Foto bij Anger -81



      ‘Het-’ Kokend van woede klem ik mijn kiezen op elkaar, hoewel de immense walging in mijn stem in het ene woord doorklonken moest hebben. Ik doe een stap achteruit, nog steeds trillend van woede. En nog een. Met dat de afstand groeit, bekoelt mijn woede en begint er zich een plan te vormen. Een plan om voor eens en altijd van de tribute uit 9 af te zijn.
      ‘Adey?’ De stem van de jongen klinkt vragend, maar ik besteed er geen aandacht aan. Ook negeer ik het als Florian proestend uitademt, als resultaat van de stomp in zijn maag die Amelia hem gegeven had. Heel rustig en kil verwijder ik me van de twee, en begin dan aan een omtrekkende beweging, zodat Amelia met haar rug naar me toe komt te staan. Alleen door hun stemmen weet ik nog of ik goed ga of niet. Het mes stop ik weg. Dat kan ik straks pas gebruiken.
      ‘Hee, waar is dat voor nodig?’ Florians stem klinkt een beetje vaag door de afstand, hoewel ik het me ook kan verbeelden. Amelia reageert haast hysterisch,
      ‘Je moet geen aandacht,’ hier gaan we weer, ‘aan dat stomme kind besteden. Ze- ze is…’ Het meisje maakt haar zin niet af en het is te horen hoe Florian haar een beetje sust. Zachtjes sluip ik verder. Mijn zwaard moet hier ergens nog op de grond liggen, maar in het donker ga ik hem nooit meer terug vinden. Wat een geluk nu, dat ik er nog een heb.
      Met een kille vastberadenheid trek ik het wapen tevoorschijn. Het zachte, zinderende geluid trekt door de lucht als een moordzuchtige waarschuwing die ze nooit zal horen.
      ‘Rustig, er gebeurt niets, oké?’ hoor ik Florian zeggen. ‘Ik heb met Aderyn gesproken, het is goed nu.’ Ik kan me haast voorstellen hoe hij naar Amelia glimlacht, kalm en geruststellend. Het is inderdaad helemaal goed nu, tussen ons. Zeker. Maar over Amelia heb ik niets gezegd.
      ‘W-weet je dat wel zeker?’ Amelia’s stem klinkt kleintjes, en ze snuft even. ‘Je kan nog beter een verbond sluiten met Hades zelf.’ Plotseling neemt haar stem toe in volume. ‘Ze is een verraderlijke Beroeps! Ze gaat je alleen maar pijn doen, Florian, begrijp dat nou,’ schreeuwt ze. ‘Ik probeer je alleen maar te redden.’
      Florian reageert niet, zover ik kan horen of zien. Oh, je gaat me niet verdedigen? Tot zover de herstelde relatie. Een kille glimlach vervaagt iets om mijn lippen en ik weet dat mijn gezicht nu alleen nog maar meedogenloosheid uitstraalt.
      ‘Adey doet me niets. Daar geloof ik in.’ Florians glimlach is in zijn woorden te horen. Op het laatste moment stap ik om een klein takje heen en zet ik mijn doodstille tocht voort. Florian lijkt de dreiging die achter mijn verdwijning schuilt niet door te hebben. ‘Vertrouw me maar, ik weer wat ik doe.’ Sussend zweeft zijn stem over de vlakte. Grimmig grijns ik. Jou doe ik inderdaad niets nee. Jij bent helemaal veilig. Heel even houd ik halt en pak ik het mes weer uit mijn riem. Ik ben nu zo dichtbij dat ik meen te zien waar de tributen uit 9 zich bevinden. Mijn zwaard laat ik zolang tussen de bloemen liggen, aangezien ik maar één hand kan gebruiken.
      Twee keer adem ik diep in en uit, voordat het mes mijn hand in een vloeiende boog verlaat. Bijna onmiddellijk pak ik het zwaard weer op en stort me naar voren. Zeg maar ‘dag’ met je handje.
Op Florians gezicht staat totale verwarring te lezen, als hij zoekend rondkijkt. Zoals de bedoeling was, heeft hij Amelia losgelaten. Amelia, die met haar rug naar me toestaat en niets in de gaten heeft. In de allerlaatste seconden ziet hij me. De verwarring slaat om in besef, maar hij is te laat. Zonder te aarzelen steek ik mijn zwaard langs haar ruggengraat omhoog dwars door haar rug. Om Florian niet te raken, houd ik mezelf voor.
      Het meisje hapt naar adem. Zonder blikken of blozen trek ik het lemmet ruw weer terug, wetende dat ook op zijn weg naar buiten het haast nog meer schade aan zal richten. Het meisje zakt bijna meteen door haar benen en alleen Florians armen voorkomen dat ze op de grond klapt. De jongen knielt naast haar en kijkt verontrust maar machteloos naar het meisje in zijn armen. Haar hoofd hangt in een ongezonde hoek over zijn arm en haar lichaam hangt verlamt in zijn armen. Het duurt een paar seconden voordat hij beseft dat ze niet meer te redden is.
      Ik doe een stap achteruit en veeg mijn wapen schoon aan de gelige bloemen en aan het gras. Langzaam laat ik het weer in zijn schede glijden. Zelfvoldaan kijk ik naar Amelia, wetend dat ze binnen de minuut zal sterven. Florian blijft echter bij haar zitten, over haar heen gebogen en kalm.
      ‘Ik ben bang, Florian.’ De woorden trillen van pijn en ik kan het niet laten met mijn ogen te rollen. Maar in plaats van dat Florian hetzelfde doet, of haar alleen laat,tovert hij een kleine lach op zijn gezicht. Voorzichtig strijkt hij een paar bruine plukken haar uit haar gezicht en sust haar rustig.
      ‘Er is nergens om bang voor te zijn. Straks ga je naar een betere plek, stukken gezelliger en leuker dan hier in de Arena.’ Zijn woorden zijn de laatste druppel.

Er zijn nog geen reacties.


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen