A/N Hier nog een speciaal hoofdstuk dat ook een beetje het vervolg is van deel 2! Veel leesplezier!

Crystal pov.
We kloppen op de deur en een oude man doet open. Hij laat ons op de bank zitten en belt wat mensen. Al snel daarna stapt een dunne oudere vrouw binnen. Ze straalt wijsheid uit en haar zilveren haar glanst. 'Jullie hebben geen geluk gehad kinderen, ontvoerd door een duistere, daarvoor weeskinderen. We zullen deze ervaring uit jullie geheugen wissen. Alles wat jullie hebben geleerd moeten jullie vergeten. We zullen jullie voor je eigen veiligheid in een weeshuis in de moderne tijd plaatsen. Jullie zullen niet beter weten dan dat jullie daar wonen en in een pleegezin terecht komen of worden geadopteerd.’ We knikken en er volgt een flits.

─────────────────────────────
꧁🕰꧂ ꧁🕰꧂꧁🕰꧂

─────────────────────────────

Maanden later….

Ik zit ineengedoken onder de tafel en hoor mijn broer gillen. Onze ouders gebruiken hem als boksbal en mij als huisslaaf. Ik krijg klappen als ik iets niet goed doe, hij krijgt altijd klappen. We zijn al een paar keer weggelopen, maar onze ouders weten ons steeds weer te vinden. Op straat krijgen we tenminste geen klappen en krijgen af en toe eten van mensen die medelijden hebben. Hier krijgen we misschien een keer per week wat beschimmeld brood.

Opeens word ik bij mijn enkel gegrepen. Mijn moeder geeft me een harde klap in mijn gezicht en trapt met haar schoen op mijn gezicht in. Een van mijn melktanden valt op de grond.
'Aan het werk luiwicht. Schoonmaken en koken. Daarna afwassen en onze was. Als je klaar bent mag je die waardeloze broer van je van de grondhalen en zijn bloed opruimen.’ Ik knik huilend en ga aan de slag. Een van mijn vaders vrienden komt nu naar me toe. Hij grijpt mijn pols en houd het bij het vuur.
'Waar is mijn eten? Snel of ik maak je af.’ Ik gil het uit van de pijn en er volgt een lichtflits. De man licht op de grond en het vuur is uit. Ik zie nog een flits en mijn broer strompelt de keuken in. Ik maak zijn enkel los en hij de mijne waarna we de kettingen weggooien en ik hem naar buiten help.

Mijn broer stort neer in de sneeuw als we net van het terrein af zijn en ik ril. We hebben niet meer als ondergoed aan en de bewoonde wereld is nog veel te ver. Chris haalt dat nooit, maar terug gaan word onze dood. Ik besluit het op te geven. Ik vries liever dood dan nog meer pijn te ondergaan. Er is geen hoop voor ons en ik laat hem niet achter. Ik pak zijn hand en ga naast hem in sneeuw liggen.

Net als ik ook het bewustzijn dreig te verliezen verschijnt er een man voor ons met witte vlindervleugels en een wit gewaad aan. Hij pak onze handen en opeens zijn we op een andere plek. Het is er warm en rustig. We worden beide door de man in bed gelegd en onder gestopt. Ik ben te moe om iets te vragen en zak al snel weg door slaap te kort.

─────────────────────────────
꧁🕰꧂ ꧁🕰꧂꧁🕰꧂

─────────────────────────────


Als ik weer wakker word staan er een man en een vrouw voor me. Chris slaapt nog. Ik bekijk mezelf nu goed. Alle littekens en wonden zijn weg. ‘Wie zijn jullie en waar zijn we?’ Ze glimlachen.
‘We zijn de beschermers van het licht. Jullie twee hebben lichtkrachten. Die flitsen die jullie zagen waren de eerste openbaring en de reden dat we jullie vonden. Omdat lichtfeeën zijn uitgestorven en omdat licht en duister in balans moet zijn jullie ontstaan. De lichtkinderen en nieuwe bewoners van het lichtrijk. Jullie zijn misschien niet zo sterk als lichtfeeën, maar er zullen er hopelijk wel veel komen. Wij zijn er om jullie te vinden, te onderwijzen en jullie licht te beschermen.’ Ik slik.
‘U kan ons niet beschermen, we moeten zo ver weg van huis als mogelijk is. Ze zullen ons vinden en pijn doen, net als iedereen die ons helpt.’ De vrouw knielt bij me neer.
‘Lieverd, we zijn geen mensen zoals jij en je bent niet meer op aarde. Je ouders kunnen hier niet komen, alleen mensen zoals jij, de beschermers en afstammelingen van lichtfeeën, mochten die er nog zijn, kunnen hier komen. Je bent hier veilig, je krijgt genoeg te eten, kleren, een opleiding en verzorging. We zullen jullie algemene dingen leren, maar ook hoe je met je krachten om gaat. Tot nu toe zijn jullie nog maar met tienen maar elk jaar worden er meer lichtkinderen geboren. Neem nu maar je rust, we kunnen lichamelijk letsel genezen, maar je innerlijke pijn en vermoeidheid kunnen we je niet mee helpen. Niet met onze krachten tenminste, we kunnen jullie wel laten rusten en helpen je trauma te verwerken. Ik knik en sluit mijn ogen weer.

Een jaar gaat voorbij Chris en ik vieren vandaag onze negende verjaardag en een jaar van vrijheid. De dag dat de beschermers ons vonden waren we eigenlijk ook jarig. Niet dat dat ooit werd gevierd, het werd juist bestraft. We hadden nooit geboren mogen worden. Hier is dat wel anders. We zijn dan wel een van oudste, maar iedereen is heel aardig. De beschermers helpen ons met ons trauma omgaan en echt leren leven. We genieten van de lessen en onze krachten. Melonie en Jasper, de beschermer die ons vond en zijn zus voelen als echte ouders. Ouders die we nooit hebben gehad. Ze zorgen voor ons, laten ons kind zijn, geven lekker eten en genoeg om te doen. Ook laten ze ons kleine stukjes van de wereld zien. Om te laten zien dat de aarde meer is dan alleen ellende. Nu zijn die uitstapjes nooit langer dan een uur, eigenlijk mogen we het lichtrijk niet uit, maar Chris en ik kijken er altijd erg naar uit. We mogen ook altijd een kleine souvenir meenemen. Chris pakt meestal een boek en ik een sneeuwbol, muziekdoos of beeldje.

We genoten in het bijzonder van ons laatste uitstapje naar het bos. Chris en ik namen allebei een blad mee terug en wat foto’s van de natuur en dieren. Dieren hebben we helaas niet in het lichtrijk, ze waren er vroeger wel, maar die zijn samen met de lichtfeeën uitgestorven. Stiekem hoop ik dat ze net als wij minder sterk terug komen. Chris en ik zijn altijd dol geweest op dieren. Die kan je meer vertrouwen dan de meeste mensen.

Opeens komt Jasper onze kamer in. 'We gaan terug naar het bos.’ Ik spring meteen op van blijdschap, Chris doet hetzelfde. We pakken zijn hand en midden in het bos, vast gemaakt aan een boom zit een kleine puppy. ‘Deze heeft niet lang meer. We nemen hem mee. Ze hebben hem achtergelaten omdat hij anders is. Het is geen lichtdier, maar honden leven niet zo lang en ik heb overlegd. Een hond mocht wel. We hopen dat dit jullie herstel kon bevorderen.’ Ik maak de riem los en pak de puppy op. Zijn roze oogjes kijken me verdrietig aan en zijn witte vacht zit onder het vuil.
‘Light.’ zegt Chris nu en ik knik instemmend. We pakken Jaspers hand en thuis geven we Light meteen eten en water waar hij op aanvalt. Daarna krijgt hij een goed bad. Zijn krulstaart en glanzende witte vacht zijn echt prachtig. Bovendien snapt hij het, hij weet hoe het is om ongewenst te zijn.

Reacties (1)

  • Girlicious

    Gatver wat zijn ze in een rot gezin terecht gekomen in het begin
    Gelukkig is het daarna weer wat beter geworden, veel beter
    Ik haat mensen die andere mensen misbruiken of mishandelen..
    En Light klinkt echt heel leuk!

    2 maanden geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen