Langzaam open ik mijn ogen. Mijn lichaam voelt stijf en zwak aan. Waar ben ik? Hoe laat is het? Ik draai mijn gezicht naar links en ik merk dat ik op de bank in de woonkamer in slaap ben gevallen. Buiten schemert het, maar het is nog niet geheel donker. De televisie staat zacht aan, een reclameblok is bezig. Een stelletje deelt een ijsje en lacht vrolijk in de camera. Ik kom overeind en voel me vermoeid. Die examens hebben er wel bij mij ingehakt. Niet alleen de examens... Meteen bij het zien van de commercial met het ijs etende stelletje voel ik een vlaag van verdriet in me opkomen. Hoe zou het nu met Jake zijn? Denkt hij aan mij en mist hij mij net zo erg als ik hem? Wat zou hij nu aan het doen zijn? Is hij ook verdrietig? Ik sla mijn ogen neer en zucht. Waarschijnlijk kom ik daar niet achter. Erik zal inmiddels wel aan Sebastiaan hebben doorgegeven dat ik niet meer met Jake ben. Hopelijk laat hij mij vanaf dan met rust. Hoewel alles hopeloos is. Wat stelt mijn leven nog voor zonder Jake? Niets voelt goed en ik heb nergens zin in. Is dit nu liefdesverdriet? Nooit eerder heb ik deze gevoelens gehad. Nooit eerder voelde het alsof er duizend messen door mijn hart sneden, alsof ik alleen op de wereld ben. Net of de wereld voor altijd schemerig blijft en niet meer licht zal worden... Ik voel tranen over mijn wangen rollen. Ruw veeg ik ze weg en sta ik op. Ik zet de televisie uit en loop richting de keuken om wat eten te pakken. Ik zie dat Juultje een stoofpot heeft klaarstaan met allerlei heerlijke groenten erin. Wat een lieve vrouw is ze toch. Ze hoeft helemaal niet te koken, maar toch doet ze dat altijd omdat zij precies weet wat Viviënne wel en niet graag lust. Ik schep wat stoofpot op een groot bord en zet het in de magnetron. Wat nou als ik Jake nooit meer zie? De examens zijn voorbij en ik krijg dus ook geen les meer van hem. Weer kan ik mijn tranen niet bedwingen. Een luide snik ontsnapt uit mijn mond en ik zak door mijn knieën op de grond. Waarom doet Sebastiaan ons dit aan. Ik heb nooit één signaal van hem opvangen dat hij verliefd op mij zou zijn. Nooit heb ik naar hem gekeken op deze manier. Hij had toch eerlijk tegen me kunnen zijn? We kennen elkaar al zo lang... Waarom Sebastiaan? Net als ik wil opstaan, stopt de magnetron met verwarmen. Verbaasd kijk ik ernaar. Hij zou toch niet kapot zijn? Ik had de magnetron op drie minuten ingesteld, maar die zijn nog niet om. Ik druk op de knop om hem weer aan te krijgen, maar de magnetron reageert niet.
'Shit.' mompel ik.
Boos open ik het deurtje en proef ik een hapje van de stoofpot. Nog koud... Ik sla boos de deur van de magnetron dicht. Op hetzelfde moment valt het licht in de keuken uit.
'Fijn! Dat ook nog.' zeg ik boos. 'Ik heb al een kut avond, maar geen licht en elektriciteit kan er ook nog wel bij!'
Ik zet mijn bord stoofpot op het aanrecht en loop onze lange hal door. Daar neem ik de trap naar de kelder om in de meterkast te kijken. Misschien is er wel een stop gesprongen. Ik zie niks, het is pikkedonker. Ik pak mijn telefoon en zet de zaklamp functie aan. Veel beter. Had ik nu ook maar meer verstand van stoppen. Het is slechts één keer eerder voorgekomen dat de stroom eraf lag, maar toen heeft personeel het opgelost. Momenteel is er geen personeel, omdat mijn ouders op vakantie zijn. Ik probeer te ontdekken of ik iets abnormaals zie. Alle stoppen lijken gewoon nog prima te werken. Opeens hoor ik een harde knal achter mij. Van schik laat ik mijn telefoon vallen. De deur van de kelder is dichtgevallen. Ik hoor voetstappen op de trap.
'Viv!' roep ik. 'Ben jij dat?'
Geen antwoord.
'Viviënne? Ik ben beneden! Wees maar niet bang. Het licht gaat zo aan.' Ik probeer te horen of mijn zusje hier is, maar er is geen geluid.
Ik raap mijn telefoon van de grond en zie dat het scherm gebarsten is. Ik vloek van binnen. Laat maar. Ik ga wel gewoon slapen. Ik heb hier toch geen verstand van. Net als ik richting de deur van de kelder wil lopen, zie ik door het licht van mijn zaklamp een zwarte gedaante staan. Weer laat ik mijn telefoon vallen. Ik gil het uit van angst. Hoe komt hij hier?
'Hou je bek, niet gillen. Anders volgen er nare consequenties.' hoor ik een stem onder de bivakmuts zeggen.
'Wie ben jij?' vraag ik bang. 'Wat wil je van me?'
'Van jou helemaal niks...' zegt de zwarte gedaante. 'Sterker nog, ik wil dat je me met rust laat.'
'Natuurlijk! Ik... Ik...' Even kom ik niet meer uit mijn woorden. Ik begrijp het niet. Met rust laten? Heb ik iemand lastig gevallen? Word ik gestalkt en lastiggevallen omdat ik iemand pijn doe?
'Wat bedoel je?' vraag ik zacht.
'Jij verpest altijd alles voor mij. Jij maakt mijn leven tot een hel. Door jou kan ik niet krijgen wat ik het allerliefste wil.' zegt de gedaante woedend. 'Het perfecte meisje met de perfecte vriendinnen, de hoogste cijfers, de rijkste ouders, lof van de leraren... En dan ook nog één leraar in het bijzonder...'
Jake schiet meteen door mijn gedachten. De gedaante weet het. Hij weet van mij en Jake. De enige die daar vanaf weet is Sebastiaan. Ik dacht dat hij me nu wel met rust zou laten...
'Sebastiaan, alsjeblieft! Het is uit met Jake! Ik zweer het. We hebben er een punt achter gezet. Laat me alsjeblieft met rust.' zeg ik, terwijl er tranen over mijn wangen rollen. 'Echt waar. Laat me alsjeblieft met rust. Ik snap het niet. We zijn altijd zulke goede vrienden geweest. Je bent als een broer voor mij... Waarom doe je dit.'
De gedaante lacht opeens heel hard. Ik schrik ervan. Meteen concludeer ik aan het geluid van de lach dat dit niet Sebastiaan is. Dat kan niet zo zijn...
'Domme slet... Denk je nu nog steeds dat ik Sebastiaan ben. Dat was in eerste instantie wel de bedoeling, maar aangezien je toch niet lang meer zult leven, kunnen we wel ophouden met die schijnvertoning.' lacht de gedaante hard.
'Wacht eens even... dus...' Mijn mond valt open. Ik voel steken in mijn buik van schuld, angst en ellende. 'Sebastiaan is niet mijn stalker...'
'Nee dom wicht. Dat ben ik.' roept de gedaante kwaad.
'Niemand wist van mij en Jake, alleen Sebastiaan!' roep ik. 'Hoe kan jij weten van mij en Jake?'
'Omdat jullie niet voorzichtig genoeg waren.' zegt de gedaante nonchalant. 'Omdat ik al vanaf het begin weet dat je achter hem aanzat. Eerst zag ik jullie praten en lachen. Leraren en leerlingen lachen niet zo naar elkaar. Sindsdien heb ik iemand erop gezet om je te volgen. Waar je ook gaat...'
'Maar...' Weer weet ik niet de juiste woorden te vinden. Ik snap het niet. Al die tijd dacht ik dat Sebastiaan mij bedreigde. Hoe kon ik nou zo stom zijn? Hij had me nog gewaarschuwd. Hij zei nog dat de stalker vrij rondloopt en dat hij het niet was. Hoe kon ik hem nou niet geloven? Waarom?
'Waarom kan jij Jake krijgen? Je bent helemaal niet aantrekkelijk of knap. Je bent niet extreem goed in Engels. Je bent gewoon een lelijke, grijze, zielige muis. Heb je hem omgekocht met je kapitaal? Of hang je zielige verhalen op over dat pappie en mammie nooit thuis zijn? Dat je met gedrochten als Nanouk moet omgaan? Wat heb jij wat ik niet heb?' vraagt de gedaante kwaad.
'Wacht eens even...' zeg ik hardop. Ik realiseer me opeens iets. Al die tijd... Heel de tijd was ik op een verkeerd spoor gezet. Nu ik goed naar de stem van de gedaante luister, weet ik meteen wie mij al die maanden heeft bedreigd.... Hoe kon ik zo dom zijn om te denken dat het Sebastiaan was als het...
'Weet je het nu eindelijk?' vraagt de gedaante geïrriteerd.
'Olivia.'

Reacties (1)

  • Luckey

    Oh god toch wel
    Klote kind dat ze is

    1 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen