Ik had nog steeds hoofdpijn. Het was nooit meer gestopt sinds een paar dagen geleden. Voor de zoveelste keer werd ik wakker met een leeg gevoel van binnen. Lottie had inmiddels maar al te goed door dat het niet goed met me ging. Ze had geprobeerd om met me te praten. Om me te knuffelen als ze dacht dat ik het nodig had. Dat was nog duidelijk op deze vroege ochtend.
Haar hand lag op mijn borst. Dat was het dan ook wel; verder lag ze gewoon op haar eigen kant van het bed. Het was van toen ze me vannacht nog had proberen te overtuigen dat alles goed ging komen. Voor de zoveelste keer.
Ik keek even naar haar slapende gezicht en glimlachte. Heel voorzichtig tilde ik haar hand op en kroop ik er zelf onderuit. Ik haalde een simpel setje kleding uit de kledingkast en trok mijn schoenen aan. Na een laatste blik geworpen te hebben op Lottie, verliet ik zachtjes de slaapkamer. In de woonkamer sliep ook nog iedereen. Het was dan ook pas half 7 in de ochtend. Ik had niet verwacht dat iemand actief was en eigenlijk was ik daar ook nog wel blij mee.
Heel zachtjes liep ik naar de badkamer om mijn tanden te poetsen. Vervolgens nam ik mijn denim jasje van de kapstok en de sleutels van het rekje en verliet ik zachtjes het appartement.
Ik liep ietwat afwezig en nogal verdrietig de trappen af en nam de buitenlucht in me op. Het liet me wellicht ietwat beter voelen. Ik had dan ook wel frisse lucht nodig na al die dagen liggen janken in bed. Vaak kwamen Gemma, Niall en Lottie bij me op bed zitten en dronken we daar koffie of deden we een spelletje. Ze zorgden er voor dat ik me zo goed mogelijk voelde.
Het hielp, in een zekere mate. Ik was liever samen met ze dan alleen. Alsnog voelde ik veel te vaak de behoefte om me in de dekens te rollen en flink te huilen. Op zulke momenten gaven ze me de ruimte, gelukkig.
Ik had besloten om muziek te luisteren met oordopjes die ik aangesloten had op mijn telefoon. Dat liet me minder leeg voel.
Terwijl de muziek van Blink-182 me ietwat meer kracht in mijn passen gaf, wist ik alsnog niet mijn gedachten fatsoenlijk bij mijn omgeving te houden.
Ik zou gemakkelijk aangereden kunnen worden op deze manier; ik lette immers toch niet op.
Toen ik eenmaal weer even een moment van realisatie kreeg, besefte ik me dat ik midden in Hyde park stond. Ik liep richting Kensington Gardens. Dat leek me een goede plek om mijn tijd te verdoen momenteel. Tussen de bloemen en waterfonteinen.
Met een neergebogen hoofd slenterde ik over het gras, geen zin hebbende in het looppad bewandelen. Ik voelde de tranen prikken in mijn ooghoeken. Nog voordat ik Kensington Gardens überhaupt bereikt had zakte ik in mekaar op het gras. Ik was er klaar mee.
Ik wou schreeuwen. Ik wou iemand slaan. Ik wou iemand meppen. Iets meppen. Ik krulde op in een bal op het gras en liet mijn tranen de vrije loop gaan. Alle frustratie van de afgelopen maanden kwam er nu uit. Ik bleef zitten met een gebogen hoofd en besloot me bezig te houden met het plukken van gras. Het was duidelijk te horen aan mijn ademhaling en aan mijn gesnik dat ik aan het huilen was. Ik mocht van geluk spreken dat er niet veel mensen in het park waren. Langzaam draaide ik me op mijn rug. Ik hield mijn ogen gesloten terwijl ik de tranen uit mijn ogen probeerde te vegen. Blink-182 dreunde alsnog door mijn oordopjes op een hoog volume. Ik probeerde mezelf tot rust te brengen, maar het was nogal lastig. Op momenten dat ik dacht dat ik klaar was met huilen, begon ik weer opnieuw. Ik was al lang blij dat ik nu niet Lottie, Gemma of Niall had die kwam vragen of ik iets nodig had. Ik wou gewoon even helemaal niets. Ik wou mezelf zielig kunnen vinden. Ik wou mijn gedachten over Harry de vrije loop laten gaan.
"Hey, ben je oké?" klonk een stem door mijn muziek heen.

Er zijn nog geen reacties.


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen