Het laatste stuk van het vorige hoofdstuk:
Terwijl ik haar zo vasthoudt, en zij mij, weet ik zeker dat ze weer terug is. Ik heb dat de afgelopen week wel vaker gedacht, maar nu weet ik het écht zeker. Ze is weer terug. Ik ben haar bijna kwijtgeraakt, en we zijn nog een beetje een puinhoop, maar ze is wel weer terug.

Na nog een kort overleg nemen Paige en ik contact op met die psychiater - dr. Fiona Miller - en we maken een afspraak voor morgenmiddag. Hoewel het de juiste keuze is, zie ik dat Paige zenuwachtig is en dat ze zich zorgen maakt, dus ik neem het initiatief om erover te praten.
'Ik... Ik maak me gewoon zorgen. Ik vind het heel eng, om eerlijk te zijn,' antwoordt ze eerlijk wanneer ik haar vraag wat er mis is. Ik knik en na een korte stilte voegt ze eraan toe: 'Ik denk niet dat ik over mijn familie wil praten. Ik denk niet dat ze in gevaar zal zijn als ze ervan weet, want ze vormt op geen enkele manier een bedreiging voor hem, maar ik... ik denk gewoon niet dat ik er al over kan praten.'
Ik knik begripvol en leg mijn hand op haar wang. Ze laat haar ogen dichtvallen en leunt haar hoofd in mijn handpalm. Ze ziet er ineens heel moe uit.
'Je hoeft niets te zeggen wat je niet wilt zeggen. Dit is alleen maar om ons te helpen, oké?' druk ik haar op het hart.
Ze knikt, haar ogen nog steeds gesloten.
'Zal ik een paracetamol voor je pakken?' vraag ik, waarna ik haar onuitgesproken vraag al beantwoord met: 'Ik ken je inmiddels wel goed genoeg om te zien wanneer je hoofdpijn hebt.'
'Hoe kan je dat toch?' vraagt ze.
Ik haal mijn schouders op. Ik kan dan wel zien wanneer ze hoofdpijn heeft - wat vaker gebeurt dan ik haar toewens - maar zij kan op haar beurt weer op de een of andere manier zien wanneer ik naar de wc moet, wanneer ik zin heb in pizza, en wanneer er een televisieprogramma is dat ik eigenlijk wil zien, maar ik haar niet wil onderbreken.
'Wil je nou dat ik even een pijnstiller pak of niet?' vraag ik, en ze knikt.
'Dank je wel. Dat zou fijn zijn,' geeft ze dan toe.
Ik geef een kus op haar voorhoofd en sta op, om even later terug te keren met een glas water en het witte pilletje.
Ze slikt de paracetamol weg en drinkt het glas leeg, waarna ze zich op de bank weer tegen me aan nestelt. Ik neem haar in mijn armen en ze legt haar hoofd in het kuiltje tussen mijn schouder en nek, alleen maar om daarna op te schrikken.
'Sorry. Sorry, sorry, sorry,' ratelt ze. 'Deed dat pijn?'
Ik frons, maar daarna besef ik dat ze het over de krassen in mijn hals heeft, waar ze net deels haar hoofd op legde.
Ik schud mijn hoofd.
'Amper. Het brandt nog een beetje, maar wat je net deed veranderde eigenlijk niets. Maak je maar geen zorgen,' verzeker ik haar.
Ze knikt, maar het enorme schuldgevoel in haar blik doet meer pijn dan die krassen ooit zullen doen, en ik open uitnodigend mijn armen.
'Hé, kom hier.'
Ze aarzelt even, en haar houding doet me denken aan een hertje in koplampen, maar dan nestelt ze zich in mijn omhelzing. Ik strijk lichtjes over haar haar.
'Het spijt me zo,' zegt ze dan zachtjes. 'Ik heb je nooit pijn willen doen.'
Ik geef een kusje op haar haar.
‘Ik weet het, liefje,’ zeg ik zachtjes, mijn stem een beetje hees. ‘Ik weet het.’
Ik voel dat ze zich van me af wil gaan rollen, zodat ik niet helemaal onder haar gewicht gedrukt wordt, maar haar lichaam bovenop de mijne is misschien wel precies wat ik nu nodig heb, dus ik sla mijn armen steviger om haar heen ten teken dat dat niet hoeft.
'Doet het bij jou nog pijn?' vraag ik, denkend aan die afschuwelijke schrammen in haar hals en op haar armen.
Ze schudt lichtjes haar hoofd.
'Niet echt. Het prikt alleen nog een beetje,' antwoordt ze onverschillig.
Ik kan horen dat ze een beetje moe is, en om eerlijk te zijn voel ik hetzelfde. Onze nacht was nou niet bepaald heel rustig, en het is ook niet heel vreemd dat we na een tijdje allebei in slaap vallen.
Wanneer ik mijn ogen sluit, ligt ze nog in mijn armen. Wanneer ik wakker word, is ze weg.
Zodra de schrik een beetje wegebt, ruik ik ineens eten, en dat maakt alles al een beetje beter. Ik kom overeind en zie Paige in de keuken staan. Zo te zien is ze groentesoep aan het maken voor de lunch.
Blijkbaar hoorde ze me opstaan, want ze kijkt naar me opzij en glimlacht.
'Hey, liefje,' zegt ze, en ik murmel een slaperige begroeting terug.
Ik loop naar haar toe en laat van achteren mijn armen om haar middel glijden. Ik verberg mijn gezicht in haar nek en voel hoe golf na golf van opluchting door me heen gaat.
'Je eet eindelijk weer,' verzucht ik. 'Je hebt geen idee hoe blij dat me maakt.'
'Was het zo erg?' vraagt ze zachtjes.
Ik knik.
'Ik wil niet dat je je schuldig gaat voelen of zo, maar ik ben zo ontzettend bezorgd geweest.'
Ze probeert nonchalant te doen, maar het ontgaat me niet dat ze heel voorzichtig met haar hand langs haar ribben en heup gaat. Ze doet een poging om het te laten lijken alsof ze gewoon haar hand afveegt of zoiets, maar daar is de hele beweging net iets te onnatuurlijk voor, en ik weet dat ze het doet omdat ze zich afvraagt of ze echt afgevallen is de afgelopen week. Dat is waarschijnlijk wel zo, maar het is te geleidelijk gegaan voor mij om echt te kunnen merken. Zij heeft echter een heel gat in haar geheugen, en voelt misschien wel iets van verschil.
Mij valt het voornamelijk gewoon op dat ze zowel sterk als kwetsbaar aanvoelt in mijn armen.
Ik weet dat ze heel krachtig is, en niet iemand die je graag als vijand zou willen hebben, maar als ik haar vasthoud roept mijn instinct gewoon om haar nooit meer los te laten en mijn lichaam om haar heen te vouwen als een schild. Ze heeft gewoon al zo ontzettend veel pijn meegemaakt, en de gevolgen daarvan zijn soms zo schrijnend zichtbaar, dat ik gek word van verdriet.
Na een tijdje maakt ze zich los uit mijn omhelzing en schept ze met een lepeltje wat bouillon uit de pan groentesoep. Ze draait zich naar me om, haar hand onder de lepel om eventueel geknoei op te vangen, en zegt: 'Proef. Is de bouillon goed?'
Ik sla losjes mijn armen om haar middel en proef het. Ik kreun en verberg genietend mijn gezicht in haar haar.
'Liefje, het is heerlijk,' verzeker ik haar. 'Echt, niet te geloven. Ik heb zoveel geluk dat ik jou erin geluisd heb om van me te houden. Dit is zoveel beter dan de diepvriespizza's en magnetronmaaltijden die ik vroeger at.'
Ze glimlacht.
'Ten eerste: fijn om te weten dat mijn kookkunsten een van de voornaamste redenen is dat je mij "erin geluisd hebt om van je te houden", blijkbaar,' zegt ze plagend. 'En ten tweede: Jij ben ook een goede kok, hoor.'
Ik haal mijn schouders op.
'Ja, maar jij bent een of andere culinaire kameleon, en ik kan eigenlijk alleen maar hele Amerikaanse of Italiaanse gerechten maken,' merk ik op.
Ze geeft een paar kusjes op mijn kaaklijn en zegt: 'Nou en. Je maakt de beste lasagne die ik ooit gegeten heb.'
'Zullen we dat vanavond eten?' stel ik voor.
Haar glimlach wordt breder en ze knikt enthousiast.
Ik dek tafel, en tegen de tijd dat ik daar klaar mee ben, is de soep ook helemaal klaar. Paige zet de pan op tafel en we gaan zitten.
We beginnen te eten, en ik complimenteer haar nog zo'n twintig keer, en ze rolt telkens met haar ogen, maar ik zie toch dat ze best trots is. Ik ben gewoon dolblij dat ze weer genoeg eet, en dat ze over het algemeen gewoon weer leeft. Ik begon zo afschuwelijk ongerust te raken. Als het nog een paar dagen langer had geduurd, was ik emotioneel gewoon geknapt.
Ongeveer halverwege de maaltijd, lijkt Paige uit het niets ergens van op te schrikken. Ze verbleekt helemaal, en ze laat zelfs haar lepel weer terug in de soepkom vallen. Ik ben ook van het een op het andere moment in paniek.
'Paige? Lieverd, wat is er?'
Ze knippert een paar keer met haar ogen, en kijkt me dan verbijsterd aan.
'De pil,' stamelt ze. 'Ik heb de afgelopen week de pil niet geslikt.'
Kut. Dat is om eerlijk te zijn best wel een heel erg groot probleem. En die kunnen we op dit moment eigenlijk echt niet gebruiken.
Ze kan niet zwanger zijn, ook niet als ze de pil niet geslikt heeft. We hebben nu eenmaal geen seks gehad, en de arts heeft ook gezegd dat Jack haar zeer hoogstwaarschijnlijk niet in haar slaap verkracht heeft, en ze is nu eenmaal onvruchtbaar. Wat wel een probleem is, is de reden dat ze in de eerste plaats al begonnen is met het slikken van de pil: ongesteldheid.
Ik denk terug aan alle keren dat ze, geplaagd door migraine en buikkrampen, opgekruld in bed heeft gelegen en besef dat dit misschien nog wel een groter probleem is dan het grote probleem dat ik ingeschat had. Ze slikte de pil om die pijn een beetje te reguleren, en ik weet niet precies wat we moeten doen nu ze meer dan een week haar medicatie niet genomen heeft.
'Fuck. Wat nu? Mag je gewoon weer verder gaan met slikken en de strip afmaken, of moet je eerst wachten tot je weer ongesteld bent geweest?' vraag ik, maar ze zegt natuurlijk dat ze dat niet weet.
We bellen Hailey, hopend dat zij antwoord kan geven. Ze denkt er even over na, en zegt dan dat het haar verstandiger lijkt om te wachten tot Paige ongesteld is geweest en daarna weer te beginnen met een nieuwe pillenstrip. Hoewel Paige er zonder te klagen mee instemt, is ze tegen het eind van het gesprek lijkbleek geworden. Het is overduidelijk dat ze denkt naar de helse pijn die haar jarenlang geplaagd heeft, en nu beseft dat ze die nog één keer moet trotseren, ook al hoopte ze er voor altijd van af te zijn.
‘Ik zal zorgen dat we genoeg pijnstillers in huis hebben,’ verzeker ik haar, ook al is dat slechts een schrale troost.
Hoewel dit misschien niet echt het juiste moment is, schiet nog iets me te binnen: We moeten ook nog een officiële verklaring afleggen. Dat heb ik vanwege Paiges mentale situatie zo ver mogelijk voor ons uit weten te schuiven. Maar nu ze weer “terug” is, zullen we toch echt een keer naar het bureau moeten voor onze verklaring.
Ik vertel Paige dat, en ze knikt.
‘Wil je het misschien morgen al doen, na de afspraak met de psychiater, of denk je dat dat te veel is voor één dag? We kunnen het ook overmorgen doen,’ stel ik voor.
Ze geeft een beetje een halfslachtig antwoord, maar ik ken haar goed genoeg om te begrijpen dat ze toch denkt dat het nogal ingrijpend voor haar zou zijn om het allebei in één dag te proppen. Ik zie dat ze zich er een beetje schuldig om voelt, alsof het helemaal schandalig is dat het überhaupt zo lang heeft geduurd. Ze wil zo min mogelijk mensen tot last zijn, en wil zichzelf het liefst helemaal tot het uiterste drijven.
Dus ik zeg: ‘We doen het overmorgen wel, oké?’
Ze knikt lichtjes en ik app gelijk naar Marco om het te laten weten.
Normaal gesproken wordt de verklaring meteen afgenomen, maar ik heb ervoor gekozen om het toch gewoon zo ver mogelijk voor ons uit te schuiven. Bovendien is dit gewoon een bizarre zaak, en het hele land en misschien wel de wereld is helemaal over de zeik. Volgens mij wordt het protocol sowieso niet helemaal gevolgd bij deze zaak.
Ik verzeker Paige ervan dat het echt niet morgen al hoeft - het hele bureau heeft inmiddels al genoeg bewijs verzameld om heel goed te weten wat er gebeurd is - en dat ze zichzelf echt niet hoeft te forceren om haar grenzen te verleggen.
De rest van de dag doen we het heel rustig aan, want ik kan zien dat Paige emotioneel heel erg uitgeput is, en voor mij geldt eigenlijk hetzelfde. Die avond maken we samen lasagne, en voordat we gaan slapen lees ik verder voor uit dat boek dat ze me gegeven heeft. Als we ergens op tweederde zijn stoppen we.
Ik merk ineens dat Paige heel bang is om te gaan slapen. Terwijl ik al vrij snel op het randje van bewusteloosheid balanceer, zie ik dat Paige haar ogen nog open heeft; en dat ze er vrij ongemakkelijk bij ligt. Met een frons werk ik me wat omhoog op mijn elleboog. Ze kijkt me bijna aan alsof ik haar ergens op betrapt heb.
‘Hé, liefje. Wat is er?’ vraag ik, mijn stem zo zacht dat ik een beetje hees klink. ‘Kun je niet slapen.’
Ze kijkt weg en bijt even op haar lip. Het duurt even voordat ze zover is dat ze kan antwoorden, maar dat is geen probleem, want ik heb geen haast en ik heb alleen maar oog voor haar.
‘Ik... Ik ben gewoon zo bang dat ik weer naar droom en je weer pijn doe,’ antwoordt ze dan eerlijk.
Mijn schouders gaan een beetje hangen.
‘Oh, lieverd...’ zeg ik terwijl ik weer ga liggen. Ik zoek even radeloos naar de juiste woorden. ‘Dat hoeft niet. Ga maar gewoon slapen. De kans dat er iets gebeurt is echt heel klein. Je kunt maar gewoon beter goed uitrusten, oké?’
Ze bijt weer op haar lip en ik weet bijna zeker dat ik tranen in haar ogen zie glanzen.
‘Maar wat als het wel gebeurt?’ vraagt ze met onvaste stem.
Ik nestel me voorzichtig tegen haar aan en sla een arm om haar heen. Ze doet hetzelfde bij mij.
‘Nou... Dan gebeurt het gewoon. Dat overleef ik echt wel. En jij ook. Maar ik denk niet dat het gaat gebeuren,’ antwoord ik. ‘Jij wel?’
Ze schudt stilletjes haar hoofd, maar ik kan haar angst voelen, als een dikke laag teer die ik er niet vanaf kan halen.
‘Ga maar gewoon slapen, oké, liefje?’ murmel ik zachtjes. ‘En dan gebeurt wel gewoon wat er gebeurt.’

Reacties (1)

  • BethGoes

    Ik ben benieuwd naar de therapiesessie!

    1 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen