Foto bij H58: Telepathie met Qiuri ~ Nick

Even keek ik Khana perplex aan, waarna ik verward vroeg: “Wacht, wat? Mathilda was een hoge elf? Maar… maar ze leek op een mens! Wat… Hoe…” “Via plastische chirurgie”, antwoordde Khana met een zwakke glimlach en verbluft zakte ik naar achteren in mijn vliegtuigzetel. Ongelooflijk… “Maar jij en jouw moeder…”, begon ik, maar Khana onderbrak mij: “… Ik ben geadopteerd, weet je nog? Mijn moeder heeft niets van de uitstraling of magie meegekregen, maar er is wel een zekere schoonheid blijven hangen.” Haar blik leek steeds somberder te worden en haar ogen stonden dof. “Wie waren jouw echte ouders dan?” vroeg ik en probeerde nonchalant te klinken, wat vrij goed lukte. Misschien kon ik zo te weten komen vanwaar ze kwam en wat haar verleden was… Khana probeerde te glimlachen maar faalde er enorm in. “Probeer je nu te zeggen dat mijn ouders elfen geweest moeten zijn? Dat is zeker niet het geval, ze waren gewone mensen…”, probeerde ze grappend te zeggen, maar slikte toen en zei zachter: “Ik wil het liever even niet over hen hebben, alsjeblieft…” “Geen probleem”, zei ik en het vliegtuig kwam langzaam in beweging. Ze herinnerde dus haar ouders nog, maar het was duidelijk een pijnlijk onderwerp voor haar.

Om 10 minuten na middernacht landden we in Oman. De luchthaven was zo goed als leeg, op de enkele ongelukkige reizigers na die op het volgende vliegtuig wachtten om 14u40 zoals wij. Khana had zich naast mij plat op de zetel gelegd met haar hoofddoek aan en een jas over haar heen. Ze was aan het slapen en ik deed alsof ik dat ook deed, aangezien hier camera’s hingen en de mensen anders gingen merken dat er iets niet meteen klopte. Opeens voelde ik een steek door mijn hoofd gaan en ik moest me beheersen om niet gepijnigd te kreunen en te bewegen. “Sorry, dikke barrière dat je hebt zeg… Het kost me echt al een week om daar doorheen te breken”, hoorde ik een mopperende stem in mijn hoofd zeggen. Zonder uiterlijk te bewegen, zuchtte ik inwendig en zei in mijn hoofd: “Qiuri, ik hoop dat je een goede reden hebt om dit te doen…” Qiuri grinnikte en opeens veranderde het zwarte beeld in een landschap met een wit strand en de zee.

Tussen enkele palmbomen en in een hangmat zag ik Qiuri liggen met een kokosnoot in zijn hand. Hij grijnsde en wuifde naar mij, waarna hij riep: “Joehoe, hoi Nick! Kom hier heen!” Tevreden nam hij weer een slok uit zijn kokosnoot en ik stapte met een zucht naar hem toe. “Waarom altijd deze plek? Vind je jouw berg niet goed genoeg?” vroeg ik en hij kreunde dramatisch, waarna hij zei: “Ik heb toch ook recht op een vakantie? Maar goed, ik wou weten wat er in de brief stond die de raad je had gestuurd.” Ik trok even een wenkbrauw op, maar antwoordde dan op wat hij waarschijnlijk wilde weten: “Ze zeggen dat Khana’s verleden niet in de databanken staat van de Raad van Noord-Amerika, dus hebben ze gevraagd of ik kon achterhalen wat haar verleden is. De andere Raden zijn ook op de hoogte gebracht.” “Ze is dus nu gezakt in categorie naar onbetrouwbaar”, merkte hij meteen op en ik knikte. Zijn blik werd serieus en hij staarde even voor zich uit. “Ze zullen inderdaad niets vinden. Nick, pas op met dit onderwerp. Zij is degene die er nooit had moeten zijn”, zei hij toen en ik keek hem verward aan. Hij wuifde met zijn hand en zei: “Dat wordt nog wel duidelijk. Vertel eens, waar zit je nog meer mee? Ik zie het aan je blik.” “Wat kan je over de Zes vertellen?” vroeg ik meteen en Qiuri verslikte zich. Met grote ogen keek hij mij aan en hij vroeg: “Wie heeft je erover verteld?”

“Een mens die bij de Zes hoort”, antwoordde ik en Qiuri keek met gefronst voor zich uit terwijl hij mopperde: “Mensen kunnen ook nooit hun mond houden…” Toen het iets te lang stil bleef naar mijn zin, voegde ik er aan toe: “Khana maakte de opmerking dat als het om de 400 jaar was, ik het ook kon zijn. Is dat zo? Ben ik een van de Zes?” Qiuri’s blik verzachtte en hij keek mij recht aan terwijl hij vroeg: “Wat denk je zelf?” “Wel, volgens wat er…”, begon ik, maar hij gooide zijn kokosnoot naar mij. Ik dook net op tijd weg en keek geërgerd naar Qiuri, die zei: “Ik vroeg wat JIJ denkt. Wat zegt jouw gevoel?” “Ik weet dat ik altijd al wat anders ben geweest”, antwoordde ik en Qiuri knikte bedachtzaam. “Ja, dat is zo… Naar mijn mening ben je ook altijd beter geweest dan de anderen en dan bedoel ik niet enkel jouw krachten en gevechtsvaardigheden. Volgens mij weet je het antwoord zelf, nietwaar?” vroeg hij en ik sloot even mijn ogen, waarna ik knikte. Toen glimlachte ik en zei: “Wel, nu lijkt het alsof jij de oudste van ons twee bent.” “Ja hé? Met mijn genialiteit en bedachtzaamheid en…”, begon hij vrolijk op te sommen terwijl hij heen en weer zwaaide in zijn hangmat. Hij verloor echter zijn evenwicht en viel uit de hangmat op het zand. “Ik neem mijn woorden terug”, zei ik met een zucht, maar Qiuri bleef liggen. “Qiuri?” vroeg ik achterdochtig en kwam dichterbij. Mij voorbereidend op een verrassing of wat dan ook, rolde ik Qiuri voorzichtig om.

Zijn ogen waren groot en hij staarde ontzet in het niets. Zijn ademhaling was snel en oppervlakkig en meteen was ik op mijn hoede. “Qiuri? Wat is er?” vroeg ik bezorgd, maar hij leek mij niet te horen. Net toen ik hem door elkaar wilde schudden, weken zijn lippen wat uiteen en zei hij zacht en haperend: “Het… spijt me… zo… David…” Ik opende mijn mond al om te vragen wat hij bedoelde, maar opeens begon het strand en de rest van de omgeving te veranderen. De zee kolkte en werd bloedrood terwijl het zand pikzwart werd. Toen verdween alles en werd de omgeving zwart. Ik voelde enkel nog chaos en paniek, maar daarna schoten mijn ogen open en schoot ik zwaar ademend overeind. Helemaal in de war en nog in de roes van de chaos keek ik gejaagd om mij heen, om dan te zien dat ik in de luchthaven was. Ik haalde mijn hand even over mijn gezicht en merkte dat ik trilde. Naast mij was Khana wakker geworden en mij bezorgd aan, waarna ze vroeg: “Nick? Gaat het? Wat is er?” Even keek ik haar gewoon aan, maar stotterde toen: “Er… het is niets, ik… gewoon…” Het gevoel van chaos en paniek leek in mijn lichaam te blijven zitten en Khana kwam overeind. “Ik ga wat water voor je halen, oké? Niet verdwijnen”, zei ze en liep weg. Langzaam zakte de chaos en paniek wat weg en kwam er een enorme bezorgdheid naar boven. Ik wist niet exact wat er aan de hand was, maar het was zeker niets goed…

Er zijn nog geen reacties.


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen