon ook nog eens een bijbaan, en ik de band, waarmee ik drie keer per week oefende.
Vier weken nadat school weer was begonnen, hadden we het voor elkaar gekregen ons eerste optreden binnengehaald te hebben. Het was natuurlijk kleinschalig, als voorprogramma van de hoofdact van die avond in een café, maar het was voor ons de eerste stap naar succes. Een week later kregen we te horen dat we op een open podium avond bij een bejaardentehuis mochten spelen in de herfstvakantie. Als kers op de taart hadden onze drummer en onze cellist die week officieel hun relatie bekend gemaakt. Iedereen wist al maanden dat ze elkaar leuk vonden, maar beiden waren te terughoudend geweest om iets met elkaar te beginnen.
Keyon had dat ook leuk gevonden om te horen, toen ik het hem vertelde. Het had hem moed ingesproken, om te weten dat hij niet alleen was, aangezien Jim en Jason ook allebei jongens waren.

Maar, die aankondiging had ook iets losgemaakt in mij. Ik had altijd stug volgehouden dat het feit dat ik nog nooit gevoelens voor een meisje had gehad kwam omdat de manier waarop het uit was gegaan met mijn ex toen ik zestien was, zo’n heftige ruzie was geweest dat dat me beïnvloed had om nooit meer verliefd te worden. Van haar had ik ook nooit werkelijk gehouden, en ik was enkel verliefd geweest op het idee van het verliefd zijn, maar daar was ik pas achteraf achter gekomen.
Ik had homoseksualiteit altijd als iets gezien wat bestond, maar buiten mijn sociale kringen lag. Het was iets geweest wat, al had ik er niks tegen, nooit mij of iemand die ik kende zou overkomen. Het was iets van een andere wereld die ik niet kende. En zelfs nadat ik er achter kwam dat Lola biseksueel was en Keyon homo, voelde het anders omdat geen van beiden een partner hadden. Jim en Jason hadden dit stereotype binnenin me verbroken, en me op de een of andere manier wakkergeschud uit deze bubbel van heteroseksualiteit.
Toen de gedachte voor het eerste in me op kwam, was het een enkele fluister achterin mijn brein. Het was een speculatie, een mogelijkheid, een wat als?. Ik durfde er voor een paar dagen niet serieus over na te denken, omdat het mogelijke resultaat ervan me beangstigde. Toch merkte ik dat ik langzaam en onbewust mijn blikveld begon te verbreden. Ik betrapte mezelf er vaker op mijn blik af te laten dwalen naar mensen die niet langer meer gelimiteerd werden door borsten of heupen. Één beschamende keer was mijn hart zelfs sneller gaan kloppen, toen de aantrekkelijke jongen die in mijn favoriete café werkte naar me glimlachte.
Toen we terug fietsten van oefenen met de band bij onze toetsenist thuis, besloot ik Percy, mijn beste vriend van school wie ik al sinds de basisschool kende, er over te vertellen wat ik doormaakte.
Hij vertelde me dat ik niet moest haasten om een label op mezelf te plakken, en dat ik best de tijd mocht nemen om het uit te zoeken. Hij zei ook dat het hem niks zou verbazen, omdat ik nooit geïnteresseerd leek geweest in meisjes.
‘Maar wat als ik het echt ben? Als... als ik echt homo ben?’ vroeg ik.
‘Dan ben je homo.’
‘Is het zo simpel?’
‘Hoort het ingewikkelder te zijn, dan?’

Terwijl ik langzamerhand de optie meer als een waarheid begon te zien, en er gewend aan begon te raken dat ik misschien wel werkelijk niet op meisjes viel, kwam er een ander probleem het plaatje in.
Wat als dat warme gevoel dat ik voelde wanneer ik terug dacht aan de tijd die ik met Keyon door had gebracht, meer dan alleen een vriendelijk gevoel was? Het was een gevoel dat ik niet met een andere alter voelde, al mocht ik hun ook allemaal erg graag op een vriendschappelijke manier. Ik had het voorheen goedgepraat met de uitleg dat Keyon mijn béste vriend van het systeem was, en dat dat was waarom ik me zo prettig voelde als ik aan hem dacht. Maar sinds de ontdekking dat ik misschien niet hetero was, maakte het me nerveus wanneer ik aan hem dacht, en zeker als ik daar dan zo’n fijn gevoel bij kreeg. Ik voelde me bijna opgelucht als ik die dag met iemand anders van het systeem dan Keyon kon praten, zodat ik hem uit mijn hoofd kon zetten.
Het liefste had ik aan Eva verteld wat er in me omging, zodat ik haar kon vragen over Keyon’s gevoelens en advies kon vragen voor mijn eigen. Maar ik was bang dat het feit dat ze een lichaam en een breín deelden toch er voor zou zorgen dat het op de een of andere manier bij hem terecht zou komen. Hetgeen wat ik het minste wilde, was hem oncomfortabel maken of onze vriendschap te schenden door mijn eigen verwarring.

Buiten alle verwarring en stress die plotseling aan mijn kant bij onze vriendschap was gaan komen kijken, zag ik er naar uit om hem weer te zien, en de rest ook. Ik wilde Mert mijn nieuwe voetbaltrucjes laten zien, Eva vertellen over die keer dat ik de keuken bijna in de fik had gezet toen ik pizza probeerde te bakken, Olivier mijn tekening laten zien, en Lola een nieuw liedje die ik laatst gevonden had laten horen. En zelfs Bex en Billy, waar ik niet heel close mee was, wilde ik weer graag zien.
Ik had ze uitgenodigd om die avond in het bejaardentehuis te komen kijken, en vervolgens een paar nachten te blijven logeren.
En met elke dag die de herfstvakantie dichterbij kwam, had ik er steeds meer zin in.

Er zijn nog geen reacties.


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen