woensdag 17.56

De week verloopt soepel, Jace en ik zijn weer helemaal, zoals het hoort te zijn. We hebben geregeld geskipet met Anna en de rest, zijn druk geweest met school en hebben ons goed weten voor te bereiden op wat komen gaat.
Ik heb de hele dag een poker face op, ik doe alsof alles goed gaat. Maar zodra de deur van mijn slaapkamer dicht daar 's avonds, barst ik in huilen uit. Het shirt van Harry heb ik mee gesmokkeld en ligt verstopt onder het matras, zodat niemand het kan vinden. Althans, misschien Fiona de huishoudster, maar die zal het nooit weg halen.

Ik mis hem verschrikkelijk, ik wil weer van hem zijn, zoals hij zo vaak zei.
Maar als ik dat denk, voel ik me ook zo stom, want wie wil nou bij of van iemand zijn, als de andere totaal niet om je geeft? Je zo inruilt voor de eerste en de beste andere?
Als ik het moment weer voor me zie, stromen de tranen alweer over mijn wangen.
Woest veeg ik ze weg, je kunt niet in een paar weken van iemand houden, niet als het zo'n klootzak is. Hij is mijn tranen niet waard, maar het is zo moeilijk.
Ik duw het shirt in mijn gezicht, en val langzaam, omringt door de sterke geur van Harry, inslaap.

Het werken aan mijn opleiding helpt, het is haast een obsessie geworden. Zolang ik hiermee bezig ben, denk ik niet aan Harry. Zolang ik niet aan Harry denk, gaat het prima.
Mij is gevraagd de nieuwe studenten rond te leiden dit jaar, voor mij is dat een enorme eer, een teken dat ze weten wie ik ben en dat ik een goede student ben.
Hierop heb ik dan enthousiast geantwoord, het betekend ook, dat ik volgende week weer op de campus ben.
Wat heb ik daar zin in, weer samen met Anna een kamer te delen. Met de groep te studeren, eten, lachen en gek doen.

Als ik vertel aan mijn ouders, dat ik dit jaar de nieuwe studenten onder mijn hoede krijg, zijn ze trots.
Het moet dan ook gevierd worden, dus vanavond gaan we dineren.

"We zijn trots op je lieverd, goed gedaan. Stel de professor niet teleur en studeer hard, want wij Evans nemen geen genoegen met een 7 of een 8 he lieverd".
Mijn vader trekt me in een knuffel, ik zucht, ik kan er niks aandoen, maar ik voel de prestatie druk alweer hoog oplopen.

Mijn ouders nemen geen genoegen met cijfers lager dan een 8, een acht is net niet perfect. Dus ook al had ik een acht en er was een mogelijke herkansing, greep ik die.
Ik had gehoopt dat mijn ouders nu wel zouden snappen dat ik hard studeer, maar het is nooit genoeg.

"De boekenlijsten zijn binnen, Kathy, kom". Jace wenkt me enthousiast, hij zit in de tuin met zijn laptop. Ik ga naar hem toe en plof naast hem op de bank, onder de vol bloeiende rozenboog.
Mijn ogen scannen de lijst, er staan bekende en minder bekende namen in de lijst. Ik ben redelijk tevreden, dit is een goede lijst, hier kunnen we wat mee.

Dan zie ik trots en vooroordeel staan, mijn adem stokt, ik heb het gevoel alsof iemand mij in mijn maag slaat.
Mijn gedachten gaan naar Harry zijn schrale boeken collectie, een goede collectie, maar schraal. 1 van de boeken was helemaal kapot gelezen, de kaft liet los en er was in geschreven, ezelsoren waren gevouwen en bladzijdes lieten los. Dat was het boek, trots en vooroordeel, van Jane Austen. Waarom het boek zo gehavend was, heb ik nooit kunnen vragen, vond hij het mooi? Of zou hij het zo gekocht hebben? Ik zal het nooit weten.

"Gaat het? Je ziet wat bleekjes, kom ik haal wat te drinken voor je". Ik kijk naar Jace, die zijn laptop dicht slaat, en zijn hand op mijn knie legt.
"Ja, het gaat prima. Ik vroeg me af waarom trots en vooroordeel, alweer, op de lijst staat".
Hij haalt zijn schouders op, "waarschijnlijk om het dit jaar nog iets dieper uit te pluizen. Ik zal mijn vader vragen om de boekenlijst te regelen, dan hebben we het zeker op tijd binnen voor volgende week". Ik frons mijn wenkbrauwen, "hoezo? Jij hebt dan toch nog vakantie?"
Zijn gezicht begint te stralen als hij naar me lacht, " ik ga natuurlijk met je mee, laat je daar niet alleen". Ik sputter tegen, het idee een week voor mijzelf te hebben lijkt me heerlijk. Maar ik krijg het niet uit zijn hoofd gepraat, hoe erg ik mijn best ook doe.
"Ik krijg haast het idee dat je me er niet wil hebben, klopt dat?" Met een hoofd, zo rood als een tomaat schut ik hevig nee.
"Natuurlijk wel, ik wil alleen niet dat je je verplicht voelt".
Hiermee is het gesprek ten einde, Jace gaat mee.

'S middags bel ik met Anna, om te laten weten dat ik een week eerder op de campus ben. Al snel heb ik door dat ze allemaal mee gaan, om de eerste jaars te plagen en mij te steunen. Met volgens Anna, het rotste baantje dat ze me hadden kunnen geven, maar mij lijkt het wel leuk. Ik ben dol op de geschiedenis en verhalen over Harvard, hou van de colleges en boeken die ik in mijn studie keuze krijg. Al deze leerlingen zijn nieuw en popelen waarschijnlijk om te beginnen, net als ik toen.

Er word op de deur geklopt en mijn moeder stapt binnen, ik leg het boek aan de kant, wat ik aan het lezen ben. Als mijn moeder naast me staat en bij me gaat zitten op de vensterbank bekijkt ze het boek dat ik lees, ze draait het om en fronst. "Je kunt beter iets educatief's lezen, van onzin verhaaltjes kom je nergens".
Ik bijt op mijn onderlip en kijk haar geërgerd aan, "wat kom je doen mam?"

Ze knoopt een het bovenste knoopje van mijn blouse dicht en kijkt me aan, " we hebben niks meer van Harry gehoord. We vermoede dat je hem niet meer spreekt, klopt dat?"
Ik slik, sta op van de vensterbank en zet wat plantjes recht op het dressoir. "Dat klopt, we praten niet meer".
Hiermee hoop ik dat het over is, maar nee, helaas.
"Ik zag dat je gehuild had, de middag dat je te laat thuis kwam. Je huilde in het vliegtuig en ik heb mascara vlekken gemaakt op je mooie blouse, wat heeft hij gedaan?"

Ik weiger er antwoord op te geven, ik wil het er niet over hebben.
"Wees blij dat ik het er niet over heb, ik focus mijzelf op mijn studie, zoals jullie wilde. Laat het daarbij, want ik vertel het toch niet".
Meteen krijg ik te horen dat ze deze toon niet accepteert en ik mijn grote mond moet houden, maar ze gaat er verder niet op in.
"Zolang we hem maar niet meer zien, we zijn blij dat je weer bijzinnen bent. Iemand zo ruig en ongevoelig, past niet bij een onschuldig meisje als jij Katherina".

Ik smijt een kussen tegen de deur als mijn moeder deze sluit, waarom vind iedereen mij zo onschuldig? Ik begin het te haten dat iedereen zo over mij denk.




Reacties (2)

  • AmorAmor

    Wel sneu dat ze vind dat ze hem niet mag missen, dat ze stom is.
    Ik zou heel hard janken als ie er niet meer zou zijn hoor!!

    1 maand geleden
  • Sunnyrainbow

    Als ze maar geen dommed ingen gaat doen om te bewijzen dat ze niet onschuldig is..

    1 maand geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen