Twee zachte kloppen op mijn slaapkamerdeur halen me uit mijn slaap. Kreunend open ik mijn ogen en sluit ze weer snel door het felle licht van de zon die de kamer in schijnt.

'Ally. We gaan met tien minuten eten.'

De stem van mijn vader brengt me terug in de realiteit. Langzaam herinner ik me waar ik ben. Ergens waar ik niet wil zijn.

Ik sta op van het bed en kijk even in de spiegel van de kaptafel. Ik haal even snel een borstel door mijn donkerblonde krullende haar en loop dan mijn nieuwe slaapkamer uit naar beneden.

'Misschien kun jij haar een rondleiding geven. Ze is nog nooit buiten Amerika geweest.'

De vrolijke stem van Mary maakt me misselijk en met tegenzin loop ik richting de eetkamer.

'Misschien wil ze dat helemaal niet, mam.' Hoor ik een jongensstem zuchtend zeggen.

Dat moet Niall zijn.

'Ah, neem plaats en schep op.' Zegt mijn vader als hij me opmerkt.

'Dit is Niall. Niall, dit is Alison.'

Ik kijk de lichtblonde jongen even aan en geef hem een knik die hij antwoord met een glimlach.

Ik neem plaats op de stoel die het verste van iedereen staat en schep een beetje lasagne op mijn bord.
Ik zie in mijn ooghoeken hoe Mary gebaren maakt naar Niall en hoor hem daarna geïrriteerd zuchten.

'Alison, zal ik je morgen een rondleiding geven door London?'

Aan zijn stem kan ik horen dat hij er geen zin in heeft en alleen al daarom knik ik.
Ik vind het leuk om mensen te irriteren en het ze moeilijk te maken.
Waarom? Geen idee, leedvermaak?

Hij zucht en neemt nog een hap van zijn eten met een frons tussen zijn ogen.
Oké, dus ik kan hem nu al niet uitstaan.

'Je hoeft pas maandag te beginnen met school, All. In de tussentijd kun je de buurt een beetje verkennen en kunnen we elkaar beter leren kennen.'

De laatste woorden laten mijn bloed koken. Elkaar leren kennen? Als hij zes jaar geleden niet weg was gegaan hadden we elkaar gekend. Dan was ik niet alleen achtergelaten bij mijn moeder, die me niet uit kan staan.

'Dat is een beetje laat denk je niet.' Grom ik, dat kleine beetje eetlust dat ik had is verdwenen en zonder nog een woord te zeggen, sta ik op en loop ik de eetkamer uit de trap op.

'Pittig.' Hoor ik Niall zeggen.

Mijn vader zucht een keer.

'Heb geduld, lieverd. Het komt wel.' Zegt Mary.

Nou, wees daar maar niet zo zeker van. Ik kan mijn vader niet vergeven, daar is het te laat voor. Hij had me niet achter moeten laten, hij had voor me moeten vechten.
In die zes jaar heb ik hem niet één keer gezien en de kaartjes en cadeaus die hij stuurde zijn in de afvalcontainer beland.
Hij liet mij achter om de rotzooi die hij heeft gemaakt op te ruimen.
Mijn moeder heeft mij altijd de schuld gegeven en ze deed geen moeite om dat te verbergen.
Ik heb haar vaak genoeg betrapt op een blik vol teleurstelling wanneer ze dacht dat ik het niet zag.

Ik loop mijn slaapkamer in en sluit de deur met een harde knal.

Wat denkt hij wel niet? Dat hij na zes jaar de vaderrol weer kan spelen? Dat ik blij ben om weer in zijn leven te zijn? Hij is de reden dat ik een hekel heb aan alles en iedereen. Dankzij hem heb ik nooit vrienden gehad. Oké, dat was meer mijn eigen keuze. De keuze was wel makkelijk toen hij weg is gegaan.
Geen vrienden betekend geen teleurstelling, geen pijn en geen verdriet wanneer ze mijn leven zonder moeite verlaten.

Ik pak een van mijn favoriete boeken van de plank boven het bureau en ga op mijn bed zitten tegen de kussens aan. Ik begin het boek voor de zoveelste keer te lezen en voel hoe na enkele hoofdstukken mijn ogen dichtvallen.

———————

Het grommende geluid van mijn maag maken me wakker. Misschien had ik toch wat moeten eten?

De kamer is donker, hoe lang lag ik al te slapen?

Ik gooi mijn benen over de rand van het bed en met een zachte plof valt mijn boek op de grond.

Met mijn handpalmen wrijf ik even in mijn ogen en stap dan van het bed af. Ik pak mijn boek van de grond en leg die op mijn nachtkastje.

Als ik de deur van mijn slaapkamer open luister ik of ik geluiden hoor.
Het is stil, alles is donker. Ze liggen al te slapen.
Zo stil mogelijk loop ik over de grote overloop, richting de trap.
Zacht gezang neemt mijn aandacht en ik luister aandachtig bij de deur waar het geluid vandaan komt.
Hij heeft een mooie stem, dat kan ik niet ontkennen.
Na een paar tellen ben ik het al zat en loop ik langzaam de trap af.
Alles is donker en stil, het enige wat ik hoor is het getik van de grote klok in de hal.
Ik loop richting de keuken en hoor het gezoem van de koelkast al voor ik hem bereik.
Het licht in de koelkast doet zeer aan mijn ogen wanneer ik de deur open.
Mijn ogen scannen de inhoud en al snel zie ik een bord met lasagne.

'Honger?'

Ik slaak een gilletje en draai me met een ruk om naar het geluid.
Niall staat me grijnzend aan de staren vanaf de opening naar de eetkamer.
Hij leunt tegen de houten boog die de ruimte in tweeën deelt.

'Nee. Ik was gewoon nieuwsgierig naar hoe de koelkast er van binnen uitziet.' Mompel ik sarcastisch en kleine lach verlaat zijn mond.

Ik pak het bord uit de koelkast en zet hem neer op het grote kookeiland, waarna ik verschillende laatjes open opzoek naar bestek.

'Hoe veel laatjes heeft een mens nodig.' Mompel ik geïrriteerd.

Niall grinnikt nog een keer en loopt dan langs me naar de laatjes naast de gigantische gootsteen.
Zuchtend neem ik plaats op een van de krukken aan het kookeiland en kijk toe hoe Niall de la opentrekt en er een mes en vork uit haalt.

'Ik kan het voor je opwarmen?' Vraagt hij.

Koud is het ook wel lekker, maar warm lijkt me beter.
Ik knik en hij pakt het bord voor mijn neus weg en loopt richting de magnetron.

'Waarom ben jij nog wakker?' Vraag ik, het klinkt ongeïnteresseerd en dat ben ik ook, maar ik moet toch een praatje maken met de persoon die mijn eten opwarmt.

'Ik moest nog een rapport schrijven.' Zegt hij.

De magnetron maakt een pling geluid en hij opent het deurtje om het bord er uit te pakken.  Hij zet het weer voor mijn neus neer en loopt naar de kast om een glas te pakken.

'Ik heb nu al geen zin in school.'

Ik neem een hap van de lasagne en zucht tevreden als het eten mijn maag bereikt.

'Dat snap ik. Het is altijd spannend om naar een nieuwe school te gaan en nieuwe mensen te leren kennen.'

Ik grinnik en kijk toe hoe hij zijn glas met melk vult en er een slok van neemt, terwijl hij me vragend aan kijkt.

'Ik vind het niet spannend. Ik wil niks weten van de mensen op school.' Zeg ik schouderophalend.

Zijn wenkbrauwen schieten omhoog en wanneer zijn glas leeg is spoelt hij hem om en zet hem op het aanrecht.

'Dat klinkt eenzaam.' Zegt hij bedenkelijk.

Weer haal ik mijn schouders op en slik de laatste hap lasagne door.

'Ik ben niet eenzaam. Ik heb gewoon niks met mensen. Helemaal niet op school. Populaire sletten en achterbakse klootzakken. Ze kunnen me gestolen worden. Ik wil gewoon mijn diploma zodat ik naar de universiteit kan of terug naar Amerika.'

Niall is in lachen uitgebarsten door mijn taalgebruik en fronsend kijk ik de jongen verbaast aan. Wat is er zo grappig?

'Wat?' Vraag ik beledigd.

Ik stap van de kruk en loop naar de gootsteen om het bord en het bestek af te spoelen.

'Niks. Je bent grappig.'

'Nou, ik zou comedian moeten worden.'

Zijn schaterlach vult de grote ruimte.
Wat is er nou zo grappig?

'Het is dat je niks van de mensen wil weten, anders zou je perfect in mijn vrienden groep passen.'

Ik schud fronsend mijn hoofd en loop achter hem aan de keuken uit.

'Sorry, maar jouw vriendengroep interesseert me niet echt.'

Grinnikend loopt hij de trap op en ik volg hem naar boven.

'Zullen we morgen na de lunch de stad verkennen? Je houd niet van mensen, maar er is echt veel te zien.'

Niall kijkt me afwachtend aan vanaf zijn slaapkamer deur.
Eigenlijk heb ik er totaal geen zin in, maar dat liever dan tijd doorbrengen met mijn vader en zijn nieuwe, misselijkmakende, altijd vrolijke, vrouw.

'Prima.' Antwoord ik zuchtend en loop mijn slaapkamer in.

Nadat ik een douche heb genomen en mijn pyama, wat bestaat uit een Iron Maiden t-shirt en een zwarte hipster, heb aangetrokken. Poets ik mijn tanden en kruip ik onder de super zachte dekens van het bed.
Oké, ik haat het hier nu al. Maar dit bed en deze dekens zijn hemels.

Ik pak mijn boek van het nachtkastje en lees nog een paar hoofdstukken voor ik in slaap val.

————————

'Je kunt haar je favoriete boekenwinkel laten zien, en dat café waar je altijd met je vrienden zit. Misschien kun je haar aan ze voorstellen.'

Mary is druk tegen Niall aan het praten en even overweeg ik om me weer om te draaien en weer naar boven te lopen.

'Goede morgen.' Zegt Mary iets te enthousiast wanneer ik de keuken binnen loop.

Ze zitten met zijn drieën om de ontbijt tafel die gevuld is met mandjes brood, beleg, kannen met verse jus, een grote pot thee en een pot koffie.

'Morgen.' Mompel ik en neem plaats aan de tafel, twee stoelen verwijdert van Niall.

Mijn vader en Mary zitten tegenover ons. Mijn vader zit verdiept in zijn krant en Mary neemt af en toe een slokje van haar thee.

'Koffie of thee?' Vraagt ze.

'Koffie.'

Mijn stem klinkt schor van de slaap en wanneer Mary een grote kop koffie voor mijn neus neerzet neem ik gulzig een slok. 

'Dus. We gaan naar je favoriete boekenwinkel?' Vraag ik, proberend de nieuwsgierigheid in mijn stem te verbergen.

Boekenwinkels zijn een van de weinige winkels waar ik ik geïnteresseerd ben.

'Ja, als je dat leuk lijkt. Ik wilde je de parken laten zien en de café's. Misschien kunnen we langs de school rijden als er tijd voor is, dan weet je al vast waar die is.'

Ik knik instemmend, al kan het me geen reet schelen hoe die school er uit ziet of waar die staat. Ik wil graag uit dit huis voor Mary me strikt voor een theekransje of wat het dan ook is wat ze doet om de tijd door de komen.
Met mijn vader hoef ik ook geen gesprek aan te gaan, er komt niks goeds uit.
Behalve een klote stemming en irritatie dat ik graag binnenhoud.

'Oké, we vertrekken na de lunch.'

Hij staat op de tafel, geeft zijn moeder een kus op haar kruin, knikt een keer naar mijn vader en verlaat dan de ruimte.
Mij achterlatend met een ongemakkelijk gevoel en twee paar ogen die me nieuwsgierig aan kijken.

Grommend neem ik nog een slok van mijn koffie en pak ik een broodje uit één van de mandjes.
Mijn vader stopt zijn neus weer in zijn krant en Mary staart ongemakkelijk naar haar kop thee die tussen haar handen rust op de tafel.

Ik weet waar ze op hoopten. Dat ik hier zou komen, mijn vader zou vergeven en gezellig met ze zou zitten kletsen aan de ontbijttafel.
Dat zal niet gebeuren. Ik ben niet echt het type dat gezellig gaat zitten "kletsen". Het liefst heb ik de hele dag mijn oordopjes in, mijn boek in mijn handen en mijn hoofd gericht op het verhaal dat ik lees.
Ik kan nu al vertellen dat het twee lange jaren gaan worden voor ik naar de universiteit ga.

Er zijn nog geen reacties.


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen