Foto bij Scar 118

Het laatste stuk van het vorige hoofdstuk:
'Oh, dus nu vind je het geen enge slang meer?' vraagt ze cynisch. 'Nou, Nathan, zal ik hem dan nog even uit de opvang halen en hiernaartoe brengen zodat je hem kunt aaien?'
Oh, fuck.
Ik kijk haar testend aan en ze kijkt brutaal terug.
'Je weet dat ik niet bluf,' waarschuwt ze me.
Ik weet het inderdaad, maar toch krabbel ik pas terug wanneer ze aanstalten maakt om overeind te komen.
'Nee. Nee, nee, nee, nee. Paige, alsjeblieft niet,' breng ik verstikt uit en er verschijnt een zelfingenomen trek van een glimlach om haar mond.
Ze schudt opnieuw teleurgesteld haar hoofd en laat zich weer onderuitzakken op de stoel. Ze neemt nog een slokje van haar milkshake en verzucht: 'Dat jullie de koude oorlog gewonnen hebben.'

Aangezien Paige en ik na werk allebei geen zin hebben om te koken, bestellen we een pizza. Eigenlijk is fastfood niet helemaal gepast voor een gewone werkavond als deze, maar we doen er extra paprika op, dus dat maakt het dan weer goed. Het is net een salade.
Terwijl we wachten op de pizzakoerier, gaan we met twee koppen thee op de bank zitten. Ik doe de televisie aan om het nieuws te kunnen kijken en Paige, die vanwege het slopende weekend dat ze achter de rug heeft vermoeider is dan normaal, is met haar hoofd in mijn schoot bij me komen liggen. Ik voel haar steeds trager wordende ademhaling tegen mijn been en speel afwezig met haar zachte haar.
‘Gaat het?’ vraag ik na een tijdje, mijn stem zacht en open. Ik wil niet opdringerig overkomen. Ik weet dat dat niet werkt.
Ze knikt, haar ogen gesloten.
‘Moe?’
Ze knikt weer.
‘Wil je misschien liever al naar bed?’ vraag ik. Het is pas zes uur ‘s avonds, maar haar hele slaapritme is de afgelopen dagen volledig overhoop gehaald, dus veel maakt dat niet uit.
Ze schudt van nee en slikt even.
‘Gewoon even liggen,’ zegt ze met een klein stemmetje.
Ik begin weer wat door haar haar te strijken. 'Is goed, liefje. Slaap lekker.'
Ze gromt iets half verstaanbaars over dat ze niet gaat slapen, maar wanneer tien minuten laten de deurbel gaat, heb ik het idee dat ze stiekem toch niet helemaal wakker meer was, want ze schiet gealarmeerd overeind. Ze kijkt gedesoriënteerd om zich heen, en kalmeert pas wanneer ze mij ziet.
'Dat moet de pizza zijn,' zeg ik en ik kom overeind. Ze knikt en loopt zachtjes achter me aan, bijna sluipend. We weten allebei dat het de pizzakoerier is, maar ze heeft wel vaker meegemaakt dat er een ongenodigde gast voor de deur stond, dus ik neem het haar niet kwalijk dat ze een beetje achterdochtig is.
Ik doe de deur open en neem de pizzadoos aan. Na een paar bedankjes en goede avondjes, doe ik de deur weer dicht en Paige pakt de doos van me over. Aan haar hongerige blik zie ik dat het maar goed is dat de pizza gearriveerd is, want anders was ze misschien wel aan mijn been begonnen.
We gaan op de bank zitten en Paige neemt de open pizzadoos bij haar op schoot. Ondertussen zet ik de televisie aan en uiteindelijk eindigen we bij een of andere documentaire over daklozen in New York. We beginnen te eten en na een tijdje valt het me op dat Paige wel heel erg stil is, en dat ze wel heel erg gefocust is op de televisie. Ze is zo in beslag genomen door het programma dat het zelfs minstens een minuut duurt voordat ze doorheeft dat ik naar haar aan het kijken ben.
Ze kijkt me onderzoekend aan, haar ogen flitsend over elke centimeter van mijn gezicht. Ze legt haar half opgegeten pizzapunt terug in de doos en kijkt me bezorgd aan.
'Nathan...?' vraagt ze. 'Is... Is er iets aan de hand?'
Ik knik en doe even een wanhopige poging om wat woorden bij elkaar te schrapen.
'Nee. Nee, maar... Paige, gaat het wel? Je... Is alles oké?' sputter ik uiteindelijk.
Ze knikt en gebaart met haar hoofd naar de televisie. Met een tikkeltje te onvaste stem zegt ze: 'Gewoon een vrij heftige documantaire.'
Het klinkt als een halve waarheid, maar ik denk niet dat het slim is om haar te dwingen om meer te zeggen, dus ik knik maar gewoon. Ondertussen begint mijn hoofd overuren te werken in een poging om erachter te komen waar het echt om draait.
'Snap ik. Ik kan me voorstellen dat het verschrikkelijk is om zo te moeten leven,' merk ik op, want ik moet íéts zeggen en ik wil haar niet het gevoel geven dat ik haar negeer.
'Nee, dat kun je niet,' zegt Paige, haar stem waarschijnlijk feller dan bedoeld, bijna verdedigend. Het komt er sneller uit dan ze na kan denken en ik zie de spijt in haar blik.
Zodra ze het zegt, weet ik wat het betekent. Mijn schouders gaan hangen en - ik kan het niet helpen - mijn gezicht vertrekt van medelijden.
'Oh, Paige...' fluister ik en ze kijkt weg in een tevergeefse poging de tranen in haar ogen te verbergen. Ik zie dat ze haar kaken even op elkaar klemt.
'Het was maar een paar weken,' zegt ze dan, haar stem zo zacht dat ik haar nauwelijks versta.
Ik ben zo van mijn stuk gebracht dat ik geen reactie weet te formuleren. Paige is hier komen werken net nadat de temperatuur weer boven het vriespunt uit begon te komen en ze heeft nog geen winter als politie-agente meegemaakt, maar ik wel. Elke winter vriezen er opnieuw weer daklozen dood. En elke winter is het in veel gevallen de politie die de lichamen moet vinden en ophalen. Het idee dat Paige over een paar weken misschien wel mensen uit de sneeuw moet graven die ze gekend heeft, geeft me buikpijn. En het idee dat het onder andere omstandigheden misschien wel Paige was geweest die eenzelfde lot had ondergaan, doet zelfs nog meer pijn.
‘Wat... Hoe... Wat is er gebeurd? Je... Je bent dákloos geweest? Wanneer?’ stoot ik haperend uit.
Ze bijt op haar lip.
'Toen mijn moeder erachter kwam dat ik agent wilde worden en geen psycholoog, waar ze het om de een of andere reden niet mee eens was, stopte ze met geld sturen. En aangezien ik zelf helemaal geen spaarpotje of financiële reserve had, raakte ik mijn woning kwijt en belandde ik op straat. Het was maar drie weekjes hoor. Het was wel in de herfst, maar ik heb maar één nacht meegemaakt dat er nachtvorst was. Eerst raakte ik in paniek en trok ik de stad uit, naar het bos. Ik wist niet hoe ik in een grote stad moest overleven, maar ik wist wel wat ik moest doen als ik in de natuur terecht zou komen, want dat is waar mijn vader mij mijn hele jeugd lang op gedrild heeft. Ik wist hoe ik aan eten moest komen, hoe ik warm moest blijven. Maar na een week ben ik weer terug de stad in gegaan, want ik wist dat ik anders geen kans meer zou maken om mijn leven op te pakken als ik te gewend zou raken aan dat leven. Ik kreeg een baantje te pakken bij een sportschool, zodat ik daar stiekem de douches kon gebruiken. Verder haalde ik vooral plastic flessen uit het vuilnis en kocht ik eten van het statiegeld. Iets meer dan twee weken later lukte het me om ergens samen met een paar anderen een of ander gammel krot te huren en de huur te delen,' vertelt ze, zonder pauzes tussendoor, alsof ze het gewoon zo snel mogelijk gehad wil hebben.
‘Waarom heb je het me nooit verteld?’ vraag ik zachtjes. Ik wil niet beschuldigend klinken, maar ik kan niet anders dan verbaasd zijn.
Ze haalt haar schouders op.
‘Heb jij mij al alle gebeurtenissen uit je leven verteld?’ antwoordt ze.
Ik ben even stil. Dan geef ik toe: ‘Nee.’
Ze haalt haar schouders op.
‘Nou, dan?’ zegt ze, waar ze ook wel een beetje een punt heeft. ‘Kijk, het was niet zó erg. Het waren al helemaal niet de zwaarste weken in mijn leven. Zeker in vergelijking met andere dingen die ik heb meegemaakt, valt het wel mee, dus het voelde niet zo heel belangrijk. Kijk, het was wel eng. En ik was bang. En ik wist niet of het allemaal wel goed zou komen. Maar zo erg was het niet voor mij. Zeker in vergelijking met anderen. Af en toe kwam er iemand naar je toe en als die groter en sterker was dan jij, dan kon je maar beter zonder terug te vechten je eten afstaan, maar ik had het niet al te slecht of zo.’
Ik knik met een beetje toegeeflijke tegenzin. Meestal, als Paige zegt dat iets wel meevalt, betekent dat alleen maar dat het minder erg is dan een moordenaar als vader hebben of verkracht worden, zelfs als het maar een klein beetje scheelt.
Ik buig wat naar haar toe en druk mijn lippen op haar voorhoofd. Dan trek ik me terug en kijk haar weer aan.
‘Ik... Echt, ik vind het zo erg dat je leven tot nu toe niet iets makkelijker is geweest. Je... Je verdient zoveel beter,’ weet ik uit te brengen.
Ik zie iets in haar blik. Iets heel kwetsbaars en gedwee.
‘Jij maakt het beter,’ prevelt ze, zo zachtjes dat ik het nauwelijks versta.
Ik wil iets zeggen, maar ik weet niet wat, dus ik kus haar maar gewoon. Blijkbaar brengt het de juiste boodschap over, want ze kust me terug.
'Ik hou van je,' prevelt ze tegen mijn lippen.
Ik laat mijn armen om haar middel glijden en trek haar dichter tegen me aan.
'Ik ook van jou,' zeg ik tussen een paar lichte kussen door. 'Zo ontzettend veel.'
Even rust ik mijn voorhoofd tegen die van haar aan. Aan zeg ik zachtjes: 'Ik zou zo graag willen dat je dat allemaal niet mee had hoeven maken.'
Ze glimlacht een beetje droevig naar me. 'Dank je.'
Haar blik wordt automatisch weer schuin naar de televisie getrokken, en ze ziet er zo ongelukkig uit dat ik vraag: 'Wil je liever iets anders kijken?'
Ze knikt en kijkt beschaamd naar beneden, alsof ze zich schuldig voelt, alsof het voelt alsof ze al die problemen zal negeren als we een andere zender gaan kijken.
Ik pak de afstandbediening en begin wat te zappen tot ik iets vind wat we allebei leuk vinden. Ik sla een arm om Paige heen en ze laat haar hoofd tegen mijn schouder zakken. Terwijl de presentatrice iets verteld over wijngaarden in Argentinië, knabbelt Paige bescheiden wat verder op het laatste stukje pizza.
Nadat we net iets te lang naar betekenisloze televisie hebben lopen kijken, besluiten we naar bed te gaan. Het slangenincident was vrij ontzettend uitputtend, al zeg ik het zelf, en morgen moeten we weer vroeg opstaan, dus we kunnen het maar beter niet al te laat maken.
Paige gaat eerst douchen en in die tussentijd ruim ik de vaatwasser even stiekem uit, want ik weet dat ze het anders zelf gaat doen en ik wil haar wat rust gunnen. Zodra ik hoor dat ze klaar is en in bed is gaan liggen, verdwijn ik zelf de badkamer in.
Wanneer ik even later de douche weer uit kom, heeft Paige zich op haar rug op bed laten vallen. Het shirt dat ze draagt is iets omhoog gekropen, tot net boven haar navel. Ze heeft dramatisch haar arm over haar gezicht gelegd, zodat haar ogen tegen het licht van de kamer beschermd is. Ik kruip over het bed naar haar toe en geef een kus op haar blote buik, waardoor er een schok door haar heen gaat en er een verschrikt kreetje over haar lippen komt. Ze komt overeind, pint me op mijn rug vast op het bed en komt bovenop me liggen. Ze houdt een belerend vingertje voor mijn gezicht en kijkt me geïrriteerd aan.
'Niet doen,' zegt ze, maar ik zie dat haar strengheid gespeeld is.
Ik hef grijnzend mijn hoofd een stukje op en geef haar een kus. 'Mijn nederige excuses. Kunt u het mij vergeven?'
Ze denkt even na, maar knikt dan toch.
'Nou, vooruit dan maar,' zegt ze en ze maakt aanstalten om weer van me af te glijden, maar ik sla mijn armen om haar heen om haar tegen te houden.
Ik laat haar met mijn rechterarm los en neem haar kin tussen mijn duim en wijsvinger, zodat ik zachtjes mijn lippen op de haar kan drukken. Wanneer ik me weer terugtrek voel ik dat ze iets naar me toe buigt in een poging het contact te verlengen. Zodra ze me aankijkt, ligt er een afwachtende, verlangende blik in haar ogen, alsof ze benieuwd is naar elke aanraking. Haar zachte lippen zijn iets van elkaar geweken. Ik strijk voorzichtig een losse pluk haar achter haar oorschelp en laat mijn hand in haar nek liggen. Ik kijk haar weer aan en er ligt iets liefdevols in haar blik dat haar heel schattig maakt. Het moment lijkt gerekt te zijn, lijkt minutenlang te duren, maar we hebben alle tijd van de wereld, en ik zou nergens liever willen zijn dan hier.
Na een tijdje is het Paige die zo ongeduldig wordt dat ze zelf maar naar me toe komt en me zoent. Hoewel we allebei bijna aan het trillen zijn van verlangen en de kus steeds intiemer wordt, blijven onze bewegingen vrij traag en teder. Er is geen ruimte voor haast. Ik trek haar dichter tegen me aan, zodat ik haar lichaam tegen de mijne kan voelen.
Na een tijdje trek ik me net genoeg terug om haar aan te kunnen kijken.
‘Ik kan nog altijd gewoon niet geloven dat je de mijne bent,’ breng ik ademloos uit, waarna ik me bedenk en stotterend terugkrabbel. ‘I-Ik bedoel... Je bent natuurlijk niet mijn bezit, maar... Je... Ik... Ja... Ik bedoel...’
Ze glimlacht en zegt geruststellend: ‘Ik weet wat je bedoelt.’
Ik zucht opgelucht en ze geeft een zacht kusje op mijn mondhoek. Ik strijk lichtjes over haar wang, kijk haar bijna gehypnotiseerd aan.
‘Je bent zo mooi,’ fluister ik.
‘Jij ook,’ zegt ze schor. Ze komt weer wat naar me toe en kust me.
Ik rol me bovenop haar en haar lippen wijken iets uiteen. Ik kantel mijn hoofd een beetje om de kus te verdiepen en voel dat haar handen onder mijn shirt glijden, over mijn rug strelen. Haar vingertoppen volgen de lijnen van mijn spieren, die ik automatisch aanspan. Ik duw mijn lichaam dichter tegen de hare aan. We liggen nu zo dicht op elkaar dat ik haar hart kan voelen kloppen.
Ik laat mijn mond al zoenend afglijden naar haar hals, zodat ik haar daar kan zoenen. Ze hapt naar adem en verstrengelt een hand met mijn haar. Mijn rechterhand glipt onder haar shirt, waar hij steeds verder en verder over haar soepele huid omhoog glijdt.
'Nathan, ik wil je,' weet ze hijgend uit te brengen.
En wie ben ik om daar tegenin te gaan?

Een uur later, wanneer Paige in slaap gevallen is, haar lichaam nog even dicht tegen de mijne, de dekens slaapdronken zo ver mogelijk over zich heengetrokken, neem ik even de tijd om haar in het halfdonker te bekijken. Ze ziet er altijd iets jonger uit wanneer ze slaapt, iets gelukkiger, mede dankzij het feit dat alle ellende die ze meegemaakt heeft vooral in haar ogen te zien is. Wanneer ze slaapt, ziet het er niet meer uit alsof ze het gewicht van de wereld op haar schouders draagt, alsof ze het resultaat is van een meisje dat te snel volwassen moest worden. Maar zelfs als ik wel alle pijn die ze bij zich draagt in haar gezicht kan lezen, hou ik van haar. Mijn God, ik hou zelfs zoveel van haar dat het me bang maakt. Maar ik vind het minder erg om bang te zijn wanneer ik bij haar ben.
Ik hou van haar. En het besef dat ik altijd van haar zal blijven houden, klettert als een stortregen over me heen. Ik ga van haar houden van haar zwakste tot haar sterkste momenten. Ik ga van haar houden wanneer ze blij is en ik ga van haar houden wanneer ze verdrietig is. En ik hou niet alleen van haar omdat ze me geluk kan geven, of omdat ik harder kan lachen wanneer ik bij haar ben, of omdat ik me completer voel wanneer ze bij me is. Ik hou niet van haar omdat ze me dingen kan geven. Ik hou van haar om wie ze is, niet om wat ze me geeft. Ik hou van haar omdat ze is wie ze is, omdat er zoveel verschillende versies van haar zijn die ze kan worden en er geen enkele versie van haar is waar ik niet van zou houden.
En terwijl ik daar in bed ligt, en naar haar slapende gezicht kijk, lijkt er iets op te zwellen in mijn borstkas. En opeens weet ik het. Het besef dreunt door mijn botten en zwemt door mijn bloed. De zekerheid ervan is zo intens dat mijn handen bijna trillen wanneer ik een plukje haar wegstrijk achter haar oor. Ik heb nog nooit zoiets zo ontzettend zeker geweten.
Dit is de vrouw waar ik mee wil trouwen.

Reacties (2)

  • BethGoes

    Omg jaaaaahhhhh Nathan vraag haar ten huwelijk!!!

    1 jaar geleden
  • CrazyUnicornLuf

    aww schattig!
    weer een leuk stukje <3

    1 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen