POV Evermoed:

Ik schrik op van een gebons op de deur van de schuur en open geschrokken mijn ogen. Karel, mijn koe, begint te loeien en ik zucht geërgerd.
'Moet dat nou echt Karel?' murmel ik en ik sta op.
Ik open de deur en kijk in de bruine ogen van Mabelia. Ze heeft lange, blonde haren die steil omlaag hangen en draagt oude kleren, net zoals de meesten. Haar jurk is kort en is roze met meerdere lapjes vanwege de gaten erin. Sommige lapjes zijn donkerder of lichter. Ze draagt geen schoenen, net als iedereen, alleen zij is veel meer van het uiterlijk. Ze is zelf de dochter van een muzikant, maar toch is ze, ondanks dat ik het niet hoor te zeggen, een hoer. Alhoewel, zo gedraagt ze zich.
'Hey Evertje,' zegt ze flirterig. 'Hoe gaat het ermee?'
Ze loopt naar binnen en begint al een vies geluidje te maken van Karel, maar ik ga er niet op in.
'Waar is je vader?' vraagt Maurits, de vijand van Mabelia, terwijl hij binnenkomt. Maurits is de zoon van een smid, alleen ik zie hem niet bepaald een zwaard creëren. Hij heeft oceaanblauwe ogen en zwart, gekruld haar. Hij heeft een donkere broek die iets kapotter is dan Mabelia's jurk. Alleen heeft hij geen lappen. Wel op zijn shirt, wat beige is en dus veel meer lappen heeft van verschillende kleuren. Zelf is hij humoristisch en hij let niet bepaald goed op meestal.
Als antwoord haal ik mijn schouders op, maar al gauw kan ik het antwoord raden.
'Waarschijnlijk ergens het graan aan het zaaien of zo. Hoezo?'
Maurits wil graag antwoorden, maar Mabelia staat dat niet toe en vraagt me iets anders.
'Hoe is het om een horige te zijn?'
Maurits kijkt haar woedend aan en gromt even. Ik heb geen idee waarom ze elkaar zo haten, maar ze doen het in ieder geval en dat is geen geheim, voor niemand.
'Ik ga die vraag niet nog eens beantwoorden.' zucht ik. Ze weet dat ik het niet leuk vind dat te horen. Ik noem mezelf liever gewoon een boer, het is gewoon niet leuk te horen dat je voor iemand moet werken in plaats van gewoon voor jezelf. Ik richt mijn blik op het kasteel die tegen de horizon is getekend. Daar woont degene waar ik afhankelijk van ben. De koningin. Maar ik haat haar. Wonend in zo'n luxueus paleis, met dienaren en niet te hoeven werken? Ongelofelijk dat ze maar gewoon doet alsof ze een zwaar leven heeft.

POV Anna:

Zuchtend loop ik door het bos aan de rand van de burcht. Mijn vader heeft me geadviseerd even rust te nemen terwijl mijn broer, Maurits, Evermoed zou gaan bezoeken. Stiekem vind ik Evermoed wel leuk, maar ik weet dat die gevoelens niet wederzijds zullen zijn aangezien hij overduidelijk niet op mij valt. Om mijn hoofd leeg te maken, besloot ik papa's advies dus te gebruiken en nu even een wandeling te maken.
'Hey Anna!'
Ik schrik op als ik Storms stem hoor en draai me geschrokken om.
'Wat doe jij hier?!' vraag ik geschokt en hij glimlacht. Storm is de zoon van een schildknaap en is een van de verlegen personen van ons. Normaal praat hij niet graag als eerste en zegt hij enkel iets als het hem gevraagd wordt, maar wij zijn erg close geworden en dus is dit geen probleem meer. Hij heeft bruin haar en groene ogen en draagt witachtige kleding. De enige kleding die geen lappen heeft en geen gaten. Ook is hij de slimste van ons groepje en de meest wijze.
'Ik was gewoon even uit op wat frisse lucht,' antwoordt hij. 'Althans dat ik dat altijd wel heb, maar gewoon even vrij van mijn vervelende vader. Waarom moeten we zo nodig onze ouders beroep op volgens?!'
Hij zucht en ik knik. 'Ik begrijp wat je bedoelt, smid zijn is wel iets wat ik goed kan, maar Maurits heeft er volgens mij niet echt het geduld voor en het gevoel.'
Storm grinnikt. 'Misschien zouden we eens weg moeten gaan van hier, denk je ook niet?'
Ik knik, wetend dat hij gelijk heeft. 'Maar wanneer? En hoe?'
Hij haalt zijn schouders op. 'Gewoon weglopen met z'n allen, zien we later wel wat we echt zullen doen.'
'Laten we het de anderen gaan voorstellen.'

POV Mabelia:

Iedereen is er: Storm, Anna, Maurits, Evermoed en uiteraard ik ook. Even kijk ik naar Anna, wie altijd doet alsof ze de baas is of zoiets. Ze heeft lange zwarte haren en blauwe ogen. Net zoals iedereen draagt ze oude, kapotte kleren maar ze is ook de dochter van een smid. Om precies te zijn, is de ook nog eens de zus van Maurits. Dan richt ik mijn blik op Evermoed, de knapste van on allen. Hij heeft bruin haar en donkere ogen om in te verdrinken. Even glimlach ik naar hem en knipper flirterig met mijn ogen, maar hij reageert er niet op en kijkt weg. Stiekem houdt hij van me, net als ik van hem houd.
'Oké guys,' zegt Anna uiteindelijk. 'Storm en ik hebben besloten dat we willen vertrekken, weg van hier. Een vrij leven leven. Wat denken jullie?'
Iedereen schrikt, behalve zij en Storm zelf. Willen ze hier echt weg? Maar dit is ons thuis!

Er zijn nog geen reacties.


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen