Ze hoorde geschreeuw van de pier komen en Malia zag haar vader met een woedende blik haar aankijken. Ze had haar vader al zo vaak boos gezien, maar deze blik kende ze nog niet. Ze zag niet alleen woede, ze zag ook angst en pijn. Alsof hij gekwetst was dat ze weg was gelopen. Natuurlijk was hij gekwetst, ze kon nu niet met een edelman trouwen om hem meer macht te geven. Ze zuchtte een keer en draaide zich toen naar de jongen. ‘Ik weet niet hoe ik je moet bedanken,’ zei ze zacht, ze stak haar hand naar hem uit en lachend nam hij hem aan. ‘Geen dank, jonkvrouw. Voor mij was het een opdracht die ik graag uitvoerde. Het was niet om aan te zien dat u opgesloten zat in een toren.’ Malia nam de tijd om de jongen van top tot teen te bekijken. Hij was beeldschoon, maar iets zei dat hij dat wel wist. Zijn bruine krullen paste perfect bij de vorm van zijn gezicht, zijn groene ogen stonden nieuwsgierig en vriendelijk. Zijn lichaam was gespierd en bruinverbrand. ‘Harry is de naam,’ vervolgde hij terwijl hij haar hand schudde. ‘Malia,’ zei ze, maar dat wist hij natuurlijk al. ‘Aangenaam kennis met u te maken,’ zei hij, hij haalde een envelop uit zijn zak en overhandigde die aan haar. ‘Deze moest ik aan u geven, we varen nu naar het eiland Isla de los Suenos,’ vervolgde hij. ‘Ik zal u naar uw verblijf brengen, het is twee dagen reizen naar het eiland. In uw kamer vindt u schone kleren en kunt u zich opfrissen. Bij het avondmaal zal ik u voorstellen aan mijn bemanning.’ Hij glimlachte een keer vriendelijk naar Malia en liep toen voor haar uit. Ze waren in het schip en een verdieping lager, Harry stopte bij een kamerdeur en draaide zich om naar Malia. ‘Dit zal uw kamer zijn de komende twee dagen,’ hij opende de deur en liet Malia voor hem uit de kamer in lopen. Er stond een groot hemelbed, een kaptafel en een bankje. Alles was netjes en mooi aangekleed. ‘Zeg maar je of jij hoor, volgens mij schelen we niet zoveel,’ zei Malia. Harry lachte een keer. ‘Je moest eens weten,’ mompelde hij, net hard genoeg zodat Malia het nog kon verstaan. ‘Wat is er op het eiland Isla de los Suenos?,’ vroeg ze toen, weer moest de jongen lachen. ‘Alles wordt uitgelegd in de brief die ik je heb gegeven,’ zei hij, ze keek naar de envelop en iets eraan gaf haar een kriebel in haar buik. ‘Ik zal je alleen laten,’ Harry knikte een keer naar Malia en verdween toen haar kamer uit. Malia sprong een keer en lachte toen luid. Eindelijk! Eindelijk was ze die verdomde toren uit. Het leek alsof ze daar voor eeuwig in zat, jaren voelden als een eeuwigheid is die toren. Ze ging op het bed zitten en opende de envelop. De brief was prachtig en de randjes waren van goud, ze glinsterden in het licht van de zon door het raam.

Jaar 57, Elantine-dynastie

Geachte Malia Morningstar,
Mijn liefste dochter, het spijt mij dat ik je niet eerder kon redden uit je vader zijn greep. Al mijn eerdere pogingen werden doorzien door hem en haalde niets uit. Harry is slimmer en ik wist dat het hem zou lukken. Hij brengt je naar Isla de los Suenos, het prive-eiland van meester Legende. Bijgaand in de brief vind je een uitnodiging voor Caraval. Het is de bedoeling dat je dit spel gaat spelen en hopelijk wint. De prijs van dit jaar is een wens en ik weet dat je die goed kan gebruiken. Maar ik waarschuw je Malia, iedereen kan die wens goed gebruiken en ze zullen alles proberen te winnen. Pas goed op jezelf en tot snel!

Malani Morningstar

Het was haar moeder die haar had gered, zoals ze al die jaren geleden had beloofd! Ze grijnsde van oor tot oor. Maar al snel zette dat om in vragen. Waar is haar moeder nu? Waarom moet ze eerst een spel spelen? Wat voor spel zou het zijn? Ze zag twee kaartjes in de envelop en het licht van de zon deed de letters verschijnen: Toegang voor een persoon: Malia Morningstar, van de Veroverde Eilanden. Op de andere stond geen naam, op de achterkant van het kaartje stond de volgende tekst:
Voor eenmalig gebruik, om toegang te krijgen tot Caraval.
Hoofdpoorten gaan dicht om middernacht op de dertiende dag van het Groeiseizoen gedurende het 57ste jaar van de Elantine-dynastie. Wie te laat arriveert, zal niet aan het spel kunnen deelnemen en loopt de kans mis om de prijs van dit jaar, zijnde een wens, te winnen.
Malia las de tekst nog een keer en nog een keer. De dertiende dag, dat is over 2 dagen. Dat betekent dat ze precies genoeg tijd moet hebben om het te redden. Maar voor wie is dat tweede kaartje? Ach, zolang zij haar moeder weer zal zien was Malia blij.

Malia had de kamer van top tot teen in zich genomen. Het was perfect, mooier had ze niet durven dromen. Aan het einde van het bed lag een jurk en op de grond een paar lange laarzen. Ze zagen er saai uit, maar goed genoeg voor Malia. Ze trok de jurk en de laarzen aan en bekeek zichzelf in de spiegel. Tot haar schrik begon de jurk te veranderen. De jurk was niet meer saai en grauw, maar had nu een diepe kersenrode kleur – de kleur van verleiding en geheimen. Een sierlijke rij met strikken liep van boven naar beneden over een getailleerd lijfje met een lage ronde hals, dat aansloot op een bijpassende tournure met ruches. De rokken eronder waren gestulpt en sloten perfect aan op haar lichaam, vijf lagen van verschillende stoffen, van kersenrode zijde en tule en afgezet met strookjes zwart kant. Zelfs haar laarzen waren veranderd, van saai bruin in een combinatie van zwart leer en kant. Ze voelde een keer aan het materiaal van de jurk om zich ervan te overtuigen dat het geen speling was. Ze had een betoverde jurk gekregen. Gelijk gingen Malia haar gedachten naar de verhalen van haar moeder die ze vroeger elke avond vertelde. Caraval was dus geen fantasie verhaal van haar moeder geweest, zoals haar vader haar had wijs gemaakt, het was echt!
Toen ze eenmaal elk detail van de jurk in haar had opgenomen, stopte Malia de envelop met de brief en de kaartjes in haar zak en verlaatte ze haar kamer. Onderweg naar boven kwamen er allemaal geluiden uit de kamers die ze passeerde. Ze hoorde dieren, mensen en dingen die ze niet wilde horen. Toen ze eenmaal boven aankwam en de deur naar buiten opende, kwamen de geiten, kippen en honden haar tegemoet rennen. Verbaast keek ze hoe de dieren samen naar binnen rende, alsof ze al jaren beste vrienden waren en ze allemaal hetzelfde soort waren. De bemanning keek naar haar op en een voor een zeiden ze haar vriendelijk gedag of gaven ze haar een vriendelijke knik. ‘De jurk past je perfect zo te zien,’ hoorde ze een bekende stem achter haar zeggen. Malia draaide haar om en keek naar boven, daar stond Harry naast het grote stuur van het grote schip haar lachend aan te kijken. Malia liep naar boven en keek uit op het schip. Alle bemanning was druk aan het werk en schonk geen aandacht aan haar of Harry. Om het schip heen was alleen water te zien, er was geen eiland of wat dan ook in zicht. ‘Dus je kent mijn moeder?’ Vroeg Malia aan Harry. ‘Ik heb haar nooit ontmoet,’ antwoordde hij haar. ‘We hebben alleen contact gehad in brieven. Waarin ze mij vertelde over jou en jou situatie. Ze vertelde ook dat ze vaker had geprobeerd je te redden, maar dat het haar nog nooit was gelukt. Ze hoopte dat het mij zou lukken en gelukkig is dat ook zo.’ Malia haar oren wisten niet wat ze hoorden, haar moeder was haar nooit vergeten. Het was haar alleen nog niet gelukt haar woorden na te komen. ‘Ze vroeg me je te helpen met ontsnappen en met Caraval.’ Ging Harry verder, daar was dat tweede kaartje dus voor. ‘Over twee dagen komen we aan bij het eiland en zullen jij en ik samen verder reizen op een kleinere boot.’ Malia keek een keer raar op, hij en ik alleen. Ze moest al haar vertrouwen in een jongen stoppen die ze helemaal niet kende. Hij mag haar dan wel gered hebben, maar het duurde lang voor Malia vertrouwen in iemand had. Ze wilde er alleen alles voor doen om haar moeder weer te zien.

Er zijn nog geen reacties.


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen