“Faab, de wand gaat niet open. We zitten vast, wat nu? Waar is mijn medaillon? Ik ben het vast verloren toen we ons moesten verstoppen.” Zei Nienke. Fabian dacht na en zei “gelukkig weten de anderen waar we zijn. Als ze merken dat we straks niet aan de tafel zitten gaan ze ons vast wel zoeken.” Fabian ging ergens op een plekje zitten en zuchtte. “Nu heb ik eindelijk tijd om met je alleen te praten” zei Fabian. Nienke bloosde en zei “Oh, wat dan?” Nou, we hebben elkaar sinds de afgelopen dagen 10 jaar niet gezien. Ik ben wel benieuwd hoe het echt met je is gegaan de afgelopen tien jaar!” Zei Fabian. Nienke lachte en begon “Weet je nog dat ik altijd in mijn dagboeken schreef? Over jou? Sarah, Victor en het raadsel?” Fabian dacht even na en zei “ja dat weet ik nog, je teksten waren altijd mooi.” Nienke bloosde weer en begon verder te vertellen “ nadat ik het huis heb verlaten ben ik een boek gaan schrijven. Je zult er vast wel van hebben gehoord.” Nienke vertelde de titel en Fabian kende het boek inderdaad. “Maar? Dat boek is toch door iemand anders geschreven? Ben jij? Bertina Trooijbes?” Vroeg Fabian zich af. Nienke vertelde “ja, dat ben ik inderdaad. Ik was bang om mijn boek uit te brengen onder mijn eigen naam. Straks werd het niet verkocht en stond ik bekend om de auteur zonder verkoop. Zo’n naam wil je echt niet hebben.” Ze bloosde nog meer en ging verder “na mijn succes heb ik veel meegemaakt. Mijn leven is veranderd, mijn verlegenheid is bijna helemaal weg” Fabian onderbrak haar en zei lachend “daar merk ik ander niks van?” Nienke keek op en zei “Je hebt nog steeds dezelfde humor als 10 jaar terug. Maar uhm Faab?” Fabian keek Nienke aan en zei “ja Nien?” Nienke slikte en zei “Weet je ons bal nog? Van school? De avond dat we de graal vonden in Corvuz. Onze kus?” Fabian dacht even na en zei “Hebben wij gekust?” Nienke schrok en zei “Nee, hebben we niet” Fabian lachte en zei “natuurlijk weet ik dat nog, dat was mijn eerste kus. Hoe kan ik die vergeten?” Nienke lachte en zei “mooi, ik heb eerlijk gezegd vaak terug gedacht aan die zoen. Het was namelijk ook mijn eerste, ik schaamde me omdat iedereen het zag. We zoende midden in de zaal, en iedereen was zo enthousiast.” Fabian lachte en zei “ik heb ook vaak terug gedacht aan die zoen. Als ik heel eerlijk ben mis ik het ook.” Nienke bloosde nu nog erger. En zei “Zou je het misschien..” Nienke begon te stotteren en Fabian viel haar in. “Weer proberen?” Vulde Fabian haar aan. “Dat was eigenlijk wel wat ik wilde zeggen ja, maar als je dat niet wilt is dat oké” zei Nienke verlegen. Fabian dacht even na en zei “ik wil het graag proberen met je!” Nienkes rode wangen kregen weer de normale huidskleur en zocht een plekje op tegen Fabian.

“Maar uhm, Faab? Hoe is het jou afgegaan nadat je het huis hebt verlaten?” Vroeg Nienke. “Nou,” begon Fabian. “Toen in het huis Anubis verliet heb ik mijn oom geholpen om de spullen over te zetten van zijn oude antiekzaak naar het museum waar Zeno Terpstra werkte. Na zijn overlijden heeft mijn oom Pierre het museum over gekocht en zijn antiekzaak te huur aangeboden. Er was al snel reactie op dus we moesten alles heel snel weghalen. Na het plaatsen van de spullen heb ik een tijdje gewerkt in het museum. Ik gaf daar rondleidingen en vertelde over Egyptische artefacten. Door onze zoektocht naar de traan had ik veel informatie opgedaan die ik kon vertellen in het museum tijdens de rondleidingen. Nadat mijn oom het allemaal alleen aan kon, ben ik naar Groningen gegaan.” Nienke keek Fabian aan en zei lachend “wat moet je nou weer in Groningen?” Fabian zei lachend “Ik weet het, Groningen is een beetje ver niet? Maar dat is niet erg. Ik heb daar mee geholpen aan het Egyptisch Museum in Nederland. Ze zochten daar ook een rondleider die veel wist over de Egyptische kunst en artefacten. Natuurlijk waren het wel andere artefacten maar ik kon van alles vertellen over de artefacten uit het Nederlandse museum. Na dat mijn contract daar afliep ben ik een doorreis gaan maken naar Egypte. Ik heb daar mijn kennis nog meer opgedaan om te kunnen gebruiken mocht ik eventueel weer in het museum van mijn oom gaan werken. Tijdens mijn doorreis ben ik Jeroen en Noa ook nog tegen gekomen. We hadden even bijgepraat over hoe het ging. Het was best gezellig, Jeroen was nog steeds hetzelfde. Al moet ik zeggen dat hij tegenwoordig wat rustiger is geworden. Vind je ook niet?” Nienke keek Fabian verliefd aan en zei “ja, hij is niet meer zo close met Appie. Natuurlijk zijn ze uit elkaar gegroeid, maar ze praten amper meer met elkaar. Sinds het samen zijn hebben ze nog maar drie zinnen tegen elkaar gezegd” Fabian lachte en zei “dat klinkt toch typisch als Jeroen, die zegt bijna nooit wat. Alleen als hij het ergens oneens mee is hoor je hem” Nienke lachte ook en zegt “Faab, ik ben eigenlijk wel moe. Vind je het oké om je verhaal morgen af te maken?” “Natuurlijk” zegt Fabian. “Je mag tegen mij aan komen liggen als je wilt, dan krijg je het niet koud” vulde Fabian zichzelf aan. Nienke verschoof een paar spullen zodat ze tegen Fabian kon aanleunen. En vielen samen in slaap.

De nacht vloog om en Fabian en Nienke werden wakker. “Nien? Ben je al wakker?” Vroeg Fabian aan Nienke. Nienke opende haar ogen en zei “huh? Ja? Ik ben wakker? Wat is er?” Fabian lachte en zei “haha, slaap kop! Het is al daglicht. Ik zie het licht door de gleuf van de deur komen.” Nienke keek op en zag inderdaad het licht door de deurgleuf komen.
Ondertussen aan het ontbijt zitten de andere te eten. Amber begon “heeft iemand Fabian en Nienke eigenlijk nog gezien? Ik heb Nienke namelijk niet meer op onze kamer gezien!” Appie vertelde dat ze hun verder niet meer had gezien. Iedereen vertelde dat ze Nienke en Fabian niet meer gezien hadden. “Je denkt toch niet dat ze nog steeds op zitten toch? “Vroeg Noa. “SHIT, we hebben ze achtergelaten” zei Amber. “Och, die overleven een nachtje op de zolder echt wel hoor Amber” lachte Jeroen. “We moeten ze gaan halen” zei Amber. Mara kwam de kamer binnen en vroeg “wie moeten jullie halen?” Amber dacht na en zei “De bus! We moeten de bus halen! Kijk het eens regenen buiten.” Amber was blij dat inderdaad ook regende. “Ja, anders komen we te laat op school” zei Patricia. Iedereen pakte hun spullen en rende naar de bushalte. Iedereen was compleet doorweekt door de regenbui. Na aankomst op school zaten Jeroen, Amber, Noa, Patricia en Appie bij elkaar. “We moeten ze echt helpen. Die overleven het echt niet langer op zolder” hyperventileerde Amber. Appie gaf Amber een zakje en zei “Ik ben het wel eens met Amber, wie weet wat er allemaal in die ruimte ligt.” Amber haalde het zakje van haar mond en zei “Als we vanmiddag terug naar huis gaan, gaan we ze eerst halen.” Patricia stemde ook in “maar we kunnen niet met zijn alle de zolder bestormen. Dus ik stel voor dat Ap, Ambie Bambi en ik naar de zolder ga bij aankomst.” Iedereen stemde mee en volgde de les. De registratie werd gecontroleerd door Van Swieten “Jeroen?” Jeroen stak zijn hand op “Noa?” Ging van Swieten verder. Noa stak haar hand op. En van Swieten vervolgde met Amber, Mara en Patricia. “Nienke Martens? Heeft iemand Nienke Martens gezien?” Vroeg van Swieten aan de anderen. “Nienke en Fabian zijn vandaag een dagje weg voor een school opdracht” zei Amber snel. “Een school opdracht? Daar weet ik helemaal niks vanaf.” Zei van Swieten. “Ja! Het is een opdracht van Jason! Voor de geschiedenis” vulde Noa aan. Van Swieten dacht even na en nam er vrede mee en zei “dan gaan we nu beginnen met de les. Jullie hebben allemaal een pakketje opdrachten op jullie bureau gekregen met stof van tien jaar geleden. Aan jullie de taak om zoveel in te vullen.” En ging zitten op zijn stoel “jullie hebben precies twee uur” vulde hij zichzelf aan.

“Nien? Het duurt nog wel heel erg lang. Straks zijn ze ons vergeten!” Streste Fabian. Nienke stelde Fabian gerust en zei “natuurlijk niet, Amber kennende zit ze nu te hyperventileren omdat we er nog steeds niet zijn.” Fabian lachte en zei “daar zal je wel gelijk in hebben denk ik” Nienke lachte en zei “Je hebt nu mooi de kans om je verhaal verder te vertellen” Fabian lachte en zei “jou ontgaat ook echt niks eh, Nien” Nienke bloosde en Fabian begon met vertellen. “Waar was ik gebleven” zei Fabian. “Oh ja, Jeroen en Noa. Nadat ik hun gezien had ben ik verder door Egypte gaan reizen. Ik ben daar veel te weten gekomen over Toetanchamon. Als ik die informatie al eerder wist was het makkelijker om de raadsels van de graal op te lossen. Maar dat terzijde, ik heb daar geleerd dat de graal een cadeau was aan Amneris. Maar dat Meneer Winsbrugge-Henegouwen de graal had gestolen uit de tombe van Amneris en Toetanchamon. Waarom ben ik nooit achtergekomen! Maar dat is niet zo belangrijk. Hij is nu terug dus dat is allemaal goed” Nienke keek aandachtig naar Fabian en zei “dat had ik niet gezocht achter WinsbruggeHenegouwen. Hij heeft dus inderdaad zelf de raadsel gemaakt om Sarah en later ons naar de graal te leiden? Maar ik ben nog wel benieuwd waarom hij de graal heeft gestolen uit de tombe” Fabian keek verward en dacht even na en zei “ik ook niet, maar zoals ik al zei is het allemaal niet meer belangrijk. De graal is terug, en dat mysterie is opgelost. We zitten nu opgescheept met een mysterie waar niemand iets van af weet. Zelfs ik niet, dat maakt het extra lastig” Nienke keek Fabian weer aan en zei “Fabian, ik heb honger.” Fabian lachte en zei “Ik heb ook honger, ik hoop dat ze snel komen.”

Nadat de les afgelopen was en de bel klonk sprintte Amber, Patricia en Appie het lokaal uit. Van Swieten kijkt geschokt en zegt “zijn mijn lessen dan zo saai?” Noa lacht en zegt “nee, Trudie heeft hun favoriete eten klaargemaakt! Die kijken daar al heel de dag naar huis. Met uw lessen is niks mis.” Na aankomst bij het huis komen Amber, Patricia en Appie een jongen tegen en de jongen vraagt “Zeg, hallo? Kunnen jullie mij vertellen waar ik het huis anubis kan vinden?” Ze zien een jongen met een grote koffer voor hun. Het is een blonde jongen met oude verscheurde kleren. Voordat Amber hem wilt helpen valt Patricia haar al in de reden “kom Amber, hij zal vast wel verward zijn! We moeten Nienke en Fabian helpen!” Amber twijfelt en besloot mee te rennen. Onderweg schreeuwt ze nog “sorry” en zien de jongen in de verte verdwijnen. “Leek die jongen niet heel erg op?” Zei Amber. “Amber, hier hebben we nu geen tijd voor! We moeten naar de zolder” zei Appie. Na aangekomen te zijn bij het huis stormen ze naar boven. Ze sluipen eerst langs Victors kantoor, maar al gauw blijft Victor er niet te zitten. Ze vervolgen hun weg naar de zolder. “NIENKE! NIENKE, waar ben je!” Schreeuwt Amber. Nienke hoort Amber schreeuwen en zegt “Amber! We zijn hier!” Amber kijkt om zich heen maar ziet ze niet! “Waar dan? We zien jullie niet!” Vervolgt Appie. Fabian denkt na en zegt “kijk op de grond of je het medaillon van Nienke ziet liggen. Misschien moet je hem op die plek houden.” Amber en de andere zoeken naar het medaillon. Amber gilt en zegt “Ik heb hem gevonden, maar waar moet ik hem houden? Ik zie geen teken op de muur.” Nienke denkt even na en zegt “probeer het op de plek naast de wand, daar lukte het ook de vorige keer”. Amber probeert het en de wand opent zich. Amber geeft Nienke en Fabian gelijk een knuffel en zegt “wat fijn dat jullie terug zijn, jullie zullen vast wel honger hebben. Na bijna een hele dag hier op de zolder hebben gezeten”. Fabian en Nienke kijken elkaar en zeggen tegelijk “ja, we hebben honger” Patricia, Amber en Appie lachen en gaan naar beneden. Nienke ging nog even snel onder de douche en Fabian vervolgde nadat Nienke klaar was. Ze zaten aan tafel lekker te eten. En hoorde de voordeur bel gaan. “Ik doe wel open!” Hoorde ze Trudie van een afstand. Trudie loopt naar de deur en opent hem. Er staat een jongen met een grote bruine koffer en kleerscheuren voor de deur en zegt “dag mevrouw? Is dit het huis anubis? Ik kom hier wonen.” Trudie kijkt de jongen vragend aan maar voordat ze haar vraag kan afmaken hoort ze Victor van de trap afkomen. Victor kijkt de jongen aan en schrikt “wat doe jij hier?” Zegt Victor en staat stijf stil.

Er zijn nog geen reacties.


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen