Czabock keek met een glimlach naar D’agon, Kevalth was eerder verward, er was iets wat compleet niet klopte, zag Czabock dat niet in? Op dit moment stond Kevalth nog op een afstandje, en zette een paar stappen dichterbij om contact te kunnen maken met Czabock.
“Czabock…?” Czabock keek kort op naar zijn broertje met een vragende blik.
“Heb je het niet door?” Hij keek zijn broer aan met een felle blik, hij moest door deze bubbel heen prikken. “Hij ademt niet, merk je dat niet?” Czabock schudde meteen zijn kop, natuurlijk ademde hij, want hij leeft. Hij is wakker, hij lachte zelfs!
“Ik kan je met zekerheid zeggen dat ik leef, Czabock.” D’agon glimlachte even, en stond toen voorzichtig op, door deze plotse beweging zette Kevalth weer een paar stappen achteruit. Hij begon angstig te worden wat precies voor hem stond. Was hij dan fout? Ademde hij dan toch?
“Ja, Kevalth, het gaat eindelijk weer wat beter met hem.” Kevalth schudde zijn kop, het kon niet zo zijn. Hij vond ze maar vreemd reageren en nam maar afstand van ze. Czabock keek zijn broertje nog na tot hij ver genoeg leek te zijn om geen contact meer te hebben, toen keek hij weer terug naar D’agon.
“Alles goed?” D’agon knikte, en keek naar een van zijn poten.
“Ik voel geen pijn meer.” Czabock begon weer een glimlach te tonen en knikte toen.
“Dat is goed nieuws!”
“Zeker weten?” D’agon probeerde zijn poot op te tillen, nu de zon op zijn poot gereflecteerd wordt, leek het niet op een poot met schubben. Wat het wel was, wisten ze niet.
Ondertussen kwamen de honden thuis en zagen Kevalth ze voorbij lopen het bos in en keken hem kort na.
“Alles goed?” vroeg Qyma nog, maar Kevalth reageerde er niet op, en keken toen naar Czabock en D’agon.
Ze wandelde op ze af en keken D’agon met een scheef koppie aan.
“Je geur verdwijnt,” zei Noë als opmerking.
“Mijn geur?” D’agon keek naar beneden, naar het hondje dat tegen hem sprak, maar hij snapte niet precies wat ze probeerde te zeggen.
“Ik ben dood aan het gaan?” Nadat D’agon dat zei, schudde de hondjes beide hun koppen.
“Dood heeft een geur op zichzelf, jouw geur verdwijnt gewoon, alsof je niet echt bent. Of niet leeft.”
“Dus, dood.” Zijn blik sloeg over tot ergernis, maar de honden schudden hun kop weer.
“Niet dood, gewoon niet levend. Niets dus.” Czabock keek op van dat woord, ‘niets’. Dat is wat zijn magie technisch ook telkens zei.
“Misschien heb ik niet gefaald, ik bedoel, ik wist dat er niets te vinden was, maar je veranderd in dat ‘niets’. Iets veranderd je, tot je niet meer leeft, maar ook niet dood.”
Opeens kwam Za’afiel naar ze toe lopen, blijkbaar had het gesprek toch enig interesse in hem op gewakkerd en keek D’agon aandachtig aan.
“Het lijkt alsof je gemaakt bent door die mensen.” D’agon keek hem vreemd aan, ook omdat hij nu pas interesse in hem leek te hebben.
“Mensen zijn al jaren lang uitgeroeid, mede dankzij jouw hulp, als ik mij niet vergist. Za’afiel de doodsbrenger, dat is hoe jij wordt genoemd.” D’agon leek eerder boos op het moment, Za’afiel moest alleen maar glimlachen.
“Za’afiel de doodsbrenger, klinkt wel lekker, vind je niet?” Hij had een lichtelijke grijns op zijn gezicht.
“Hoorde je mij wel?” D’agon maakte een blik dat leek zorgen te maken over hem.
“Luister jij eens naar mij, ik heb zoiets wel eens eerder gezien.” Za’afiel tikte tegen zijn zij aan wat een vreemd hard geluid maakte, duidelijk niet organisch. “De mensen noemde het robots, ieder geval, zolang je kan blijven bewegen. Zo niet, dan noem ik je wel een broodrooster.” Za’afiel wist duidelijk af van de moderne tijdperk waar de mens in had bevonden, D’agon was er niet geamuseerd door, ieder geval.
“Leugens,” was alles wat hij tegen Za’afiel wilde zeggen.
“Wat jij wil, dit was dus de laatste keer dat ik jouw heb geholpen, stuk blik. Ik kan niet wachten tot ik het eind resultaat mag zien.” Opnieuw had Za’afiel die grijns op zijn gezicht, zijn brede grijns. Het feit dat hij zo’n blik kon trekken waarbij bijna al zijn tanden kon gezien worden, maakte het al beangstigend genoeg, daarbij zijn fel diep blauwe ogen leken bijna licht te geven. Dat hele aanzicht was maar moeilijk uit je kop te krijgen. De honden waren daar ieder geval mee eens, hun staarten hingen zo laag als die staarten maar konden hangen, en het was ook een flink tijdje stil nadat Za’afiel terug liep naar zijn plekje.
Na een tijdje keek D’agon voorzichtig richting Czabock die de enge blik ook moest aanschouwen, aangezien hij aan de andere kant van D’agon stond.
“Alles goed, Czabock?” Czabock knikte heel rustig op en neer, voor hij eindelijk oogcontact met D’agon kon maken.
“Een… robot dus,” zei Czabock toen, die kort naar D’agon’s poot keek. En D’agon knikte rustig.
“Ik heb wel eens dingen erover gehoord, maar nog nooit gezien, ik probeerde altijd uit de weg te leven van de mensheid, naar mijn idee is het een verschrikking dat zo’n machtig groep wezens uitgeroeid is in een paar decennia.” Het onderwerp liep over naar wat er gebeurd was met de mensheid, maar D’agon wist er niet veel over.
“Het enige wat ik echt weet, is dat een duistere draak, genaamd Za’afiel, de leiding had over een elite groep draken die de meeste mensen in koelbloedige wijzen hadden vermoord, mogelijk miljarden alleen maar door zo’n kleine groep. Ik wil hem niet boos maken, ik denk dat het beter is dat niemand hem boos zou maken.” D’agon keek even weg, de gedachte hiervan beviel hem zwaar. Hij zakte voorzichtig door zijn poten om weer terug te liggen op zijn buik.
“Je kent Za’afiel beter dan je zegt, is het niet?” Czabock stem klonk zorgelijk. Hij zag dat D’agon ergens onder leed, en zijn gedachtes werden bevestigd wanneer D’agon op zijn vraag ja knikte.
“Za’afiel is niet alleen voor de mensheid verschrikkelijk, hij denkt dat hij de god is van deze wereld, en heeft daarbij heel veel families het leven gekost. Zoveel wezens zijn verloren, alleen door zijn haat.” Czabock keek weg van D’agon, hij probeerde na te denken over de mogelijkheden wat Za’afiel zo duister had gemaakt, maar hij wist niets over zijn vader. Za’afiel vertelde hen nooit wat, zelfs niet over hun eigen moeder. Ze wisten dus ook maar weinig over haar.

Er zijn nog geen reacties.


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen