Foto bij Anger -69



Oké, dat gaat dus niet werken.
      Even houd ik mijn pas in, en laat ik de groene rugzak van mijn schouders af glijden. Rustig hurk ik tussen het hoge groen, zodat eventuele andere tributen langs me heen kunnen lopen. En vervolgens de ergste en laatste schrik van hun leven krijgen, maar dat is een ander verhaal.
      Het water is lauw en ietwat balend kijk ik naar de halflege fles. Hoe geweldig zou het zijn als ik dit water nu zou kunnen bijvullen met het heerlijke koude water uit het ijs-meer. Helaas moet ik het hiermee doen. Dit hoge gras heeft nog wel één voordeel; ondanks de brandende zon zit je hier toch prima in de schaduw.
      De korte pauze gebruik ik om wat eten weg te werken en tot de conclusie te komen dat het veel sneller verdwijnt dan me lief is. Nu weet ik echt wel het een en ander van eetbare vruchten en genezende kruiden, maar die heb ik tot nog toe niet gezien in deze Arena. Best jammer.
      Aan de hand van de zon probeer ik daarna mijn eerdere rechte lijn weer te volgen, maar ik heb zo het idee dat het niet helemaal lukt. Goddank dat ik eraan gedacht heb om voordat ik stopte een lijn te trekken in de richting die ik liep, zodat ik als ik weer verder ging niet compleet gedesoriënteerd zou zijn.
      De enige plek waar ik Florian de vorige keer gevonden had, was bij de boom die in het midden van dit deel van de Arena leek te staan. Het is echter meer dan waarschijnlijk dat de twee jongens daar allang weg zijn, en het olifantsgras achter zich hebben gelaten luttele momenten nadat ik er in verdwenen was.
      Pas op een paar meter afstand van de dichte bosjes, dringt het tot me door dat er hier iets niet klopt. Zonder problemen of andere tributen tegen gekomen te zijn, ben ik uiteindelijk toch bij het bloemenveld aangekomen. De open honderdvijftig meter heb ik ook nog zonder enig oponthoud kunnen doorkruisen. Maar hier, nu pas lijkt er iets mis te zijn.
      De geluiden die zakjes door de lucht klinken, zijn verkeerd. Automatisch vertraag ik mijn pas en probeer uiterst voorzichtig een glimp op te kunnen vangen van het tafereel dat zich aan de voet van de boom zou moeten afspelen.
      Het kost me bijna geen moeite om de eerste twee tributen te identificeren, Florian en Samuel zijn beide gemakkelijk te herkennen. De twee tributen die hen aanvallen zijn wat lastiger. De keuze of ik Florian ga helpen is niet heel moeilijk te maken. Echter, op het moment dat ik de twee jongens te hulp wil schieten, tilt Florian zijn tegenstander zonder moeite van de grond, om die gelijk daarna ruw op de grond te gooien.
      Dat is het punt waarop Florian snel en zonder al te veel problemen het gevecht achter zich had kunnen laten, Samuel te hulp had kunnen schieten en daarna vlug te verdwijnen. De blonde jongen werpt zich echter meteen op de jongen met het rode shirt en begint woest en ongecontroleerd op hem in te slaan.
      Dan dringt het pas tot me door dat Samuel en Florian dit gevecht begonnen zijn. Dit is foute boel. Wat bezielde de jongen om als een moordzuchtige Beroeps te werk te gaan? Op de achtergrond zie ik de tegenstander van Samuel, die ik plotseling herken als Christian, zich abrupt losmaken uit zijn eigen gevecht, om zijn bondgenoot te hulp te schieten.
      Mijn geschrokken waarschuwing blijft achter in mijn keel steken en ik klem mijn kiezen op elkaar om hem er niet alsnog uit te laten komen. Florian moet dit alleen doen, mijn komst zal nu alleen maar voor meer problemen doen. De afstand is ook te groot om een mes te gooien, en de jongen op die manier te helpen. Ik ben volkomen machteloos.
      ‘Ga van hem af!’ Chris’ stem echoot over de vlakte. Bijna misselijk van opluchting dat de jongen zijn aankomende aanval verraadt, zak ik weer iets verder terug in de schaduw van de bosjes. Op het nippertje weet Florian inderdaad het zwaard te ontwijken, hoewel de plotselinge beweging zijn handelingen wel even doet haperen. Te laat herinner ik me de wond die ik hem vanmorgen heb bezorgd, toen hij me in het gras zo plotseling had vastgepakt.
      Maar als Florian er al last van heeft, herpakt hij zich snel. Zijn vuist is al onderweg naar Chris’ gezicht, als hij plotseling lijkt te bevriezen. Halverwege is zijn vuist in de lucht blijven steken.
      ‘Houd daar mee op! Alsjeblieft!’ Met enige vertraging krijg ik ook de woorden ook te horen, die door de afstand later bij mij aankomen dan bij de rest. De zachte stem kan ik niet helemaal thuisbrengen, in tegenstelling tot Florian die de stem door en door lijkt te kennen.
      De jongen die hij aangevallen had, wordt door Chris overeind geholpen. Zijn donkerbruine haar glanst in het zonlicht, waardoor ik hem plotseling herken. Daniel. Nu snap ik er helemaal niets meer van. Daniel doet geen vlieg kwaad en is zelfs met míj bevriend. Wat heeft hij gedaan om Florian zo ontzettend kwaad te krijgen?

Er zijn nog geen reacties.


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen