sorry dat dit hoofdstuk zo kort is de volgende hoofdstukken worden langer

Jokiel wordt wakker. Hij merkt dat hij op de grond ligt. Een harde, zwarte grond. Terwijl hij langzaam op kijkt, merkt hij dat hij in een glazen buis zit. De buis beweegt omhoog door een rotsachtige cilinder. Uit het niets hoort Jokiel een stem.
'Hallo meneer Harem,' zegt de stem.
Jokiel onderdrukt een huivering terwijl hij op zoek gaat naar de bron van het geluid. Wie is dat? Hoe komt hij hier? Wat is er gebeurd? Vermoeiend komt hij overeind en kijkt hij om zich heen. De lucht is helderblauw en er zijn enkele wolken aan de hemel. De gele zon gaat vlak door het glas van de buis en schijnt op zijn huid. De zwarte grond rekt zich uit en hij ziet meer buizen met meer mensen. Ze zien er allemaal verschillend uit. Groot, klein. Licht, donker. Dik, dun. Maar op een plek in de grond, is er een ravijn te zien die oneindig omlaag lijkt te gaan. Als hij naar beneden kijkt, ziet hij geen grond. Enkel duisternis.

Er zijn nog geen reacties.


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen