Ik wist dat ik in een zwart gat terecht zou komen als ik niets deed aan de situatie. Ik wist het goed genoeg. Daarom besloot ik er iets aan te doen. Ik besloot mezelf in te schrijven voor een uitwisselingsproject en vandaag zat ik dan op het vliegtuig. Op weg naar Los Angeles, een stad in Amerika? Het kon me niet zoveel schelen. Zo lang ik maar weg was van thuis. Van de herinneringen en van de pijn. Alleen zo kon ik mezelf redden.

Ik ging bij de familie Johnson verblijven. Een klein gezin. De man en vrouw heetten Sophia & Benjamin. Ze hadden een zoon, Joshua. Verder woonde er ook nog een nichtje in huis. Ze woonde daar omdat haar ouders gestorven waren toen ze een was. Dat betekende gelukkig dat ik niet de hele tijd jongensdingen hoefte te doen. Het nichtje heet Brenda. Ik had haar via tekst bericht al gesproken. Ze leek me wel aardig. Niet dat ik veel moeite deed om vriendschap te sluiten. Ik sloot me volledig af sinds Riley’s dood. Schrik dat ik me te fel zou hechten en dan weer gekwetst zou worden. Ik schudde mijn hoofd een beetje om de gedachten te laten varen. Ik zocht in mijn handbagage naar mijn mobiel en stopte mijn oortjes in mijn oren.

Oh, I wanna feel you in the dark
I could use, I could use some
But all you left me with was scars
And that's the hardest part
There's nobody like you, nobody like you
I've tried goodbye a hundred times,
not one of them true


Onwillekeurig rolde een traan langs mijn wang naar beneden. Oh, wat haatte ik dit. Waarom had ik dit liedje nog altijd in mijn playlist staan? Misschien omdat het ons lied was? Dat van mij en Riley? Ik kon het toch niet zomaar gaan verwijderden. Verwijderen alsof ik er al overheen was. Uit het oog, uit het hart. No way.

Ik dacht aan iets anders. Iets minder frustrerend dan dit. Ik dacht aan het gastgezin en langzaamaan viel ik in slaap. Ik werd pas wakker toen er iets tegen mijn arm zat te duwen. Het was irritant en ik wou ernaar slaan. Nu was ik net aan het slapen. Voor de zekerheid deed ik mijn ogen maar open en ik keek naar boven. De vriendelijke, blonde stewardess van daarnet stond weer voor me. Maar goed dat ik niet had geslagen. Ik haalde snel de oortjes uit mijn oren om naar haar te luisteren. “Mevrouw, we gaan zo meteen landen. Wilt u zich vast maken?” Ik probeerde bevestigend te glimlachen, maar besloot dat het er waarschijnlijk weinig geloofwaardig uit zag. Daarom ondernam ik maar actie en deed mijn gordel vast. Er liep een rilling langs mijn rug toen een angstig gevoel me besloop. Ik kon niet zo goed tegen het landen. Het gaf me altijd het gevoel dat we ergens tegen op botste. Deze keer was het niet anders. Zo snel als ik kon bevrijdde ik me uit de stoel, greep mijn handbagage en verliet het vliegtuig. Op naar het vliegveld van Los Angeles.

De hal waar ik in uitkwam was verwarrend. Ik snapte natuurlijk niets van vliegvelden. Ik ging niet zo vaak met het vliegtuig weg. Ik volgde een aantal van de personen die ik herkende van mijn vlucht en ik kwam uit bij de lopende band waar de bagage op lag. Oef. Zodra ik mijn drie zware koffers op het karretje had geplaatst, zocht ik de hal af. Ergens in deze enorme drukte moesten ze staan. Maar waar dan wel ergens? Hoe moest ik ze nu in vredesnaam herkennen? Ik keek door de menigte en probeerde ze te herkennen. Het ging moeizamer dan ik dacht. Er liepen zoveel gezinnen rond met twee kinderen. Stuk voor stuk konden ze de familie Johnson zijn. Waarom had ik niet voor foto’s gevraagd? Dan wist ik tenminste naar wie ik zocht. Ik kon bijna zuchten van opluchting toen ik plots een bordje zag met; MADISON PIERCE. Ik keek onmiddellijk op wie het bordje vasthield en ik zag een meisje dat met een zoekend gezicht rondstaarde, waarschijnlijk zoekend naar mij. Ze had bruine haren en was smal. Haar korte krullen maakte haar gezicht bol, maar dat was niets slecht. Een jongen met bruin halflang haar maar blond geverfde uiteinden en zijn geschoren zijkant stond naast haar. Hij was lang en een beetje mager. Typisch een jongvolwassen. Achter hun stonden een man en een vrouw. Beiden leken ze opgewonden om iets. De vrouw had zwarte haren en haar ogen vielen zelfs vanaf hierop. Ze waren doordringend blauw. De man was licht kalend en had een vriendelijke uitdrukking.

Iets in me zei me dat dit alles wel eens best zou kunnen mee vallen.

Er zijn nog geen reacties.


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen