Foto bij Hoofdstuk 19: het silhouet

Ik ben bang. Nee, ik ben doodsbang! Iemand volgt ons, ik weet het zeker. Maar ook krijg ik allerlei rare dromen. Hebben ze een reden? Draai ik door? Ben ik paranoïde? Eerlijk gezegd weet ik het niet meer, behalve dat ik niemand kan vertrouwen. Enkel mezelf. Degene die ik het meest vertrouwde, verraadde me en nu ben ik mijn verstand kwijt door hem. Is dit wat Elramel bedoelde? Word ik echt para doordat ik niemand meer vertrouw omdat mijn beste vriend me verraden heeft? Maar wat dan nog!? Oké, rustig Agnes. Haal diep adem. Alles komt goed. Je begint gewoon te hallucineren. Misschien moet je naar Elramel luisteren en gewoon even chillen. Er is niks aan de hand! Niet zoveel stressen. Calm down. Hakuna matata. Oké.
'Gaat het wel?' vraagt Elramel terwijl ze voor me zit. 'We zijn er bijna, dus maak je klaar voor de landing!'
Ik knik, bewust van het feit dat ik landingen haat. Maar het maakt me niets uit. Mijn hoofd doet pijn en ik ben doodop. En wat heb ik een honger! Elramel heeft me al eens wat vis aangeboden, maar dat heb afgewezen, omdat het herkauwt was door Figaro. Ze beweerde dat het drakenspeeksel het juist lekkerder is dan het lijkt, maar ik sla liever over. Ik moet al kokhalzen van de gedachte. Maar goed, ik moet het verleden vergeten, dat is wat Elramel zei. We zullen zo landen bij de grot van de Moldaviet der Natuur. Ik verwacht er niet veel van, ofzo. Dus zal ik jullie sparen met een hele omschrijving van de grot. Het enige verschil met de anderen is dat deze nog andere stenen heeft. De weg is langer en de andere edelstenen zijn de enige bron van licht. Het zijn smaragden. Grote, lichtgevende, groene smaragden die voor een vredig gevoel zorgen.
'Niet teveel afdwalen,' zegt Elramel die de Moldaviet blijkbaar al in handen heeft genomen. 'De smaragden lijken mooi en prachtig, maar ze zorgen voor getreuzel bij de bezoekers.'
Ze loopt de grot uit en ik volg haar. Nog even kijk ik achterom om een blik te werpen op de prachtige stenen, maar daarna is het dan ook echt klaar. Wanneer ik buiten ben, zie ik iets merkwaardigs. Iemand springt weg, achter de heuvel waar de grot zich in bevindt. Snel wil ik hem volgen, maar hij is alweer weg.
'Wat is er?' vraagt Elramel.
'Ik,' mompel ik. 'Ik dacht dat ik iemand zag.'
Figaro gedraagt zich ook raar, iets vijandiger.
'Ik zei het toch.' grinnikt Elramel. 'Dat komt door de Smaragden der Afleiding. Je gaat dingen zien die er niet zijn.'
Ik trek Elramel niet graag in twijfel, maar volgens mij ze ongelijk. Er is iemand. Iemand die ons volgt. En iets in me zegt dat ie dat niet doet met goede bedoelingen.

Reacties (1)


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen