Foto bij H16 - 22 okt.

"Jean-Olivander Servaas", vult hij aan en meteen leg ik een hand op mijn mond om niet te lachen. Jean-Olivander Servaas, Jos... Ik schiet in de lach en Jos draait zich boos om: "Ik ga je hersenen zoeken en er een stomp tegen geven."

Alaïs Spiorad pov. (22 oktober)

"Waarom vraag je dat? Alaïs, je gaat hem toch niet opzoeken hé", zegt Edward via de telefoon en ik grinnik terwijl mijn hart snel klopt.
"Natuurlijk ga ik hem opzoeken."
"Alaïs... weet je nog wat er de vorige keer was gebeurd?" Ik draai de foto tussen mijn vingers en zucht.
"Je hebt hem toen behoorlijk kwaad gemaakt", zegt Edward en hij slaakt een oorverdovende zucht.
"Ik kan je waarschijnlijk niet ompraten om niet naar Garrett te gaan?"
"Je kent me toch zo goed, Edward", zeg ik en stop de oude foto van mijn vader in mijn jaszak.
"Ik moet nu gaan, ik zie je wel weer op school", zeg ik en leg af. Ik open mijn autodeur en stap in. Ik draai de sleutels om in het slot en de motor komt ronkend tot leven. Ik check het uur nog eens voordat ik de weg oprijd. 23.00 Volgens Edward zou Garrett altijd in hetzelfde café zitten en blijft hij daar tot het café sluit. Ik zucht en probeer me te focussen op de donkere weg voor me, maar mijn gedachten dwalen af. Garrett. Mijn vader. Ik schud ongelovig mijn hoofd. Hoe is het toch zo ver kunnen komen? Maar goed, het is tijd om hem ermee te confronteren.

Ik parkeer de auto op de voorziene parking voor het café.
"Oké, kom. Laten we eens naar het spektakel daarbinnen eens gaan kijken, ik heb wel zin in een goeie pint, want ik ben die Engelse thee beu", hoor ik de Wight naast me zeggen en ik zucht geërgerd, niet meer verbaasd dat hij is meegekomen. Ik klop met mijn hoofd tegen het stuur: "Waarom geraak ik niet van je af." Hij snuift beledigd en stapt uit. Ik slaak nog eens een overdreven zucht en stap nu ook uit. Ik berg de autosleutels op in mijn jaszak. Terwijl ik over het korte grindpad stap om naar het café te gaan, merk ik een bekende motor naast het padje op. Jacob. Naast zijn motor staan er nog twee motors van een zwaar kaliber.
"Mens, kom je nog of zie je je hersenen ergens liggen", zegt Jos en ik geef hem een por tussen zijn ribben als ik voorbij hem in het café stap.

Een drukke, maar gezellige sfeer heerst in het café en ik kijk rond terwijl ik de omgeving in me opneem. Aan alle ramen staan grote tonnen waar mensen rond staan te praten met een glas alcohol in hun handen. Rechts tegen de stenen muur staat een lange bar waar men de alcohol serveert en daar zie ik hem. Voorovergebogen op een barkruk met een klein shot glaasje en daarnaast een fles whisky. Oké, hier heb je lang op gewacht en nu is de kans er om eindelijk je vader te zien waarover je veel verhalen hebt gehoord. Een man van wie je de gave hebt gekregen om monsters en demonen te zien. Een man die je heeft achtergelaten. Nu is het tijd om hem te vragen waarom hij het deed en hoe zijn verleden eruit zag. Het is tijd om met mijn held te spreken.
"Alaïs!" Als een bij gestoken draai ik me om en Jacob trekt me onmiddellijk in een omhelzing.
"Jacob, wat doe je hier?" vraag ik en hij laat me los, maar zijn handen blijven op mijn heupen rusten.
"Dat kan ik ook aan jou vragen. Maar ik ben hier mijn vrienden." Hij gebaart naar een tafeltje helemaal in de hoek waar twee jongens met lange zwarte haren zitten.
"Kom je bij ons zitten?" Ik kijk achter mij en zie tot mijn opluchting dat Garrett er nog zit.
"Ben je... met iemand gekomen?"
"Jacob, ik moet nog even iets afhandelen. Ik zie je nog wel eens", zeg ik en draai me om. Mijn hart klopt in mijn keel, maar desalniettemin ga ik in rechte lijn op Garrett af. Zonder iets te zeggen zet ik me naast hem op een lege barkruk. Ik slik nog een keer en enkele minuten verstrijken in stilte. Uiteindelijk raap ik al mijn moed bij elkaar en schuif zijn foto van het fotoboek over de toonbank naar hem toe. Hij werpt er een korte blik op, voor hij zijn laatste whisky achterover kapt en het glaasje met een klap neerzet.
"Je stinkt naar hond", zegt hij en legt een briefje van 20 pond naast het glaasje.
"Garrett", begin ik en voel een rare smaak in mijn mond bij de eerste keer van het uitspreken van zijn naam. Hij staat recht. Ik sta ook meteen recht en blokkeer zijn weg naar de uitgang. "Ben je mijn vader", zeg ik en pak de foto terug en hou die voor zijn neus.
"Dit ben jij, Garrett. Dit heb ik gevonden in een familie fotoboek. Ben jij mijn vader", vraag ik nog eens met trillende stem en hij kijkt over mijn schouder. Hij geeft een korte knik: "Jos." Ik kijk geschokt achter mij en zie de Wight achter me staan.
"Garrett", zegt hij en geeft hem een formeel knikje. Ik draai me weer om naar mijn vader.
"Jij kunt ze ook zien. Jij kunt geesten zien, net zoals de monsters en demonen", zeg ik en glimlach terwijl een traan over mijn wang glijd.
"Jij bent mijn vader" Garrett kijkt me nu recht aan : "Alaïs" Hij knikt alsof ik een vreemde ben en stormt dan weg en botst bruusk met zijn schouder tegen de mijne. Geschokt blijf ik staan. Ik draai me met een ruk om en ik zie hem de deur van het café opendoen.
"Garrett!" De Wight knijpt pijnlijk in mijn bovenarm voor ik mijn vader kan volgen. Ik kijk de Wight aan en ruk mijn arm los.
"Jij. Jij wist het al de hele tijd", sis ik en kijk hem verafschuwd aan.
"Tuurlijk wist ik het mens, ik weet alles."
"En toch heb je niets tegen me gezegd."
"Jullie mogen onder geen enkele reden weer herenigd worden!" roept hij en ik doe geschokt een stap achteruit.
"Dat is nu juist mijn taak. Jullie mogen elkaar niet meer zien, snap dat dan!"
"Leugenaar!" schreeuw ik en iedereen in het café kijkt me nu aan, maar ik negeer ze.
"Jij weet hoe graag ik mijn vader terug wil hebben, hoe graag is zelfs een vader wil hebben. En toch besluit je om egoïstisch te zijn en het voor jezelf te houden! Ik ga mijn vader zoeken en jij kan me niet tegenhouden."
"Je gaat te ver, Alaïs. Ik wil je geen pijn doen, maar je vraagt erom! Je laat me gewoon geen andere keus, Alaïs. Ik begon je leuk te vinden, maar dit mag en kan ik niet toelaten, het spijt me hiervoor", zegt de Wight en plotseling voel ik een drukte op me.
"Ik zal je wat tijd geven om hierover na te denken, maar als je weigert om achter mijn beslissing te staan, dan zal je afscheid moeten nemen", hoor ik de geest zeggen, maar zijn stem lijkt wel van mijlenver te komen. Voor ik het besef, land ik met een doffe klap op de grond en wordt alles zwart.

You made me do it - Tommee Profit (feat. Ruby Amanfu)

Reacties (1)

  • Allmilla

    Ehm... wat heeft de Wight nu gedaan?:S

    1 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen