De bruine paarden voor onze kar beginnen te lopen, het gejuich van de menigte zwelt aan, en plotseling zijn we omringt door een oranjerode zee van glitters. Ik voel zenuwen opspelen als ik een flits zie en kijk snel naar Revan. Mijn ogen worden groot als ik zie dat zijn pak niet meer geheel groen is: vanuit de naden groeien kleine groene blaadjes, die zijn pak bedenken. Ik werp een blik op het scherm en zie mezelf. Met mijn jurk gebeurd hetzelfde als met Revans pak en op de plek waar Minka dat ‘ding’ op mijn hoofd bevestigde zit nu een groen knopje, dat steeds groter wordt.
Tussen de bladeren, die steeds groter en donkerder worden, beginnen bloemknoppen te groeien, steeds groter, tot ze openbarsten en de bladeren schuil gaan achter lichtroze bloesem. Ook de knop in mijn haar is opengegaan, en een lichtroze bloem siert mijn kapsel.
Plotseling laten alle bloemblaadjes los en waaien ze weg, waardoor we een lichtroze blaadjes achterlaten. Waar ooit bloemen zaten zitten nu zwarte bessen. Ik dacht al dat zoiets zou gebeuren. Onze kleding symboliseert de seizoenen, datgene wat zo belangrijk is voor ons District. Een stuk beter dan vorig jaar, moet ik toegeven. Ik glimlach breed en hoop vurig dat iemand dom genoeg is die bessen te eten.
Ik trek me dicht tegen Revan aan, die beschermend een arm om me heen slaat. Hij zucht geluidloos, maar glimlacht dan scheef. Om ons heen gebeurd van alles, maar ik neem niet echt de moeite om het een blik waardig te gunnen. Mensen vallen van hun kar, mensen staan op karren die niet bij hun district horen, blablabla, dat soort gezeik. Daar moet je niet naar kijken. Kijk naar mij, alleen naar mij. Ik ben de grote ster van deze show, de koningin van dit podium, alle anderen zijn minderwaardig aan mij. Natuurlijk, ik heb de kroon nog niet, maar dat is slechts een kwestie van tijd. Ik ga geschiedenis schrijven. Dit worden de kortste Spelen ooit, dit is zo voorbij.
De bessen vallen af en de kleding en de bladeren kleuren oranjerood, wat er om een of andere reden voor zorgt dat het publiek begint te gillen.
Dan kleuren de bladeren bruin en vallen ook deze af. Maar in plaats van de kleur en structuur van modder en zand heeft mijn jurk een witte kleur, en ziet het er bijzonder donzig uit. Sneeuw.
De bloem in mijn haar heeft plaats gemaakt voor een groot sneeuwkristal, die, zodra onze kar stopt bij de Stadscirkel, uit elkaar spat en mijn zwarte haren bedekt met kleine witte puntjes. Alle sneeuwvlokken op de jurk laten in één keer los. Het waait om ons heen, als een sneeuwstorm met extra zilveren glitters. Dan dwarrelt het zacht naar beneden, waardoor de blauwe tint van mijn jurk zichtbaar wordt, als een bevroren akker. Ik glimlach tevreden als President Snow zijn verhaal begint, en al snel begint de wagen weer te rijden. Dat verliep perfect, vlekkeloos. Tenminste, bijna. Opeens staan we stil. Ik kijk langs de rij van karren af naar voren, en zie de wagen van 1, die niet echt meer vooruit komt. Ik kijk Revan even aan en hij trekt zijn wenkbrauwen op. Opeens springt Clara, dat meisje met de helm en de satéprikker, van de kar af en rent ze weg. Haar districtsgenoot springt snel op een andere wagen, alsof hij bang is dat de zijne gaat ontploffen. De kar van 2 rijdt voorzichtig om de kar van 1 heen en langzaam komt de stoet weer in beweging. Ik glimlach tevreden. Ja, Clara wordt mijn bondgenoot. De klok die de tijd tot in de arena aftelt tikt. Over een weekje ben ik hier weer terug. En dan ben ik officieel de winnares van de zestigste Hongerspelen.

Er zijn nog geen reacties.


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen