Leer van het verleden, leef in het heden, geloof in de toekomst

Voor de mensen die geïnteresseerd zijn, ik ben nu ook met een vriend (sarium) aan een verhaal begonnen genaamd game-life, dus als het je wat lijkt, kan je het zeker lezen! Het is geheel gratis, hoor!

Papa's ogen zijn gevuld met wijsheid, maar niet met schrik of woede. Hij glimlacht enkel.
'Dat wist ik al, hoor.'
'Wat?!' roep ik verbijsterd. 'Maar, hoe?!'
Hij grinnikt. 'Ik ben je vader, Elise. Ik heb je opgevoed. Ik weet inmiddels al meer over jou dan dat jij zelf doet.'
Dat verklaart het. En misschien heeft hij ergens ook wel een punt, maar toch ben ik verbaasd.
'Het punt is,' begin ik, maar ik weet niet wat ik moet zeggen. Is dit wel zo verstandig? Wat als papa het verteld aan Elramel?
'Je weet toch dat je me altijd kunt vertrouwen?' vraagt hij met een zachtaardige glimlach. 'Ik weet dat het fout is om het niet aan Elramel te vertellen, maar wat dan nog? Ik ga het heus niet zeggen of zo, ik ben er om met je over dingen te praten die je dwars zitten, niet om alles door te vertellen.'
Ik knik als teken dat ik hem begrijp en zucht even.
'Ik weet niet wat ik moet. Scar is zo, apart. En hij en Nathan lijken elkaar al eens ontmoet te hebben. Ten eerste praten ze met elkaar als kennissen, hoewel het eerder vijandelijk is. Ten tweede weet Nathan meer over hem dan dat Elramel ons verteld heeft. En Scar had het vandaag over dat Nathan hem zou moeten vergeven, maar Nathan zei dat Scar dat niet verdiend omdat hij mensen zelf ook niet wil vergeven.'
'Heb je Nathan er zelf al naar gevraagd?' reageert papa vragend.
'Ja,' lieg ik. 'Hij zei dat het niks was en gewoon puur toeval.'
Papa lijkt op te merken dat ik niet de waarheid spreek, maar hij negeert het.
'Zodra de tijd rijp is, zul je erachter komen.' belooft hij mij. 'Blijf gewoon geduldig.'
Ik knik, maar kan het gevoel van nieuwsgierigheid en ongeduld niet negeren. Waarom doet de tijd er zo langzaam over? Waarom versnellen we het niet gewoon tot het juiste moment zodat ik niet hoef te wachten? Papa kijkt weer naar het heelal, maar mijn hoofd is te vol om te relaxen.
'Heeft hij jou toevallig wat verteld over zijn jeugd?'
Hij schudt zijn hoofd. 'Het ligt duidelijk gevoelig,' merkt hij op. 'Heel gevoelig.'
Ik knik en zucht nog eens. Papa legt zijn hand op mijn knie en glimlacht nog eens zacht.
'Rust nu even,' adviseert hij me. 'Chill, relax, hakuna matata.'
Ik knik en kijk nog even naar papa wie zijn blik op de sterren gericht heeft. De fonkelende puntjes reflecteren in zijn groene ogen en hij heeft de stok met de maansteen die hij altijd heeft naast zich gelegd. Dan volg ik zijn blik en verdiep ik me in het universum. Althans, tot mijn ogen we ergens anders toe leiden. Zijn ze me aan het bedriegen?

Ik loop door een duister bos. De dennen steken boven me uit en geven me een kwetsbaar gevoel. Iedere stap die ik zet, lijkt het alsof er een echo achter het geluid komt van mijnvoeten op de takken die kraken zodra ik ze vertrap. Iemand volgt me. Verschillende ogen prikken in mijn huid en wanneer ik omkijk, zie ik de oorzaak. Oneindig veel wezens komen uit de schaduwen en ik onderdruk een huivering. Het zijn misvormde, kale mensen en hun ogen zijn zielloos. Ze hebben geen kleur en er entert een vreselijke geur mijn neusgaten. Ik herken de geur niet, maar het stinkt in ieder geval verschrikkelijk. De wezens hebben hele scherpe tanden en ik wed dat ze daarmee hun slachtoffers aan stukken scheuren. Ze hebben kleine oren en een kleine neus, maar hun ogen zijn groot en bloeddoorlopend. Ik zie dat ze hun monden open doen en er lijkt geluid uit te komen, maar ik kan het niet horen. Misschien kan het menselijk oor het wel gewoon niet verwerken. Dan heb ik het nog niet over het feit dat ik de organen en botten letterlijk kan zien onder hun huid. Maar ze zitten niet meer op de goede plek. Hun botten zijn kromgegroeid en het ziet er ranzig uit. Ze komen dichterbij. Ik heb het gevoel dat ik niet meer kan ademen. Niet alleen door de geur, maar ook door angst. Een rilling loopt een rondje op mijn rug en ik kijk rond. Ik kan nergens naar toe. Ik ben ingesloten. Ik haal mijn zwaard tevoorschijn en schrik wanneer ik het ijzer zie oplichten. Zwakke stralen zonlicht komen eruit en verspreiden zich, waarmee ik de wezens op afstand kan houden. Gelukkig maar, anders was ik nu misschien wel dood geweest. Ik kan ze op afstand houden, maar weet dat ik hier niet eeuwig kan blijven staan.

Ik span al mijn spieren aan en het voelt alsof ik me niet meer kan bewegen. Papa ziet het en kijkt bezorgd mijn richting op.
'Elise, gaat het wel?'
Ik weet niet wat ik moet zeggen. Wat heb ik zojuist gezien? Papa heeft geen aanwijzingen nodig en blijkt het al te begrijpen.
'Het waren de sterren,' legt hij uit. 'Er zijn mensen, goden, mutanten en dieren die soms de sterren kunnen lezen. Ieder dier kan dingen zien die mensen niet zien, maar er zijn ook een aantal mutanten die dit doen en enkele mensen. Dit komt heel zelden voor, maar als je het kan, dan is dat heel bijzonder. Ik kan het ook. Ze laten je een reisje door de tijd maken. Of je ziet het verleden, of het heden, alleen op een andere plek of uit een ander perspectief, of de toekomst.'
'Ik zag wezens.' zeg ik. 'Ze zagen er verschrikkelijk uit. Verminkte mensen. Ik ga dit nooit meer van mijn netvlies krijgen.'
Papa legt zijn hand geruststellend op mijn schouder. 'Maak je maar geen zorgen,' zegt hij met een zachte stem. 'Ik zal er voor je zijn. Altijd, overal, ik beloof je. Alles komt goed. Ik zal je niks laten overkomen, ik zal je niet laten sterven.'
Ik glimlach en geef hem een dikke knuffel.
'Ik zal je ook beschermen, pa, je hebt mijn belofte.'

Er zijn nog geen reacties.


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen