De dagen erop gingen voorbij. Carolina en ik werden een stel. Ik had tegen haar gevraagd of ze mijn vriendin wilde worden. Het was wennen na zeventien jaar single te zijn om een vriendin bij me te hebben. Bij haar voelde ik me op mijn gemak.
Het viel me trouwens op dat ze minder bot tegen me deed. In tegendeel zelf deed ze veel liever dan eerst. Ze gaf me soms complimenten, waardoor mijn ego gestreeld werd.
Ik had deze weekend met haar in het park afgesproken. Ik was jammer genoeg paar minuten te laat, hopelijk nam ze het me niet kwalijk. Volgens mijn horloge was ik vijf minuten te laat. Daar zou ze toch geen probleem van maken? Anders kon ik nog met mijn tijd gave ervoor zorgen dat ik er vele eerder was.
Ik zag een glim van haar dichtbij het boom van het park. Ze stond daar met haar rug naar me toe.
Ik liep naar haar toe. Ze leek nog niks te merken.
Er drong een idee bij me op. Ik liep naar haar toe zo onopvallend mogelijk. Hopelijk had ze me het niet door. Ik legde mijn handen voor haar ogen.
‘Raad eens wie er is,’ zei ik fluitend bij haar oor.’
Ze legde mijn handen omlaag en draaide zich naar me toe.
‘Deen, ik wist al dat je het was die achter me kwam.’
Ik haar vragend aan. Hoe wist ze dat? Ik had zelf geprobeerd op mijn tenen naar haar toe te lopen.
‘Ik heb overgevoelige zintuigen. Weet je nog? Ik kan je zelf van een kilometer nog horen.’
‘Best jammer, ik had je anders wel meer willen verassen.’
Ik gaf haar een kus op haar hang.
We liepen verder van het park naar het centrum van het stad.
We hadden ondertussen tijdens het wandelen nog met elkaar geklets. We hadden nog ergens gedronken en gingen weer verder wandelen. Niet veel bijzonder heden tijdens onze afspraak, maar ik vond het al heel fijn om bij haar te zijn.
Ze was niet als de meeste meiden en dat was juist het leukste aan haar. Het viel me wel op dat ze niet echt enthousiast was toen we paar kleding zaken heen liepen.
‘Weet je zeker dat je niet ergens wilt gaan kijken?’ vroeg ik.
‘Nee, ik hou zelf niet echt van shoppen. En als ik toch ga voor kleding dan juist omdat ik het nodig had.’
Ook begrijpelijk.
We liepen lang de weg die naar onze school toe leidde.
Ik wilde nog iets tegen haar zeggen, maar plots schrok ik inwendig van een explosieve geluid.
‘Wat was dat?’ vroeg Carolina.
Blijkbaar had ze het ook gehoord.
De grond onder onze voeten begon plotseling te trillen.
Er was een aardbeving op komst. En wel een hardde.
Zelfs de auto’s op straat begon geluid te maken alsof iemand probeerde in te breken in de auto. Paar mensen waren net als ik in paniek.
Opeens hield de aardbeving op met schudde.
Carolina liep weer verder daar de straat die naar ons school toe leidde.
Het was weekend en de school was vandaag dicht, behalve voor de wedstrijd die er op school gehouden werd.
Ze pakte me de hand vast, die zacht aan voelde.
‘We gaan via deze korte weg die ik neem.’
Hoezo? Wilde ik aan haar vragen, maar die woorden kwamen moeilijk uit mijn lippen.
Ik volgde haar via het steegje.

Wie waren die mannen die ons kant op kwamen?’ vroeg ik aan Carolina. Het was voor het eerst dat ze erg in schrok. was.
‘De handlangers van de duistere heerser,’ mompelde ze heel zachtjes en onverstaanbaar.
Ik keek de grote groep weer aan die onze kant op kwamen gehold. Hun lichamen waren spierwit en bijna lichtpaars. Hun lippen waren donkerpaars en ze droegen allemaal een donkerblauwe mantel. Hun ogen spuwde vuur. Het zag ernaar uit dat ze ons gingen aanvallen.
Carolina schoot al in verdediging.
Misschien tijd om ons te verdedigen. Ze stormde op ons af.
De kwaadaardige wezens die mijn kant op kwamen aankwamen probeerde ik stil te zetten. Ze stonden til als standbeelden. Ik keek naar Carolina die paar karakter trappen uit deelde. Paar vielen meteen half bewusteloos op de grond. En als er te veel mannen op hem afstormde gebruikte ze haar lichtgave tegen ze. Ik hielp haar een beetje mee.
‘Er kwamen er steeds meer,’ zei ze bijna uitgeput. ‘Ik weet niet of ik dit wel langer kon volhouden.
Ik probeerde ze allemaal stil te bevriezen. Hun tijd dan, zodat ze voor een lange tijd niet konden bewegen. Ik pakte haar hand en sleurde haar hier vandaan, voordat ze misschien flauw ging vallen. Het zag er anders wel uit.
‘Welke kant moesten we op?’ vroeg ik aan haar.
Ze vertelde welke kant we moesten.
We stonden plots stil. Wel op het moment toen er meer van zulke gedaante kwamen. Er leken er heel veel. De meeste ervan liepen van een paar kilometer afstand naar onze school. Ik keek Carolina aan.
‘De mensen zitten daar nog. We moesten ze waarschuwen voor dat ze misschien…’ Ze maakte haar zin niet helemaal af.
Ik knikte.
Gehaast rennen we naar de school. De school ingang was tot onze opluchting nog open. We rennen door de gangen naar de gymzaal toe. Ik opende klapt deur van de deur.
De rest van het publiek zat te genieten van het basketbal wedstrijd.
‘Er is kwaadaardigs hier op komst!’ zei ik hijgend met stem verheft.
Nu keken iedereen ons aan.
Paar blikken keken me bespottelijk aan. Zelf een paar begonnen me uit te lachen.
‘Het zal wel, weirdo.’
Het lachen werd steeds meer. Zelf een paar begonnen te kletsen. Zelf de mensen van het basketbal waren even gestopt en keken me vreemd aan.
‘Stilte!’ schreeuwde Carolina. Iedereen was plots stil. Haar kwade blik maakte het beeld compleet. ‘Jullie kunnen wel allemaal stom zitten te lachen, maar er dreigt buiten wel gevaar op komst. Hebben jullie dan niet de aardbeving gehoord?’
‘Ja. Eigenlijk wel, maar het zou vast met de natuur te maken hebben,’ zei iemand bij de tribune.
‘Nou, dan zeg ik jullie dat het deze…’ Ze kon haar zin niet meer afmaken. Plots was het licht van de gymzaal even uit. Toen ging het weer aan.
De grond onder mijn voeten begon ineens te trillen. Shit, Hij wist waar we waren.
'Wat gebeurd er?' zei iemand bij de tribune.
Het gebouw begon ineens heftig te trillen. Zelf het kopje van de meneer bij de jury tafel trilde, waardoor de koffie over de schotel morste. Het kon niks anders zijn dat de aardbeving afkomstig was van een van de handlangers van de duistere heerser.
plots barstte de ramen van de gymzaal ineen en het geluid van glas maakte plaats van krijsende mensen. Duizenden glas stukjes vlogen kriskras door elkaar. Ik beschermde Carolina via een omhelzing om te voorkomen dat ze door de glasscherven gewond raakte. Ik wist dat ze daar niet van hield, en duwde me zachtjes weer opzij. De stukjes glasscherven waren op de grond belandt. Paar waren zelf gewond van het glas.
'Wacht, als jullie...'
Carolina onafgemaakte zin kwamen te laat aan. Uit paniek begon iedereen in de gymzaal te rennen. Ze rennen allemaal onze kant op naar de uitgang. Misschien as het beter om te maken dat we hier weg kwamen, voordat we geplet werden door de massa die ons kant op kwam rennen. Ik draaide mezelf en renden, maar stond naar paar stappen stil op het moment toen de klapdeur van de gymzaal automatisch dicht gingen.
IK probeerde te duwen.
Het zat op slot. Ze wisten dat we hier zaten en dat we de andere probeerde te waarschuwen. Zelfs Carolina probeerde met alle macht het open te krijgen. Ze probeerde paar karate schop, maar het zat echt vast. IK werd bijna gepletterd door de massa mensen achter me. Ze probeerde uit paniek de deur open te krijgen, maar het ging niet. Paniek overspoelde me ook. We zaten als ratten in de val. We konden geen kant op gaan. Ik werd bijna tegen de deur aan geduwd die niet open kon. We konden niks doen, terwijl we opgesloten zaten, of wel?
Mijn blik was op Carolina die mijn naam riep. Ze glipte door de massa heen die uit paniek tegen de deur bonkte.
‘Wat was ze van plan? Had ze soms een idee om hier uit te komen? Ze verdween in de massa. Ik ging achter haar aan.
Ik ging achter haar aan. Ik glipte door de massa heen. Wat haar ideeën ook mochten zijn om hieruit te komen, ik wilde bij haar in de buurt blijven. En voorkomen dat haar iets overkomt. Ik merkte een glim van haar te zien. Ik liep verder door de grote groep mensen. Ik kreeg wel een elle boog of hand die tegen mij aanbotste, maar ik negeerde het. Ik merkte haar op. Ze klom op de tribune. Misschien wist ik wat ze van plan was. Ze stond op de zitplaatsen na paar treden.
Ze wist meteen de aandacht te trekken van de massa. Alle blikken keken haar kant op.
'Hey, Mensen, Ik weet hoe we hieruit kunnen komen!' zei ze luid en duidelijk.
'Hoe dan? De deur zit op slot.'
'Zelf de deuren van de kleedkamers zijn op slot,' zei iemand anders.
Dat zou misschien ook kunnen. Ik had niet gekeken naar de andere uitgangen.
'Ik weet niet of jullie het door hebben, maar de ramen zijn juist openbarst en we kunnen via de ramen naar buiten.'
'Hoe wil je dat in vredesnaam doen?' vroeg iemand bits. 'Het is wel paar meters hoog om eraf te springen.'
'En ik heb last van hoogtevrees,' zei Georgia het meisje tijdens geschiedenis.'
'Daar is trouwens een oplossing voor. We kunnen hier uit, alleen moeten we...' Ze maakte geschrokken haar zin niet af. Het licht in de gymzaal was plots uitgevallen. Naar paar seconden ging die weer aan.
'We moeten opschieten. Ze komen elk moment hier heen.'

'We moeten opschieten. Ze komen elk moment hier.'
'We is ze?' vroeg een van de cheerleaders.
'Daar is geen tijd voor,' zei ik. De andere leken nogal sceptisch te zijn. 'Ze wilt jullie hieruit halen,' viel ik ze in de reden. 'Zonder haar hulp zullen we nog steeds hier lang opgesloten zitten.
'Je hebt gelijk,' zei Andy. Hij keek Carolina aan. 'Vertel maar wat je plan is.'
Carolina legde het plan uit om hier te ontsnappen.
Zonder aarzelen trok sommige jongens hun T-shirt uit en knopte het bij elkaar als een touw.
'Maar hoe zit het met de klimtouwen?' vroeg ene van de meisjes uit de Freshman jaar.
'Als we erop klimmen en het touw snijden dan valt diegene. En het gaat de school geld kosten om ze te vervangen.' Daar had ze gelijk in.
'We doen het wel zonder de klimtouwen.
Ik hielp ook mee.
'Echt mooi niet, ik ga mijn broek mooi niet aan geven?'
'Hoe wil je hier anders uit komen?' vroeg het Freshman meisje.
'We hadden beter de touwen van de gymzaal kunnen afsnijden. Dat schilde nog een hoop kleding.'
Een van de .... wilde de geknopt touw tussen de houten plank van het raam knoppen, maar Carolina hield ze tegen.
'Dat is geen goed idee, straks breekt het nog naar beneden als jullie hieruit klimmen.'
Ze had daar ene punt bij en het zag er ook kwetsbaar uit, vooral toen het glas uit her raam in de gymzaal uiteen spatte.
'Knoop het anders stevig aan een van de ijzeren tangen van de tribune. Dan is de kans heel klein dat het fout gaat.'
Ik keek haar aan. 'Gaat het dan n...'
'Nee,' viel ze me in de reden. Niet als er ook nog mensen op de tribune op gaan. En er kunnen maar ene beperkte mensen ons te buurt hieruit klimmen.'
We volgde Carolina instructie om hieruit uit te komen. Op een gegeven moment begonnen de eerste twee hieruit te klimmen. Het koste veel te veel moeite door het glas schreven dat in de weg stonden. En het kostte het meisje uit de freshman jaar meer moeite, aangezien ze ook nog eens hoogtevrees had.
'Ik durf niet verder,' zei ze bijna snikkend
'Je kan het. Het is niet heel hoog. Binnen paar meten omlaag klimmen dan ben je veilig belandt.''Je kan het. Het is niet heel hoog. Binnen paar meten omlaag klimmen dan ben je veilig belandt,' Riep Finn uit mijn klas.
'Misschien helpt aanmoediging je we,' reageerde ik. De woorden leken niemand op te merken. Alles om me heen begon ineens te vervagen. Het begon donker om me hen te worden. 'Wat gebeurde er?' kon ik nog net zeggen, totdat iedereen en het gymzaal om me heen verdween in de duisternis.

Er zijn nog geen reacties.


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen